Weekend magazine cover
  • In dit nummer Path 400 Created with Sketch.

  • Weekend Magazine editie 40, 2017 Path 400 Created with Sketch.

  • Menu Path 400 Created with Sketch.

Oval 3 + Path 400

Zij maakt het verschil: 'Juf Esther gaf me kracht en zelfvertrouwen'

Op de dag dat veel docenten staken, is het ook de Dag van de Leraar. Een mooi moment om leerkrachten eens in het zonnetje te zetten, want ze zijn vaak van onschatbare waarde voor de ontwikkeling van kinderen en jongeren. Daan (20) beschouwt de lessen van zijn mentor en lerares Omgangskunde als de waardevolste die hij ooit kreeg. “Ik durf wel te zeggen dat ik dankzij juf Esther nog leef.”

In zijn puberteit maakte Daan een moeilijke periode door. Thuis zat zijn vader hem op zijn kop, op school was hij het pispaaltje. Toen hij na de basisschool terechtkwam op de Spinaker, speciaal voortgezet onderwijs, ging het niet lekker met hem. Hij maakte lastig vriendjes, viel buiten de groep, werd gepest. Leren lukte niet. Eigenlijk lukte niets, voor zijn gevoel. Maar er was één les waar hij naartoe leefde: Omgangskunde van juf Esther, die in dat jaar ook zijn mentor was.

'Ze vertelde ook gerust persoonlijke dingen. Dat had ik nog niet eerder meegemaakt'

“Ik merkte meteen dat juf Esther anders was dan andere docenten”, vertelt Daan. “Ze was heel direct en open. Ze had een mentaliteit die ik bij weinig andere leraren gezien heb. Een soort vechtersmentaliteit, type Lucia Rijker. Zij snapt mij, dacht ik gelijk. Ze was heel begripvol. Als er thuis wat aan de hand was, dan ging ze even met je zitten. Dan vertelde ze ook gerust persoonlijke dingen, hoe zij dingen had aangepakt bijvoorbeeld. Dat had ik nog niet eerder meegemaakt bij docenten.”

Problemen thuis
De ouders van Daan zijn gescheiden, hij woont bij zijn vader. Maar de band tussen de twee is moeizaam. Zeker toen. “De hele familie van mijn vaders kant heeft een universitaire achtergrond. Van mij verwachtte hij datzelfde niveau. Als ik met een rotcijfer thuis kwam, kreeg ik soms enorm op mijn kloten van hem.” Juf Esther merkte het direct als er thuis zoiets was voorgevallen. “Ze zag het meteen als ik anders uit mijn ogen keek of in mezelf gekeerd was. Dan hoefde ik niets te zeggen en nam ze me na de les even apart. Ze pikte dat soort signalen gelijk op.”

In het begin had Daan daar wel moeite mee. “Ik kende haar niet goed. Maar later begon ik het toch wel heel fijn te vinden dat ik alles bij haar kwijt kon. Als ik bijvoorbeeld ruzie had met een leraar, dan kon ik daar met haar goed over praten. Dan zei ze: oké, ik heb begrip voor je gevoelens, maar wat is je eigen aandeel hierin? En hoe kun je dit de volgende keer beter aanpakken? Ze was heel oprecht, empathisch en realistisch. Aan twee woorden had ze genoeg om je te begrijpen. Niet alleen bij mij, andere leerlingen hadden dat gevoel ook bij haar. Ze stond middenin de groep in plaats van erboven. Ik ga altijd met leraren in discussie, bij haar deed ik dat niet. Ze dwong respect af. We waren nooit stil te krijgen, maar op het moment dat haar les begon kon je letterlijk een speld horen vallen.”

Behandeld als gelijke
Bij juf Esther kreeg je nooit ‘op je flikker’, zegt Daan. “Ze probeerde samen een oplossing te zoeken. Ze zag je niet zozeer als leerling, maar behandelde je als gelijke. Ze kon je heel goed een spiegel voorhouden om je zelfinzicht te geven. In haar lessen Omgangskunde leerde ze ons hoe je met bepaalde situaties in het leven kan omgaan. Je zou het haast levenstherapie kunnen noemen. Het waren waardevolle lessen, waardevoller dan taal of rekenen. Levensbeschouwing in de puurste vorm. Ik beschouw het nog steeds als een van de waardevolste jaren uit mijn schoolcarrière.”

De steun die hij bij zijn vader niet kreeg, vond hij bij juf Esther wel. “Ze gaf me het gevoel dat ik wel iets waard was. Mijn vader miste dat inzicht. We zijn weleens met z’n drieën gaan zitten. Dan maakte ze mijn vader duidelijk dat zij er anders over dacht dan hij. Dat ik goed presteerde. Dan was hij de dagen erna wat positiever.”

Leraar en mental coach ineen
Juf Esther was leraar en mental coach ineen, zegt Daan. “Ze hielp me om te focussen op de belangrijke dingen. Zij heeft me inzichten gegeven waardoor ik weer aan de bak ging en iets van mijn leven ging maken. Mijn mentaliteit veranderde, dat was een van de punten waar ik een probleem mee had. Ik had de kennis wel, maar ik was zo in elkaar gedoken. Ze heeft me geleerd dat ik sterker ben dan ik dacht, om uit te gaan van mijn eigen kracht. Ze gaf me het vertrouwen: ik kan dit wel en ik ga het ook gewoon doen. Haar hulpheeft me echt geïnspireerd, en nog steeds.”

'Als ik het niet meer zag zitten, dacht ik aan haar en vond ik de kracht in mezelf om te focussen op het positieve'

Vorig jaar worstelde hij met een forse burn-out. “Heel rot die periode, maar door haar lessen kon ik er op een andere manier mee omgaan. Ik durf wel te zeggen dat zij ervoor heeft gezorgd dat ik in leven ben gebleven. Haar lessen gelden nog steeds, laat ik het zo zeggen. Toen ik bepaalde dingen niet kon tijdens mijn burn-out, vroeg ik me af: wat zou juf Esther gezegd hebben? ‘Kijk naar wat je wél kan, kijk naar je mogelijkheden’. Dat soort dingen. Op momenten dat ik het helemaal niet meer zag zitten, dacht ik aan haar en vond ik de kracht in mezelf om mijn schouders eronder te zetten en te focussen op het positieve. Alsof ze me met een hamer wakker tikte.”

