Ga naar de inhoud
11 november

Sint-Maarten nog altijd levende traditie, maar niet overal: hoe zit dat?

Sint-Maarten in de Indische buurt in Amsterdam (archiefbeeld) Beeld © ANP

Van Venlo tot Almere en van Groningen tot Haarlem: vandaag wordt in een groot deel van Nederland Sint-Maarten gevierd. Wat opvalt, is dat niet elke stad eraan meedoet. Hoe komt dat? "Het heeft niets meer met het katholicisme te maken."

'Elf november is de dag, dat mijn lichtje, dat mijn lichtje, elf november is de dag, dat mijn lichtje branden mag'.

Vanavond drommen in vele dorpen en steden weer kinderen samen om liedjes te zingen voor snoep, of wordt een lichtjestocht gelopen met een vreugdevuur. Het volksfeest Sint-Maarten is springlevend – tenminste, in een deel van Nederland.

'Mijn favoriete feest'

"Zeker doen wij aan Sint-Maarten", zegt iemand uit Noord-Holland, terwijl iemand uit Rotterdam er helemaal niets van meekrijgt. "Het is echt mijn favoriete feest", zegt een ander, opgegroeid in het Friese Drachten. "Wij waren als kind heel fanatiek. We maakten de lampionnen zelf." Ook in Amsterdam wordt het gevierd. "In Zeeburg, waar mijn moeder woont, is het nog steeds een drukte van jewelste."

Populaire heilige

Voor we dieper ingaan op die regionale verschillen, eerst even: wie was Sint-Maarten eigenlijk? We vragen het aan Irene Stengs, onderzoeker Etnologie bij het Meertens Instituut en hoogleraar ritueel en populaire cultuur bij de Vrije Universiteit. "Sint-Maarten is een heel populaire heilige geweest in Europa", vertelt ze. Belangrijker nog dan Sint-Nicolaas, die andere heilige die in dezelfde tijd leefde. We hebben het over de vierde eeuw na Christus.

"In Duitsland en Frankrijk zie je daar nog veel van terug. Je hebt pelgrimspaden en veel steden hebben hem als patroonheilige." Ook in Nederland zijn er veel verwijzingen. Denk aan de plaats Sint-Maartensdijk of aan de Martinitoren in Groningen.

Kleuren FC Utrecht

In Utrecht is Sint-Maarten de beschermheilige van de stad: de kleuren rood en wit op het stadswapen, nu nog steeds de kleuren van de stad en van FC Utrecht, zouden een verwijzing zijn naar de mantel van Sint-Maarten.

Mantel van Sint-Maarten? Voordat we het hebben over het feest, nog wat meer over deze historische figuur. We hebben het over Martinus, een soldaat en zoon van een Romeinse officier. Het verhaal gaat dat hij op zijn paard bij de stadspoort van het Franse Amiens ooit een verkleumde bedelaar ontmoette. Deze bibberende bedelaar strekte zijn hand uit voor een aalmoes. Martinus maakte een prachtig gebaar: hij pakte zijn zwaard en schonk de helft van zijn mantel.

In die nacht, zo gaat het verhaal, verscheen Christus in zijn droom met de helft van de mantel. 'Wat je aan de bedelaar gedaan hebt, heb je aan Christus gedaan', zei hij. Dit visioen maakte zo’n indruk dat hij de rest van zijn leven wilde wijden aan de armen.

Sint Martinus Bisschop

Een traditioneel Sint-Maartenliedje:

Sint Martinus Bisschop,
Roem van alle landen.
Dat wij hier met lichtjes lopen
Is voor ons geen schande.

Hier woont een rijk man,
Die ons wel wat geven kan.
Veel zal hij geven,
Lang zal hij leven,
Zalig zal hij sterven,
De hemel zal hij erven.

Het levensverhaal van Martinus gaat nog veel verder, hij zal uiteindelijk bisschop worden van de stad Tours, maar het is vooral de symboliek – het delen, zonder daarbij jezelf te verliezen – die mensen aansprak.

