Menu Zoeken Mijn RTL Nieuws

Weer naar school

Topnieuws
meer stories
Meest gelezen: Nederland
05 september 2017 11:38, in:

Weer naar school

Veel scholieren hebben last van schoolstress: 'Ik leerde 's nachts door'

Huiswerk maken, opletten tijdens de les, sporten, je vrienden zien en ook nog je social media-profielen up to date houden. Nu het schooljaar weer is begonnen ervaren veel middelbare scholieren stress, en dat is niet gek. "Ik leerde 's nachts voor mijn toetsen, maar was nog niet tevreden met mijn cijferlijst."

Tieners vinden dat ze te hard moeten werken en ervaren een veel te hoge werkdruk, was de belangrijkste conclusie van een rapport van de Kinderombudsvrouw. Maar liefst 60 procent van de jongeren heeft iedere week stress over school, bleek in 2014 uit een ander onderzoek. "Ik heb de indruk dat die stress de laatste jaren alleen maar toeneemt", zegt psycholoog Jean-Pierre van de Ven.

Stress neemt toe

"Daar zijn meerdere oorzaken voor", ziet hij bij zijn werk bij MIND, en Korrelatie organisaties voor psychische hulp. "Het heeft te maken met de maatschappij, kinderen hebben tegenwoordig via hun telefoons en het internet toegang tot heel veel informatie."

Dat onderbouwt ook socioloog Henk Becker. "De prestatiedruk onder middelbare scholieren is hoog en groeit nog steeds", zegt hij. "Als je nu van de middelbare school naar een vervolgopleiding wil, kun je erop rekenen dat er om een cijferlijst gevraagd wordt. Hoe beter de opleiding, hoe groter de spanning tussen de aankomende studenten." Dat levert al op jonge leeftijd druk op.

Slecht voorbeeld

Het is niet alleen hun vervolgopleiding waar de jongeren zich druk om maken, het is hun hele toekomst, zegt Van de Ven. "Het is inmiddels tot iedereen doorgedrongen dat je opleidingsgraad bepalend is voor de toekomst. Hoe hoger je bent opgeleid, hoe meer je verdient." Kortom: als je nu keihard je best doet, heb je daar later veel aan, is de gedachte.

"Maar kinderen leren ook om te stressen", zegt Van de Ven. "Ze nemen de gewoonte over van hun ouders. Die hebben het vaak ook druk en lijken continu bezig te zijn. Kinderen denken dat dat de norm is, en doen dat na."

Weinig tijd

Ook de 17-jarige Danny (op de foto rechts), die deze week voor de tweede keer aan 4-havo begon, heeft las van stress. "Ik heb vaak les van 8 uur 's ochtends tot 4 of 5 uur 's middags. En als ik dan thuiskom, moet ik huiswerk maken en vaak ook nog werken."

Danny werkt vijf keer per week een paar uur in de Albert Heijn. "Ik werk daar omdat ik af en toe iets leuks wil doen met vrienden. Dat moet ik zien te combineren met school, maar het is allemaal best veel bij elkaar. Dat levert veel stress op. Soms moet ik na werk ook nog leren voor een toets, en dan ben ik tot 1 uur 's nachts bezig. De volgende ochtend moet ik dan weer om 7 uur opstaan."

Schoolprestaties

De stress heeft veel invloed op zijn schoolprestaties. "Ik heb er al vaak een black-out door gehad tijdens de toets, dan weet ik de goede antwoorden niet meer. Dan baal ik echt verschrikkelijk. Ik leer zo goed voor die toetsen, maar toch haal ik slechte cijfers. Daardoor ga ik nog meer stressen, en dat is een soort neerwaartse spiraal. Het wordt niet meer beter."

Danny is niet de enige in zijn klas die last heeft van de druk. Bij zijn klasgenoten ziet hij het ook terug. "Ik weet nog niet wat de school gaat doen om daar wat aan te veranderen", zegt Danny. Hij zou het wel fijn vinden om op school te leren hoe hij met afleiding om moet gaan. "Ik word heel veel afgeleid door sociale media, en daarom is het moeilijk om me te concentreren op mijn huiswerk. Daar heeft eigenlijk iedereen wel last van, dus het zou best handig zijn als school les zou geven in concentreren."

Wat kunnen ouders doen?

"Ouders pushen misschien te veel", zegt Van de Ven. Zijn advies aan ouders is dan ook om dat minder te doen. "Controleer je kinderen wat minder. Leg uit dat het belangrijk is om huiswerk te maken, maar vraag ze niet iedere dag of ze dat gedaan hebben. Wees niet zo bang dat het allemaal misgaat met je kind als die lagere cijfers haalt."

Wat je dan wel moet doen? "Help je kinderen. Vraag of ze hun spreekbeurt willen oefenen, of je hun werkstuk kan doorlezen op spelfouten, of ze willen dat je iets uitlegt. Ondersteun ze dus. En laat je kinderen veel buitenspelen en hun vrienden zien, dat is goed voor ze. Geef zelf ook het goede voorbeeld door het wat rustiger aan te doen."

Becker geeft ook nog een aantal tips: "Ouders kunnen hun kinderen aanmoedigen om regelmatig rustpauzes in te lassen, en ze kunnen hen leren om op tegenslagen te zijn voorbereid."

De 23-jarige Carolien had ook veel last van prestatiedruk. Toen ze naar de middelbare school ging, kreeg ze havo-advies. "Daar legde ik me niet bij neer, ik deed vanaf het begin keihard m'n best om goede cijfers te halen, zodat ik naar het vwo mocht. Ik dacht dat dat het hoogst haalbare was, dus dat moest ik van mezelf halen."

Op school moest ze zo haar best doen, dat ze geen tijd meer had voor hobby's en vrienden. "Ik miste verbinding met mensen. Daardoor wilde ik nog hogere cijfers halen, ik dacht dat mensen mij wel leuk zouden vinden als ik een goed rapport had. Ik hing mijn zelfbeeld op aan mijn cijfers."

Zessen en zevens

"Ik haalde zessen en zevens. Op zich prima cijfers, maar ik vond het heel erg, het was niet hoog genoeg." Haar ouders zagen ook wel dat ze veel aan het leren was, en zeiden dat ze dat niet mocht doen. "Maar ik deed het toch, soms ook 's nachts. Daardoor raakte ik alles kwijt. Ik had geen sociaal contact meer, deed geen leuke dingen meer. Daar werd ik heel somber van."

Carolien heeft uiteindelijk geleerd dat haar cijfers niet het allerbelangrijkste zijn. "Op het hbo raakte ik in een depressie, en daarom ben ik naar een psycholoog gegaan. Ik heb veel gesprekken met hem nodig gehad voordat het beter ging. Inmiddels ben ik afgestudeerd, ik heb communicatie en multimediadesign gedaan, en ik heb mijn oude hobby's opgepakt." Ook is ze vrijwilliger bij MIND. "Voordat ik werk ga zoeken, ga ik eerst een half jaar bij een klantenservice werken, zodat ik rustig kan uitvogelen wat ik wil."