Met Daan gaat het nu een stuk beter, zegt hij zelf. “Ik ben keihard bezig om mijn papiertjes te halen, doe nu MBO 2 facilitaire dienstverlening. Dat is niet wat ik later wil gaan doen, ik wil dezelfde richting op als juf Esther, maar dan als jeugdwerker ofzo. Daarin heeft ze me ook geïnspireerd. Ik zocht een doel in mijn leven, dat heeft zij me gegeven: ik wil mensen helpen.”

Esther Wokke, docent Omgangskunde: "Bij mij mogen ze zijn wie ze zijn, met al hun plussen en minnen."

“Bijzonder om te horen dat ik zoveel voor Daan heb betekend. Kippenvel heb ik ervan. Een paar weken geleden kwam hij hier op school langs. ‘Ik wil één ding tegen u zeggen: u bent zo belangrijk voor mij geweest’, zei hij. Ik was blij verrast. Ik merkte destijds wel dat Daan de lesstof als een spons in zich opzoog, maar voor mijn gevoel heb ik niet meer voor hem gedaan dan voor andere leerlingen. Zo gaaf dat hij dit dan komt vertellen. Hij was de derde die dat deed in de vijf jaar die ik nu op De Spinaker werk.”

'Ik kijk altijd naar wat iemand wél kan'

Ze noemt de school ‘een beetje een afvoerputje, oneerbiedig gezegd’. “Voor veel leerlingen die het op andere scholen niet redden is het de laatste kans om er nog iets van te maken. Iedereen zit daar met een reden. Dit zijn jongeren die op andere plekken zijn uitgespuugd, niemand vindt ze leuk, ze zijn nergens welkom. Ze hebben het niet makkelijk. Ze horen vaak alleen maar dat ze dingen niet kunnen. Bij mij mogen ze zijn wie ze zijn, met al hun plussen en minnen. Het lukt je even niet? Dat maakt niets uit. Ik probeer van het positieve uit te gaan. Kijk naar wat je wél kan.” 

Drie gewapende overvallen
Esther werkte jarenlang als sportinstructrice en runde daarnaast het benzinestation van haar familie, maar na niet minder dan drie gewapende overvallen daar, liet ze ze zich omscholen tot docent. “Ik ben vrij snel weer aan het werk gegaan, maar bleek daar helemaal nog niet klaar voor te zijn. Toen iemand op een dag een portemonnee uit zijn zak wilde pakken en daar iets langer over deed, dacht ik dat het een pistool was. Daarop ben ik in therapie gegaan. EMDR, om het trauma te verwerken. Ik ben er sterker uitgekomen. Ik kreeg een gevoel over me van: het zal toch niet zo zijn dat ik me mijn levenslust laat afpakken door een stel overvallers?”

'Ik heb drie keer een gewapende overval meegemaakt. Daar vertel ik ook over in de klas'

Ze besloot het roer om te gooien en probleemjongeren te gaan helpen. Ook in de hoop om zo overvallen te kunnen voorkomen, in de toekomst. In haar lessen komt het gebeurde eens in de zoveel tijd ter sprake. “Ik loop er niet mee te koop, maar als iemand iets stoers roept, over diefstal of het plegen van een inbraak of iets dergelijks, dan probeer ik duidelijk te maken wat voor impact het heeft. Ik vertel dan mijn verhaal, zonder te melden dat het over mij gaat. Als ik vervolgens vertel dat het mij is overkomen, maakt dat altijd indruk op ze. Dan zeggen ze: ja maar u bent juf Esther, dat zou ik bij u nooit doen. Waarom dan wel bij een ander? Dan heb ik gespreksstof voor honderd.”

‘Fuck me niet’
Omgangskunde is volgens Esther een soort ‘levenskunde, opvoedkunde en gelukskunde ineen’. “Een fantastisch vak. Ik probeer jongeren bewust te maken van hun gedrag. Waarom doe je wat je doet, waarom denk je zo, waarom ga je zo met een ander om. Ik confronteer ze constant met hun eigen denkpatronen, hou hen een spiegel voor. Ik peuter van alles los, hou ze allemaal bij de les. Ik ben erg van de regels, dat hebben ze nodig. Maar dan heb ik ook geen kind aan ze. Ze weten wat ik van ze verwacht en andersom weten ze precies wat ze aan me hebben, dat vind ik heel belangrijk als docent. Ik zeg altijd: fuck me niet, want dan heb je een probleem. Ze kunnen me ook vertrouwen. Ik wil dat mijn leerlingen zich veilig voelen. Ze kunnen me alles vertellen, ik zou nooit ouders gaan mailen. Alleen als ik denk dat je gevaar loopt, grijp ik in.”

Boven alles probeert ze haar leerlingen normen en waarden mee te geven. “Ik ben er niet om ze te veranderen, maar om ze dingen te laten inzien. Er zullen altijd jongeren zijn die keuzes maken die ik niet zou maken. Maar in het minimaatschappijtje dat mijn klas is, geloof ik erin dat ik veel jongeren de goede kant op duw. Als ik maar één iemand gelukkig kan maken, dan heb ik al iets bereikt. Ik zie zoveel positieve resultaten. Niet om mezelf op de borst te kloppen, maar sinds ik hier deze lessen geef, wordt hier minder gepest, zijn er minder escalaties en is het gedrag an sich echt verbeterd op school.”

