Zondaginterview

Jazzmuzikant Danny zat 10 jaar in de cel in Peru: 'Beste wat me kon overkomen'

26 juni 2022 08:31 Aangepast: 27 juni 2022 09:41
Danny Kegel zat tien jaar vast in een gevangenis in Peru. Beeld © Niels Broekema / RTL Nieuws

Tien jaar zat Danny Kegel in de gevangenis in Peru: hij was gepakt voor drugssmokkel. Het waren de zwaarste jaren uit zijn leven, maar ze maakten hem een ander mens. "De cel was de eerste plek waar ik naar mezelf heb leren kijken."

Danny Kegel (50) is jazzmuzikant. Een gitarist, en ook drummer. Hij was 4 toen hij voor het eerst achter het drumstel zat, het kon hem niet hard en luid genoeg. 

Maar de klap van de hamer van de rechter in Peru die hem vijftien jaar cel gaf? 

Bam. 

"Die ging door merg en been. Ik kon alleen maar denken: vijftien jaar, hij heeft me gewoon vijftien jaar gegeven, vijftien jaar, víjftien jaar, hij geeft het me gewoon. Dat geluid van die hamer galmde twee weken lang door mijn hoofd."

Druk in zijn hoofd 

Er ging heel wat aan vooraf, aan die ene hamerslag die Danny jarenlang onttrok aan de samenleving en hem van zijn vrijheid ontdeed. Hij werd geboren in Den Haag en groeide daar op met zijn zus en altijd ruziënde ouders die 'veel te laat' uit elkaar gingen.

"Ik was ongelukkig, we liepen thuis op onze tenen", vertelt Danny, hij zit in de zon op het terras in Den Haag, het is warm. Hij is samen met een goede vriend, ook een muzikant, 'misschien ken je hem wel, Boris van de Lek, van Golden Earring'. Boris kan Danny sturen als hij de draad kwijt is – het is soms zo druk in zijn hoofd, en hij is een snelle prater, hij weet het van zichzelf. 

"Ik werd vroeger gekleineerd, het was een jeugd vol geestelijke mishandeling." Hij wijst even naar zijn hoofd, en zegt dan: "Onrustig. Dat was het in die bovenkamer van me, als klein kind al. Zo veel onrust. Ik was een stuiterbal."

"In de gevangenis kreeg ik ook een gitaar, of, nou ja, een stuk brandhout met snaren." "In de gevangenis kreeg ik ook een gitaar, of, nou ja, een stuk brandhout met snaren."

Hij kon de energie kwijt in zijn muziek, speelde op zijn twaalfde al in kroegen en clubs en op festivals, 'heel tof' maar ook 'heel ongezond voor een kind'. Hij kwam jong in aanraking met een wereld waarin drugsgebruik de norm was, en op zijn zeventiende legde een vriend een eerste lijntje coke voor hem neer.

"Ik raad het niemand aan, maar mán, wat genoot ik van die rust in mijn hoofd. Maar het werd vluchtgedrag. Ik maakte muziek, gebruikte, maakte muziek, gebruikte. Soms sliep ik zes, zeven dagen achter elkaar niet. Ik zorgde niet goed voor mezelf, want ik hield niet van mezelf. Ik hield ook niet van andere mensen. Alleen van dat drumstel. Als ik er één klap op gaf, kreeg ik één klap terug. Doe je niks, dan doet dat drumstel ook niks. Dat drumstel was eerlijk tegen me."

Voor de kick

Danny trad op in het buitenland, had naar eigen zeggen honderden optredens per jaar, maar zocht ook zijn heil in de criminaliteit. Auto's kraken: had hij talent voor. Danny grijnst: "Ik deed het vooral voor de kick. Dan zette ik een timer, kijken of ik een auto binnen één minuut open kon krijgen. Of ik zette een timer voor één minuut 'gratis' winkelen en reed daarna weg. En als ik dan kon ontkomen aan de politie na een achtervolging: ja, kicken."

