Ga naar de inhoud
Strijd voor vrijheid

Als kind overleefde hij een gifgasaanval, nu viert Kamerlid Rahimi elke dag in vrijheid

Hawre Rahimi zit sinds dit jaar voor de VVD in de Tweede Kamer. Beeld © ANP

Kamerlid Hawre Rahimi uit Weesp leefde als kind iedere dag in oorlog. Nadat hij een gifgasaanval van Saddam Hoessein had overleefd, vluchtte hij van Iran naar Nederland. Hij streed mee om de leverancier van het dodelijke gas achter de tralies te krijgen: een Nederlander. Voor één keer vertelt de politicus zijn levensverhaal. "Pas als je geen vrijheid meer hebt, weet je wat je mist."

Hawre Rahimi was aan het voetballen met vriendjes toen de oorlogsvliegtuigen van Saddam Hoessein over Sardasht vlogen. Zijn Iraans-Koerdische geboortestad. Het Tweede Kamerlid, nu 43, was net 8 jaar oud.

Die bewuste juni in 1987 lieten Saddams vliegtuigen een giftige regen van chemische wapens los. Een dodelijke cocktail van mosterd- en zenuwgas daalde neer. 

Stank van knoflook

Vluchten voor vallende bommen hoorde bij Hawres leven. Maar deze aanval was anders, vertelt hij. "De bommen klonken dof en er kwam een scherpe knoflookgeur op. Mijn vader werkte als anesthesist in het ziekenhuis en wist: dit is een chemische aanval."

Het gezin vluchtte de bergen in. Ramen dicht, zodat de gassen niet binnenkwamen. "Tijdens de autorit zag ik mensen dood op de grond liggen. Ik zag mensen kotsen en hijgen. Kinderen lagen op hun rug, happend naar adem."

Tijdens de rit werd er geen woord gesproken, herinnert hij zich. "Er waren ook geen woorden voor wat we zagen."

En ook tijdens dit interview valt soms een stilte bij de doorgaans zo praatgrage en energierijke politicus. Zijn jeugdverhaal vertellen blijft pijn doen. De wond is dan wel oud, maar nooit helemaal genezen.

Verhaal delen

Toch wil het Kamerlid zijn verhaal vertellen, over wat opgroeien zonder vrijheid betekent. Juist nu, omdat de angst voor een chemische aanval weer actueel is geworden vanwege de oorlog in Oekraïne. "De verhalen moeten we blijven delen, zodat we weer beseffen wat oorlog kan aanrichten. Als je niet meer met elkaar praat, maar tegenover elkaar staat in een oorlog, is er geen weg meer terug."

Geen dag zonder oorlog

Hawre (wat 'vriend' betekent) is een oorlogskind. Hij werd geboren in Koerdisch Iran tijdens de Irak-Iranoorlog (1980-1988). Zijn geboortestreek was jarenlang in oorlog met het regime van Saddam Hoessein. 

Schuilkelders in vluchten, rennen voor je leven, voetballen tussen doelpaaltjes gemaakt van delen van mortiergranaten: dagelijkse kost. "Natuurlijk hadden we ook lol. We gingen wel naar school, maar iedere dag met gevaar voor eigen leven", vertelt hij terwijl hij wijst op een jeugdfoto. "Ik wilde arts worden. Net als mijn vader. Hij hielp jarenlang iedere dag oorlogsgewonden."

Tot zijn achtste kende hij geen dag vrede. "En ook al weet je niet beter, oorlog went nooit."

"Kijk", hij pakt een andere foto uit de kleine stapel jeugdfoto's die er nog zijn, "dit is mijn oom. Hij woonde naast ons met mijn tante. Zij zaten in een bus toen een bom hen trof."

Hij weet het nog goed. "Omdat mijn familie hun stoffelijke overschotten voor de begrafenis moesten schoonwassen in ons bad. Een ritueel, vanwege het geloof. Dat beeld vergeet je nooit."

Broertje gereanimeerd

Andere herinneringen komen op. Over zijn jongere broertje bijvoorbeeld. "Hij wilde een bal uit de dakgoot halen, maar verloor zijn evenwicht omdat precies op dat moment een raket overvloog. Hij viel naar beneden en bleef liggen. Ik dacht dat hij dood was."

Een oom wist hem te reanimeren en hij kwam weer tot leven. "Naast die gifgasaanval is dit mijn meest intense herinnering van die tijd."

Op zijn twaalfde vluchtte het gezin naar Nederland. Een oom was hen al voorgegaan. Het gezin kwam in Amstelveen terecht. Recht tegenover de V&D. "Van 1500 gulden per maand kwamen we rond."