Les of therapie?
Ze geniet elke dag van haar werk. “Het klinkt misschien raar, maar ik smul van mijn eigen lessen. Ik bedenk ze zelf, met mijn eigen creativiteit. Ik stop er veel tijd in, ook privé. Vind ik niet erg. Ik heb nog nooit iemand gehad die mijn lessen stom vond. Na schooltijd ben ik gesloopt, maar dat vind ik een goed teken: dat betekent dat ik alles heb gegeven wat ik kon geven. Soms zeggen mensen: je geeft geen les, je geeft therapie. Kan mij het schelen, ik zie dat het aankomt bij de jongens. Het geeft me zo’n rijk gevoel dat ik zulke banden opbouw met die jongens, dat ik dit mag doen.”

Door Roxanne Vis

Telefoonangst: Team Appen vs Team Bellen

De een begint al te zweten als de telefoon begint te rinkelen, de ander kan zich zo verliezen in een urenlang gesprek over ditjes en datjes. Nu we steeds meer per tekstberichtjes en e-mails communiceren, lijkt de drempel om iemand te bellen steeds hoger. Zonde, of een zegen?

Wie een hekel heeft aan bellen, is waarschijnlijk dolgelukkig met de huidige technologie. Een afspraak maken, een tafeltje reserveren of iemand feliciteren: tegenwoordig kan het bijna allemaal per mail, chat of app. Je hoeft niet te wachten tot iemand bereikbaar is en je kan uitgebreid nadenken over hoe je je wil uitdrukken. Maar soms ontkom je er gewoon niet aan. Dan zit er niets anders op dan de telefoon te pakken en, met klotsende oksels, een echt gesprek te voeren. Vreselijk, vinden bel-haters.

Toch zijn er ook mensen die juist gek zijn op bellen. Zodra ze ook maar íets meemaken of twintig meter in de file staan, hangen ze gelijk aan de lijn voor een gezellig gesprek. Al dat ge-app vinden zij juist maar onpersoonlijk of onhandig. Bovendien blijkt uit onderzoek dat jongeren die nooit meer bellen, steeds meer moeite krijgen met persoonlijk contact. Ze zijn zo gewend altijd na te kunnen denken over een antwoord, dat ze spontaan reageren in een 'echt' gesprek maar lastig vinden.

Zit jij in Team Appen of in Team Bellen?

Team Appen

Tessa Faber (49) staat nog liever op het podium in een vol Ziggo Dome, dan dat ze iemand moet bellen. Daar wordt ze heel onrustig van. En gebeld wórden vindt Tessa heel indringend, het komt vaak gewoon niet uit

'Bellen is gewoon heel erg jaren '80'

in haar drukke leven. “Een inkomend telefoontje zet me vaak op een onverwacht en dus ongewenst moment stil in mijn energie. Ik heb mezelf daarom aangeleerd om tijdens het bellen rondjes te lopen in mijn kantoor, om mijn energie te verdelen. Maar ik vind het veel fijner om iemand face to face te spreken en via social media ben ik sowieso bijna vierentwintig uur per dag bereikbaar. Als het aan mij ligt, doe ik alles via de mail of WhatsApp. Bellen is gewoon heel erg jaren ‘80.”

Hoe tegenstrijdig belangst kan zijn, bewijst Cindy van Rees (24). Ze noemt zichzelf ‘een enorme prater’, maar als haar telefoon rinkelt of piept, wordt ze stikzenuwachtig. Hoe kan dat toch? “Ik ben enorm visueel ingesteld en vind het lastig om een boodschap echt volledig te doorgronden als ik niets zíe, zoals de letters van het woord of een bewegende mond. Ik ben eigenlijk gewoon niet zo goed in luisteren: songteksten hoor ik pas echt als ik ze uitgeschreven gelezen heb. Als je appt, mailt of chat staat alles zwart op wit, dan kun je het teruglezen. Ik praat altijd en overal, maar ik ben gewoon echt een angsthaas als het op bellen aankomt.” In een poging haar telefoonangst (Cindy noemt het zelf liever telefoon-antipathie) van zich af te schudden, voedt ze zichzelf streng op. “Ik dwing mezelf om zakelijke dingen telefonisch te regelen, zeker als het met een kort belletje geregeld kan zijn. Tenzij ik zie dat het ook online kan, dan laat ik mijn telefoon toch echt weer liggen.”

Voor sommige mensen is het niet eens een keuze, bellen of mailen. Eva Westerhoff (40) is doof en daarom ontzettend blij met de huidige technologie. Ze noemt Whatsapp ‘één van de beste uitvindingen ooit’. Toch is bellen nog steeds het meest gebruikelijk en daar loopt Eva regelmatig tegenaan. “Op formulieren is een telefoonnummer meestal een verplicht invoerveld. Dan vul ik 1234567890 in en schrijf erbij dat ik doof ben en niet kan bellen. En toch word ik regelmatig gebeld. Daar word ik ontzettend zenuwachtig van, omdat ik niet op kan nemen. Wie zou het zijn? Zou er iets ergs gebeurd zijn? Als het geen anonieme beller is, google ik het nummer en stuur ik een sms of mail.” Eva vindt het vervelend om anderen om hulp te vragen. “Heel soms vraag ik mijn vriend of mijn ouders om namens mij te bellen, maar dat vind ik eigenlijk verschrikkelijk: ik wil als volwassen vrouw gewoon onafhankelijk zijn. Daarom ben ik heel blij met Whatsapp, chat en mail. Soms gebruik ik een KPN Teletolk, een tekst- en beeldbemiddelingsdienst. Videobellen doe ik ook graag, daarmee kan ik namelijk in gebarentaal spreken. En dat kan overal: loop ik op straat naar mijn mobiel te wapperen.”

Team Bellen

Bellen is leuker! staat in de WhatsApp-status van Lindemarie Jongste (33). Dat is duidelijke taal. Natuurlijk appt ze ook veel, daar kun je tegenwoordig nu eenmaal niet meer zonder. En groepsapps zijn gewoon ontzettend handig. Maar Lindemarie wil met die status wel een soort statement maken, hoe leuk én waardevol het eigenlijk is om iemand stem te horen. “Bellen heeft vrijwel altijd mijn voorkeur, zeker zakelijk. Een persoonlijk gesprek zegt zoveel meer dan alleen tekst: hoe klinkt iemands stem, welke woorden gebruikt hij, met welke intonatie? Praten is ook veel spontaner, en daardoor puur en oprecht. Als je een tekst opstelt, ben je misschien zó bezig met de vorm, dat je je eigenheid verliest. Bovendien bestaat er dan alsnog de kans dat de ontvanger je boodschap verkeerd interpreteert.”

