Magazine

Hartstikke gezellig: wonen tussen bejaarden en ex-daklozen

12 januari 2017 13:32 Aangepast: 13 januari 2017 14:44

Studenten die met bejaarden in een verzorgingstehuis wonen, appartementen waarbij starters naast ex-verslaafden wonen en een studentenhuis met vluchtelingen. Gemengd wonen is populair, maar is het ook een succes? 'Mijn buurman van 79 komt nog regelmatig mee feesten.'

Midden in de Utrechtse vinexwijk Leidsche Rijn ligt een kleine stukje Utopia. Omringd door water en aan een plein zijn hier koophuizen gebouwd naast sociale huurwoningen. Er is een restaurant waar verstandelijk beperkten in de bediening werken en een sociale werkplaats. Tweeverdieners met kleine kinderen wonen hier naast studenten en (ex)dak- en thuislozen.Het idee achter ’t Groene Sticht, zoals dit gemende woonproject heet, is: samen wonen, niemand uitsluiten en met elkaar in gesprek gaan. Een soort micro samenleving waarbij sterken zorgen voor de zwakkeren en waar mensen fijn wonen in een buurt met sociale controle en gezelligheid.

Het is een idealistische woonvorm die de laatste jaren aan populariteit wint. Overal in Nederland verrijzen projecten waarbij studenten in verzorgingstehuizen wonen of in een pand met asielzoekers die een verblijfsvergunning hebben gekregen.

Marieke van Selm (57, jeugdverpleegkundige) en één van de eerste bewoners van ’t Groene Sticht. Met haar man, die in het onderwijs werkt, kochten ze in 2003 een woning aan het pleintje. Spijt heeft ze nooit gehad. “Ik heb hier intensiever contact met mijn buren dan in een gewone straat. Ik maak vaker een praatje, help mee in de moestuin.”

Dat ‘praatje maken’ klinkt misschien simpel, maar is het volgens betrokkenen niet. Zo zegt Dirk van der Kloet (58), voorzitter van ’t Groene Sticht en voormalig dakloze: “Elkaar gedag zeggen is al heel wat tegenwoordig.” Als dakloze werd hij vaak genegeerd door mensen op straat. “Hier spreken we elkaar echt en helpen we elkaar met allerlei klusjes.” Daarnaast wordt niemand als zielig bestempeld of als uitschot behandeld. “Wij gaan er vanuit dat ieder mens iets kan en dus iets kan bijdragen.”

Maar over het succes van gemend wonen zijn de meningen verdeeld. Platform 31, kennis- en netwerkorganisatie voor stedelijke en regionale ontwikkeling, schreef vorig jaar een rapport over wat zij de ‘De Magic Mix’ noemen. Projectleider Jeroen van der Velden noemt de woonvormen 'over het algemeen succesvol’. Huurders zijn tevreden, hoewel het wel nodig is dat er een beheerder is. Die kan, zegt Van der Velden, de verschillende groepen helpen met samenwonen en eventueel bemiddelen als het toch niet soepel loopt.

Pieter Hooimeijer, sociaal geograaf aan de Universiteit Utrecht kent tientallen initiatieven met een mix van bewoners. Hij is minder enthousiast dan Platform 31. “Uit de evaluaties komt niet een heel positief beeld naar voren. Vooral studenten gaan voor de goedkope kamer of woning en nemen de rest dan op de koop toe.”

Want van de inspanningen die van hun verwacht worden, zoals samen eten of sporten, komt soms weinig terecht. “Het mengen van totaal verschillende groepen mensen geeft bovendien vaak ‘strubbelingen’.” Hiermee doelt hij op ruzies tussen bewoners met ‘een andere levensstijl’. Werkenden die samen met feestende studenten in een pand wonen, blijkt lastig. “Het werkt dan beter om een homogeen appartementencomplex te hebben, binnen een gemengde wijk, dan dat je allerlei verschillende mensen en culturen in één pand stopt.” 

