Zondaginterview

Ben Gans is onze man in Tsjaad: 'Als wij hier kunnen helpen, is dat toch supermooi?'

02 februari 2020 08:25 Aangepast: 02 februari 2020 12:11
Ben Gans vertrok een jaar geleden naar Tsjaad. Beeld © Geert Gordijn

Een jaar geleden stond diplomaat Ben Gans (38) in Tsjaad op het vliegveld. Zijn vrouw bleef zwanger thuis in Venray, hij was gearriveerd in een straatarm land waar hij 's avonds niet in zijn eentje over straat kan. Hij kende er niemand, had er nog geen huis of werkplek. Wat hij wel had? Een doel: het land beter maken.

Een huis, een auto, een kantoor, een bureau, een bureaustoel, een computer. Mensen leren kennen. Dat stond op het boodschappenlijstje van Ben Gans toen hij vorig jaar januari in Tsjaad landde, een land in Afrika. Hij glimlacht als hij eraan terugdenkt. "Ja. Daar stond ik dan. In mijn eentje in Tsjaad. Zes uurtjes vliegen vanaf Nederland, maar toch zó anders." 

Er zijn geen snelwegen, alleen maar zandwegen met heel veel kuilen, er zijn geen lantaarnpalen omdat er geen elektriciteit is. 's Avonds is het er pikdonker, zowel in de hoofdstad als op de verlaten wegen.

"Ik wist dat allemaal al wel, natuurlijk, dat het zo zou zijn. Tsjaad is een van de allerarmste landen ter wereld. Maar toch sta je wel even te kijken, als je daar dan in je eentje bent, met je koffertje." 

"Rondom het Tsjaadmeer wonen nog veel bange burgers." "Rondom het Tsjaadmeer wonen nog veel bange burgers."

Pionier

Ben is eigenlijk een soort pionier. Hij is de allereerste Nederlandse diplomaat – 'tijdelijk zaakgelastigde', om precies te zijn – die in Tsjaad is gaan werken. Ben is voor de Nederlandse regering de ogen en oren in een arm land dat nauwelijks beschikt over goede gezondheidszorg, onderwijs en werkgelegenheid. 

Daarbij wordt Tsjaad omringd door landen waar het politiek en economisch onrustig is (Libië, Niger, Soedan, Nigeria, de Centraal Afrikaanse Republiek). "Die uitzichtloze situatie zorgt ervoor dat veel inwoners dreigen te vertrekken naar andere landen, zelfs naar de EU." 

Tsjaad

De landen Mali, Tsjaad, Burkina Faso, Niger en Mauritanië vormen samen de zogenoemde G5-Sahel. De vijf west-Afrikaanse landen kampen met armoede en terreur.

Het ministerie van Buitenlandse Zaken raadt het Nederlanders af om naar het grensgebied met de buurlanden van Tsjaad te reizen. "Reis niet naar het Tsjaadmeer. In het noorden van Tsjaad, richting de grens met Libië, vinden regelmatig gevechten plaats tussen het Tsjadische leger en rebellen. In dit gebied geldt de noodtoestand", valt op de site te lezen

"Het gebied is tot militaire zone benoemd. Ook in de regio Ouaddai met de deelstaat Sila geldt de noodtoestand."

Ben Gans heeft veel contact met lokale politici. Ben Gans heeft veel contact met lokale politici.

Onrust

Ook in Tsjaad zelf is het niet bepaald rustig, vertelt Ben. Hij zit in een café in Den Haag. Voor een weekje is hij in Nederland, vanwege een terugkomweek bij het ministerie van Buitenlandse Zaken. Voor zijn neus staat een kop koffie. Hij pakt het schoteltje.

"Kijk", zegt hij. "Stel, dit is het Tsjaadmeer." Hij tikt op de tafel, rondom het schoteltje. "Hier zitten de mannetjes van terreurorganisatie Boko Haram. Zij hebben 2,5 miljoen Nigerianen en Tsjadiërs verdreven uit hun visserseilandjes en communities rondom het meer en deze mensen wonen nu permanent in opvangkampen."

Als Ben naar het Tsjaadmeer wil, om met boeren over landbouw te praten (wat kan er beter, wat hebben ze nodig?), dan moet hij dat aangeven bij het ministerie in Nederland. Er wordt gewapende beveiliging geregeld, er komt een gepantserd voertuig. "Het is te gevaarlijk om in je eentje te gaan."