Meer op rtlnieuws.nl:

01 september 2017 08:05, in:

Weer naar school

Zittenblijven kan heel goed zijn: 'Ik weet nu beter wat ik wil studeren'

Natuurlijk baal je ervan als al je vrienden naar het volgende schooljaar gaan en jij een jaar moet overdoen in een nieuwe klas. Toch zijn er ook voordelen aan zittenblijven.

"De brugklas ging soepel en het tweede jaar van de havo ook", vertelt Ellen de Rijk (18). "Ik had verwacht dat het derde jaar ook makkelijk zou gaan. Ik deed wel wat, maar niet te veel." Vlak voor de kerstvakantie bleek dat ze voor wiskunde een 3,2 had, voor scheikunde een 5,3. "Ik stond er heel slecht voor."

Ellen wilde er alles aan doen om toch over te gaan naar havo 4. Ze leerde beter plannen, besteedde meer tijd aan haar huiswerk en kreeg bijles van een scholier uit een hogere klas. "Maar het lukte allemaal net niet. Ik kwam een paar tienden te kort."

Boos en verdrietig

De docenten hadden unaniem besloten dat ze het hele jaar over moest doen. Dat vond ze niet leuk om te horen. "Het kwam ook redelijk onverwacht. Veel leraren zeiden eerder dat jaar dat ze mijn cijfers vooruit zagen gaan. In rapportvergaderingen beloofden ze er alles aan te doen om me over te krijgen. En toch hadden ze unaniem gestemd dat ik moest blijven zitten. Ik was boos en verdrietig."

Nu is ze een jaar ouder en snapt ze de keuze wel. "Ik was te laks en had de motivatie niet. En drie nieuwe vakken erbij was net even te veel." Op haar middelbare school mag je niet in het derde en het vierde jaar blijven zitten. Ellen: "Ik heb er alles aan gedaan om zo hoog mogelijk te staan. Nu heb ik allemaal voldoendes, en voor wiskunde zelfs een 7. Ik weet nu veel beter waar ik hulp bij nodig heb, waar mijn interesses liggen en welke studierichting ik op wil." Boos op haar leraren is ze niet meer. "Het was mijn eigen schuld. Maar nu ben ik gemotiveerd om mijn examen te halen."

Jaar voor examen overdoen

De meeste zittenblijvers zitten op de havo. In het schooljaar 2016-2017 zat 9 procent van de havo-leerlingen in hetzelfde leerjaar als het jaar daarvoor. In het vmbo is dit 5 procent en in het vwo 6 procent. De kans dat iemand het voorlaatste leerjaar blijft zitten, is ruim 50 procent groter dan anders. 

"Het is logisch dat de meeste leerlingen blijven zitten in het jaar voor het eindexamen", zegt Hanneke Klunder. Ze is directeur van het Stedelijk College Zoetermeer, een vmbo-school. De cijfers uit het voorlaatste jaar worden meegenomen naar het examenjaar. "Wie een jaar vóór het eindexamen slechte cijfers haalt", zegt Klunder, "heeft een slechte uitgangspositie voor het eindexamen."

Zittenblijvers in cijfers

Basisonderwijs

  • 12 procent van de kinderen die in 2016 in groep acht zaten, is minstens één keer blijven zitten op de basisschool. Dit percentage is de afgelopen vijf jaar stabiel. 
  • De meeste provincies zitten rond dit landelijke gemiddelde, maar Limburg springt eruit: 15 procent van de groep-achters is weleens blijven zitten.
  • Op 125 scholen zat de afgelopen vijf jaar niemand in groep acht die was blijven zitten. 
  • In plattelandsgemeenten blijven iets minder kinderen zitten (11 procent) dan in de stad. Daar doet 13 procent een jaartje over.

Voortgezet onderwijs

  • Vooral in het jaar voor het eindexamen is de kans groot dat iemand blijft zitten. De kans is dan ruim 50 procent groter dat iemand blijft zitten dan normaal. 
  • Vorig jaar steeg voor het eerst in vier jaar het aantal zittenblijvers. Het is nu 5,7 procent van de leerlingen.
  • In stedelijke gebieden blijft ongeveer 7 procent van de kinderen zitten. Dit is vaker dan op het platteland: daar is het 4 procent.

Dit jaar meer zittenblijvers

Een leerling die er bijvoorbeeld in het derde leerjaar van het vmbo slecht voorstaat, heeft een moeilijke keuze: ga je over en zak je het vierde jaar alsnog, dan blijven die cijfers uit het derde jaar staan. Klunder: "Het kan handig zijn om het derde jaar opnieuw te doen, zodat je een betere uitgangspositie hebt."

Op het Stedelijk College Zoetermeer is het slagingspercentage met 97 procent hoog. Het aantal zittenblijvers is met 10,1 procent gemiddeld. Toch steeg landelijk het aantal zittenblijvers voor het eerst in vier jaar naar 5,7 procent van de leerlingen. 

Vernieuwing in het vmbo

"Bij het vmbo kan die stijging komen omdat er vorig jaar vanuit de overheid begonnen is met de vernieuwing van het vmbo", legt Klunder uit. De lesprogramma's worden herschreven, er is een ander examenprogramma waaraan leerlingen moeten voldoen. Docenten en leerlingen kunnen niet meer op routine varen. "Dat is ook goed, maar het is ook gepuzzel, lessen moeten worden aangepast. Dat vraagt veel van onze docenten."

De vernieuwing is zwaarder, leerlingen moeten meer kunnen en scholen moeten een enorme slag maken. Klunder: "We bekijken per leerling: gaat die het redden voor het nieuwe examen?"

Oorzaak slechte cijfers

Sta je er in de kerstvakantie slecht voor, dan kun je jezelf bij het Stedelijk College Zoetermeer tijdens de lenteschool laten bijspijkeren en de achterstanden op een vak inhalen. Deze extra cursus staat in het teken van bijspijkeren en bepaalt niet of een leerling wel of niet over gaat.

Op de school van Klunder willen ze in gesprek met de zittenblijvers. "We willen met het hele team minder naar het gemiddelde kijken en meer naar de oorzaak van de slechte cijfers. We gaan uitzoeken wat een leerling nodig heeft om te slagen. Hierbij kijken we ook of er problemen thuis zijn of dat iemand wordt gepest. Samen bedenken we een passende oplossing."

31 augustus 2017 17:01, in:

Weer naar school

'Kinderen moeten verplicht computerles krijgen om werkloosheid te voorkomen'

Kinderen kunnen heel goed met een smartphone omgaan, maar hebben vaak geen flauw benul wat ze allemaal met technologie kunnen doen en hoe computers werken. En dat levert later problemen op bij het vinden van een baan, waarschuwen experts. De oplossing: verplichte scholing.

Daar pleit de branchevereniging Nederland ICT voor. In april werd er al een motie aangenomen om digitale geletterdheid toe te voegen aan het curriculum, maar volgens de vereniging gebeurt er nog niets. En dat terwijl het volgens hen juist belangrijk is om de veranderingen zo snel mogelijk door te voeren. "Op dit moment leiden we kinderen op voor de banen van vroeger, niet die van de toekomst",  zegt Ernst-Jan Stigter, directeur van Microsoft Nederland.

