Eigen bijdrage

Hogere kosten dreigen door nieuw vergoedingssysteem medicijnen

27 januari 2020 17:27 Aangepast: 27 januari 2020 17:39

Het kabinet gaat het vergoedingssysteem voor geneesmiddelen aanpassen omdat het oude systeem gedateerd is. Zes miljoen mensen gaan mogelijk meer bijbetalen voor hun medicijnen, omdat in veel gevallen de maximumvergoeding voor geneesmiddelen omlaag gaat. Hoe werkt het precies? We leggen het uit in vier vragen.

1. Wat gaat er veranderen?

Er zijn twee categorieën geneesmiddelen die je bij de apotheek kunt krijgen: geneesmiddelen die uniek zijn, waarvan maar één variant is, en geneesmiddelen waarvan verschillende varianten bestaan, zoals bloeddrukmedicijnen.

Voor die laatste categorie geldt een vergoedingslimiet. Het maximale bedrag dat je bijvoorbeeld voor een bloeddrukmedicijn vergoed krijgt, is gebaseerd op het gemiddelde van alle varianten bloeddrukmedicijnen. Wie een medicijn gebruikt waarvan de prijs hoger ligt dan die vergoedingslimiet, moet bijbetalen.

De laatste keer dat zo'n prijsberekening is gedaan, was in 1998. In de tussentijd is de gemiddelde prijs van veel medicijngroepen flink gedaald. De vergoedingslimiet is daarom al lang niet meer met gelijk aan de gemiddelde prijs van een groep medicijnen, maar ligt in veel gevallen een stuk hoger.

Door de vergoedingslimiet aan te passen aan de huidige gemiddelde prijs hoopt het ministerie dan ook veel geld te kunnen besparen; uiteindelijk zal er naar verwachting via zorgverzekeraars zo'n 140 miljoen euro per jaar minder uitgekeerd worden.

Miniatuurvoorbeeld
Lees ook:

Maken dure medicijnen ons zorgstelsel onbetaalbaar?

2. En dus gaan wij aan de balie meer betalen?

In sommige gevallen wel. Als de maximale vergoeding voor medicijnen omlaag gaat, zullen meer mensen moeten bijbetalen. Volgens het ministerie van Volksgezondheid geldt dat in het slechtste geval voor zes miljoen mensen. In de meeste gevallen gaat het om een paar tientjes per jaar, voor ruim 150.000 van hen kan die extra eigen bijdrage zelfs oplopen op tot 250 euro per jaar.

Maar het ministerie verwacht dat de uiteindelijke extra kosten voor mensen zullen meevallen. Het idee is dat een nieuwe prijsberekening zal leiden tot lagere prijzen, omdat het niet in het belang is van een geneesmiddelenfabrikant als mensen veel moeten bijbetalen voor het middel. Dan wordt het middel immers minder populair.

Mensen kunnen er ook zelf voor kiezen over te stappen naar een goedkoper medicijn waarvoor niet bijbetaald hoeft te worden. Wie uit medische noodzaak toch een duurder middel moet blijven gebruiken, krijgt dat duurdere geneesmiddel wel helemaal vergoed.

Overigens is er ook een groep van ongeveer 400.000 mensen die naar verwachting juist minder gaan bijbetalen dan ze nu doen. Voor hen ligt de vergoedingslimiet nu juist lager dan de gemiddelde prijs in hun medicijngroep.

3. Gaan hierdoor de tekorten aan geneesmiddelen verder oplopen?

Nederland heeft relatief veel last van geneesmiddelentekorten. Dat komt onder meer doordat de prijzen voor medicijnen hier vaak lager liggen dan in de ons omringende landen. Daardoor staat ons land achteraan in de rij als de levering weer op gang komt. 

Toch verwacht het ministerie dat het extra risico op tekorten 'zeer beperkt' is. Mensen die door een medicijntekort toch een duurder middel moeten gaan gebruiken, krijgen dat medicijn helemaal vergoed.

Miniatuurvoorbeeld
Lees ook:

Waarom zijn er enorme tekorten aan zoveel medicijnen?

4. Wanneer gaat dit in?

Het ministerie verwacht nog flink wat voorbereidingstijd nodig te hebben voor deze verandering. De komende tijd gaat het ministerie in gesprek met artsen, apothekers en zorgverzekeraars over de invoering.

Halverwege 2021 moet het de nieuwe vergoedingslimiet ingaan.

Altijd weten wat er speelt?
Download de gratis RTL Nieuws-app en blijf op de hoogte.

Playstore Appstore