Uiteraard zijn er ook momenten dat ze stiekem liever zou mailen, bijvoorbeeld als ze een minder prettig bericht moet overbrengen. Maar dan pakt ze júist de telefoon, omdat ze dan in ieder geval zeker weet dat ze de juiste toon aanslaat. In tegenstelling tot bange bellers, wordt Lindemarie juist blij als haar telefoon gaat: “Dan denk ik: leuk, wie het zou zijn? En als het even niet uitkomt, neem ik gewoon niet op.”

'Een stem horen is veel persoonlijker dan zo'n emoticon'

Ook Roos van Tongeren (25) is fervent beller. Het is dat het nu uit is met haar vriend, maar anders zou ze nog steeds elke dag eindeloos aan de telefoon hangen. Nu belt ze vooral met haar moeder, vriendinnen of vrienden en dat houdt ze makkelijk meer dan een uur vol. En ook praktische zaken regelen doet ze het liefst telefonisch: “Als ik iets wil boeken, krijg ik tenminste meteen de bevestiging. Als ik het digitaal wil doen, moet ik weer achter mijn computer gaan zitten of de site opzoeken op mijn telefoon.” Nadat Roos een paar keer honderd euro boven haar belbundel van 450 minuten uitkwam, heeft ze een abonnement afgesloten waar ze onbeperkt mee kan bellen. Dat heeft ze wel nodig, want ook voor haar werk als journalist belt ze heel wat af. Sinds ze een smartphone heeft, zit ze natuurlijk ook op WhatsApp, maar bellen blijft favoriet. “Als ik iemand niet ken of een ingewikkelde boodschap heb, vind ik telefoneren heus weleens lastig. Maar als ik een tafel wil reserveren, maakt het echt niet uit of ik me ongenuanceerd uitdruk.”

Kimberly de Pater (28) pakt zowel privé als zakelijk het liefst de telefoon en heeft zelfs een hekel aan mailen. “Soms ben ik een mail aan het typen en denk ik halverwege ‘ach, ik kan net zo goed even bellen’. Dan krijg ik tenminste meteen antwoord en laat ik de ander zien dat ik het gespreksonderwerp belangrijk vind. Bovendien vind ik bellen veel makkelijker dan mailen. Mijn vader, oma en vrienden wonen ver weg, maar toch spreek ik ze regelmatig uitgebreid.” Kimberley is niet bang dat ze stoort als ze iemand belt. “Ik vraag altijd of ik gelegen bel. Zo niet, plannen we een andere afspraak in. En als ik per ongeluk iets verkeerd zeg, leer ik daar ook weer van voor de volgende keer. Maar dat is altijd nog beter dan een mail sturen. Daar zijn de communicatiemogelijkheden zo beperkt. Ik vind het fijn dat je door de telefoon iemands stem kunt horen, dat maakt het veel persoonlijker. Dat kunnen emoticons niet.”

Tips voor Team Appen

Volgens Jan van den Berg, psycholoog bij angstbehandelcentrum IPZO, komt belangst voort uit de vrees om negatief beoordeeld te worden. Een telefoongesprek geeft veel informatie over de beller: hoe iemand praat, denkt en lacht bijvoorbeeld. Bovendien kan er spanning ontstaan tussen de gesprekspartners als ze elkaar niet goed begrijpen. Dat maakt dat veel mensen zich kwetsbaar voelen aan de telefoon. Over een mail of app kun je langer nadenken, maar het is ook minder persoonlijk en veel directer: als het eenmaal zwart op wit staat, is het lastig nuanceren. Van den Berg heeft een aantal bruikbare tips voor als je toch echt moet bellen.

  • Zoek een rustige ruimte zodat je niet wordt afgeleid.
  • Overtuig jezelf dat je dit telefoongesprek prima kunt voeren, ook al verloopt het misschien niet helemaal vlekkeloos.
  • Schrijf op wat je wil zeggen, in steekwoorden.
  • Spreek uit dat je het spannend vindt en vraag je gesprekspartner om je de kans te geven je boodschap goed over te brengen.
  • Neem de tijd voor de verschillende onderdelen van het gesprek (begroeting, introductie, vraagstelling et cetera).
  • Bel meteen en stel het niet uit, anders ga je er steeds meer tegenop zien.

En hoe zit het dan met gebeld wórden? Volgens Van den Berg hebben we de neiging direct te reageren op alle informatie die we krijgen. Maar dat hoeft natuurlijk niet. Als je zenuwachtig wordt van je telefoon die elk moment kan rinkelen, zet dan gewoon je geluid uit. En als het belletje niet uitkomt, neem je gewoon niet op.

Tja. Zo simpel kan het zijn.

Door Ronne Theunis

Borsten in beeld: 5 x bloot op de buis

Zou jij het durven, in je nakie op televisie? Eind jaren zestig was het groot nieuws toen de allereerste blote borsten op tv te zien waren. Tegenwoordig trekken ook BN'ers zonder pardon hun kleren uit. Vijf programma's die voor ophef, maar ook veel plezier zorgden.

9 oktober is het precies vijftig jaar geleden dat er voor het eerst een naakte vrouw te zien was op de Nederlandse televisie. Dat zorgde destijds voor veel commotie. Iets wat voor ons haast niet meer voor te stellen is, nu we leven in een digitale wereld waar blote lijven altijd binnen handbereik zijn. Sinds dat eerste naakt is er dus veel veranderd. Deze vijf voorbeelden laten zien hoe dat verliep.