Bij projecten die wel slagen, is er altijd een gezamenlijk doel, zegt hij. Als voorbeeld geeft Hooimeijer een project in Utrecht waarbij zo milieuvriendelijk mogelijk wonen voorop stond. “Daar is een buurt ontstaan met dure en goedkopere huur- en koopwoningen waar verschillende mensen wonen maar wel met dezelfde visie.” Kleine initiatieven werken volgens hem weer beter dan grotere. “Dan wordt het te ingewikkeld en is het lastiger om hetzelfde doel voor ogen te houden.”

Thumbnail

Patrick Stoffer (28) woont in een woon-zorgcentrum. Piebe Dam (79) is zijn buurman.

“Gratis een woning in ruil voor een praatje maken. Dat wilde ik wel”, vertelt Patrick, vierdejaarsstudent HBO Facility Management. “Ik zag eerst vooral praktische voordelen aan het wonen in een woon- en zorgcentrum, maar zie nu ook mooie kanten zoals het contact met bewoners.”

Patrick woont sinds een jaar bij Humanitas in Deventer. Letterlijk tussen de bejaarden. “De gemiddelde leeftijd van mijn buren is 88 jaar”, lacht hij. Het bevalt hem zo goed dat hij hoopt dat hij er na zijn studie kan blijven wonen.

In ruil voor een kamer met eigen badkamer en keuken moeten Patrick en vijf andere studenten per maand dertig uur vrijwilligers werk doen of ‘sociale contacten’ onderhouden. Dit werk houdt onder andere het verzorgen van de broodmaaltijd in. “Ik denk dat we wel meer dan 30 uur per maand aan vrijwilligerswerk doen, maar dat gaat eigenlijk vanzelf.”

Soms kookt Patrick in de keuken van het restaurant. “En dan komen er al snel mensen een praatje maken.” Als hij vrienden over de vloer heeft, zetten ze in de zaal weleens een film aan op het grote scherm en dan kijken de senioren gezellig mee. In de zomers drinken ze in de tuin een biertje met elkaar.

De regels is dat studenten geen overlast mogen veroorzaken. Maar een feestje geven of een vriendinnetje laten slapen, het mag allemaal. “Zodra de deur dicht gaat ben ik echt op mijn eigen kamer, zoals in een studentenhuis.”

Patrick vertelt over een student die er voorheen woonde, die weleens na het stappen een afterparty gaf op zijn kamer. “Zijn buurman kwam er dan altijd bij zitten. Die wilde die feestjes voor geen goud missen.”

De 79-jarige Piebe vindt de studenten in het centrum een grote aanwinst. “Ze brengen leven in de brouwerij. Het bevalt mij uitstekend. Bovendien doen ze echt veel voor ons. Ze gaan leuk met ons om.”

Piebes vrouw woont ook in het centrum, maar zij is zwaar aan dementeren. “Echt heel verdrietig”, zegt hij daar over. Hij komt dan ook graag bij Patrick buurten. “Hij is onderdeel van mijn meubilair”, grapt Patrick.

Het klinkt als één groot gezellig samenzijn. Heeft het wonen tussen bejaarden dan helemaal gaan nadelen? Patrick denkt na. “Ik zie het niet als nadeel, maar je maakt natuurlijk ook de minder leuke kanten van het ouder worden van dichtbij mee. Mensen overlijden, vertellen je vreselijke verhalen over de Tweede Wereldoorlog.”

Hij noemt de band met de bewoners bijzonder. “Ik ben geen hulpverlener en geen familie dus gaan we net wat losser met elkaar om.” Het leukst noemt hij de betrokkenheid van zijn bejaarde buren bij zijn kweekproject. In de tuin van het centrum staat een enorme container waar hij met behulp van software de ideale omstandigheden heeft gemaakt om sla te verbouwen. De student hoopt dat meer tehuizen het voorbeeld volgen van Humanitas.

“Het is eigenlijk ook heel vreemd dat als mensen oud zijn, we ze bedanken en in tehuizen stoppen waar wat activiteiten zijn en verder niets. Je plaatst deze mensen zo buiten de maatschappij. Met dit initiatief breek je die muren af en doen mensen weer mee aan het leven.”    

Joa Middelkoop (29), werkt als service expert bij Bol.com en Mylène (28, wil haar achternaam niet vermeld hebben), ex-dakloos, doet vrijwilligerswerk.

