Ga naar de inhoud
Zondaginterview

Worstelaarstweeling Marcel en Tyrone (21) vecht, studeert en excelleert samen

Beeld © Robert Roozenbeek

Echte strijders zijn het, de eeneiige tweeling Marcel en Tyrone Sterkenburg (21). Ze studeren samen, trainen samen en excelleren samen in hun sport: ze behoren tot de wereldtop in het Grieks-Romeins worstelen. Om hun grootste droom werkelijkheid te laten worden – allebei goud op de Olympische Spelen in 2024 – stellen ze hun leven in het teken van het worstelen en geven daar alles voor op.

Keiharde hiphop uit de speakers. De geur van vers zweet. Overal bokszakken. In het midden van de zaal een grote ring, waar gespierde kerels met het nodige lawaai op elkaar inbeuken. Sportcentrum De Voltreffer in Nieuwegein is precies zoals je je een bokszaal voorstelt.

Maar links van de ring heerst er rust: op de worstelmatten staan Marcel en Tyrone Sterkenburg te stretchen. Eerst individueel, later ook samen. Ze trekken aan elkaars armen, hangen over elkaars rug, buigen elkaars polsen als in een stille dans, met complete focus en zonder overleg.

Dat is ook niet meer nodig. Ze komen hier al sinds hun vierde zo’n beetje iedere ochtend – als ze in Nederland zijn tenminste – en altijd trainen ze samen. Deze ochtend staat er alleen yoga en stretchen op het programma, later in de middag volgt er nog het zwaardere werk, vertellen ze even later als ze naast elkaar in de kantine zitten.

Tyrone is steviger gebouwd dan Marcel, hij komt uit in een zwaardere gewichtsklasse, maar voor de rest lijken ze ontzettend veel op elkaar. Met elkaar verward worden vinden ze niet erg. Tyrone: "Dat gebeurt zo vaak, dat is niets geks meer. Ik kijk er niet van op als iemand mij Marcel noemt." Ze maken vaak elkaars zinnen af, en vertellen meer over de ander dan over zichzelf. Niet zo gek ook: ze zijn niet alleen tweelingbroers, maar doen ook nog dezelfde studie en excelleren in dezelfde sport.

Klassiek met klasse

Grieks-Romeins worstelen is in Nederland niet heel bekend. Het is net iets anders dan het íets bekendere vrije stijl worstelen: daar mag je ook de benen pakken. Bij Grieks-Romeins doe je alleen grepen boven de gordel: om het middel, bij de armen of de nek. "Het is een heel klassieke sport", zegt Marcel. "Het staat al vanaf het begin op de Olympische Spelen." En het is een sport met klasse, vindt hij. "Je vecht wel, maar het is niet barbaars. Je wil je tegenstander niet zoveel mogelijk pijn doen, maar met techniek en kracht domineren."

En daar zijn ze beiden bijzonder goed in. Marcel werd wereldkampioen bij de junioren, Europees kampioen bij de senioren, en derde van de wereld bij de senioren, in de gewichtsklasse tot 87 kilogram. Tyrone komt een klasse zwaarder uit, tot 97 kilogram, en werd daar tweede van de wereld bij de junioren en derde van Europa bij de senioren. Ze vechten allebei anders. "Marcel is sneller, aanvallender, explosiever", zegt Tyrone. "En Tyrone is heel tactisch en verdedigend", vult zijn broer aan.

Omdat er in Nederland maar weinig tegenstanders van hun niveau te vinden zijn, zitten ze ongeveer de helft van de maand in het buitenland. In Scandinavië en Oost-Europa is worstelen wel heel populair. "We komen net terug van Fuerteventura, waar we in een trainingskamp zaten met de Denen. En eind deze week gaan we naar Duitsland."

Makkelijke tegenstanders

Waar Nederlanders eerst werden gezien als makkelijke tegenstanders, zijn buitenlandse coaches nu maar al te blij om de tweeling voor hun trainingen uit te nodigen. En bepaald niet blij als bij de wedstrijdloting een van de Sterkenburgs als opponent wordt getrokken.

Al dat reizen schept een band, vertellen ze. Tyrone: "Je maakt zoveel met elkaar mee." Marcel: "Je weet van elkaar hoe hard het leven is. Je valt samen af, komt samen aan, geeft allebei dingen op." Tyrone: "Je deelt de spanning van de wedstrijd met elkaar." Marcel: "Ik denk dat het hetzelfde is voor soldaten of mariniers."