Dat ontkomen lukte vaak, en vaak ook niet. Om de zoveel maanden zat Danny weer een paar weken binnen de muren van de gevangenis. "Ik had spanning nodig. En ik kon daar maar op één manier komen, en dat was altijd de weg richting de afgrond." Toen hij 33 was, vertelde zijn dealer over mensen die voor hem weleens 'een reisje' maakte. Van Nederland naar Peru – en weer terug. Peru is één van de grootste cocaïne-exporteurs van de wereld. En dan op de terugweg hadden die mensen drugs bij zich. "Ik kende een paar van die lui die dat weleens hadden gedaan, ik zag hen met zakken vol geld terugkeren. Dus ja. Het lonkte. Steeds meer en meer."

"Vroeger sloopte ik alles wat ik had opgebouwd." "Vroeger sloopte ik alles wat ik had opgebouwd."

Danny ging overstag. Twee weken verbleef hij in Peru, 'als een God in Frankrijk'. Alles werd voor hem betaald door de mensen voor wie hij smokkelde. Hij zat in een luxe hotel, kreeg elke dag wat geld om de dag door te komen en kreeg drie keer per dag gratis eten in een restaurant. "Er kwamen geregeld mooie dames naar mijn kamer en ik had een eigen bubbelbad. Dat was wel leuk, ja."

Na zijn verblijf vloog Danny vanaf Lima terug. Met precies dezelfde spullen als waar hij mee heen vloog – alleen zat er vijf kilo cocaïne in zijn ingesealde koffer genaaid, en zeventien kilo was in zijn kleding geïmpregneerd. De cocaïne is dan opgelost en zit in het materiaal. Om het weer terug te winnen moet het worden ondergedompeld in een chemisch goedje, zoals aceton, zoutzuur en benzine.

"Ik voelde geen zenuwen, geen stress. Niks. Ik had schijt. Want weet je? Ik had niets te verliezen. Ook toen ik werd gepakt, voelde ik vrij weinig."

"Het drumstel is altijd eerlijk: ik geef één klap, hij geeft één klap." "Het drumstel is altijd eerlijk: ik geef één klap, hij geeft één klap."

110 kilo

Samen met vier anderen – twee vrouwen en twee mannen – die ook voor dezelfde smokkelaar werkten, werd Danny in een kamertje gezet bij de douane. Het was bloedheet, alles was in het Spaans, terwijl Danny's talenkennis niet verder ging dan Si en Playa. "We waren gesnapt omdat een van die vrouwen al twee keer gepakt was. Dus ja: zij stond in het systeem van Interpol en werd er zo tussenuit gevist. Vervolgens wees zij ons aan. Samen hadden we 110 kilo bij ons." 

Danny lacht een beetje. "Best een hoop. Ik wilde nog tegen de rechter zeggen, als grapje: 'Maar meneer, dit is voor eigen gebruik'."

Het duurde anderhalf jaar voordat de zaak van Danny en zijn medesmokkelaars voorkwam. De eerste paar dagen werd hij naar een cel gebracht onder het politiebureau in Lima. "Dat is een soort kerker waar de ratten en de kakkerlakken over de vloer kruipen en waar medegevangenen je als witte man alles van het lijf jatten omdat ze denken dat je rijk bent."

Wat hij zich ook nog goed herinnert: de wc's. Of meer: het gebrek eraan. Er waren er te weinig. Eén keer was er een watertekort. Drie weken lang konden de wc's niet doorgespoeld worden. "De stank hield me uit mijn slaap."

Gevangenissen in Peru worden ook wel 'de hel op aarde' genoemd. Gevangenissen in Peru worden ook wel 'de hel op aarde' genoemd.

