Olaf Koens

Geen Boeings maar buizerds

13 april 2020 08:24

Als ik naar de lucht tuur, dan is het naar vliegtuigen. Ik heb nooit begrepen wat er leuk of interessant is aan weidevogels. Laat staan ze te spotten, tellen of in kaart proberen te brengen. In mijn jeugd in Friesland, waar je struikelde over de grutto's, kievieten en scholeksters, keek ik star een andere kant op. Mijn moeder wees tevergeefs naar de buizerds in de lucht.

Van mijn grootvader kreeg ik een vogelgids. Ook tevergeefs, het enige boek dat ik bestudeerde was de Bosatlas. Op kaarten met hele continenten in het grootste detail probeerde ik de wereld te zien voorbij de greppels en de grutto’s. Ik leerde de namen van landen, steden, zeeën en rivieren uit mijn hoofd. En ik keek naar de machines die hoog in de lucht witte strepen trokken.

Wanneer je een lange vlucht naar Azië maakt of de wind verkeerd staat, vlieg je op Schiphol soms over Friesland.

De eerste keer vliegen deed ik toen ik net volwassen was. In de vijftien jaar die daar op volgden vloog ik zo vaak en zo ver als het maar kon. Met Easyjet en RyanAir voor een paar tientjes door Europa, met Aeroflot door alle uithoeken van de voormalige Sovjet-Unie, met Turkish Airlines dwars door het Midden-Oosten.

Wanneer je een lange vlucht naar Azië maakt of de wind verkeerd staat, vlieg je op Schiphol soms over Friesland. Met een beetje geluk zie je de Waddeneilanden, de rechthoekige weilanden of de dorpen met kerktorens. Het voelt iedere keer weer als een overwinning. Geen buizerd maar een Boeing.

De verste reis die ik maak gaat op de fiets naar de supermarkt.

Tot de vliegtuigen aan de grond staan. Voor het eerst in een lange tijd ben ik nu al weken op dezelfde plek. De verste reis die ik maak gaat op de fiets naar de supermarkt. Vliegtuigen zie je bijna niet meer. Alleen cargo-toestellen volgeladen met mondkapjes of beademingsapparaten trekken nog strepen door de lucht.

Voor het eerst kijk ik vol verbazing naar de enorme hoeveelheid vogels. Iedere ochtend zijn ze er, iedere avond zijn ze er weer. De gids die ik van mijn grootvader kreeg is een app geworden. Aan de eettafel springen de kinderen op. 'Dat was een roodborstje, kan niet anders!'

Mijn kinderen vinden vliegtuigen saai. Trots melden ze welke vogels ze hebben gezien en hoe ze te herkennen zijn.

'Maar vogels zijn toch saai?' vraag ik aan mijn kinderen. 'Helemaal niet', klinkt het. Mijn kinderen vinden vliegtuigen saai. Trots melden ze welke vogels ze hebben gezien en hoe ze te herkennen zijn. In de chaos en ellende van de pandemie kijken we naar de merels, de bonte spechten, de boomklevers, spreeuwen, koolmeesjes, tjiftjafjes, lijsters, musjes en roodborstjes.

'En wat is dat voor vogel?', vroeg mijn zoon gisteravond. Hij wees niet naar de bomen waar de weidevogels heen en weer schuifelen, maar recht omhoog. We keken samen naar het dreigende gestalte van een roofvogel, dwars door de blauwe hemel. Het kon niet missen. 'Dat is een buizerd', zei ik. 

Olaf Koens (1985) is correspondent voor RTL Nieuws in het Midden-Oosten, met als standplaats Istanbul. Na zijn studie filosofie ging hij in 2007 als correspondent aan de slag in Moskou. In 2015 werd hij uitgeroepen tot journalist van het jaar. Hij schreef de boeken 'Koorddansen in de Kaukasus', 'Oorlog en kermis' en 'Paarden vliegen businessclass'.