Jaloezie speelt dan ook geen enkele rol. Toen Marcel wereldkampioen werd, en Tyrone zich tevreden moest stellen met zilver, voelde het succes van zijn broer voor hem als zijn succes. "Dan hebben we vast één wereldkampioenschap binnen, dacht ik. De volgende zal met de tijd wel komen, voor ons allebei."

Die houding is vanuit huis uit gecultiveerd. Dat ze allebei in een andere gewichtsklasse boksen is op aanraden van hun vader. Marcel: "Die wilde zijn zoons niet tegen elkaar zien uitkomen." De familie is sowieso heel erg betrokken bij hun succes. Naast de tweeling bestaat het gezin nog uit hun Nederlandse vader Willem, zelf fanatiek bokser, en hun Thaise moeder Samran. En dan zijn er broer Willem (25), zus Rebekka (24), zus Marcella (23), broertje Marwin (19) - "een combinatie van Marcel en Willem, mijn ouders zijn heel creatief geweest met onze namen" - en zusje Stefanie (18).

Discipline boven alles

Op zondagochtend werd er altijd, vaste prik, hardgelopen door het hele gezin. Willem joeg zijn grut vijf kilometer door Hilversum, door het Corversbos en de wijk Trompenberg, de kleine Stefanie nog op haar fietsje. "Zelf liep hij achterop, om te kijken of er niemand aan het smokkelen was", vertelt Tyrone. Marcel: "We waren allemaal heel competitief, dus we wilden allemaal voorop lopen."

Niet dat ze er altijd zin in hadden, meestal niet zelfs, maar dat maakte niks uit: je gáát gewoon, vond Willem. En dat hebben al zijn kinderen meegekregen. "Al onze broers en zussen zijn op hun manier heel getalenteerd. Onze vader is heel lief, maar hij heeft ons echt met discipline opgevoed. Dat vonden we toen niet altijd leuk, maar nu zien we wat we eraan hebben."

Willem reed de tweeling ook altijd vanuit Hilversum naar hun trainingen in Utrecht, Amsterdam of Nieuwegein – omdat ze zo goed zijn, zijn ze op allerlei verschillende clubs welkom. Marcel: "Hij bleef dan altijd kijken. En als hij dan zag dat we de kantjes ervan afliepen, gaf hij in de auto terug mooie, motiverende speeches. Dat je moet trainen om iedere keer beter te worden, niet trainen om het trainen. Daar denk ik nog vaak aan terug, ik heb het allemaal meegenomen."

En het hielp. Op hun 11de werden ze al opgemerkt door hun coach, de van huis uit Poolse Mariusz Gicewicz. Tyrone: "Hij was op zoek naar prospecten om ooit mee naar de Olympische Spelen mee te nemen. Hij liet ons mee trainen met zijn groep voor 14-plus." Op hun 13e waren ze het niveau in Nederland al ontgroeid en gingen ze meedoen aan buitenlandse toernooien. "Eerst ging onze vader vaak mee, maar die wilde natuurlijk ook thuis zijn voor de andere kinderen. Daarna was het vaak onze oudste broer Willem die met ons mee reisde."

Moeder Samran heeft trouwens net zo goed haar aandeel in het succes van de jongens. "Onze moeder kookt al ons eten. We moeten in totaal zo’n 5000 kilocalorieën per persoon per dag binnenkrijgen om op gewicht te blijven. Ze maakt vaak Thais, dat vinden we allebei heel lekker", zegt Tyrone. "En ze heeft een massagesalon. Als we thuiskomen uit de training en we hebben last van onze lichamen, dan geeft ze ons een massage." Niet verkeerd met zo'n straf trainingsschema.

Sterk lichaam, sterke geest

Wat hen in hun jeugd is bijgebracht, betaalt zich nu uit, vertelt Tyrone: "Je hebt heus niet altijd even veel zin, maar ik heb nog nooit met die reden een training overgeslagen. Je doet het gewoon." Ze vuren ook elkaar daarbij aan. Marcel: "We liften elkaar op. Ik geef hem echt wel een schop onder z’n kont als hij er niet lekker inzit, hij mij ook."

Doorzettingsvermogen is zo’n beetje de belangrijkste factor als je topsporter wil zijn, vindt Tyrone. "Ik zie het als een berg die ik wil beklimmen. Eerst bijvoorbeeld de wereldkampioenschappen, maar daarna volgt er weer een nieuwe berg, zoals de Olympische Spelen. En hoe meer doorzettingsvermogen je hebt, hoe makkelijker je die berg op komt."