Seculier feest geworden

Toch valt er iets op. Hoe kan het dat zo'n ogenschijnlijk katholiek feest juist in veel protestantse delen zoals Noord-Nederland en Amsterdam wordt gevierd en niet in het overwegend katholieke Brabant?

"Het is een geseculariseerd feest geworden", zegt hoogleraar Stengs. "Het heeft niets meer met het katholicisme te maken. De meesten weten niet dat Maarten ooit een heilige was die zijn mantel deelde met een bedelaar. Kinderen gaan langs de deuren voor snoepjes. Het gaat dus wel over delen, dat is nog wel overgebleven."

Dat Sint-Maarten juist bóven de grote rivieren wordt gevierd, dat verbaasde ook Jelmer Visser. Hij maakte vorige jaar onderstaande Sint-Maartenkaart, met hulp van zijn 25.000 volgers op Twitter (nu: X):

Een 'heel vreemde – en daarom superinteressante – verdeling van Nederland eigenlijk', schreef hij destijds. De kaart maakte Visser in twee dagen.

Hij noemt het een 'heel onwetenschappelijk' experiment. Toch geeft het een mooi beeld, dat redelijk overeenkomt met eerder onderzoek uit uit 1997 en 1938. Wat opvalt, is dus dat het feest niet in Noord-Brabant en Zeeland wordt gevierd. Volgens onderzoeker Stengs zie je dat bij meer vieringen: ze zijn lokaal. "Driekoningen wordt vooral in het zuiden gevierd, dat valt op 6 januari. Of neem nu Luilak op de zaterdag voor Pinksteren, dat is typisch voor Noord-Holland.”

Langs de deuren

In de meeste dorpen en steden gaan kinderen 's avonds zingend langs de deuren voor snoepgoed. Op sommige plekken gaat het om optochten met een vreugdevuur, zoals in Venlo en omgeving.

Een RTL Nieuws-redacteur uit Midden-Limburg vertelt dat er in zijn streek grote vuren worden gemaakt, vergelijkbaar met de paasvuren in het Oosten. "We gingen met lampion in optocht naar het vuur", herinnert hij uit zijn kindertijd.

Het feest had vroeger kenmerken van een oogstfeest. Bij een vreugdevuur werden mispels, appels en noten aan de armen gegeven, vertelt hoogleraar Stengs. Ook werd vaak gans gegeten: een verwijzing naar een mythe waarbij het ganzen waren die Sint-Maarten hadden verraden toen hij zich verstopt had omdat hij geen bisschop wilde worden.

In Utrecht is in de laatste decennia een 'waanzinnige parade ontstaan met lichtsculpturen', zegt Stengs. "Echt een fenomeen. Daarin staan inclusiviteit en delen met elkaar centraal, zoals dat past bij het verhaal van Sint-Maarten met het delen van die mantel. Die morele dimensie wordt daarin als het ware opgetild."

Vrijescholen

Op de honderd vrijescholen in Nederland is ook aandacht voor die morele dimensie. Met toneelstukken en liederen wordt het verhaal van Sint-Maarten nog steeds verteld aan de leerlingen. 's Avonds lopen kinderen in een lichtjestocht zingend door de wijk, ook in plaatsen waar niet aan Sint-Maarten wordt gedaan, blijkt na een vraag in een Facebookgroep.

"Ik ben opgegroeid in Middelburg, geen Sint-Maarten daar", schrijft iemand. "Maar wel op de vrijeschool. Inclusief echt Sint-Maartenspel op het abdijplein en optocht door de stad. Aanbellen voor iets lekkers was alleen bij afgesproken huizen. Dus niet random langs de deuren." Een uitgeholde suikerbiet of pompoen fungeert als lantaarn.

In Roosendaal iets soortgelijks. Daar mogen kinderen op afgesproken plekken bij 'rijke mensen' aanbellen en zingen voor iets lekkers. In Rotterdam krijgen schoolkinderen een 'appeltje, peertje of walnoot' in een park.

