Hella Hueck

Alles wat de Koning zegt

20 september 2017 06:12

Nu politici over elkaar heen buitelen om de 'Gewone Nederlander' aan zich te binden wil ik graag een lans breken voor de Ongewone Nederlander. De niet hard werkende Nederlander. De man of vrouw (maar vaak man) met 'een vlekje'. Of zoals ze met de economische term heten: mensen met afstand tot de arbeidsmarkt. Mensen die we als samenleving afgeschreven lijken te hebben.

Als je alle hosanna berichten over onze economie mag geloven heeft onze nieuwe Minister van Sociale Zaken dadelijk een luizenbaantje. De werkloosheid daalt snel: minder dan 5 procent van alle mensen op de arbeidsmarkt zijn op zoek naar werk en zijn per direct beschikbaar. Er verschijnen ineens overal berichten over het 'onbenut arbeidspotentieel'.

Volgens het CBS zijn er nog zo'n 1,3 miljoen mensen die graag aan de bak willen als ze een baan aangeboden krijgen of meer uren willen werken dan ze nu doen. En er is een grote kans dat die mensen gebeld gaan worden. Werkgevers hebben onderschat hoe snel de arbeidsmarkt zou aantrekken. Er wordt geschreeuwd om meer personeel. In de industrie, gezondheidszorg en de detailhandel heeft meer dan 60 procent van de werkgevers moeite om functies met de juiste mensen in te vullen.

Nog een opsteker: Oud-profvoetballer en ambassadeur ouderenwerkloosheid John de Wolf zit dadelijk doelloos thuis op de bank, want zelfs onder 55-plussers daalt de werkloosheid

En wie bang is altijd maar dat flexbaantje te blijven altijd in dat flexbaantje te moeten blijven hangen: VDL gaat 1400 uitzendkrachten een vaste baan geven. In een hoogconjunctuur verdwijnen alle problemen als sneeuw voor de zon.

Veel landen zullen ons benijden om onze hoog opgeleide beroepsbevolking en lage werkloosheid. Toch is er tegelijktijdig een ongemakkelijke waarheid waar politici met een grote boog omheen lopen. Het aantal mensen dat in de bijstand terecht komt stijgt nog steeds en staat nu op 472.000. En het zorgelijke: jongere onder de 27 zitten vaker in de bijstand. In nog geen tien jaar tijd is het aantal jongeren in de bijstand bijna verdubbeld naar 51.000.

Zelfs in Eindhoven, de snelst groeiende regio van Nederland, neemt het aantal bijstandsuitkeringen nauwelijks af. In Eindhoven snappen ze er ook niets van: een derde van alle aanvragen dit jaar is gedaan door jongeren onder de 27. Juist een groep waarvan je zou verwachten dat werkgevers om ze zitten te springen.

Miniatuurvoorbeeld

Wethouder Staf Depla onderneemt extra actie in zijn stad om te onderzoeken wat er aan de hand is. In Eindhoven (en landelijk) nam afgelopen jaren de instroom van asielzoekers toe – maar dat verklaart niet de hele stijging. Die is dit jaar 8,5 procent. "Ik zeg het niet graag, maar ik heb nog geen goed zicht op deze groep. We zien juist de laatste jaren dat meer jongeren met een diploma van school afkomen. Dat wordt nu mijn eerste actie: uitzoeken wie dit zijn en wat hun verhaal is. Maar dit probleem wordt niet weggepoetst door hogere economische groei – hier is iets anders aan de hand."

Jonge laagopgeleide mannen haken af

Als we kijken naar de laatste cijfers van het CBS over de arbeidsparticipatie zien we iets opvallends. Het aandeel van vrouwen is de afgelopen 25 jaar toegenomen, het aandeel van mannen neemt iets af. Maar bij lager en middelbaar opgeleide mannen zien we een veel sterkere daling. Die doen - om welke reden dan ook - niet meer mee op onze arbeidsmarkt.

Van de lager opgeleide mannen werkte in 1981 zeventig procent.  Dat is gedaald naar tweeënzestig procent. Bij middelbaar opgeleide mannen is die daling net zo sterk. In 1981 was de arbeidsparticipatie vijfentachtig procent. Dat is in 25 jaar gedaald naar zevenenzeventig procent.