Hoepla!
In de eerste aflevering van het VPRO jongerenprogramma Hoepla! wandelt plots fotomodel Phil Bloom door het beeld. Ze is bloot, maar heeft bloemenslingers om die haar edele delen bedekken. In de tweede aflevering van de rebelse show waren die bloemen foetsie en zag heel Nederland hoe Phil in haar nakie de krant zat te lezen. Dat was nogal wat. Het regende opzeggingen bij de VPRO en het leidde zelfs tot vragen in de Tweede Kamer. Er waren ook genoeg mensen die het fantastisch vonden, maar toch werd vanwege alle commotie de stekker uit Hoepla! getrokken.

Barend is weer bezig
Ook de eerste blote piemel op de Nederlandse buis hebben we aan de VPRO te danken. Het begon met De Fred Haché Show, een spraakmakend programma dat uitblonk in absurde humor. Barend Servet (gespeeld door IJf Blokker) was te zien als de assistent van Fred Haché, maar kreeg in 1972 zijn eigen show. Ook hier niks dan absurditeiten. Naast grappen over hondenpoep, een spuitjes schoonmakende koningin Juliana en ontploffende radio’s werden de kijkers getrakteerd op het blote onderlijf van een kerel, die overigens wel keurig netjes een trui droeg.

De PinUp Club
In 1987 maakt de Nederlandse kijkers kennis met de zwoele dames van De PinUp Club, het eerste echte soft-erotische programma. De  kijkcijfers logen er niet om; hier zaten we met z'n allen al jaren op te wachten. De show had een aantal vaste rubrieken. Zo beantwoordde Wendy van Wanten brieven van kijkers gekleed in niets meer dan doorschijnende lingerie. Ook waren er elke week weer sexy meiden op locatie en had de show optredens van seksbom Vanessa en later ook Tatjana. Maar het bekendst is natuurlijk het nummer waar de show standaard mee van start ging: We Cheer You Up van poptrio Barbarella.

Sex voor de Buch
Vanaf 1997 gaf Menno Buch mensen de kans hun meest wilde erotische fantasieën tot werkelijkheid te maken. Maar dan wel met een camera erbij, zodat heel Nederland kon mee genieten. Ondanks het late tijdstip waarop de show werd uitgezonden had Buch soms meer dan een miljoen kijkers. Oftewel: we smulden van de exhibitionistische deelnemers en die waren er in alle soorten en maten. Van een sportlerares die graag een seksmarathon wilde houden tot een man die bijzonder opgewonden werd van scooters. Kritiek was er ook, want Buch werd verweten dat hij flink misbruik maakte van de naïviteit van sommige mensen.

Adam Zkt. Eva
Anno 2017 lijkt niets meer te gek. Dat blijkt maar weer uit dit programma, waarin singles elkaar op een tropisch eiland treffen, maar hun koffers met kleding thuis hebben gelaten. Het idee om tijdens een eerste date bloot tegenover elkaar te staan is al heel wat, laat staan dat heel Nederland mee kan kijken. Maar de kandidaten halen er hun schouders voor op en spelen in adamskostuum gewoon een potje Twister. Dit jaar kwam er zelfs een VIP-versie met BN'ers. De aflevering met zwemkampioen Inge de Bruijn trok de meeste kijkers. Helaas hield ze er geen grote liefde aan over.

Door Kita van Slooten


Wat leuk dat je er bent! Vind je ons ook leuk? Volg ons dan op Facebook of abonneer je op onze nieuwsbrief!

Scheetjesles: een luisterverhaaltje

Misschien weet je het nog vroeger, of doe je het vaak met je eigen kinderen: bijna niks is zo prettig of ontspannen als lekker voorgelezen worden. En het is ook nog eens hartstikke goed voor je. Nu het Kinderboekenweek is, leek dat ons de uitgelezen gelegenheid om presentator Peter van Zadelhoff te vragen een verhaaltje voor te lezen. De tweeling Mies en Jet en hun kleine broertje Kees zijn samen met hun vader 'de bende van vier'. Samen beleven ze allerlei avonturen, soms een beetje in goede banen geleid door mama. In dit verhaal moet Kees een spreekbeurt geven op school. Papa weet wel een goed onderwerp... 



Het verhaal Scheetjesles komt uit het boek Scheetjesles en andere voorleesverhalen over de bende van 3 vier

Het is geschreven door Sunna Borghuis, met illustraties van Harmen van Straaten (Gottmer, 2017).

 

 

 

 

 

 

Nog meer luisteren? Vorig jaar las Peter van Zadelhoff ook een verhaal voor voor Weekend Magazine. Dat was toen het griezelige sprookje Blauwbaard.

5 leuke woonapps

1. Swipend een huisje vinden

Ben jij op zoek naar een groter huis? Of wil je liever een huis met een tuin op het zuiden? En ben je een kei in Tinder? Dan is de app HuisjeHuisje absoluut iets voor jou. Hiermee kun je al swipend een nieuw paleis vinden. Via de app kun je van huis ruilen. Je vult eerst in in wat voor een huis jij woont, waar het is en hoeveel huur je betaalt. Vervolgens komen er verschillende huizen voorbij in dezelfde prijsklasse en is het wachten tot de perfecte match voorbij komt. Zo kun je uiteindelijk met iemand anders ruilen.

Prijs: gratis
Beschikbaar voor: iOS & Android

2. Een meetlat in je broekzak

Hoe vaak komt het niet voor dat je iets wilt opmeten, maar dat je geen meetlint of rolmaat kan vinden? Dan hebben iPhone-gebruikers geluk! Want naast dat je iPhone ook je waterpas is, meet 'ie sinds iOS 11 met MeasureKit ook alles wat je wil. De gloednieuwe MeasureKit app tovert je telefoon om tot een digitale meetlat. Stel je wilt een muur opmeten? Dan zet je een stipje aan de linkerkant en een stipje aan de rechterkant et voilà: in augmented reality zie je dan de lijn die je virtueel getrokken hebt met de bijbehorende lengte. 

