Ga naar de inhoud
Jos Heymans

Concept nieuwjaarstoespraak drs. M. Rutte

My fellow Dutchmen!

Dat vind ik zo mooi van de Amerikanen. Die standaard openingszin: my fellow Americans! Dat klinkt toch een stuk daadkrachtiger dan my fellow Dutchmen! Daarom houd ik het maar op: beste land- en partijgenoten. Drukke werkzaamheden nopen mij om u op deze wijze toe te spreken. Voor tv-toespraken heb ik even geen tijd. Bovendien kan deze vorm van communicatie niet worden verstoord door herrie makende wappies. Excuus, dat moet ik niet zo zeggen. Ik bedoel: door mensen die een andere kijk hebben op wat het coronavirus veroorzaakt.

Dat ellendige jaar ligt gelukkig achter ons, maar we hebben nog steeds niet van het virus gewonnen. Ik heb het geprobeerd met een verbod op handen schudden, met de plicht om afstand te houden en in de elleboog te hoesten, met een hamer om het virus kapot te slaan, met een slimme en later domme lockdown. Ik heb u aanvankelijk bespaard van mondkapjes, maar het virus én Ernst Kuipers en Diederik Gommers hebben mij gedwongen u daartoe toch te verplichten. Straks gaan we vaccineren. Weliswaar als laatsten in Europa, maar wel met uiterste precisie. Dat bent u van ons gewend, zorgvuldig optreden.

Voor tv-toespraken heb ik even geen tijd. Bovendien kan deze vorm van communicatie niet worden verstoord door herrie makende wappies.

Over ruim twee maanden gaan we naar de stembus. Er zijn veel nieuwe lijsttrekkers opgestaan, vooral vanuit de regering. Ik noem een Sigrid Kaag, ik noem een Hugo de Jonge dan wel een Wopke Hoekstra. Zelf zal ik de VVD-kar opnieuw trekken. Niet omdat het kan, maar omdat het moet. In die zin voel ik mij een Wopke Hoekstra. Ik hoopte het stokje over te dragen aan Klaas Dijkhoff. Maar die nam de vlucht naar voren. Mijn eerdere hoop op ofwel Halbe Zijlstra ofwel Janine Hennis is vervlogen door aftredens die wat mij betreft niet hadden gehoeven.

Daarmee kom ik op mijn eigen aftreden, waarover in de media druk wordt gespeculeerd. Ik begrijp die berichtgeving, in recessen is er weinig anders te melden. Een van mijn voorgangers, Wim Kok, trad enkele weken voor de verkiezingen af; hij zou toch niet terugkeren. En ik zou volgens de pers dat voorbeeld moeten volgen. Maar wat voor zin heeft aftreden voor mij? In maart keer ik toch weer terug als minister-president. De voorsprong van mijn partij lijkt niet meer in te halen. Misschien maakt Geert Wilders een kleine kans, maar er is niemand, op Thierry Baudet na, die met hem wil regeren. En tegen Sigrid Kaag die zo graag premier wil worden, zeg ik: droom lekker verder. Pieter Omtzigt maakt meer kans, maar gelukkig voor mij wordt hij door de CDA-bobo’s niet gepruimd.

Van D66 heb ik de buik vol. Die zijn in dit kabinet alleen maar bezig geweest om hun eigen plannetjes te realiseren. Een beetje meedenken in het landsbelang? Ho maar!

Ik zie de verkiezingen met vertrouwen maar ook met grote nieuwsgierigheid tegemoet. Wopke Hoekstra is een uitstekend minister van Financien; dat moet hij vooral blijven. Lodewijk Asscher moet echt beter zijn best gaan doen, wil hij tot mijn kabinet toetreden. De PvdA is nog altijd niet uit het diepe dal, waarin ik de partij vier jaar geleden met succes heb geduwd. En denkt Jesse Klaver nu echt dat er voor hem een plaatsje in mijn kabinet beschikbaar is, na al die verwijten die ik vier jaar lang naar mijn hoofd heb gekregen? Hij zou stoppen met zijn scorebordpolitiek – een juiste keuze, want kansloos – maar in het debat heb ik daar niets van gemerkt. Van D66 heb ik de buik vol. Die zijn in dit kabinet alleen maar bezig geweest om hun eigen plannetjes te realiseren. Een beetje meedenken in het landsbelang? Ho maar!

De lieverds onder de kleintjes, denk aan Lilian Marijnissen, Henk Krol, Kees van der Staaij en Liane den Haan, zal ik zeker te vriend houden. Je weet nooit of je ze nog ergens voor nodig hebt. Aan het ritje met Van der Staaij op de achterbank van mijn dienstauto bewaar ik nog altijd goede herinneringen. Het babbeltje aan de keukentafel van Jolande Sap was ook al zo’n succes. Maar ik denk niet dat Klaver daar intrapt.

Landgenoten, we staan aan de vooravond van een spannend jaar. Mag ik u en de uwen alle goeds toewensen voor 2021 en gezond verstand voor de stembuskeus op 17 maart. Ik reken op u!