Programmeren en sociale media

"Onze kinderen leren al twaalf jaar lang precies hetzelfde als vroeger, terwijl de wereld om hen heen veranderd is. Ze weten hoe een smartphone werkt, maar niet wat er onder de motorkap gebeurt. Met het vak digitale geletterdheid willen we ze dat leren, maar we willen ze ook leren hoe ze met technologie kunnen werken."

Het gaat Stigter er dus niet alleen om dat kinderen leren programmeren. "Niet iedereen vindt dat leuk, dus niet iedereen hoeft dat te leren. Maar we moeten kinderen wel leren hoe ze met technologie om moeten gaan. Dat kan zelfs tijdens de gymles, door bijvoorbeeld met sensoren op je lichaam een sprint te analyseren. Zo kan technologie superinteressant en leuk worden."

Live Q&A op Facebook

Leren jouw kinderen wel de juiste dingen om later een baan te vinden, en hoe kun je ze helpen? Opvoedkundige Marina van der Wal en Miriam van 't Veer, journalist bij technologiewebsite Bright, beantwoorden vanavond al je vragen. De Q&A vind je straks op facebook.com/rtlnieuws en hij begint om 19.50 uur, direct na het RTL Nieuws van 19.30 uur.

Dat deze lessen hard nodig zijn, vindt ook Ton Wilthagen, arbeidsmarktdeskundige aan de Tilburg University. "In andere landen leren kinderen al wel programmeren en hoe een computer werkt. Als we willen dat onze kinderen het later goed doen op de arbeidsmarkt, zullen we ze dat ook moeten leren."

'Nederland loopt achter'

In steeds meer banen is het belangrijk dat je kunt programmeren zodat je de technologie kunt aansturen en er goed mee kunt werken, zegt Wilthagen. Dat geldt niet alleen voor de technische beroepen, maar ook voor de banen in de zorg en het onderwijs. "Een thuiszorgmedewerker zal straks met robots bij patiënten thuis moeten kunnen omgaan, en een kleuterjuffrouw moet het digitale lesmateriaal van haar kinderen begrijpen."

Hoewel Nederland een modern land is met overal internet, lopen we op dit gebied achter, vindt Wilthagen. "Je ziet dat kinderen in Zuid-Korea, China en Rusland hier al wel les over krijgen. Nederland kan niet achterblijven, we moeten de digitale vaardigheden naar een hoger niveau tillen."


In veel Europese landen krijgen kinderen al ICT-les. Bron: Europese Commissie (pdf).

Nederland ICT is niet de enige organisatie die vindt dat kinderen ICT-lessen moeten krijgen: volgens vakblad AG Connect deelt maar liefst 85 procent van de Nederlandse ICT'ers die mening. De helft van hen vindt dat het vak over een jaar al verplicht moet zijn.

Toch is de kans groot dat het langer duurt voordat iedere basisschool de lessen geeft, denkt hoogleraar toegepaste onderwijswetenschappen Jan van Tartwijk. "Zelfs als nu besloten zou worden dat kinderen hier zo snel mogelijk les over moeten krijgen, moeten alle zeilen bijgezet om het onderwijs daarop voor te bereiden."

Lessen ontwikkelen

Je zou dan nu al moeten gaan kijken wat je de kinderen precies wilt leren, zegt Van Tartwijk. "Wat en hoe moeten ze leren programmeren, en moeten ze bijvoorbeeld ook leren hoe ze kunnen beoordelen welke informatie op internet betrouwbaar is?"

Als dat is bepaald, zegt Van Tartwijk, is er nog steeds een hoop werk. "Dan moet je samen met scholen, deskundige leraren en universiteiten bijvoorbeeld het lesmateriaal ontwikkelen en ruimte vinden in het curriculum van de scholen. Dat kost tijd. Als je dit te snel en zonder overleg ontwikkelt, dan wordt het vak een ramp."

Toch is het volgens Stigter zaak om niet te lang te wachten met het invoeren van het vak. "Als het tot 2021 duurt voordat we dit vak hebben ingevoerd, zijn er 1 miljoen kinderen van de basisschool af zonder dat ze kennis over technologie hebben meegekregen. Dat is onacceptabel."

Zo leer je je eigen kinderen programmeren

Wil je niet op de lessen wachten en je eigen kinderen vast leren programmeren? Inmiddels zijn daar genoeg hulpmiddelen voor. We hebben er een paar op een rij gezet:

  • Raspberry Pi: dit is een mini-computer die je als normale computer kunt gebruiken, maar ook zelf kunt programmeren. Door het apparaat aan een toetsenbord, muis en beeldscherm te koppelen, kun je er programma's op installeren en je eigen machines en robots besturen.
  • ScratchJr: met deze app kunnen kinderen tussen de 5 en 7 jaar eigen verhalen en spelletjes maken. Dat doen ze door problemen op te lossen, waardoor ze spelenderwijs de basisbeginselen van het programmeren leren.
  • LEGO Mindstorms: hiermee kunnen kinderen hun eigen LEGO-creaties uitrusten met elektromotoren en sensoren, die ze vervolgens zelf kunnen programmeren met een computer. Zo kunnen ze verschillende programmeertalen leren.
  • Osmo: met deze methode leren kinderen met een iPad en met fysieke blokken programmeren, door een route voor een bot uit te leggen.
  • Sphero: dit is een robotballetje dat je via een app op je iPhone kunt programmeren. De programmeertaal is simpel gehouden: kinderen kunnen door blokken te verschuiven de Sphero dingen laten doen, maar ze kunnen ook overschakelen naar de tekstversie van de taal.
  • Code-A-Pillar: met deze rups van Fisher-Price kunnen heel jonge kinderen, vanaf drie jaar, al leren programmeren, door verschillende delen van de rups achter elkaar te zetten. Zo kunnen ze zelf bepalen hoe de rups beweegt.
  • Cubetto: kinderen vanaf drie jaar kunnen met dit houten speelbord een robot instructies geven en op een bepaalde manier over een kaart laten rijden.

 

Meer op rtlnieuws.nl:

30 augustus 2017 19:56, in:

Weer naar school

Op de fiets naar school: 'Het is echt rotweer' - #brugklasvlog 3

Van de hitte gisteren naar de stromende regen vandaag. De vloggende brugklassers Bart (vwo), Isabella (havo/vwo) en Vera (mavo) trotseren de nattigheid op weg naar school. En dat doen ze op de fiets. "Ik probeer altijd met een vriendin te fietsen, anders is het saai."

30 augustus 2017 18:53, in:

Weer naar school

Tienduizenden scholieren dupe van technische problemen digitaal lesmateriaal

Naar schatting tienduizenden leerlingen zitten aan het begin van het schooljaar nog zonder lesmateriaal. Het gaat om digitale les- en werkboeken die door technische problemen onbereikbaar zijn. Docenten en leerlingen zitten met de handen in het haar.

Inlogcodes werken mondjesmaat of helemaal niet, waardoor docenten moeten terugvallen op ouderwetse lesmethodes. Er is 'totaal geen materiaal beschikbaar', klaagt biologiedocent Jacques Bijvoet van het Dalton Lyceum in Barendrecht. "Ik vind het schandalig dat je materialen bestelt waarvoor heel veel geld wordt betaald, en dat er dan niet wordt geleverd. Ik vind dat een debacle."

