Gevaarlijk luchtruim

Tien bijna-botsingen tussen parachutisten en vliegtuigjes

13 oktober 2018 09:00 Aangepast: 13 oktober 2018 11:36

In amper een jaar tijd zijn tien parachutesprongen bijna geëindigd in een botsing met een vliegtuig. In de afgelopen jaren werden niet eerder zoveel incidenten gemeld, blijkt uit gegevens die RTL Nieuws in handen heeft.

Met snelheden tot 200 kilometer per uur vallen parachutisten naar beneden. Een botsing met een vliegtuigje, dat ook met hoge snelheid vliegt, kan dodelijke gevolgen hebben. Zo ver is het in Nederland niet gekomen, maar het aantal bijna-botsingen neemt toe. Soms was de afstand tussen parachutist en toestel maar 15 meter.

Jaar

Aantal bijna-botsingen

2014

3

2015

1

2016

0

2017

1

2018

10

Bron: Onderzoeksraad voor Veiligheid / Inspectie Leefomgeving en Transport.

In negen maanden tijd ging het tien keer op het nippertje goed. Ter vergelijking: in het Verenigd Koninkrijk werd dit jaar geen enkele bijna-botsing tussen een parachutist en een vliegtuig gemeld. Een verklaring voor de stijging hebben de Inspectie Leefomgeving en Transport en de Onderzoeksraad voor Veiligheid niet.

Zelf opletten

De voorvallen vinden vooral plaats in het ongecontroleerde luchtruim met zweefvliegtuigen en andere kleine gemotoriseerde toestellen. In dat deel van het luchtruim moeten piloten zelf opletten dat ze niet te dicht in de buurt van andere vliegtuigen of objecten komen. Er is geen luchtverkeersleiding en het is niet verplicht om via de radio contact te houden met ander verkeer. "Het is een kwestie van zien en ontwijken", zegt de Koninklijke Nederlandse Vereniging voor Luchtvaart.

Parachutisten en zweefvliegpiloten hebben afspraken gemaakt om veilig te springen. Dat gebeurt altijd in gebieden van enkele kilometers, die ook staan aangegeven op een luchtkaart. Er zijn 26 van die zogenoemde dropzones. De piloot van een vliegtuig met parachutisten kondigt altijd via de radio aan wanneer de dropping begint.

Radio niet aan

Het andere verkeer weet dan dat ze het springgebied van de parachutisten moeten vermijden. Maar niet alle piloten van het andere verkeer hebben een radio, of hun radio staat uit of op de verkeerde frequentie. Dan weten ze dus niet dat in het gebied waar ze vliegen parachutisten voorbij komen.

De Onderzoeksraad voor Veiligheid is bezorgd over de incidenten. "Het is van groot belang dat wanneer een parachutist gaat springen, ander luchtverkeer uit de buurt blijft. Dat betekent dat moet worden doorgegeven dat er gesprongen wordt, maar dat betekent ook dat iedereen moet horen dat er gesprongen wordt. Daar zie je soms misverstanden, dat mensen het radiosignaal niet horen. Dat leidt tot gevaarlijk situaties", zegt voorzitter Tjibbe Joustra.

Bezorgd

Waar de bijna-botsingen plaatsvonden, is geheim. Van drie incidenten in de afgelopen twee jaar weten we wel waar deze waren: bij vliegveld Teuge. Dit vliegveld heeft relatief veel activiteiten: reclamevluchten, instructievluchten, rondvluchten en dus ook parachutesprongen. "Dat betekent dat er op momenten veel vliegtuigen in de lucht zijn en ze zelf moeten zorgen dat ze uit elkaar blijven", zegt luchtvaartdeskundige Joris Melkert van de TU Delft.

De incidenten liggen gevoelig in de luchtvaartwereld. Directeur Meiltje de Groot van vliegveld Teuge wil niet op vragen van RTL Nieuws ingaan. Onder haar druk zijn geplande interviews met het paracentrum Teuge afgezegd. "Men is bang dat het ministerie ingrijpt en er activiteiten moeten worden geschrapt", zegt een ingewijde van het vliegveld.

Miniatuurvoorbeeld
Lees ook:

Inspectie in gesprek met piloten na bijna-botsingen met vliegtuig en parachutisten

Voorbeelden bijna-botsingen

Op 700 meter boven de grond komt een piloot van een zweefvliegtuig een parachutist tegen. De twee missen elkaar op vleuggellengte afstand (15 meter) door een uitwijkmanoeuvre van de piloot.

Tijdens een vrije val van 200 kilometer per uur ziet een parachutist boven Teuge een zweefvliegtuig in zijn richting komen. De parachutist probeert uit te wijken. De parachute is dan inmiddels open. Hij ziet het zweefvliegtuig over hem heen komen. De piloot van het zweefvliegtuig zegt dat hij een oproep over de dropping niet heeft gehoord. 

Lering trekken

De Onderzoeksraad voor Veiligheid hamert op een betere communicatie tussen het vliegverkeer, maar volgens luchtvaartdeskundige Melkert zijn er ook andere mogelijkheden om vliegtuigjes en parachutisten uit elkaar te houden. "Door fysieke scheiding: je maakt dan een gebied waar alleen parachutisten mogen komen en geen ander vliegverkeer. Of een elektronische oplossing: sensoren op de parachutist die vliegtuigen laten weten waar ze zijn. Zo'n techniek is er al voor passagiersvliegtuigen."

De Koninklijke Nederlandse Vereniging voor Luchtvaart laat weten dat ze blij zijn dat de incidenten worden gemeld. "Daar willen wij lering uit trekken. De Onderzoeksraad concludeert dat de radiocommunicatie beter moet. Wij werken aan middelen om te zorgen dat dit verbeterd wordt", zegt bestuurslid Noah Verhoef namens de zweefvliegers.

Goed beeld

Het ministerie van Infrastructuur en Milieu zegt in een reactie tegen RTL Nieuws het goed te vinden dat de Inspectie met piloten om tafel gaat. "Het is belangrijk dat zij zich ervan bewust zijn dat er in het lagere luchtruim ook parachutisten kunnen zijn. Dat geldt andersom ook."

Ook vindt het ministerie het belangrijk dat alle voorvallen gemeld worden om zo een goed beeld te krijgen. "In het overleg met het ILT en de sector zal ook bekeken worden wat er aanvullend gedaan kan worden."

Altijd weten wat er speelt?
Download de gratis RTL Nieuws-app en blijf op de hoogte.

Playstore Appstore

`