Bevolkingsonderzoek

1,4 miljoen mensen laten poep testen op darmkanker

11 oktober 2018 15:18 Aangepast: 11 oktober 2018 15:21
Test van de darmkanker Beeld © RTL Nieuws

Ruim 1,4 miljoen mensen hebben vorig jaar hun ontlasting laten onderzoeken op signalen van darmkanker. Van hen bleken 4200 mensen daadwerkelijk darmkanker te hebben. Nog eens 23.000 mensen hadden een ‘advanced adenoom’: een onrustige poliep in de darmen die een voorloper is van kanker.

Dat schrijft staatssecretaris Paul Blokhuis van Volksgezondheid in een brief aan de Tweede Kamer. Vorig jaar werd het bevolkingsonderzoek darmkanker voor de vierde keer gehouden. 

85 procent opgespoord

Uit nieuw onderzoek van het RIVM blijkt daarnaast dat de ontlastingtest beter werkt dan vooraf was verwacht.

Naar aanleiding van eerdere proeven was de verwachting dat ongeveer 75 procent van alle deelnemers met darmkanker zou worden opgespoord met de ontlastingtest. Uit de eerste gegevens over de test uit 2014 blijkt dat 85 procent te zijn geweest.

Darmkanker

Jaarlijks sterven in Nederland ongeveer 5000 personen aan darmkanker. Het is een van de meestvoorkomende kankersoorten in Nederland. Ongeveer 1 op de 20 mensen krijgt het, vooral mensen boven de 50 jaar.

Het RIVM hoopt dat er door het bevolkingsonderzoek 1400 doden per jaar voorkomen kunnen worden. Als het op tijd wordt ontdekt, is het goed te behandelen.

Elke twee jaar

Nederlanders tussen de 55 en 75 jaar oud ontvangen elke twee jaar een uitnodiging om deel te nemen aan het bevolkingsonderzoek darmkanker. In testbuisjes wordt de ontlasting gecheckt op bloeddeeltjes. De aanwezigheid daarvan kan duiden op darmkanker.

Bij een ongunstige testuitslag worden mensen uitgenodigd voor een vervolgonderzoek in het ziekenhuis. Dat overkwam vorig jaar ruim 38.000 mensen. Een ongunstige uitslag hoeft overigens niet te betekenen dat je daadwerkelijk darmkanker hebt.

De screening wordt uitgevoerd door het Erasmus MC en het Antoni van Leeuwenhoek Ziekenhuis, in opdracht van het RIVM.

Niet onomstreden

Het bevolkingsonderzoek is niet geheel onomstreden. In 2014, toen het onderzoek voor het eerst werd uitgevoerd, liepen de wachttijden voor vervolgonderzoek snel enorm op. Artsen noemden de test daarom de ‘Fyra onder de poeptesten’, naar de gebrekkige hogesnelheidstrein.

In mei van dit jaar bleek daarnaast dat 600 mensen die in 2014 en 2015 een test met een ongunstige uitslag hadden opgestuurd, die uitslag door een fout in het computersysteem nooit hadden gekregen.

Inmiddels zijn die problemen opgelost, meldt het RIVM: de gemiddelde wachttijd voor een intake na een eerste ongunstige uitslag ligt nu op ongeveer 12 dagen.

`