Prijs: gratis
Beschikbaar voor: iOS (11)

3. Huis inrichten met je telefoon

Vraag jij je af of die nieuwe bank van Ikea wel in je huis gaat passen? Probeer het uit met de Ikea Place app. Dankzij Augmented Reality kun je via je smartphonecamera zien of die leunstoel wel bij de rest van je meubilair past. De app laat je eerst de ruimte scannen waar je nieuwe meubels wil uitproberen. Dat hoeft gelukkig niet heel nauwkeurig. Zolang er maar genoeg licht in huis valt. De app heeft dan snel in de gaten wat de verhoudingen zijn en wat in je huis de muren en vloeren zijn. Dan begint het leuke werk, want je kunt een van de 2000 Ikea-meubels kiezen en deze ergens neerzetten om te kijken of het iets is!

Prijs: gratis
Beschikbaar voor: iOS (11)

4. Kleurtje kiezen

Vind jij je de witte muur in je woonkamer eigenlijk best wel saai. Maar weet je ook niet of kanariegeel nou iets voor jou is? Of twijfel je tussen een denim blauw en een lichtblauwe kleur? Dan moet je de Flexa Visualizer app zeker even downloaden. De app laat je precies zien hoe je muur eruit komt te zien met de kleur die jij voor ogen had. Het enige dat je hiervoor hoeft te doen, is de kleur kiezen en je smartphone naar de muur richten. En twijfel je echt? Dan heeft Flexa ook nog van die mini kleurentesters.

Prijs: gratis
Beschikbaar voor: iOS & Android

5. Pinterest

Voor de benodigde dosis inspiratie kan iedereen zijn hart ophalen met de Pinterest-app. Of je nu je badkamer, keuken, slaapkamer, woonkamer, tuin of washok wil upgraden: op Pinterest vind je het allemaal. Niet alleen vind je prachtige inspiratieplaatjes op Pinterest, maar als jij je pas geverfde kanariegele muur wilt voorzien van een paar toffe prints, zit je ook hier helemaal goed. 

Prijs: gratis
Beschikbaar voor: iOS & Android

Nina Verberne is vergroeid met haar smartphone en heeft haar eigen techwebsite voor vrouwen: Girl in a Tech World. Ze vindt niets leuker dan met jou haar favoriete apps en handige knowhow te delen!​

Stronger: sterk staaltje acteerwerk

Film van de week: Stronger
Regie: David Gordon Green
Met: Jake Gyllenhaal, Tatiana Maslany, Miranda Richardson
Waardering: 3,5 sterren

Veel filmkenners denken het al te weten: met zijn hoofdrol in dit komische drama gaat Jake Gyllenhaal zijn eerste Oscar winnen. Of dat werkelijkheid gaat worden, zullen we pas over vier maanden gaan horen, dus al dat speculeren kan best nog even wachten. Feit is wel dat het acteerwerk absoluut het sterkste punt is in deze film die verder vrij middelmatig en bij vlagen zelfs ronduit sentimenteel is.

Jeff Bauman staat met een zelf geknutseld spandoek langs de kant van de Boston marathon om zijn ex-vriendin Erin aan te moedigen. Hij hoopt zo haar hart terug te winnen, maar staat op de verkeerde plek op het verkeerde moment. Er gaan twee bommen af en Jeff verliest zijn beide onderbenen. Hij wordt wakker in het ziekenhuis met zijn luidruchtige familie aan zijn bed, maar gelukkig is daar ook Erin. Met haar steun probeert Jeff zichzelf te hervinden en dat gaat met veel vallen en opstaan.  

Ben je een held als je een terreurdaad of schietpartij overleeft? De inwoners van Boston en Jeffs familie vinden van wel. Is dat niet een belediging aan de slachtoffers die wél het leven lieten? Niet alleen in 2013 bij de Boston marathon, maar ook deze week in Las Vegas, vorig jaar in Orlando en ga zo maar door. Toch wordt Jeff op een voetstuk geplaatst, want mensen hebben nu eenmaal een symbool van hoop nodig. Een bewijs dat de terroristen hebben niet gewonnen hebben. En tegen wil en dank is Jeff dat bewijs.

Maar van media-aandacht en patriottische praatjes wordt Jeff niet beter. Hij heeft hulp nodig. Jake Gyllenhaal sleurt ons mee door alle diepe dalen waar Jeff doorheen moet voor hij de moed vindt om weer op te krabbelen. De ontkenning, de woede, de moedeloosheid, de wanhoop. Gyllenhaal wisselt de meest uiteenlopende emoties in hoog tempo af. Ook zijn tegenspeelsters zijn fantastisch. Tatiana Maslany laat als Erin zien hoe zwaar het is om iemand te moeten opvangen die in een emotionele achtbaan zit. Zelfs scènes die aan elkaar hangen van de clichés blijven dankzij hun acteerwerk stevig overeind.

Dan is er nog Miranda Richardson als moeder Patty. Zuipend, tierend en vol liefde voor haar zoon, maar zonder de capaciteiten om hem daadwerkelijk te kunnen helpen. Dat zijn de meest pijnlijke momenten uit de film, want Stronger laat juist zien hoe hard je soms andere mensen nodig hebt om je veerkracht te vinden. En dat in tijden van nood niets zo belangrijk is als iemand die je hand vasthoudt.

Door Kita van Slooten

PRIJSVRAAG

Gratis naar Stronger? Dat kan! Stuur het antwoord op onderstaande vraag, samen met je naam en adres, naar [email protected]

Jake Gyllenhaal heeft op het moment nog geen Oscar thuis staan, maar werd in het verleden al weleens genomineerd. Voor zijn rol in welke film was dat?

Onder de goede inzendingen verloten we 5 x 2 kaartjes.

Weekendagenda

Feel good?



Hoe weet je nou of een (huis)dier zich goed voelt? Wat het fijn vindt? Aan de Universiteit van Utrecht gaat het de hele dag over hoe dieren zich voelen. Er is een knutselhoek en knuffeldierenspreekuur, je kunt proefjes doen in het Kennislab, de anatomische collectie bekijken en testen hoe goed je dierenkennis eigenlijk is op de informatiemarkt. www.uu.nl.