Beginnen vanaf nul

Vanwege die onrustige situatie en het groeiende radicalisme, wilde Nederland ook 'een mannetje' in Tsjaad. Ben Gans is aanspreekpunt voor Nederlanders daar, maar heeft ook veel contact met ontwikkelingshulporganisaties, bedrijven, de lokale bevolking, de EU, collega-ambassadeurs van andere landen.

Daar heeft hij hard voor moeten werken. "Er was nog niets, ik begon echt vanaf nul", vertelt Ben. "Ik had niet eens een kantoor. Ik had me maanden in Nederland van tevoren voorbereid, samen met collega's. Maar dáár was ik wel alleen." Hij grijnst. "Gelukkig ben ik avontuurlijk ingesteld."

Als diplomaat zoekt Ben de lokale bevolking graag op. Als diplomaat zoekt Ben de lokale bevolking graag op.

Niet naar buiten

De eerste weken sliep hij in één van de weinige hotels die de hoofdstad N'Djamena telt. Het belangrijkste wat hij moest regelen, was een auto, zodat hij van A naar B kon. "In Tsjaad kun je niet zo even naar buiten voor een wandelingetje. Het enige voertuig waarmee je je veilig kunt bewegen, zonder te worden beroofd of vast te lopen in de modder, is een auto met vierwielaandrijving."

Nu heeft hij er inmiddels een kantoor – in een gebouw waar EU-medewerkers werken – en een eigen huis, in een appartementencomplex waar ook veel diplomaten uit buurlanden zitten (Frankrijk, Duitsland).

"Die collega’s worden je vrienden", zegt hij. "Je bent op elkaar aangewezen. En zo'n huis, ook al staat het niet in Nederland: het voelt gek genoeg echt al als thuis. Elke keer als ik terugging naar Nederland, nam ik wat spulletjes mee om het wat meer eigen te maken." Boeken, foto's van zijn vriendin, ouders, kindje, noem maar op. "Mijn appartement is nu een plek waar ik rust vind."

"Het Tsjaadmeer is niet alleen gevaarlijk, maar ook prachtig." "Het Tsjaadmeer is niet alleen gevaarlijk, maar ook prachtig."

Zwanger

Toch is het anders dan in Nederland. Waar zijn vriendin is, en zijn zoontje van inmiddels zes maanden. "Ik zat al vol in de voorbereidingen voor deze functie toen mijn vriendin in verwachting bleek", zegt hij.

"Ja, toen hebben we wel goede gesprekken gehad. Kunnen we dit, samen? En kan zij het ook alleen, als ik er niet ben? Een groot deel van de zorg zal op haar schouders komen." 

Ze wisten allebei: dit wordt niet iets voor een paar maanden, eerder jaren.

Tsjaad ligt tussen allerlei onrustige landen. Tsjaad ligt tussen allerlei onrustige landen.

Heel erg wennen

Hun gezamenlijke conclusie: Ben moest gaan. Zijn vriendin stond honderd procent achter hem. "We bellen heel veel, en we praten er ook veel over. Gelukkig was ik bij de geboorte van mijn zoontje. Maar daarna moest ik wel weer terug."

Hij geeft toe: soms is het lastig. Een opoffering wil hij het niet noemen. "Ik vind mijn werk prachtig, ik heb het gevoel dat ik echt iets kan doen, kan bijdragen. Maar ja, ik mis hem wel. Túúrlijk. En ik mis belangrijke dingen. De vorige keer dat ik wegging kon hij alleen nog maar op zijn ruggetje slapen, nu kan hij zich al zelfstandig omdraaien."

Hij heeft net zijn zoontje weer gezien. "Heel fijn. Maar ook heel erg wennen. Vooral voor hem. Dan pak ik hem op, en dan zit hij toch een beetje te kijken van: wie is dat…? En dan zie je hem ook naar mijn vriendin kijken, om bevestiging te zoeken dat het goed is." Ben lacht. "Maar die onzekerheid verdwijnt ook wel weer snel bij hem hoor."

Wel wat gewend

Wat zijn vriendin betreft: zij is wel wat gewend. Het is niet de eerste keer dat Ben zich op gevaarlijk, onbekend terrein begeeft voor langere tijd. Hij werkte eerder jaren als militair officier bij Defensie, is verschillende keren uitgezonden geweest naar onder andere Uruzgan.