Thumbnail

Joa (in de groene trui) en Mylène (met thee en bril) wonen boven elkaar in een appartementcomplex in Utrecht. Joa is huurder van coöperatie Portaal, Mylène woont er via de Tussenvoorziening, die mensen helpen die ‘sociaal kwetsbaar’ zijn en dakloos zijn geweest. Het idee achter dit project, 'Majella Wonen’, is afgekeken van ’t Groene Sticht in Leidsche Rijn. Het idee: vragende en dragende huurders kunnen elkaar helpen, mensen zijn net iets meer voor elkaar dan standaard buren.

Mylène is heel blij met haar woning. Ze wil niet in detail treden over haar verleden maar vertelt wel dat ze voorheen bij haar ouders woonde en opgenomen is geweest in een ziekenhuis. Een gesprek met haar ouders over haar probleem ‘liep slecht af’. “Ik voelde mij thuis niet meer veilig, wilde weg en ben zo op straat beland.” Via de nachtopvang kwam ze in contact met de Tussenvoorziening.

Één keer per week wordt ze begeleid. Ze krijgt hulp bij het zelfstandig leren wonen en invullen van papieren. Bij haar buren kan ze terecht voor een gesprek of hulp met een lekke band. “Er worden hier ook weleens feestjes gegeven en daar ben ik dan graag bij”, lacht ze.

Van Joa wordt verwacht dat zij zich 16 uur per maand inzet voor de 35 bewoners van Tussenvoorziening. Dat inzetten verschilt per maand. Met haar buurvrouw gaat ze bootcampen in het park, met een ander doet ze een klusje in huis en laatst gaf ze samen met Mylène een workshop over speciale woonvormen. Huurkorting krijgt ze daar niet voor, wel een gezellige leefomgeving.

Joa: “De lijntjes zijn gewoon kort hier. We kennen elkaar, mede dankzij het maatjesproject. We gaan binnenkort samen schaatsen, bakken pepernoten en hebben houden elkaar op de hoogte via Facebook. Anders dan in een gewone straat of flatgebouw heb je hier net wat meer contact.”

Ze heeft bewust voor deze woonvorm gekozen. “Was dit niet gelukt, dan was ik naar een woongroep gegaan. Ik houd gewoon van contact met de mensen om je heen, van de sociale controle en het feit dat je makkelijk een beroep op elkaar kunt doen.” Joa zegt dat je wel het type moet zijn voor deze woonvorm. “Vooral open minded, enthousiast, zonder vooroordelen. Dan kan zo’n project overal wel slagen.”

Mylène: “Je moet willen meedoen, affiniteit hebben met mensen zoals ik en sociaal aangelegd zijn. Ik voel me hier gelukkig ook niet anders dan andere mensen. Ik ben hier geen ex-dakloze die hulp nodig heeft, maar gewoon de buurvrouw.”

Korting in ruil voor zorg

Gemengd wonen wint niet alleen maar aan populariteit vanwege het sociale aspect en idealen over een betrokken samenleving. Steeds meer woningcoöperaties bieden oude panden aan, die binnen nu en tien jaar gesloopt worden, als tijdelijke oplossing voor sociale huurders (starters, arbeidsmigranten, asielzoekers, mensen die in scheiding liggen). Daarna stromen mensen door naar andere huur woningen of een koopwoning. Volgens sociaal geograaf Hooimeijer is dit een logisch gevolg van een wetsvoorstel dat vorig jaar werd aangenomen. “Er meer ruimte gekomen voor tijdelijke verhuur. Dat zorgt voor meer flexibiliteit waardoor meer woningen worden aangeboden.” Overigens moeten huurders vaak solliciteren om te kijken of ze bij een project passen en genoeg sociale betrokkenheid hebben. Soms krijgen huurders korting in ruil voor een x aantal uren vrijwilligerswerk per maand, zoals in het geval van Patrick.

Door Maaike Homan

Altijd weten wat er speelt?
Download de gratis RTL Nieuws-app en blijf op de hoogte.

Playstore Appstore

`