Nieuw systeem

Een rondgang van RTL Nieuws leert dat veel onderwijsinstellingen aan het begin van het nieuwe schooljaar met het probleem kampen. Ewald van Vliet, bestuursvoorzitter van de Haagse scholenkoepel Lucas Onderwijs (17.000 leerlingen), schrijft het voor een deel toe aan het nieuwe systeem waarvan scholen dit jaar gebruikmaken. Waar voorheen werd gewerkt met verschillende systemen die het lesmateriaal voor leerlingen en docenten online toegankelijk maken, bieden uitgevers hun digitale les- en werkboeken nu aan in één systeem.

"Er is niet één oorzaak aan te wijzen", zegt Van Vliet. "Soms ligt het probleem bij de uitgever, soms bij de scholen zelf, soms bij de distributeur. Maar feit is dat scholen er op dit moment heel veel last van hebben." Hij zegt dat het nieuwe systeem veel beter had moeten worden getest, 'zodat alles aan het begin van het schooljaar gebruiksklaar was geweest'.

Paar weken

De stichting Beter Digitaal Leren erkent het probleem: "Er is dit jaar een aantal belangrijke wijzigingen doorgevoerd aan het systeem. Dat heeft grotere problemen veroorzaakt bij de opstart van het schooljaar dan eerdere jaren. Wij doen onze uiterste best om alle problemen zo snel mogelijk op te lossen, wij verwachten binnen nu en een paar weken."

28 augustus 2017 07:44, in:

Weer naar school

De eerste schoolweek: 'Zij vindt het geweldig, mijn moederhart is gebroken'

Sommige kinderen hebben nu hun allereerste schoolweek achter de rug. Dat is niet alleen voor de kinderen een grote verandering, maar ook voor hun ouders. Waar veel ouders het 'verschrikkelijk' lijken te vinden, ging bij de ander de vlag bijna uit.

Daar ging ze vorige maandagochtend. Broodtrommel in haar rugtas, op naar haar eerste schooldag. "Ze was er zó aan toe, maar ik was die ochtend al om vijf uur wakker. Knoop in mijn maag en een gebroken moederhart", vertelt Marie-Louise Heijdra.

'Altijd samen, nu alleen'

"Vier jaar lang heb ik mijn kleine meisje om mij heen gehad. We waren altijd samen en nu ben ik alleen." Diezelfde dag heeft Marie-Louise een vriendin gebeld, 'voor een bakje koffie en om even te kletsen'. Woensdag is ze haar huis maar gaan poetsen. Lachend: "Het is serieus nog nooit zo schoon geweest." 

Marie-Louise werkt drie dagen in de week als vorkheftruckchauffeur. Op die dagen was haar dochter Quinty altijd bij één van de grootouders. "Daar had ik geen moeite mee, dan was ze bij familie. Nu geef je je kind uit handen aan iemand met wie je nog geen band hebt. En Quinty moet de juf ook leren kennen."

De man van Marie-Louise met Quinty op haar allereerste schooldag. (Eigen foto)

Haar dochter vindt het naar school gaan één groot feest. "Ze wilde woensdagmiddag niet eens mee naar huis, ze wilde naar de buitenschoolse opvang." Lachend "Ik vind deze overgang echt zoveel heftiger dan mijn dochter."

Van tevoren had Marie-Louise niet gedacht dat ze 'zo'n emo-trutje zou zijn'. "Misschien omdat ze ons enige kindje is en er vanwege medische redenen waarschijnlijk nooit een broertje of zusje komt. Ik moet nu iets anders gaan doen als ze naar school is. Beetje hangen, schoonmaken of misschien ga ik wel sporten."

Missen

Ze is niet de enige die moet wennen aan het leven met een kind op de basisschool, blijkt uit talloze reacties op onze Facebook-oproep. Voor veel ouders blijkt die eerste schooldag een moeilijk moment.

Zo schrijft Susanne van Nes: "'Ga maar weg', zei mijn dochter. Ik ben groot en kan dit wel alleen.' Mijn moederhart brak een beetje....., maar ik mocht echt niet mee naar binnen want dat is kinderachtig."

Voor Francis Thoma was de nacht voorafgaand aan de eerste schooldag een heel korte. "Ik sliep pas na 2.00 uur..... en om 6.30 uur was ik alweer klaar wakker." Haar oudste is deze week voor het eerst naar school geweest. "Na vier jaar fulltime thuis met hem zijn, is dit een enorme stap voor mij. Ik heb mijn jongste nog thuis maar ik ga mijn grote knul zo missen. Gelukkig heeft hij er zelf zin in."

Het zoontje van Belinda had er nog niet echt zin in en verstopte zich achter zijn moeder. (Foto: Eigen foto)

Ook Belinda van der Linden was maandag al om vijf uur 's ochtends wakker en bracht haar zoontje 'met lood in de schoenen' weg. "Als ik het woord school zeg dan is het al van 'neeeeeeee, nooit'."  

Opeens tijd voor winkelen en Netflix

Maar in huize Mattemaker-Houwing ging de vlag bijna uit van vreugde. De jongste van ​Messalina en haar man is nu ook naar school. "Mijn man is altijd op maandag vrij en is na het wegbrengen van de kinderen zijn bed weer ingedoken."

Woensdag had Messalina, die net als haar man vier dagen in de week werkt, zelf opeens tot 14.00 uur haar handen vrij. "Nou, ik deed de moonwalk de school uit hoor en heb al mijn vrije uren tot en met 2018 al ingevuld hoor", grapt ze.

Tess, bij het afscheide van het kinderdagverblijf, met broer Justin. (Eigen foto)

Haar eerste vrije ochtend is goed bevallen. "Ik heb in alle rust een kop koffie gedronken en het nieuws gekeken. Daarna ben ik gaan stofzuigen, opruimen en gaan winkelen." Het was wel even wennen op de fiets zo zonder kinderen. "Ik dacht even, wat gek, ik mis iets en toen dacht ik: heerlijk tijd voor mijzelf."

'Rust na drukke jaren'

"Misschien ga ik nu wel elke woensdagochtend paardrijden in de bossen in plaats van 's avonds. En als ik een keer moe of brak ben, ga ik lekker in bed liggen of Netflixen. Het is gewoon fijn dat dit soort momenten voor jezelf, na al die drukke jaren, er soms zijn." 

Zoon Justin (8) en dochter Tess (4) gaan met veel plezier naar school. "Het is een fijne school, waar ze zich verder kunnen ontwikkelen, leren en groeien. Het zijn individuen en wij als ouders mogen ze daar bij begeleiden. Het naar school gaan hoort er gewoon bij." 

Afscheid nemen en loslaten

Een kind dat voor het eerst naar school gaat is 'big time loslaten voor ouders', zegt opvoedkundige Mariëlle Beckers van Buro Bloei,  een advies- en begeleidingspraktijk voor alle kinderen. "Ineens gaan ze vijf dagen in de week naar school, waar ze een eigen leven gaan leiden. Een leven buiten jou als ouder of verzorgende om. Ze worden groter." Voor het ene kind is de overgang moeilijker dan het andere. Wie al een broer of zus op school heeft, heeft vaak minder moeite met afscheid nemen. Voor ouders kan het ook lastig zijn, maar volgens Beckers, kunnen zij er maar het beste luchtig in staan. "Je moet een kind het vertrouwen geven 'het is goed dat je hier bent, dit is een veilige en leuke plek'."