De bewakers namen Danny bij aankomst alles af, van zijn agendaatje met zijn contacten tot zijn leren jas en Armani-aftershave. Hij mocht niemand bellen, kreeg niet direct een advocaat. "En dan zit je daar, en dan schiet het twintig seconden door je hoofd. Ga ik het doen? Ga ik de straf die er komen gaat aan, of ik regel ik ergens iets waarmee ik mijzelf van het leven kan beroven? Je komt daar terecht, in je geest, als je zoiets meemaakt."

De uitkomst van die gedachtesprong was: ik blijf leven. "Ik weet niet wat het was, ik noem het nu oerkracht, of een stem in mijn hoofd, ik noem die de 'Onzichtbare Universiteit'."

Berucht

Hij belandde eerst in de Sarita Colonia-gevangenis, in afwachting van zijn vonnis. Dat is een beruchte, zwaar overbevolkte gevangenis in Peru. De gevangenis is gebouwd voor 572 mensen, maar er zaten er in 2007 – rond de tijd dat Danny daar zat – 2240. Er zitten meer Westerse drugssmokkelaars. Het is er onhygiënisch, de medische voorzieningen zijn slecht. "Als je dan een keer slechte kip hebt gegeten, dan waren er simpelweg niet genoeg wc's. Je sliep de hele nacht niet van de lichaamsgeluiden."

"Overdags mag je niet zitten, dus je staat de hele tijd, het is gekmakend, en niet te doen voor je benen, sowieso was ik al uitgemergeld door al dat drugsgebruik, op mijn slechtste moment woog ik nog maar 49 kilo, terwijl ik normaal altijd zo rond de 85 zit. Maar eten is daar in de gevangenis duurder dan drugs, dus ja. Je vult je lijf dan maar met die troep. Je loopt een beetje doelloos door je cellenpaviljoen, en 's avonds slaap je op de grond. In een cel stonden acht bedden, maar er moesten 23 mensen slapen. Het was vechten voor een matras."

"Het klinkt gek, maar die gevangenis is het beste wat me is overkomen." "Het klinkt gek, maar die gevangenis is het beste wat me is overkomen."

Ook Danny heeft gevochten, meerdere keren. "Je kan denken: ik wil geen klappen, ik houd me koest. Ik ben ook geen bodybuilder ofzo. Maar als je niet voor jezelf opkomt, dan jatten ze alles van je wat je hebt. Je eten, je matras, dat kleine beetje coke, dat beetje klein geld dat ik verdiende door medegevangenen te masseren – ik ben een vrij goede masseur. Dus ja: je móét wel terugvechten. Anders ben je de lul. Bovendien: je kunt niet om elkaar heen." 

Van iedereen een klap

Knokken gebeurde onder andere in de bibliotheek. Als iemand in de ogen van de medegevangenen een straf had verdiend – bijvoorbeeld vanwege stelen – dan werd in de bibliotheek het vonnis geveld. "Daar stonden overigens geen boeken, hoor, maar zo noemden we het in de volksmond. We gingen met zo'n dertig man in een cirkel staan, en één iemand, de persoon die gestraft moest worden, stond in het midden. Hij moest van iedereen een klap incasseren."

Danny kreeg, na anderhalf jaar wachten, vijftien jaar cel, waar nog vijf jaar vanaf ging door het betalen van een hoog bedrag aan de rechters. "Dat zou in Nederland ondenkbaar zijn, maar in corrupt Peru is het normaal." Hij werd overgebracht naar weer een nieuwe gevangenis, in Cañete. 

"Ook daar gebruikte iedereen drugs om de uren door te komen. Ik deed daar net zo goed aan mee. Dat spul kwam binnen via corrupte bewakers – daar zitten ook veel boeven tussen. En het is niet zoals in Nederland, dat je sportzalen hebt, en dagbesteding." 

Danny (rechts) met zijn goede vriend en muzikant Boris van der Lek. Danny (rechts) met zijn goede vriend en muzikant Boris van der Lek.

