Ga naar de inhoud
Ook familieleden gedood

'Ik ben zo bang, help': Palestijns meisje na 12 dagen dood gevonden in Gaza-Stad

Hind Rajab werd sinds 29 januari vermist. Vandaag werd ze dood gevonden in Gaza-Stad. Beeld © Editorial / AFP

Een zesjarig Palestijns meisje dat sinds 29 januari samen met haar familieleden en twee ambulancemedewerkers werd vermist, is vandaag dood gevonden in Gaza-Stad. De lichamen van Hind Rajab, zoals ze heette, en de anderen werden gevonden in de overblijfselen van de auto waarin ze zat.

"Hind en iedereen in die auto zijn gedood", vertelt Hinds grootvader Baha Hamada aan het Franse persbureau AFP. "Hun lichamen zijn gevonden door familieleden die op zoek gingen naar de auto." Op 29 januari belde Hind met de hulpdiensten nadat ze met haar familie had geprobeerd Gaza-Stad te ontvluchten.

Op sociale media werd Hind de afgelopen dagen een symbool voor de vele dode, vermiste en gewonde Palestijnse kinderen. De audiofragmenten van het telefoongesprek tussen het meisje en de hulpverleners werden massaal gedeeld op sociale media onder de hashtags #WhereisHind? en #SaveHind. 

Een deel van de opname is hieronder te horen:

Palestijnse Hind (6) smeekt reddingswerkers om hulp

00:14
Hind belde urenlang met de hulpverleners.

Onderweg op de route uit Gaza-Stad is het gezin vermoedelijk gestuit op een Israëlische tank. Eerder in het telefoongesprek met de hulpdiensten vertelde de 15-jarige nicht van Hind, Layan, dat een tank dichterbij kwam. Toen schoten en geschreeuw hoorbaar waren, bleef Hind drie uur aan de lijn, vermoedelijk als enige overlevende. 

In paniek vroeg het meisje de telefoniste van de hulpdiensten om haar te komen halen: "Ik ben zo bang, kom alsjeblieft." De vrouw probeerde Hind gerust te stellen door haar te beloven haar te komen halen.

'Overlegd met Israël'

De Palestijnse Rode Halve Maan (PRCS), de lokale evenknie van het Rode Kruis, laat weten dat daarna is overlegd met het Israëlische leger om Hind te redden. Hierop zou de organisatie groen licht hebben gekregen en oordeelde PRCS dat het veilig genoeg was om twee medewerkers met een ambulance die kant op te sturen. 

"In het laatste contact dat we met hen hadden, vertelden de ambulancemedewerkers dat er een laserstraal op hen werd gericht. Daarna hoorden we schoten en een explosie", vertelt een PRCS-woordvoerder. Hierna verloor de organisatie het contact met hun medewerkers en met Hind.

"We onderzoeken wat er precies is gebeurd en willen benadrukken dat burgers te allen tijde moeten worden beschermd. Geen enkel kind zou moeten vrezen voor zijn leven, te midden van de lichamen van familieleden. Dat dit mogelijk de laatste momenten van Hind waren is hartverscheurend en niet te bevatten", zegt een woordvoerder van het Internationale Rode Kruis.

Een woordvoerder van de PRCS is minder afwachtend: "Het Israëlische leger heeft doelbewust onze medewerkers onder vuur genomen, ondanks de eerder gemaakte afspraken waarin werd beloofd dat de ambulance mocht komen om Hind te redden." Persbureau Reuters heeft het Israëlisch leger om een reactie gevraagd, maar daar is niet op gereageerd.

Israël wordt internationaal bekritiseerd vanwege het grote aantal burgerslachtoffers dat het maakt. Het Internationaal Gerechtshof in Den Haag legde het land vorige maand nog de taak op om dit tot een minimum te beperken. Ook oordeelde het hof dat Israël alles in het werk moet stellen om een genocide te voorkomen. 

'Totale overwinning'

Premier Benjamin Netanyahu noemde de uitspraak van het hof 'belachelijk' en verwierp de beschuldiging van genocide. Ook zei hij dat Israël zal 'blijven doorgaan met zichzelf te verdedigen'. Eerder deze week gaf hij nog aan dat er geen sprake kan zijn van een staakt-het-vuren en dat Israël voor een totale overwinning zal gaan.

De Israëlische operatie in Gaza heeft volgens cijfers van het Palestijnse gezondheidsministerie inmiddels het leven gekost aan meer dan 28.000 Palestijnen. Aangenomen wordt dat meer dan de helft bestaat uit vrouwen en kinderen. Israël claimt zelf dat het inmiddels 10.000 Hamas-militanten heeft uitgeschakeld, al ontkent die organisatie dat.