Ouders die er zelf een ding van maken, kunnen hun kinderen onzeker maken. "Ik observeer vaak klassen en je ziet dat de ene ouder gewoon heel duidelijk is in het afscheid nemen. Een kus, even zwaaien en dan weg. Andere blijven weer terugkomen voor nog een laatste kus of een knuffel en dan nog een. Een kind dat voor het eerst naar school gaat, hoeft volgens Beckers niet eindeloos voorbereid te worden. "Als je ruim van te voren al begint met 'over zoveel weken ga je naar school' en dat elke dag herhaalt dan maak je het groter dan het is en kan dat juist angst oproepen. Je kunt beter een week van te voren beginnen en dan samen een broodtrommel of rugtas kopen."

En wat doe je met kinderen die zich het liefst achter de rug van papa of mama verstoppen? "Ga dan mee in de ervaring van de leerkracht. Die heeft hier ervaring mee. Spreek duidelijk af: een kus en zwaaien en dan is papa of mama weg. Na een paar dagen is het routine. Het komt bijna niet voor dat kinderen weken achtereen huilen bij het afscheid.  Als opvoeder kun je er vanuit gaan dat als het niet goed, dat je echt wel gebeld wordt." 

Liefste meesters en juffen

Juf Maike heeft speciaal voor alle ouders een blog geschreven over de eerste schooldag, zo tipt Lisette Nijhof. Het is een hart onder de riem voor alle ouders die moeten wennen aan de nieuwe situatie: Ze schrijft: "De eerste schooldag van je kind. Wat eng en spannend! Je bent geheid zenuwachtiger dan je kind."

"We begrijpen je. Echt. Ook als we zelf geen kinderen hebben kunnen we het ons voorstellen hoe het is om je fantastische bloedje af te geven aan die vreemde mevrouw of meneer. Voor vijf dagen in de week. (..) Het komt goed. Die vreemde mevrouwen en meneren zijn namelijk de liefste juffen en meesters die er zijn."

Oproep: Heb jij moeite met het betalen van de vrijwillige ouderbijdrage?

 

 

24 augustus 2017 09:50, in:

Weer naar school

Dagboek van een juf, deel 2: 'Ben nu nog fris en fruitig, daar profiteer ik maar van'

'Wat zal ik blij zijn als het vakantie is!', verzuchtte juf Annette Gasseling in haar dagboek dat ze in juni voor RTL Nieuws bijhield. Nu is de vakantie voorbij en zijn haar lange en zware werkdagen weer begonnen. "Ik hoop echt dat er geen acties nodig zijn, maar ik verwacht eigenlijk van wel."

Woensdag 16 augustus: Weer helemaal opgeladen

De zomervakantie is bijna voorbij, tijd om weer aan de slag te gaan. De laatste dag voor de vakantie kwam er een belangrijke wijziging voor komend schooljaar. Op dat moment was het nog niet helemaal zeker, maar in plaats van werken in beide groepen 3, ga ik werken in groep 5 en groep 3. Ontzettend leuk, want voor mij betekent dat, dat ik met mijn eigen groep 4 mee ga! Ben weer helemaal opgeladen en heb er zin in!

De klas weer inrichten
Volgende week zie ik ze pas weer terug, maar wij zijn nu al volop bezig. Van de week ben ik (en al mijn collega's) al een hele dag op school geweest om de klas weer in te richten; een goede opstelling te bedenken voor de groep, materialen klaar te leggen en het een en ander op te ruimen. Ik heb ook in groep 5 de spellingkaarten weer opgehangen (ze blijven alleen niet zo lekker hangen). 

Thuis ook al veel gedaan. Onder meer planbordkaartjes en de verjaardagskalender gemaakt, woordzoekers bij de spellinglessen gemaakt, kruiswoordpuzzels bij de woordenschatlessen gemaakt en verder heb ik veel extra materiaal gezocht voor begrijpend lezen, wereldoriëntatie en rekenen. Ongemerkt gaat er toch veel tijd in zitten; in totaal weer ruim acht uur. 

Donderdag en vrijdag gaan we ook naar school. Donderdag ga ik lekker vroeg. Het wordt een dagje printen en kopiëren.

Juf Annette maakte voor RTL Nieuws een vlog over de start van het schooljaar

 

Donderdag 17 augustus: Urenlang printen

Al vroeg op school aanwezig. Even bijgekletst met de collega's die ik nog niet gezien had en de spellingkaarten die naar beneden gevallen waren weer opnieuw opgehangen. 

Printers overbelast
Het printen en kopiëren ging helaas niet vlot. Ik had ook wel erg veel te kopiëren en ik was natuurlijk niet de enige. Het papier liep constant vast! Op een gegeven moment ben ik naar een andere locatie gereden en ben daar op mijn e-mail ingelogd om te printen. 

Gelukkig waren ook daar de collega's al bezig geweest en vond ik een computer die al helemaal aangesloten was. Heel lang ging het kopiëren goed, maar helaas...ook bij dit kopieerapparaat begon het papier vast te lopen. Maar ja, ik had hem dan ook al wel een paar uur laten werken. Voor beide groepen 5 heb ik heel veel gekopieerd, maar nog niet alles. Met twee kratten vol papier terug naar mijn eigen locatie. 

Morgen een nieuwe poging, weer op mijn eigen locatie. Alles wat gekopieerd is, ligt al klaar om morgen in de mappen van de kinderen te stoppen. Dit jaar wil ik echt dat de mappen helemaal klaar zijn, voordat de kinderen beginnen. De meeste schriften liggen ook al voor ze klaar. 

Luizenzakken thuis wassen
Oh ja! De luizenzakken. Nou, die nog maar even snel van de kapstokken los zien te krijgen en thuis snel wassen. 

Ik schaam me een beetje. Voor groep 3 heb ik nog niet heel veel gedaan. Zo lief van mijn duo van groep 3, zij heeft al zoveel gedaan. Vanavond heb ik nog wel de kaartjes 'hulpkinderen' (kaartjes waar de namen van de kinderen op staan, zodat te zien is wie de hulpjes van de juf zijn)  en 'verjaardagen' (met een leuke feestelijke afbeelding, de naam en verjaardag van de kinderen) gemaakt. Morgen moet ik me op zien te delen, want voor beide groepen is er nog genoeg te doen!


Juf Annette thuis aan het werk.

Vrijdag 18 augustus: De tijd vliegt

De eerste teamvergadering staat om 10.00 uur gepland, maar ik heb met de Intern Begeleider en alle collega's die groep 3 gaan doen al om 8.00 uur afgesproken. Even goed doorspreken hoe we rekenen gaan aanpakken, want vorig jaar zijn er goede resultaten bereikt. Aansluitend even met de ervaren collega van groep 3 de belangrijkste punten voor het leesonderwijs doorgenomen. De methode ken ik wel van groep 4 en 5, maar voor groep 3 is het net even iets anders; we moeten ze eerst nog leren de juiste bladzijde voor zich te nemen.