Knotsgekke wetenschappers

Bij hét wetenschappelijk testbureau van de overheid, TNO, zullen twee wetenschappers droogijs demonsteren, slijm maken en buisjes knallen in funstations. Volwassenen kunnen 3D-foodprinten, microben op hun eigen lichaam of op bedorven voedsel onderzoeken, zout water zoet maken en de knapperigheid van koekjes meten. Alles over voedsel. Voor meer informatie over het programma van het TNO (in Zeist), klik hier

Chocolade!

Bij Cargill in de Zaanstreek laten ze je het heel proces van cocaoboon tot chocoladereep zien. Je gaat met een bootje langs de eeuwenoude chocolade-industrie van de Zaan naar de enorme fabriek. Ook andere fabrieken, zoals Duyvis, openen hun deuren voor het publiek. www.zaanstreek.nl.

Kunst onder de loep

Het Stedelijk Museum in Amsterdam laat bezoekers toe tot de restauratieateliers. Er zijn verschillende interessante lezingen en je kunt restaurateurs live aan het werk zien, bijvoorbeeld aan het enorme doek van Keith Haring. Voor tickets: reserveringen.stedelijk.nl.

Rocket Science

In de Ontdekfabriek in Eindhoven kun je zelf een heuse waterraket maken, van een petfles. Op een echt lanceerplatform worden de raketten getest en in de lucht geschoten. Je kunt er thuis al eentje maken, maar zaterdag kan het ook bij de Ontdekfabriek zelf. En, er is natuurlijk een mooie prijs te winnen. deontdekfabriek.nl.

Wat leuk dat je er bent! Vind je ons ook leuk? Volg ons dan op Facebook of abonneer je op onze nieuwsbrief!

Zoet-zure crèmefraichetaart

In samenwerking met Forte Culinair

Morellen zien eruit als gewone kersen, maar de smaak is echt anders. Ze zijn namelijk erg zuur. Dit maakt ze niet zo geschikt om zomaar te eten, maar in een cheescake zijn ze heerlijk!

Bereiding: 1 uur
Bakken: 10-12 + 50-55 minuten
Koelen: 20 minuten + minstens 2 uur

Benodigdheden voor 1 springvorm (Ø 26 cm):

Bodem:

  • 240 g bloem
  • 1 tl bakpoeder
  • 80 g ruwe rietsuiker
  • 1 snufje zeezout
  • 120 g boter op kamertemperatuur
  • 1 ei

Vulling:

  • 3 eieren
  • 1 snufje zout
  • 2 dl slagroom
  • 250 g crème fraîche
  • 350 g kwark (20% vet)
  • 3 el maïzena
  • 130 g suiker
  • 1 zakje vanillesuiker
  • geraspte schil en sap van ½ biologische citroen

Verder:

  • boter om mee in te vetten
  • bloem om mee te bestuiven
  • 300 g morellen (pot)​ incl. sap
  • 2 el maïzena

Bereiden:
Bodem: kneed alle ingrediënten tot een glad deeg. Wikkel het in plasticfolie en leg het 20 minuten in de koelkast.

Verwarm de oven voor op 180 °C. Bekleed de bodem van de springvorm met bakpapier en vet de rand goed in.

Bestuif een werkvlak met bloem en rol iets meer dan de helft van het deeg uit tot een cirkel (Ø 26 cm). Bekleed de springvorm ermee en prik hem hier en daar in met een vork. Bak de bodem 10-12 minuten in de oven. Haal hem eruit en laat hem afkoelen.

Rol een lange worst van het resterende deeg en druk die gelijkmatig tegen de rand van de vorm.

Laat de morellen uitlekken en vang 2,2 dl van het sap op. Roer de maïzena met 3 eetlepels van het sap tot een papje. Breng het resterende sap aan de kook en roer het papje erdoor. Laat het sap kort koken tot het bindt en laat het afkoelen.

Vulling: splits de eieren. Klop de eiwitten met het zout stijf. Klop de slagroom ook stijf. Roer de crème fraîche en kwark romig, zeef de maïzena erover en roer hem erdoor. Voeg geleidelijk beide soorten suiker, het citroensap en -rasp en de eidooiers erdoor. Spatel tot slot het eiwitschuim en de slagroom erdoor.

Verdeel de morellen met het sap gelijkmatig over de bodem. Schep de vulling erop en strijk glad. Bak de crèmefraîchetaart 50-55 minuten in de oven. Zet de oven uit en laat de taart 30 minuten rusten terwijl de ovendeur op een kier staat. Haal de taart eruit, laat hem helemaal afkoelen en zet hem minstens 2 uur in de koelkast.

I love cheesecake
I love cheescake is een heerlijk boek met 36 verleidelijke cheesecake-recepten: van een klassieke Amerikaanse cheesecake met een flinke portie roomkaas en een knapperige bodem, en een lichte mango-kokos cheesecake tot cheesecake in een glas en cheesecake op een stokje. De recepten zijn niet al te ingewikkeld en voorzien van smakelijke foto's en duidelijke stap-voor-stap beschrijvingen.

Titel: I love cheesecake
Auteur: Christin Geweke
Prijs:  € 14,95
ISBN: 9789462501713
Uitgever: Forte Culinair

 

 

 

 

 

 


 


 

On demand: de leukste films en series

Wat is er nou fijner dan een goede serie of een spannende film kijken? Even jezelf verliezen in het verhaal, of wat opsteken van een mooie docu. Maar het aanbod on demand is overweldigend groot. Wij helpen je een beetje bij de keuzestress: wat is de moeite waard en wat eigenlijk niet?