Het is niet gek dat die mentaliteit ook zichtbaar is in de rest van hun leven. Voor hun studie aan de Johan Cruyff Academy hebben ze niet altijd even veel tijd, maar ze proberen iedere dag wel een paar uur te studeren, afhankelijk van hun trainingsschema. "En Marcel is nu heel veel aan het schrijven, omdat hij niet alleen in de sport en in zijn studie wil groeien, maar ook in zijn karakter."

Waar hij dan over schrijft? "Ik voel me aangetrokken door de ideeën van het stoïcisme en van bijvoorbeeld Jordan Peterson. Die zegt dat een goed mens niet per se lief hoeft te zijn, maar vooral moet doen wat hij moet doen. 'Ik ben liever een strijder in een tuin, dan een tuinier in de strijd' vind ik een mooie quote. En in m’n whatsappprofiel heb ik als motto 'first we fight with our heads, and then we fight with our hearts' staan. Dat komt van de Spartanen en zo sta ik er zelf ook in."

Zwakke plek

Het is voor beide broers een terugkerend thema: discipline, plicht, je verantwoordelijkheid nemen. Willen ze dan nooit gewoon jongens van 21 zijn? Hebben ze geen zwakke plekken? Tyrone: "Eerst at ik ’s avonds altijd M&M’s, maar daar ben ik mee opgehouden, da’s niet goed voor je suikerspiegel als je gaat slapen." Marcel: "En hij houdt heel erg van uitgaan en daten. Ik niet, ik ga liever naar de bioscoop en ik houd veel van tekenen." Ze hebben allebei vrienden buiten het worstelen om, maar die zien ze maar weinig. Tyrone: "Dat valt echt niet te combineren." Marcel: "Het is jammer, maar het is geen moeilijke keuze. Te veel mensen hebben hun leven voor ons aangepast en opgeofferd om nu niet vol voor de sport te gaan. Ook dat is verantwoordelijkheid nemen."

Heel af en toe botst het. Op de mat welteverstaan. "Soms raken we tijdens de training weleens gefrustreerd", geeft Tyrone toe. "Dan neemt de emotie het over. We gaan dan niet tegen elkaar schreeuwen ofzo, maar ik voel het bijvoorbeeld wel als Marcel het dan even extra hard aanzet." Marcel: "Je moet ook beseffen dat die jongen tien kilo zwaarder is, dus hij geeft heel weinig weg. Hij kent me door en door, dus ik kan hem niet echt meer verrassen. En we willen allebei winnen. Op de mat is niemand je vriend, leerde onze vader ons." Tyrone: "Maar als het voorbij is, zijn we weer broers en zijn we het zo vergeten."

Ook binnen het worstelen is broederschap en beschaving belangrijk voor ze. "Het is echt de gentleman onder de vechtsporten", benadrukt Tyrone. "Het is de meest complete van alle Olympische sporten. Je moet sterk zijn, lenig, snel, acrobatisch, en een enorm goede conditie hebben", vult Marcel aan. Het past bij hun ambitie om een compleet ontwikkeld mens te zijn. Ze zouden dan ook graag zien dat deze tak van sport groter wordt in Nederland. "Nu willen sponsors in West-Europa zich vaak niet binden aan vechtsporten, omdat ze bang zijn dat iemand een week later negatief in het nieuws komt. Maar worstelen is echt geen agressieve sport."

In de kleine worstelwereld van Nederland worden ze wel gewaardeerd en gezien als wegbereiders. Het ultieme doel: in 2024 in Parijs bij de Olympische Spelen twee gouden medailles ophalen. Dat zal helpen bij de bekendheid van hun sport. En als dan die berg genomen is, zullen daarachter vast weer nieuwe bergen opdoemen – die ze dan met evenveel verbetenheid en doorzettingsvermogen zullen nemen.

Zondaginterview

Elke zondag publiceren we een interview in tekst en foto's van iemand die iets bijzonders doet of heeft meegemaakt. Dat kan een ingrijpende gebeurtenis zijn waar hij of zij bewonderenswaardig mee omgaat. De zondaginterviews hebben gemeen dat het verhaal van grote invloed is op het leven van de geïnterviewde.

Ben of ken jij iemand die geschikt zou zijn voor een zondaginterview? Laat het ons weten via dit mailadres: zondaginterview@rtl.nl

Lees hier de eerdere zondaginterviews.