Pieter Klein

Kruipen voor Geert Wilders

26 februari 2014 06:30

Adjunct-hoofdredacteur Pieter Klein over wat hem opvalt in het nieuws en in zijn privéleven.

Er gaan dagen - of weken - voorbij waarin ik niet aan Geert Wilders denk. Die periodes komen steeds vaker voor, sinds de PVV-leider het gedoogkabinet met CDA en VVD opblies, en zichzelf naar de politieke marge manoeuvreerde. (Ik denk: voorgoed).

Soms is-ie er opeens weer. Dan betrap ik mezelf erop dat ik denk, 'Ha leuk, onze blonde kuif, altijd goed voor een beetje leven in de brouwerij'. Een journalistieke kwajongenshouding; als Wilders vol op het orgel gaat wordt er altijd nog wel iemand boos en beleven we er nog plezier aan. Hoewel 't fenomeen van de verontwaardiging en woede soms net zo sleets en uitgeblust lijkt als de PVV-leider zelve.

"Ha leuk, onze blonde kuif, altijd goed voor een beetje leven in de brouwerij."

Veel kiezers hebben Geert Wilders nog niet opgegeven; z'n kluppie doet het onverminderd goed in de peilingen. Uitstekend zelfs. Niet verwonderlijk in een klimaat waarin traditionele politieke partijen worstelen met hun geloofwaardigheid en daar geregeld afbreuk aan doen. Ondertussen smeult latente onvrede over Europa en zijn we de economische crisis - en de effecten van bezuinigingen - nog niet te boven.

Ik vraag me af hoe we er over een half jaar voor staan, dronken van WK-koorts, de Europese banken steviger overeind, een aantrekkende economie, en als het besef indaalt dat 't ons eigenlijk best goed gaat.

Ik vraag me ook af of veel potentiële Wilders-stemmers zaterdag de hilarische reconstructie hebben gelezen in de Volkskrant: 'Kruipen voor Wilders'. Daarin werd deels op basis van anonieme CDA-bronnen en dagboeken van oud-minister Gerd Leers beschreven hoe gedoger Geert Wilders de coalitievrinden VVD en CDA permanent terroriseerde.

Mark Rutte, als een premier met een overdaad aan woede-uitbarstingen, was gedreven door vrees om Wilders voor het hoofd te stoten. Wat er ook gebeurde, Geert moest 'comfort' worden geboden. Iedereen moest slikken tot-ie bijna niet meer kon. Maxime Verhagen, de man die z'n eigen partij over de kling joeg omwille van de samenwerking met de PVV, figureerde in een CDA-top die kennelijk deed denken aan een 'psychiatrische inrichting'.

"Wat er ook gebeurde, Geert moest 'comfort' worden geboden. Iedereen moest slikken tot-ie bijna niet meer kon."

Het verbaasde me niet; ik omschreef die politieke samenwerking van 18 maanden eerder als de 'chantagecoalitie'. Vind je het gek - Rutte en Verhagen werden gedreven door angst om (vooral in het zuiden) nog meer zieltjes te verliezen, en ze dachten dat ze samen het varkentje wel even zouden wassen omdat de verhoudingen zo goed waren. Even samen lekker rechts beleid voeren...

Mark & Maxime, ze investeerden al hun prestige en konden zich geen mislukking veroorloven. Het interessante is - dat deden ze daarom dus wel. Ze werden geregeerd door angst, angst voor Wilders. Die rook en ruikt zoiets op een kilometer afstand en zal niet nalaten dus het vel over je oren te trekken. Ze lieten zich gijzelen en uitwonen en achteraf verdedigden alle hoofdrolspelers zich als burgemeesters in oorlogstijd. Alsof niemand af en toe gewoon tegen Wilders had kunnen of moeten zeggen: "Beste Geert, krijg de vliegende tering. Ik vertik het."

Het 'kruipen voor Wilders' werd tot absolute kunst verheven, en het pragmatisme in de politiek strekte zich zelfs uit tot principes - althans opvattingen die de kern van het gedachtegoed van belangrijke politieke stromingen raken. Dat is één van de punten waarop het misging; er werd te lichtzinnig mee omgesprongen.

Eén van de meest fascinerende processen van politiek vind ik persoonlijk het geven en nemen, compromissen sluiten. In Nederland coalitieland kun je niet anders als je mede invloed wilt uitoefenen. Dit is een land van minderheden; je bent zelf een minderheid - je hebt geen recht op serieus genomen te worden, als je die andere minderheden niet serieus neemt. Je doet afstand van een deel van je opvattingen, omwille van een hoger doel. En net als je je begint af te vragen waar de grens ligt, en of de rek er niet uit is, moet je nóg een concessie doen. En nog een, tot je er zelf een vervelende smaak aan overhoudt. Veranderende omstandigheden, financiële tegenvallers, gebrek aan democratische meerderheden, een schandaal, voortschrijdend inzicht, een blunderende minister...

"Net als je je begint af te vragen waar de grens ligt, en of de rek er niet uit is, moet je nóg een concessie doen."

Als je goed kijkt, zie je altijd hetzelfde patroon. Als je een principe in het ene dossier inruilt voor een pragmatische deal in het andere, doet dat iets fundamenteels met je geloofwaardigheid. Strafbaarstelling van illegaliteit. Het enquêterecht van de Kamer. Als je te veel pragmatische deals moet accepteren die wringen met je opvattingen of beloften, gaat het ook schuren. ('Handen af van de hypotheekrente-aftrek!').

Als je niet onderkent wat dit doet met je geloofwaardigheid, dan weten we van welke fase van opkomst en ondergang we getuige zijn - zeker als je het niet eerlijk, of geloofwaardig uitlegt. Je hoeft niet te kruipen om toch door de mand te vallen.

Als je in de hoek zit waar de klappen vallen, hebben politieke leiders de neiging zichzelf te verliezen in tunnelvisie. Ze begraven zich in het eigen gelijk, houden zich doof voor tegenspraak, elimineren de lastpakken. Ze wentelen zich in onbegrip en worden boos op degenen die the bigger picture maar niet willen zien: de media, de opiniepeilers, het electoraat. Iedere woordvoerder, iedere spin-doctor, iedere adviseur van een politicus, bestuurder of CEO zal dit fenomeen herkennen.

"Durf ik mezelf nog aan te kijken in de spiegel?"

Terwijl er een eenvoudig recept tegen het ongemak is. Een paar makkelijke vuistregels die altijd uitkomst bieden: Durf ik mezelf nog aan te kijken in de spiegel? Hoe vertel ik het mijn moeder? Hoe leg ik het een vriend uit die het eigenlijk niet meer vertrouwt? En weet dat voor iedereen deze wetmatigheid geldt: "If you can't explain it simply, you don't understand it well enough". Dat is doorgaans het begin van het einde.

pieter.klein@rtl.nl

@pieterkleinrtl