Hulp van de ICT'er
Gelukkig kwam onze collega (ook onze ICT'er) van een andere locatie ons even helpen met eventuele computerproblemen. Nu zit ik in twee andere lokalen, dus werk ik ook op andere computers waar nog niet alles op staat wat ik wil of nodig heb. Blij dat hij tijd had! Ik kan weer goed aan de slag in beide groepen. 

Leuk om ook de collega's van de andere locatie weer te zien tijdens de teamvergadering. Na een uur was iedereen weer ingelicht en kon ik met mijn duo-, en parallelcollega van groep 5 in overleg. De tijd vliegt voorbij! Omdat de resultaten van spelling en het leesonderwijs vorig jaar in groep 4 goed waren, trekken we de wijzigingen die we zelf aangebracht hebben door naar de groepen 5. Dus even mijn collega's uitleggen wat ons te doen staat. 

Even de boel netjes maken
Eindelijk tijd om de mappen van de kinderen te vullen met alles wat er al gekopieerd was. Helaas waren we om 17.00 uur nog steeds niet helemaal klaar, maar we besloten dat het genoeg geweest was. Even snel de boel aan kant gemaakt, zodat de kinderen maandag in een opgeruimd lokaal binnen komen. 

De collega's die nog aan het schoonmaken zijn, gedag gezegd en naar huis gegaan. 


'Ik heb nog even '#Ikverdienmeer, de kinderen ook' op mijn ramen gehangen.' 

Zaterdag 19 augustus: Toch maar naar school

Bah. Ik kon het niet laten... Het zat me niet lekker dat de mappen van de kinderen nog niet helemaal in orde waren. Uit ervaring weet ik dat het stress oplevert de eerste weken, dus besloot ik toch maar naar school te gaan. Aan de lopende band de mappen verder gevuld, ondertussen nog wat geprint, gekopieerd en gelamineerd voor groep 3. Ik zou bijna vergeten dat ik ook juf van groep 3 ben! De mappen zijn klaar, ik ben opgelucht.

#ikverdienmeer
Ik heb nog even '#Ikverdienmeer, de kinderen ook' op mijn ramen gehangen. De heer Dijsselbloem heeft in de Tweede Kamer gezegd dat het loonconflict in het primair onderwijs wordt opgelost. Dat is mooi! Maar hij vergeet toch echt iets. Want niet alleen de leerkrachten verdienen meer, de kinderen ook! Ik hoop echt dat er geen acties nodig zijn, maar ik verwacht eigenlijk van wel. Ik hoop echt dat als die acties er komen, iedereen begrijpt dat de acties gericht zijn tegen de beleidsmakers in Den Haag. Laten we het beste er van hopen!

Maandag 21 augustus: De eerste schooldag!

Vandaag was ik om 7.15 uur al op school. De eerste dag na de zomervakantie is toch altijd weer een beetje spannend, ook al ken ik de meeste kinderen in mijn groep natuurlijk al goed. 

Wat was het ontzettend leuk om 'mijn' kinderen weer te zien. Afgelopen vrijdag konden ze pas op de hoogte gebracht worden van het feit dat ik weer een van hun juffen zou zijn dit jaar. Wat een leuke, lieve en fijne reacties kreeg ik! Iedereen met een flinke knuffel begroet en de vakantieverhalen waren weer fijn om te horen.

Het voelde erg druk
De eerste schooldag was pittig. Klinkt misschien vreemd, maar het voelde erg druk. Natuurlijk moeten we zelf opstarten, maar de kinderen moeten ook weer in de structuur van school komen. Tempo en kennis van de kinderen is na zes weken vakantie echt weggezakt. Dus veel oude kennis (tafels, sommen tot 20 met tientaloverschrijding, spellingcategorieën) 'getoetst' om de eerste twee weken op maat te kunnen ophalen wat weggezakt is. Daarna pakken we de methodes weer op.

Het is wel wat uitzoekwerk (veel nakijken en analyseren), maar het is wel erg effectief. De kinderen die al hogere AVI-niveaus aan kunnen, heb ik even getoetst om te kunnen bepalen op welk niveau zij nu lezen. Ik probeer morgen meteen de juiste niveaus voor alle kinderen in hun leesmapjes te doen. Nog meer kopieerwerk...

Met de kinderen die eind groep 4 al op een hoger niveau rekenden, heb ik even een gesprekje gehad. Ik was wel benieuwd wat zij dit jaar verwachten en waar zij meer uitdaging zouden willen krijgen. Dus ook voor deze kinderen ga ik weer zorgen voor passend werk.

Beloofd op tijd naar huis te gaan
Hoe krijg ik het voor elkaar? Ik had thuis gezegd dat ik voortaan uiterlijk 17.00 van school zou vertrekken. Maar om 17.20 moest ik nog even de toetsgegevens van een leerling mailen naar de ambulante begeleider die hem vanaf morgen twee keer per week uit de klas zal halen. Eigenlijk ben ik toch wel een beetje boos op mezelf. Mijn kinderen en ik aten pas om 18.40. uur...

Dinsdag 22 augustus: Ik heb nog energie voor 10

Ook vandaag om 7.15 uur al op school. Even rustig de tijd om in de map 'Rekenprikjes' per kind het juiste werkboekje te zoeken en dit te kopiëren. Twee kinderen hoeven deze boekjes niet meer te maken, zij hebben de sommen tot 20 al compleet geautomatiseerd of eigenlijk gememoriseerd. Dus voor deze kinderen moet ik iets anders zoeken om ze te kunnen laten maken, terwijl de andere kinderen met de automatiseringsboekjes bezig zijn. Omdat ik gisteren niet al het werk nagekeken had, heb ik dat vanmorgen afgemaakt. 

De namen van de kinderen moesten ook nog op de kapstok geplakt worden. Zo weet ieder kind de luizenzak terug te vinden waar zijn of haar jas in zit. Dus de namen met de labelprinter gemaakt en opgeplakt. Morgen kan ik de luizenzakken vastmaken aan de kapstok. Zo kunnen ze er niet meer afvallen. 

Kinderen weer opgewekt binnen
De kinderen kwamen allemaal weer opgewekt binnen en dat is een goed begin. 

Met het rekenen heb ik een klein groepje kinderen begeleid, bij wie het automatiseren (sommen tot 10 en 20) nog niet zo lekker gaat of bij wie het door de vakantie behoorlijk weggezakt is. Het is fijn om te merken dat spelling best nog goed op niveau is! Bij een van de leerlingen (met dyslexie) is het PI-dictee afgenomen, zodat duidelijk wordt met welke spellingcategorieën we hem het beste kunnen helpen. De kaartjes die ik vorig jaar voor hem gemaakt heb, zal ik ook van de week weer voor hem maken.

Jeetje, we zijn pas twee dagen bezig, maar het lijkt wel alsof we al weken bezig zijn. Maar ondanks dat het veel werk was om iedereen zo snel al weer op de juiste niveaus te laten werken, voelt het toch goed. Ik heb het idee dat ik effectief bezig ben en dat de kinderen niets tekort gedaan wordt. Nu ben ik nog een soort van 'fris en fruitig' en heb ik nog energie voor 10. Daar profiteren we dan maar van!