Vrienden maakte hij er wel, maar diezelfde vrienden konden hem ook 'tot moes schoppen' als het hen uit kwam. Privacy was er niet. "Je bent nooit alleen, je loopt elkaar altijd in de weg, het is net de Spuistraat in Amsterdam, maar dan ongezelliger."

Danny kreeg zelf niet veel bezoek, wat wil je ook, als iedereen die je kent duizenden kilometers verderop zit, in Nederland. Hij belde wanneer het kon naar zijn vader, soms naar zijn zus. Een paar keer kwam zijn ex-vrouw langs. "Ik vond dat moeilijk. Aan de ene kant is het fijn iemand van buitenaf te zien, aan de andere kant is het ook confronterend. Ik was zo afgevallen, gehavend: ik schaamde me."

Hartstikke dood

Hij maakte ook een aardbeving mee in die gevangenis, het begon met een klein beetje geschud, Danny probeerde zich ergens aan vast te houden, tevergeefs, het gebouw vloog eerst een meter naar links en een meter naar rechts, maar al snel drie, vier meter naar links, en vijf, zes meter naar rechts. "Blinde paniek. Ik ga dood, dacht ik, ik ga hier, tussen deze misdadigers, tussen deze vier muren, hartstikke dood."

Het is gek, je zou denken: de cel, dat is de hel, maar toch: Danny wilde blijven leven. Hij voelde het al die tijd al, en al helemaal toen de gevangenis op zijn grondvesten trilde. 

"Misschien, hè, misschien klinkt het gek, maar die gevangenis was echt het beste dat me kon overkomen." Want wat er ook was: veel tijd. De gevangenis was de enige en eerste plek op aarde waar het Danny is gelukt naar zichzelf te kijken. "Juist op die plek ben ik van mezelf gaan houden."

Het gebeurde in de laatste gevangenis waar hij zijn laatste drie jaar uitzat, de Piedras Gordas-gevangenis. Deze plek staat bekend om de zware misdadigers die er zitten. "Ik sprak met een reclasseringsmedewerker, een Nederlander die in Peru was gedetacheerd. Zij had me gegoogeld van tevoren: een van mijn optredens bleek op YouTube te staan."

Geen idéé

Danny grinnikt. YouTube. Hij kende het van horen zeggen – het medium is in 2005 opgestart, een halfjaar later kwam hij vast te zitten. "Dus ik had geen idéé wat YouTube inhield." Ze liet het hem zien. Het filmpje. Danny voelde het weer, toen hij de muziek hoorde, zichzelf op het podium zag staan: dat is mijn talent. "Ik was dat kwijt. Dat beeld van mezelf als muzikant. Ik was zo diep gezonken in die cel, gebruikte zo veel drugs, dat ik dacht: misschien heb ik het wel verzonnen. Misschien heb ik me mijn muziekcarrière wel ingebeeld." 

Toen is Danny gaan lezen. Hij kreeg via bewaarders boeken die passagiers in het vliegtuig hadden laten liggen – vanaf het vliegveld werden die naar de gevangenis gebracht. Hij maakte een klein bibliotheekje voor zichzelf, hij kreeg een gitaartje. Of, nou ja, een stuk brandhout met snaren erop. Hij ging spelen, voor de mensen in mijn cel, op dagen dat er bezoekers kwamen. 

"Er zit maar één ding op, voor mij: de wereld veroveren met mijn muziek." "Er zit maar één ding op, voor mij: de wereld veroveren met mijn muziek."

"Ik voelde aan alles: over drie jaar ben ik vrij. Ik moet er iets van maken." Hij stopte, zo goed en zo kwaad als dat ging, met drugs. En hij vond afleiding. In de gevangenis was een restaurantje – 'of nou ja, iets wat erop leek' – waar gevangenen met een beetje geld iets konden eten of drinken. 'Oefenen voor het echte leven', noemt hij het. Of: 'De structuur gegrepen, om te voorkomen dat ik meteen weer in de goot zou flikkeren'. 