AMERICAN VANDAL

Wanneer kijken: als je satire kan waarderen
Wanneer niet: als je je makkelijk in het ootje laat nemen
Naast je op de bank: een spuitbus verf
​Waar: Netflix

Als je Making a Murderer of The Keepers hebt gekeken, zal je de stijl van American Vandal direct herkennen. Een mix van interviews met betrokkenen, korrelig bewakingsbeeld, opduikend bewijsmateriaal, doorbraken, bekentenissen en locatiebezoeken. Dit is 'true crime' in z'n puurste vorm. Behalve dat het fictie is, en dat de misdaad die begaan is tamelijk belachelijk lijkt: op een middelbare school heeft iemand op de auto's van de leraren piemels geverfd. 27 piemels, om precies te zijn. 

De verdachte is de ietwat stompzinnige Dylan. Ook al ontkent hij er iets mee te maken te hebben, iedereen gaat ervan uit dat hij het heeft gedaan. De jonge leerling Peter probeert voor de schoolkrant de waarheid te achterhalen. Lijken de piemels eigenlijk wel op de piemels die Dylan normaal altijd overal tekent? Spreekt de enige ooggetuige echt de waarheid? Heeft de lerares die beweert dat zij het doelwit was van de piemelaanval geen verborgen bijbedoelingen? Het knappe van deze serie is dat je het echt wil weten, ondanks dat we hier toch duidelijk met satire te maken hebben. Grappig én boeiend, in acht afleveringen van een half uurtje. Perfect voor een regenachtige avond dus!

UN HOMME A LA HAUTEUR

Wanneer kijken: als je weleens verliefd bent geweest
Wanneer niet: als je geen Frans spreekt en graag zit te Facebooken tijdens het film kijken
Naast je op de bank: je geliefde met al zijn of haar nukken en gebreken
​Waar: Videoland

​Alexandre is 1 meter 36. Hij is ook slim en grappig en knap en geslaagd. En toch wordt dat alles overschaduwd door zijn geringe lengte. Overal: giechelende mensen, collega's die hem niet serieus nemen, dingen waar hij net niet bij kan. Hoe vermoeiend dat wel niet moet zijn, wordt behoorlijk stevig neergezet in deze Franse romkom. 

Er is natuurlijk ook een vrouw. In dit geval een lange vrouw. Diane is een advocaat met een lastige ex. Ze valt als een blok voor de charmante Alexandre, maar blijft ook erg hangen op de moeilijkheden ervan. Dat levert natuurlijk drama op; met haar ouders, met haar ex en vooral ook met de kleine man zelf. Het aardige van deze film is dat we allemaal weleens verliefd zijn geworden op iemand die misschien niet helemaal aan de standaard voldoet. Die knapperd met de dikke buik, die leukerd die stottert, die schoonheid met de moeilijk huid: deze film laat maar eens te meer zien dat mensen zo veel meer zijn dan dat ene aspect. En omdat het nou eenmaal een romkom is, wordt ook maar weer eens bevestigd dat de liefde alles overwint.

MOTORBENDES ONDER VUUR

Wanneer kijken: als de discussie rond motorclubs je boeit
Wanneer niet: wanneer je het liever wat minder ruig hebt
Naast je op de bank: je boerenverstand
​Waar: Videoland

'Noem ons nou geen motorbende, want we zijn gewoon een motorclub', zegt Henk Kuipers, captain van motorclub No Surrender. Maar daar heeft misdaadjournalist John van den Heuvel geen boodschap aan, getuige de titel van deze nieuwe documentaire van zijn hand. In 2013 liet hij al zien hoe het er binnen de clubs aan toe gaat, dit keer draait het om de oorlog tussen het Openbaar Ministerie en de clubs dan wel bendes: kan het OM aantonen dat die zich wel degelijk bezighouden met criminele activiteiten? 

Het lastige van dit soort docu's is natuurlijk dat niemand écht wat wil zeggen. Het OM houdt belangrijke informatie vanzelfsprekend voor zich, de clubs houden hoe dan ook vol dat zij niks anders doen dan samen lekker motorrijden. Spannend element is wel het ex-lid van No Surrender die - vermoedelijk met gevaar voor eigen leven - vertelt over zijn ervaringen. Ja hoor, daar deed hij ook mee aan criminele acties. En ja, je kan in rang stijgen door te helpen 'een lijk te laten verdwijnen' of zelfs zelf iemand om te leggen. Misschien niet geheel onverwacht als je toch al je vooroordelen over deze organisaties klaar hebt, maar toch schokkend om zo expliciet verteld te zien. Je leert misschien niet van de hoed en de rand, maar de documentaire geeft wel handvatten om je mening eens aan te scherpen. 

GOOISCHE VROUWEN

Wanneer kijken: als je Martin en Cheryl ook zo mist
Wanneer niet: als je 2011 zó passé vindt 
Naast je op de bank: een glas witte wijn, of maak daar maar een fles van
Waar: Videoland en Netflix

Als je ervan houdt, dan hou je er ook echt van: de perikelen van Cheryl, Claire, Roelien en Anouk in Gooische Vrouwen. De film is eigenlijk niets anders dan een uit de klauwen gegroeide aflevering, dus als je die met plezier gekeken hebt, zit je sowieso goed. De dames hebben alle vier zo hun eigen gevecht te voeren: Roelien met haar principes, Anouk met haar imago, Cheryl met haar Martin en Claire met haar gezin. 

Dat is natuurlijk ook wat Gooische Vrouwen zo leuk maakt, en eigenlijk iedere serie met dit concept: je herkent wel iets van van jezelf in ieder karakter. Cheryl die zich een groter setje borsten laat aanmeten en zichzelf maar blijft wijsmaken dat ze dat echt 'voor zichzelf' doet of Clarie die het er onverwacht moeilijk mee heeft dat haar dochter met schoon- en kleinzoon richting Burkina Faso vertrekt. En de situaties zijn misschien uitvergroot, maar wie is er niet ooit op een leugen betrapt, of fanatiek principieel geweest over iets dat niemand anders wat kon schelen? Gelukkig kunnen de buurtjes altijd bij elkaar terecht, ook al zijn ze niet altijd even aardig tegen elkaar. Wie smaak te pakken heeft en ook de tweede Gooische Vrouwen-film (uit 2014) wil zien, kan bij Videoland terecht voor een echte Gooische avond.