Overleg met ambulant begeleider
Ook alle externe hulp wordt weer opgestart. Vanaf nu heb ik elke dinsdag in mijn pauze kort overleg over de voortgang van één van mijn leerlingen met de ambulante begeleider van PPO (Passend Primair Onderwijs).

Sommige kinderen waren al klaar met hun werkboekje met automatiseringssommen, dus morgenochtend kan ik voor hen weer het volgende boekje kopiëren! (Wel even goed registreren wie welke boekje nu uit heeft).

De leesmapjes heb ik niet helemaal af kunnen maken. Wel alles gekopieerd, maar de mapjes zijn op. Morgen langs de Action, want vandaag is het niet gelukt. Maar als dit dan óók klaar is, dan moet alles vloeiend gaan lopen de komende twee weken. Bijna 17.20 uur... Op de fiets. Naar huis. 

Meer op rtlnieuws.nl:
Het eerste dagboek van juf Annette: 'Wat zal ik blij zijn als het vakantie is!'

24 augustus 2017 09:35, in:

Weer naar school

Start van het schooljaar van juf Annette: 'de kinderen komen maandag maar wij zijn al begonnen'

Voor docenten begint het schooljaar niet als de kinderen binnenkomen. Zij zijn al eerder aan de slag om alles klaar te maken na de vakantie. Annette Gasseling is juf in groep 3 en 5 op een basisschool in Hoogvliet. In haar vlog laat ze zien hoe druk het begin van het schooljaar voor docenten is.

21 augustus 2017 16:35, in:

Weer naar school

Ouders uit noodzaak hulpje van overbelaste juf

Wie kan luizen pluizen, helpen met knutselen, het schoolplein opknappen? Met de start van het schooljaar druppelen de klusverzoekjes van school weer binnen. Ouders worden onder druk gezet, ziet onderwijsadviseur Peter de Vries. "Terwijl is aangetoond dat je kind er niets aan heeft dat jij die klusjes doet."

'Uw betrokkenheid bij deze activiteiten is onmisbaar voor de school en is heel motiverend voor uw kind!' Dit soort teksten vindt Peter de Vries op de websites van veel basisscholen. "Ik zie het als ouders een beetje onder druk zetten. Het zou een probleem van de overheid moeten zijn, maar in plaats daarvan zeggen scholen eigenlijk: 'Als u niet meehelpt, moeten wij uw kinderen allerlei leuke activiteiten onthouden'."

Meer respect

Het verzoek om hulp mag wel wat respectvoller, vindt De Vries, die werkt voor CPS Onderwijsontwikkeling en advies. "Scholen moeten zich realiseren dat ze vrijwilligers vragen die in de drukste tijd van hun leven zitten. Kinderen, werk, school, sport, enzovoort."

Zo helpen ouders op de basisschool

  • 40 procent gaat mee op schooluitjes en excursies
  • 30 procent helpt mee bij evenementen en sportdagen 
  • 17 procent doet aan voorlezen of samen lezen op school
  • 14 procent helpt bij de luizencontrole
  • Een klein percentage ouders is lid van ouderraad, van een schoolcommissie of doet bijvoorbeeld werk als klaar-over
  • ​6 procent helpt niet

(Er waren meerdere antwoorden mogelijk.)

Bron: Ouders&Onderwijs 2017

Je kind heeft er niets aan

Je eigen kind schiet er niets mee op als je als luizenmoeder of knutselvader aan de slag gaat. Zo werkt het niet, zegt De Vries. Scholen verwarren ouderparticipatie (zoals 'rijouder' zijn voor het schoolreisje) vaak met ouderbetrokkenheid, constateert hij. "Van participatie, dat je net zo goed vrijwilligerswerk kunt noemen, is nooit aangetoond dat het enig effect op kinderen heeft. Het is niet zo dat hoe meer ouders meehelpen op school, hoe beter de prestaties van hun kind zijn."

Heel anders dan bij ouderbetrokkenheid, oftewel je kind helpen en stimuleren. Dat heeft een ongelooflijk groot effect op het leren en het welbevinden van kinderen, zegt de onderwijsdeskundige. Betrokken zijn is bijvoorbeeld overleggen met school over je kind of thuis doorvragen naar wat op school geleerd is. En daar speels mee oefenen. Het vreemde is dat scholen veel minder aandacht hebben voor betrokkenheid dan voor de klusjes op school, merkt De Vries. 

Waarom zijn ouders betrokken bij de basisschool van hun kind?

  • 58 procent vindt dit normaal, het hoort zo
  • 47 procent vindt het leuk
  • 40 procent wil een actieve bijdrage leveren aan het onderwijs van het kind
  • 43 procent zegt dat het kind het fijn vindt
  • 35 procent wil een actieve bijdrage aan de school en alle kinderen op school 
  • 12 procent is betrokken omdat het wordt verwacht of verlangd van de school
  • 8 procent heeft een andere reden

(Er waren meerdere antwoorden mogelijk.)

Willen ouders meer of minder tijd aan school besteden?

  • 16 procent wil meer
  • 78 procent wil net zo veel als nu
  • 6 procent zou minder willen doen

Bron: Ouders&Onderwijs 2017

Andere oplossing voor de werkdruk

Ouders die het hulpje van de juf worden, dat is niet de oplossing voor de hoge werkdruk die veel juffen en meesters voelen in het basisonderwijs. De leerkrachten moeten een betere, individuele band met ouders opbouwen. Daar is volgens De Vries (tijd)winst te halen.

De onderwijsdeskundige is bezig met een promotieonderzoek aan de Universiteit Utrecht waarin hij wil aantonen dat de werkdruk afneemt door met iedere afzonderlijke ouder zorgvuldig de samenwerking aan te gaan, en niet door meer participatie. Als ouders betrokken zijn bij de voortgang van hun kind, stijgt het niveau van hun zoon of dochter en neemt de werkdruk van de juf af, is zijn verwachting. 

'Ouders zijn geen kleuters'

Hoe moet dat dan? In elk geval niet met een afgeraffeld tienminutengesprekje op te krappe kinderstoeltjes of een massale bijeenkomst voor alle ouders. Wel met een persoonlijk kennismakingsgesprek aan het begin van het schooljaar, het liefst met ouders, juf of meester én kind, zegt De Vries.

"Ouders zijn geen kleuters, maar volwassenen met een carrière. Je moet ze geen 'taakjes' geven, maar samen afspreken wat ze voor de school en hun kind kunnen betekenen." Die investering aan het begin betaalt zich later uit, ziet De Vries op scholen die het al zo aanpakken. 

Meer op rtlnieuws.nl:

21 augustus 2017 07:50, in:

Weer naar school

Fleur krijgt dit schooljaar thuisonderwijs: 'Het is soms best eenzaam'

Kinderen in het midden van het land gaan vandaag voor het eerst weer naar school, Fleur (13) niet. Zij krijgt thuisonderwijs. Nooit te laat voor de schoolbel, maar ook niet gezellig kletsen met leeftijdsgenootjes in de pauze. Fleur gaat al een jaar niet naar school. Niet omdat ze dat wil, maar omdat het niet anders kan.

