Volkerenmoord herdacht

Christine ontsnapte aan de genocide in Rwanda: 'Mijn hele familie is vermoord'

07 april 2019 14:55 Aangepast: 07 april 2019 14:56
Christine Safari. Beeld © Eigen foto

Christine Safari leidt een relatief rustig leven als verpleegster in Rijswijk, maar haar verleden is ongelooflijk heftig. Ze komt uit Rwanda en is een Tutsi. Haar familie werd tijdens de genocide 25 jaar geleden vermoord. Rwanda herdenkt vanaf vandaag deze volkerenmoord.

"Ik was zes maanden zwanger toen ik op 13 april 1994 werd geëvacueerd. Dit kon omdat ik met een Nederlander ben getrouwd", vertelt ze. Haar hele familie is Tutsi.

In 1994 werden Tutsi's en gematigde Hutu's honderd dagen lang massaal vermoord door extremistische Hutu's. Deze volkerenmoord kostte tussen de 800.000 en een miljoen mensen het leven. Daarom staat Rwanda honderd dagen stil bij de genocide.

Naar de gevangenis

Christine werkte in een hotel in Rwanda toen ze naar de gevangenis moest. Ze bezocht een vriendin die als politieagente voor het presidentiële paleis werkte. "Mensen daar dachten dat ik tijdens mijn middelbare schooltijd had gespioneerd voor de Tutsi-partij RPF. Ik zat in Burundi op school omdat ik in Rwanda niet naar school mocht omdat ik een Tutsi was."

Na het bezoek aan die vriendin werd ze gearresteerd en gemarteld. In de gevangenis zag ze verschrikkelijke dingen. "Meisjes werden verkracht en mishandeld. We kregen maar één keer per dag eten en drinken."

Miniatuurvoorbeeld
Lees ook

'VN-Veiligheidsraad faalde bij genocide Rwanda'

Ontsnappen

Ze had het niet verwacht, maar werd toch vrijgelaten. In 1992 trouwde ze met de Nederlandse Leon. Twee jaar later brak de genocide uit. Als Tutsi stond Christine op de lijst om vermoord te worden, maar samen met haar man wist ze te ontsnappen.

"Tijdens de evacuatie heb ik mijn ogen dichtgedaan: ik wilde niet zien wat er gebeurde, ik wilde niet zien dat mensen werden vermoord."

Moeder, broer en vader vermoord

Toch heeft ze mensen dood op straat zien liggen, er was veel geschreeuw en onrust. "We gaan de Tutsi's allemaal vermoorden", hoorde ze mensen schreeuwen. "Ik was zes maanden zwanger en had een doek voor mijn ogen om mezelf te beschermen tegen wat er buiten te zien was."

Tijdens de evacuatie was ze bang. "Het was chaotisch. De buitenlanders wilden allemaal weg, maar de Rwandezen ook. Dat kon niet. Omdat ik met Leon samen was, konden wij wel geëvacueerd worden. Maar mijn moeder, broer en vader zijn vermoord. Mijn oma, tante en oom ook."

Christine is samen met haar man naar Nederland gekomen. Nu werkt ze als verpleegkundige. Daarnaast is ze voorzitter van IBUKA Holland, een stichting die zich inzet voor overlevenden van de volkerenmoord.

`