Pure paniek

Hij was bang voor die goot, die lag op de loer, wist hij, zodra hij de gevangenispoort zou verlaten. Dat gebeurde in 2016, hij stond op zijn gevangenisslippertjes en met niks in zijn handen, buiten. "Het was druk, klaarlichte dag, bloedheet, overal mensen, verkeer, er zoefde een bus voorbij waar mensen hutje-mutje in zaten, met hun gezicht tegen de ramen geplakt." Danny was van plan om ook in zo'n bus te stappen, om zichzelf het land uit te smokkelen – eigenlijk moest hij nog negen maanden in het land blijven voor hij zijn paspoort terugkreeg. "Ik zag die bus, en besefte: als ik daar veertien uur in moet zitten, zou ik er onderweg al drie koud maken."

Er was een 'diepe, allesoverheersende angst' zijn lijf en hoofd binnen geknald, van het een op het andere moment gebeurde het. Hij stond erbij en keek ernaar en besefte: ik ben mensenschuw. "Het was het moment waarvan ik me tien jaar lang een voorstelling probeerde te maken. Tíén jaar lang. Je verwacht dat je intens gelukkig wordt van die vrijheid. Maar het enige wat die vrijheid deed, was mij beangstigen." 

"Die gevangenis bood me een vaste plek, structuur, overzicht. De wereld daarbinnen is heel klein. De wereld buiten was groot. Te groot."

Een foto van een van de vele overbevolkte gevangenissen in Peru (niet die waar Danny in zat). Een foto van een van de vele overbevolkte gevangenissen in Peru (niet die waar Danny in zat).

Hij meldde zich, in paniek, bij een vriend die hij in de gevangenis had leren kennen en al vrij was. Hij kon daar logeren, negen maanden lang, het bleek zijn redding. Via die vriend ontmoette hij iemand die in het circus werkte in Lima. Danny kreeg een gitaar, een clownsneus, een blonde pruik met lange haren en ineens was de ex-gedetineerde een circusartiest. 

Hij grijnst. Neemt een slok koffie. Dan: "Ik kan er wel om lachen. Het leven brengt je toch waar je terechtkomt, hè. Ik verdiende een beetje geld, kreeg ritme, leerde mensen kennen en kwam zo mijn tijd door."

In onderstaande YouTube-video is een van Danny's optredens in het circus te zien.

Wennen

Danny kreeg een telefoon, hij weet nog dat hij daar aan moest wennen. "Toen mensen mijn nummer kregen, appten ze vanuit Nederland hoe het ging. Ik was een beller – dat appen, dat kwam op toen ik vastzat. Net als zo'n touchscreen – wat heb ik daar mee zitten pielen, zeg!"

Ook zoiets: de weg zoeken. "Dat wil er maar niet in, dat ik gewoon altijd Google Maps bij de hand heb. Ik vráág het gewoon aan mensen, en dan wijzen ze me de weg."

Ook in Nederland, waar hij werd opgevangen door zijn ex-vrouw, kwamen er 'duizend prikkels' op hem af. "Duizend te veel." Hij vermeed drukke plekken. Stelde zijn ex voor om samen naar Aruba te gaan? Ga weg joh, doe Danny maar een weekendje Delft cadeau. 

"Ik voelde me ook een economisch blok in haar been. Ik leefde – en leef nog steeds – van een uitkering. Je komt in Nederland aan, en je begint al met een achterstand, omdat je tien jaar lang geen rekeningen hebt betaald. Je komt in een systeem vol krochten terecht als je zo lang uit de maatschappij bent geweest."

"Ik kan niet zonder dat drumstel. Ik zou niet weten hoe." "Ik kan niet zonder dat drumstel. Ik zou niet weten hoe."

Hij krijgt geld van vrienden, familie, hij is dankbaar, maar voelt ongemak. "Je krijgt het omdat je het niet redt. En ik wil het zo graag gewoon een keer rédden."