Gezond
Lees ook:
Gezond én lekker snoep uitdelen met Sint-Maarten, het kan

Liefdadigheid

Dat aanbellen bij 'rijken' sluit dan weer aan bij hoe het vroeger ging. Irene Stengs: "Het is niet alleen maar bedelen, het was ook een moment voor de rijken en beter bedeelden om zich genereus te tonen. Liefdadigheid hoort bij feesten. Net als tijdens Sinterklaas en de Ramadan. Het zijn momenten waarin mensen zich van hun goede kant kunnen laten zien."

Amsterdam en de Zaanstreek

Soms zijn er wat verschuivingen. In 18de eeuw werd Sint-Maarten in heel Amsterdam gevierd. "Dat was soms best een ruig feest met opgeschoten jongeren van een jaar of 13, 14 of 15. Die gingen ook langs de deuren. Ook had je overal vreugdevuren. Wegens brandgevaar heeft het stadsbestuur de Sint-Maartensvuren verboden."

Dat wil niet zeggen dat het feest helemaal verdween, In de omgeving van Amsterdam-Noord en de Zaanstreek bleef het populair, om in de laatste decennia weer terug te keren naar de overkant van het IJ. Niet alleen gaan kinderen langs de deuren en zingen voor snoep, er zijn ook lichtjesoptochten voor peuters en buurtgerichte lichtsculpturenoptochten, die meer aan de Utrechtse viering doen denken.

Halloween

Er zijn de afgelopen decennia wel wat verschuivingen geweest, zoals in Amsterdam (zie kader). "Je ziet wel dat in sommige delen van het land waar ze niet aan Sint-Maarten doen, sinds een aantal jaren op 31 oktober Halloween gevierd wordt", zegt Stengs.

"Zo ontstaan er ook wel conflations, mengvormen. In Amsterdam komt soms van alles bij elkaar. De opkomst van Harry Potter in de jaren 90 heeft ervoor gezorgd dat kinderen soms ook in heksenoutfits langs de deuren gaan. Feesten werken associatief, dit laat zien waarom ze kunnen veranderen en toch overtuigend blijven."

Kwaliteit van de liedjes

En de liedjes? In de afgelopen eeuwen zijn er tientallen, misschien wel honderden verschenen. Een deel is in de vergetelheid geraakt. Enkele die nu nog worden gezongen, of een variant daarvan, zijn meer dan honderd jaar oud. Zoals: Sinte Maarten, / De kalvers (koeien) dragen staarten en Hier woont 'n rijkman, / die veul geven kan.

Hoogleraar Stengs merkt op dat het lied 'de koeien hebben staarten' vrijwel niet meer in zijn geheel wordt gezongen. "Kinderen zingen volgens mij vooral heel korte zinnetjes."

Op Facebook zegt een vrijeschoolouder: de kwaliteit van de zang hangt af van waar het kind op school zit. "Bewoners luisteren met tranen in hun ogen naar de liedjes van de vrijeschoolkinderen."

Voor de toehoorder vanavond is een beetje variatie natuurlijk wel zo prettig. En o wee wie de deur niet opendoet en stiekem tóch thuis is. Hoogleraar Stengs: "Vroeger zongen we dan: Hier woont juffrouw Kikkerbil, die ons nooit wat geven wil..."

Sint-Maartenslied

In dit lied, dat gezongen wordt op vrijescholen, wordt het verhaal van Sint-Maarten verteld.

Sint Maarten, Sint Maarten,
Sint Maarten reed door weer en wind,
Zijn vurig paard droeg hem gezwind;
Sint Maarten reed met vollen moed,
Zijn mantel dekt' hem warm en goed.

Een oude, een oude,
een oude man stond aan de baan;
hij keek de ridder smekend aan:
’Och help mij, help mij uit de nood,
ik vind hier in deez’ kou de dood.’

Sint Maarten, Sint Maarten,
Sint Maarten was zeer aangedaan,
hij bleef voor de arme bedelaar staan,
hij trok zijn slagzwaard uit de schee
en sneed zijn mantel vlug in twee.

De oude, de oude,
De oude man kwam ’s nachts weerom;
hij had de halve mantel om.
Hij sprak tot Maarten zonder spot
en zei: ’Ik ben de lieve God!’

Bron: vrijeschoolliederen.nl