"'Mam, als ik nu nog langer naar school moet, zie ik het leven echt het niet meer zitten.' Toen mijn dochter dit acht maanden geleden tegen me zei, wist ik dat het menens was", vertelt Anne (niet haar echte naam). Vanaf de kleuterschool zag ze dat haar dochters ontwikkeling anders was dan dan die van leeftijdsgenootjes.

Fleur (niet haar echte naam) had veel vriendinnen en als ze met hen speelde, zag je niks geks. Maar ze nam zelf weinig initiatief. Op de basisschool werd ze een muurbloempje. Voor een leerkracht was ze haast onzichtbaar. Haar cijfers werden steeds lager, maar waren wel voldoende. Anne: "Ik zag dat ze faalangst ontwikkelde. Groep 8 was een moeilijk en zwaar jaar. Ze deed mee, maar voelde zich waardeloos, machteloos en vooral dom."

Gefrustreerd na eerste schooldag

Fleur kreeg een vmbo-tl advies. Dat vond ze onrechtvaardig. Anne: "Ze was zo boos. Daarom ging ze naar een brugklas waar de keuzemogelijkheden voor het niveau nog even open bleven." De eerste dag kwam ze gefrustreerd terug uit school. "Mam, ik ga weer niks nieuws leren", had ze tegen haar moeder gezegd. "Ze gaan weer stof van groep 8 herhalen."

Interne begeleiders, coaches, niemand wist waarom Fleur zo aan het worstelen was op school. Maar nadat Anne tijdens haar werk met hoogbegaafdheid in aanraking kwam, liet ze Fleur testen. Anne: "Haar IQ was boven de 130; Fleur was hoogbegaafd."

Thuis is er rust, maar het is ook eenzaam

Er is geen school in de omgeving die goed onderwijs heeft voor hoogbegaafde kinderen. Daarom kwam Fleur thuis te zitten. Er volgden talloze overleggen met verschillende instanties over het lot van Fleur. Anne: "Er volgde een enorme bureaucratische rompslomp. Ze móest volgens de instanties onderwijs krijgen, want Nederland heeft nu eenmaal de leerplichtwet. Maar waar moest ze heen? Er waren geen goede opties meer voor haar in de buurt."

Anne zag onderwijs thuis als enige oplossing. Verschillende professionals en de leerplichtambtenaar keurde het goed. Fleur kwam thuis tot rust, maar ze voelde zich soms ook eenzaam. Anne: "Haar vriendinnen en haar broertje gaan naar school, ik moet een paar dagen in de week werken." Anne kocht een hond voor Fleur zodat ze haar dagelijkse ritme terugvond. "Ze kwam haar bed weer uit en ging naar buiten."

Hoe ziet thuisonderwijs eruit?

Vanaf vandaag krijgt Fleur thuis onderwijs. Een gespecialiseerde leerkracht gaat Fleur testen. Zij bekijkt per vak op welk niveau Fleur zit. Vervolgens stelt het gezin samen met de leerkracht een pakket samen met verschillende vakken van het vwo. Bij Nederlands en Engels ligt Fleur ver voor en zal ze in het derde of vierde leerjaar instappen. Als extra vakken krijgt ze Latijn en Filosofie.

De ingehuurde leerkracht begeleidt Fleur eens per week thuis met het leren. Twee dagen per week hebben Fleur en haar leerkracht contact via Skype. Ze gaat haar eigen planningen maken en bepalen hoeveel tijd ze per vak nodig heeft. De gewone middelbare school waar Fleur nu is ingeschreven volgt haar vorderingen.

Thuisscholing als hoge uitzondering

Staatssecretaris Dekker vindt dat de school verantwoordelijk is voor kinderen die vanwege een beperking niet naar de klas kunnen komen. De school moet dan zelf een passende oplossing zoeken. Is die er niet, dan kan het kind als uitzondering thuis les krijgen. Bijvoorbeeld via een particuliere instelling.

Niemand weet wat de kwaliteit van de lessen is die de kinderen thuis krijgen. En of de kinderen die bijvoorbeeld vanwege hun geloof thuis blijven überhaupt wel onderwijs krijgen. Daarom wil Dekker eisen stellen aan het thuisonderwijs. Hij wil dat de ouders die hun kinderen thuis les geven aan minimum opleidingseisen voldoen. Ook moet de ouder een uitgebreid onderwijsplan hebben.

Moeder geen leraar

De reacties uit de omgeving zijn pittig. Anne: "Mensen oordelen graag. Ze vragen hoe Fleur zich sociaal ontwikkelt als ze thuis zit. Ik weet dondersgoed dat mijn dochter later de maatschappij in moet en wil graag dat ze naar school gaat, maar als ik nu blijf pushen, ben ik oprecht bang dat ze over een tijdje niet meer leeft."

Bij veel gezinnen waarvan de kinderen thuis onderwijs krijgen, geeft een van de ouders les. Dat wil Anne niet. "Ik ben de moeder van Fleur, niet haar leerkracht." Een ingehuurde leerkracht gaat haar nu begeleiden. Net zo lang tot Fleur weer naar school kan.

Fleur is erg gedreven en wil graag leren. Uiteindelijk wil ze twee universitaire studies tegelijkertijd gaan doen. Maar hiervoor moet ze eerst haar vwo-diploma halen. Daar gaat Fleur nu in haar eigen tempo aan de keukentafel mee aan de slag. Ze voelt zich weer welkom op haar school en hoopt binnenkort gewoon weer in de klas te zitten.

Leerplicht en vrijstelling

Kinderen tussen 5 en 16 jaar oud zijn leerplichtig en moeten naar school. Het is niet precies bekend hoeveel kinderen thuis onderwijs krijgen. Wel is bekend hoeveel kinderen vrijstelling hebben van de leerplicht. Een deel van die kinderen krijgt mogelijk alsnog thuisscholing. 

  • Een handicap. Deze groep kinderen is niet leerplichtig als ze niet in staat zijn om te leren. Denk aan kinderen die in een medisch kinderdagverblijf of in de dagopvang zitten. In het schooljaar van 2015-2016 maakten 5.537 kinderen gebruik van deze vrijstelling. Dit is een stijging van 9 procent ten opzichte van het jaar ervoor.
  • Een geloof. Dit geldt voor ouders die geen school in de buurt hebben die bij hun geloofsopvattingen past. De kinderen hoeven niet naar school en hun ouders zijn niet verplicht vervangend onderwijs te geven. Dit ging om 705 kinderen. Een deel krijgt mogelijk thuis onderwijs.
  • Het buitenland. Deze kinderen zijn ingeschreven bij een onderwijsinstelling in het buitenland. Denk aan kinderen van expats en schipperskinderen. Met je kinderen de wereld over reizen als ze leerplichtig zijn mag dus niet. Tenzij dit onder toezicht van een school gebeurt. Ieder jaar zijn er zo’n 7.000 kinderen die een beroep doen op deze vrijstelling.

Thuisonderwijs is iets anders dan thuiszitters. Dat zijn kinderen die op een school staan ingeschreven en toch (tijdelijk) thuis komen te zitten. Ze kunnen vaak niet naar school vanwege medische, sociale, intellectuele of emotionele problemen. Zij hebben geen vrijstelling van de leerplicht. In uitzonderlijke gevallen kunnen zij wel alsnog thuisonderwijs krijgen.