Juf en meester als helden

Hawre vond Amstelveen fantastisch. "Ik was eindelijk vrij. Een heerlijk gevoel." Zijn Nederlands was slecht. "Maar ik wilde graag en deed erg mijn best op school. Ik wilde iets terug doen voor het land. Daar stonden mijn ouders op."

Hij noemt juf Ina en meester Rob van de Henri Dunant-school 'de helden uit zijn jeugd'. "Mijn Cito-score was niet goed, maar zij zagen het in mij en gunden mij het succes. Ik ging naar het vwo."

Het gezin verhuisde naar Zaandam. Harwres moeder ging werken in de kinderopvang, waar ze ook de taal leerde. "Mijn vader ging werken als anesthesist in het ziekenhuis. Maar niet lang, vanwege zijn slechte gezondheid."

Hawre ontwikkelde een liefde voor de ICT en koos voor een studie informatica. Hij bouwde al tijdens zijn studie een eigen bedrijfje op: Cynax. Een IT-bedrijf dat is gespecialiseerd in voorraadbeheer voor software.

Succesvol ondernemer

Met succes. Zijn bedrijf groeide, mede met hulp van zijn broer en schoonzus. "We stonden op grote beurzen in het buitenland om ook daar door te breken."

Hawre ontwikkelde een liefde voor het ondernemerschap en vooral voor het midden- en kleinbedrijf. "Mijn vader zei altijd tegen ons: doe iets terug voor Nederland. We moeten het land dankbaar zijn voor wat wij hebben gekregen. Namelijk het grootste goed dat er is: vrijheid."

Thuis werd weinig meer over de oorlog gepraat. "Mijn vader zei: nu gaat onze blik vooruit." Maar één ding bleef knagen: wie was medeverantwoordelijk voor de massaslachting van hun geboortestad Sardasht?

Een Amerikaans advocatenkantoor begon eind jaren negentig namens duizenden overlevenden en nabestaanden een rechtszaak tegen Europese bedrijven die in de jaren 80 aan Irak chemicaliën, kennis en fabrieken leverden.  

Zaak-Van Anraat

Daaruit bleek dat onder meer de Arnhemse ondernemer Frans van Anraat in die tijd leverancier van die chemicaliën was. "Zijn medewerking was daarom essentieel voor het veroorzaken van het bloedbad in mijn geboortestad."

Hawres vader werd een van de getuigen in de zaak tegen Van Anraat. "We hebben oog in oog gestaan met die vreselijke schurk. Het was een grote erkenning dat Van Anraat werd veroordeeld tot 15 jaar cel. Voor mijn vader was het allemaal vreselijk ingrijpend. Hij heeft korte tijd daarna een beroerte gekregen."

Verminkte baby's

Meer dan 600 mensen en kinderen kwamen om tijdens de vergeten gifgasaanval op Sardasht. Vergeten, omdat de aanval bijna geen media-aandacht kreeg. "Acht maanden later volgde de chemische aanval in Halabja. Die had wellicht voorkomen kunnen worden."

Tot op de dag van vandaag zijn de gevolgen zichtbaar. Het aantal verminkte baby's dat wordt geboren, is nog altijd opvallend hoog.

Iets terugdoen

Zijn vaders motto, 'nooit je hand ophouden, maar iets terugdoen', is Hawres levensmotto geworden. Zo heeft hij de stichting Hawre opgericht toen in 2014 miljoenen mensen vluchtten voor IS. Met als doel spullen in te zamelen voor vluchtelingen in zijn geboorteregio. 

En door dat levensmotto belandde Hawre misschien ook wel in de politiek. "Mijn vader zei altijd, doe dat niet. Maar toen ik in Weesp werd gevraagd om voor de VVD de gemeenteraad in te gaan, heb ik dat gedaan. Juist omdat je in de politiek iets kunt betekenen."

Hij kwam daarna op de landelijke lijst van de VVD en belandde dit jaar in de Tweede Kamer.

Doorgeslagen regelgeving

Hij wil er vooral voor de ondernemers in het midden- en kleinbedrijf zijn. "Zij zijn het kloppend hart van onze samenleving", vindt hij. "Maar hun vrijheid gaat te vaak ten onder aan onnodige regelgeving. We zijn daarin doorgeslagen. Ik wil me daarvoor inzetten."

Dagen in vrijheid vieren

Hij noteert elke dag dat hij Kamerlid is. De teller staat nu op 132. Dat doet hij met een reden. "Je mist pas je vrijheid als het je ontnomen wordt. Als je opeens geen stemrecht meer hebt of niet meer samen kunt komen. En weg is dan ook weg. Het kost dan vaak weer honderden jaren vechten om het terug te winnen. Daarom moeten we iedere dag in vrijheid vieren en er elke dag weer bij stilstaan." 

Altijd weten wat er speelt?
Download de gratis RTL Nieuws-app en blijf op de hoogte.

Playstore Appstore