Miniatuurvoorbeeld

Mocht je denken: dat zijn vooral oudere mannen - die niet meer mee kunnen komen in een maatschappij waarbij andere kennis en vaardigheden worden gevraagd dan 25 jaar geleden - dan is dat helaas niet het geval. Juist bij jongere mannen valt de arbeidsparticipatie terug. Er zijn nu meer jonge vrouwen die werken dan jonge mannen. 

Miniatuurvoorbeeld

De laag opgeleide blijft in het verdomhoekje

Er is een grote groep in Nederland die nog maar nauwelijks profiteert van de economische opleving: laag opgeleiden. De groep van lager opgeleiden is met de jaren kleiner geworden (van de Nederlandse bevolking is nu 30 procent laagopgeleid, 40 procent middelbaar en 30 porcent hoogopgeleid) maar de werkloosheid onder de groep blijft hardnekkig hoog. Vorig jaar zat 9,9 procent van de lager opgeleiden zonder werk. Ter vergelijking : bij hoger opgeleiden is de werkloosheid maar 3,5 procent

Miniatuurvoorbeeld

Mij bekruipt het gevoel dat de aantrekkende economie alleen niet genoeg is om deze groep mensen, vaak jonge mannen, erbij te halen.

Een tijdje terug sprak ik voor het tv-programma Stand van het Land dat ik voor WNL maak Hannan Selmani, een gedreven ondernemer die veel van deze 'moeilijke' laagopgeleide jongeren begeleidt naar een baan.

Ze heeft er wel een verklaring voor dat de jonge mannen (allochtoon en autochtoon) ook in economisch hoogtij niet aan de bak komen. "In de crisis zijn deze jongens van hot naar her geschoven. Omdat ze weinig opleiding hebben zijn ze van flexbaantje naar flexbaantje gegaan. Dat lukte nog wel in de logistiek, magazijnwerk of als chauffeur. Maar na het derde flexcontract worden ze aan de kant geschoven. Dan zoeken werkgevers iemand die jonger is en dus goedkoper. Er is tijdens die kortstondige baantjes niet in opleiding geïnvesteerd. Ze staan na een paar contracten weer volledig met lege handen."

Daarnaast veranderen digitalisering en robotisering onze economie en vallen banen voor deze groep weg. "Administratieve baantjes heb ik niet meer voor ze. Wie een opleiding MBO 3 of MBO 4 heeft, komt nog wel aan de bak. Daaronder is niet zoveel meer. Die banen drogen allemaal op. Ook zie ik dat hbo'ers banen invullen die vroeger door mbo'ers of laagopgeleiden werden ingevuld."

Economen verwachten dat werkgevers meer mensen zullen aannemen als het nieuwe kabinet sleutelt aan twee jaar loondoorbetaling bij ziekte. Of als de ontslagbescherming verder wordt versoepeld.

Over dat soort voorstellen is arbeidseconoom Ronald Dekker, verbonden aan de Universiteit van Tilburg, kritisch: "Mijn inschatting is dat er zeker zo rond de 750.000 mensen in Nederland zijn die afhankelijk zijn van de bijstand, een Wajong-uitkering of werk in een sociale werkplaats. Mensen die rond moeten komen van een sociaal minimum. Hun problemen zijn vaak hardnekkig. Soms zijn er psychische problemen, mensen zijn analfabeet of laaggeletterd. Werkgevers gaan er vanuit dat deze mensen niets kunnen. Electoraal is deze groep niet interessant voor politici."

Selmani is iets positiever: "Ik zie vanuit werkgevers best wel het besef dat we iets moeten doen voor deze groep. Maar er moet wel iets tegenover staan. Vooral MKB bedrijven weten weinig over de mogelijkheid van bijvoorbeeld werkstages met behoud van uitkering. Ze vinden het gedoe."

Meer mensen moeten profiteren van economische groei - zei de Koning in de troonrede. Laat dat vooral gelden voor de 50.000 jongeren die in de bloei van hun leven in de bijstand zitten. Dat is in deze tijd van economische groei onacceptabel.