Er zit voor Danny maar één ding op. Hij grinnikt. Leunt even achterover in zijn stoel, wrijft in zijn handen. Er komt een zweem vol enthousiast zelfvertrouwen over hem heen. "Muziek maken."

Teenslippers

Hij trad de afgelopen jaren, sinds zijn terugkomst in 2017, op op verschillende jazzfestivals, komende week is hij in het Zuiderparktheater waar hij meedoet aan het project A mile in my shoes. Daarbij kunnen bezoekers letterlijk in iemands schoenen lopen – en Danny is er ook en biedt er zijn teenslippers aan, die hij droeg toen hij gevangen zat, en die hij ook aan zijn voeten had op de dag dat hij werd vrijgelaten. 

"Zo wil ik mijn verhaal vertellen. Om de mensen te laten zien hoe het niet moet. Maar ook om ze te laten zien hoe je je eigen situatie, hoe benard die ook is, kan omdraaien. Dat heb ik gedaan in die gevangenis. En als je het dáár kan, kan je het overal."

De poster voor de theatershow van Danny en Boris. De poster voor de theatershow van Danny en Boris.

Hij heeft nu een kamer van een goede vriendin gehuurd in Den Haag, trad de afgelopen jaren op tijdens North Sea Jazz, speelde in Den Haag in Jazz in de Gracht, speelde samen met de bekende Amerikaanse jazztrompetist Philip Harper. Hij drumt in de metalband Calandrya en werkt veel samen met Boris van der Lek, die muziek maakte met de overleden Jules Deelder, Herman Brood, die jarenlang in de bekende Nederlandse rockband Golden Earring zit. 

Boris en Danny zijn samen bezig met een theatershow met de naam The power of Rock – dezelfde naam als het boek heeft dat Danny schreef. Boris en Danny zoeken nog een management voor dit jaar, er zijn meerdere opties, en ze zoeken een producent voor het theaterseizoen van 2023/2024. Maar het verhaal en de liedjes zijn er. Danny vertelt er zijn verhaal, humor is daarbij een vereiste. "Anders weet ik het niet hoe ik het vertellen moet."

Briljant idee

Een voorbeeldje: Danny wordt op het podium, in een grote Chesterfieldbank, geïnterviewd door Boris. Die dan, op geheel eigen, droge wijze zegt: 'Zeg, Danny, hoe dacht jij dat het een briljant idee zou zijn om 22 kilo coke Peru uit te smokkelen?"

Dit soort projecten houden Danny, zo zegt hij, uit die gevreesde goot. Alles wat hij in het leven had, wist hij altijd meteen met de grond gelijk te maken. "Ik was een sloopkogel." Maar sinds zijn gevangenschap wil hij alleen nog maar bouwen. Dat is soms moeilijk. "Ik ben erachter gekomen dat overleven makkelijker voor mij is dan leven."

Maar hij weet wel wat hij wil in dat leven. De wereld veroveren. Met muziek. Muziek is de reden dat hij vooruit komt. "Ik ben een ezel, en muziek is de wortel die de ezel wordt voorgehouden."

Hij stopt niet voordat hij die spreekwoordelijke wortel te pakken heeft. 

Zondaginterview

Elke zondag publiceren we een interview in tekst en foto's van iemand die iets bijzonders doet of heeft meegemaakt. Dat kan een ingrijpende gebeurtenis zijn waar hij of zij bewonderenswaardig mee omgaat. De zondaginterviews hebben gemeen dat het verhaal van grote invloed is op het leven van de geïnterviewde.

Ben of ken jij iemand die geschikt zou zijn voor een zondaginterview? Laat het ons weten via dit mailadres: zondaginterview@rtl.nl

Lees hier de eerdere zondaginterviews.

Altijd weten wat er speelt?
Download de gratis RTL Nieuws-app en blijf op de hoogte.

Playstore Appstore