Menu Zoeken Mijn RTL Nieuws

26 juni 2018 19:17

Surinaamse slavenregisters openbaar: 'Ik heb er nachten niet van geslapen'

De gegevens van 80.000 mensen die tussen 1830 en 1863 in Suriname als slaaf werden gehouden, zijn door het Nationaal Archief online gezet. Maria Karg ging erin op zoek naar haar voorouders en kwam tot een verrassende conclusie.

Het afgelopen jaar heeft het Nationaal Archief alle Surinaamse slavenregisters gedigitaliseerd en online gezet. Nederlanders met Surinaamse roots kunnen er hun voorouders in vinden. De 43 langwerpige boeken, zo'n 80 centimeter hoog, waren eerst alleen in te zien in Paramaribo. Nu kan iedereen erbij. 

Maria Karg ging erin kijken. Haar voorouders van vaderskant bleken in het register voor te komen. Niet als slaaf, maar als plantagehouder. Een verrassende uitkomst voor Karg. "Vroeger gingen we op zondag op ons paasbest naar de Vredenburgweg, buiten Paramaribo. Ik heb het nooit geweten, maar daar blijkt een plantage te hebben gestaan en die was van hem."

Moeilijke vragen

Kargs overgrootvader kwam in 1791 als militair uit het Duitse Regensburg naar Suriname. Daar bestierde hij 'Johanna en de Zwaarmoedigheid', een plantage met 195 slaven. Met één van hen, een vrouw die Jaspis heette, kreeg hij drie kinderen. Hij kocht ze uiteindelijk vrij en gaf ze zijn achternaam. De jongste zoon, Gottlieb Johan Jaspis, was de grootvader van Karg. 

Toen ze de registers had ingezien, kon ze daar nachten niet van slapen, vertelt Karg. "Het komt zo dichtbij. Thuis werd er nooit over slavernij gesproken. Ik vraag me af wat mijn overleden vader ervan had gevonden." Of haar overgrootvader ook mensen heeft uitgebuit, durft ze niet te zeggen. "Dat is een moeilijke vraag en er is niemand meer die het me kan vertellen."

Duizenden namen

Het register is er niet alleen voor nabestaanden. Ook voor scholen en de wetenschap bieden de registers mogelijkheden, legt Coen van Galen uit. Hij is als historicus verbonden aan de Radboud Universiteit Nijmegen en was als projectleider verantwoordelijk voor het digitaliseren van de registers. 

"Als wetenschapper vind ik het belangrijkste van het online zetten van de registers dat je zo beter kunt snapt wat slavernij doet. Juist omdat het over individuen gaat die je kunt volgen door de tijd." Alles bij elkaar staan er, inclusief dubbelingen, zo'n 160 duizend namen in het register.

'Niet als gelijkwaardig gezien'

De vrouwen werkten, vooral in Paramaribo, in het huishouden en anders op het land. De mannen niet. Zij werden voor het merendeel ingezet als 'delvers'. "De plantages in Suriname waren eigenlijk kleine polders. De mannen moesten eindeloos de blubberige slootjes eromheen uitgraven om te voorkomen dat de boel weer onder water liep."

Het schokkendst aan de registers vindt Van Galen het racisme dat eruit spreekt. "Er waren allerlei zaken waar je niets over te zeggen had. De naam van je vader werd niet genoteerd. Je mocht geen achternaam hebben. Je naam kreeg je van je eigenaar, die je dan soms 'Monkey' noemde, of 'Zwartje'. Alles dat je menselijk maakt, werd die mensen ontzegd, ze werden niet als gelijkwaardig gezien."

Meer op rtlnieuws.nl:

Topnieuws