"Daar was het echt gevaarlijk", herinnert hij zich. "Hier voel ik geen dreiging. Er zijn overal militairen die de boel bewaken en ik voel me niet onveilig." Al moet hij wel zeggen: het is gek dat hij niet meer 'even' het bos in kan om hard te lopen. "Als ik wil joggen, moet ik naar het kamp van de Franse militairen die daar zitten." Dan doet hij zijn rondje binnen de beveiligde afrastering.

Tsjaad is één van de armste landen ter wereld. Tsjaad is één van de armste landen ter wereld.

Niet gezellig

Het leven in N'Djamena is wat je noemt beperkt. Er is geen gezellig stadscentrum. Er zijn een paar hotels, supermarkten, en dat is het. Het is er donker, stil, 's avonds. Er is nooit schoon drinkwater. "Ik doe alles met flessen water uit de supermarkt. En als ik iets wil koken, moet ik kraanwater tien minuten uitkoken voordat ik mijn groenten erin doe."

Er zijn geen ziekenhuizen, laat staan een tandarts, een fysiotherapeut, een apotheek. Er is één huisarts in een kliniek. "Laatst was ik op bezoek in een kliniek bij het Tsjaadmeer. Ik zag tienermoeders met twee, drie kinderen. Toen besefte ik wel dat je maar gewoon geluk hebt met waar je wiegje staat. Over dat soort dingen denk je wel meer na als je kinderen hebt."

"Ik praat graag met Tsjadiërs." "Ik praat graag met Tsjadiërs."

Nooit eenzaam

Het raakt hem, maar het motiveert tegelijkertijd. Om het land te verbeteren, om de lokale bevolking te helpen. "Daarom heb ik me denk ik nooit verloren of eenzaam gevoeld. Ik heb een missie."

En die missie voert hij nu uit. Na een jaar durft hij wel te zeggen dat er stappen zijn gemaakt. "We hebben nu een aantal waterpunten opgezet. Laatst ging ik daar kijken, en zag ik hoe blij een gezin daar mee was. Ze hebben jarenlang elke dag uren naar de rivier gelopen om water te halen. Dat hoeft nu niet meer."

Supermooi, toch?

Ja. En dan is hij trots. Hij noemt het woord 'eer' wel een paar keer in het gesprek. Hij vindt het een 'eer' om dit namens Nederland te kunnen doen. "Ik kan niet in één keer in mijn eentje de hele situatie in dat land verbeteren. Maar als ik met lokale vrouwen bij het Tsjaadmeer praat, en hen kan koppelen aan ngo’s of Nederlandse bedrijven die kunnen helpen bij het verbouwen van landbouwproducten, dan is dat toch supermooi?"

Zorgen 

Emmanuel Macron, de Franse president, maakt zich zorgen over de antiterreurmissie van zijn land in de westelijke Sahel. Hij is bang dat de onrust daar kan leiden tot grote migratiestromen naar Europa. Daarom ging hij eerder deze maand in gesprek met regeringsleiders van de vijf Sahel-landen, schreef de Volkskrant.

Frankrijk probeert met nu met meer dan vierduizend soldaten te voorkomen dat er 'een boog van terreurgroepen' komt, die van de Sahel doorloopt tot het Midden-Oosten.

"Ik mis mijn zoontje, maar heb ook een missie." "Ik mis mijn zoontje, maar heb ook een missie."

Liefde opslurpen

De post die Ben nu heeft opgebouwd, is permanent. Maar hij blijft niet permanent. "Zo'n functie doe je vaak twee, drie jaar, en dan komt er een opvolger."

Hij heeft nu, samen met zijn vriendin, een manier gevonden waarop het goed gaat. "Al mijn vrije dagen ben ik in Nederland. En ik merk dat ik op die dagen alle liefde opslurp van mijn zoontje." 

"Als ik dan straks, na deze week Nederland, op zondag weer het vliegtuig in stap, voel ik aan alles: ik kan er weer tegenaan."

Miniatuurvoorbeeld
Lees ook:

Leger Tsjaad doodt tientallen aanhangers Boko Haram

Altijd weten wat er speelt?
Download de gratis RTL Nieuws-app en blijf op de hoogte.

Playstore Appstore