Magazine

Op de vlucht voor papa: 'We willen de negatieve spiraal doorbreken'

25 januari 2017 10:37 Aangepast: 27 januari 2017 15:52

Het is een hartverscheurend dilemma waar ieder jaar weer duizenden moeders voor komen te staan: vluchten voor een gewelddadige partner. Ze kiezen voor veiligheid, maar ook voor een onzekere toekomst en een hele nieuwe omgeving voor hun kinderen. Want voor kinderen die in een opvang belanden, is vaak nog niet genoeg aandacht. Daarom is het van 29 januari tot 4 februari de Week van het Vergeten Kind. Gelukkig zijn er ook al plekken waar kinderen wel de zorg krijgen die ze nodig hebben. Zoals bij vrouwenopvang Het Kopland in Groningen. 

Even is het stil aan de telefoon. Dan een harde snik. Farah krijgt het te kwaad. ‘Wat is er gebeurd dat je in Het Kopland woont?’ is helemaal geen makkelijke vraag om te beantwoorden. En zeker niet voor een meisje van 11. Begeleider Nazneen troost Farah en legt het een beetje uit: “Farah’s ouders hadden het moeilijk. Er was gedoe met paspoorten en haar vader stuurde hen terug naar hun land van herkomst.” Vanuit daar is Farah met haar moeder en zusje weer teruggegaan naar Nederland, waar ze in de Groningse vrouwenopvang van  Het Kopland terecht kwamen.

Het Kopland heeft locaties in Groningen en Emmen. Er worden vrouwen en kinderen opgevangen die thuis met huiselijk geweld te maken krijgen. Hier kunnen ze bijkomen, hulp krijgen, bouwen aan een zelfstandige en gezonde toekomst. Contact met thuis is belangrijk, de vader wordt – als dat veilig kan – betrokken bij het proces. De meeste mensen blijven een half jaar tot een jaar, voordat ze terug gaan naar huis of verhuizen naar een andere woning.

Kinderen komen als volwassenen terug in de opvang
Sinds een paar jaar ligt de focus bij de hulpverlening op de kinderen. Bestuurder Alice Vellinga legt uit waarom: “Voorheen richten we ons juist erg op de moeders. Maar toen

'De negatieve spiraal wordt van generatie op generatie overgedragen'

zagen we dat de kinderen die we vroeger in de opvang hadden gehad, als volwassenen weer terugkwamen. Ze waren dan zelf pleger of juist opnieuw slachtoffer van huiselijk geweld, kampten met verslavingen of hadden allerlei psychologische problemen. Er was duidelijk sprake van een negatieve spiraal van generatie op generatie. Juist door meer stil te staan bij de kinderen en wat zij nodig hebben, proberen we die te doorbreken.”

Klinkt logisch, maar dat is het niet. Het Kopland is een uitzondering; in veel opvanghuizen gaat de meeste aandacht toch naar de ouder: vaak de moeder, soms de vader. De redenering is dan dat als het goed gaat met mama, de kinderen vanzelf ook weer rust vinden. Maar de praktijk wijst uit dat dat dus lang niet altijd zo uitpakt. Vaak is de wil er wel, maar ontbreekt het geld. Het Kopland krijgt geld van de gemeente voor de specialistische zorg die ze voor kinderen bieden, maar dat is op veel plekken nog niet het geval. Dat is juist ook waar stichting Het Vergeten Kind zich voor inzet.

Farah is inmiddels op adem gekomen en wil wel vertellen over haar leven in Het Kopland. Er is een kinderzolder, met allemaal spelletjes en knutselspul. Met de andere kinderen in de opvang speelt ze ‘5 seconden’. Dan moet je bijvoorbeeld binnen 5 seconden drie groene groentes noemen. Er is ook een speelplaats, zodat de kinderen buiten kunnen spelen. En elke woensdag heeft ze schilderles: “Ik heb al katten geschilderd en cactussen en zonnebloemen. We kleien ook weleens. En dan praten we ook over gevoelens. Soms vind ik dat fijn, maar soms ook helemaal niet.”

Thumbnail

Die creatieve therapie vormt een belangrijk onderdeel van de methode die hier wordt gebruikt om de kinderen te helpen, ‘Veerkracht’ heet die. Nazneen (43) werkt al elf jaar bij Het Kopland, de laatste zeven jaar als ouder-kind-begeleider. “Voor kinderen werkt het heel goed om zich eerst non-verbaal te uiten. Met een tekening dus bijvoorbeeld, die dan later aanleiding is om hun gevoelens bespreekbaar te maken.”

Huis van wensen
Ze tekenen bijvoorbeeld 'drie huizen'. Samen met de kinderen maken ze eerst een tekening van een huis met goede dingen. Nazneen: “Thuis was het misschien onveilig, maar ook niet alleen maar slecht. Die positieve herinneringen krijgen zo ook een plek”. Dan is er een huis van zorgen, waar ze enge en verdrietige dingen tekenen, en een huis van wensen, met wat het kind graag zou willen. “Als de kinderen zelf niet makkelijk met hun ouders praten, is dit een goed uitgangspunt om samen in gesprek te gaan.” 

De kinderen leren op een constructieve manier over hun gevoelens praten, vertelt Alice Vellinga: “Thuis hebben ze niet altijd het goede voorbeeld gekregen van hoe je samen een probleem oplost. Dat je boosheid bijvoorbeeld opkropt of zelfs oplost met geweld. Als je dat niet vervangt voor een gezonder voorbeeld, is de kans groot dat ze later weer tegen dezelfde kwesties aanlopen. Ze leren hun eigen pijn te verwoorden, maar bijvoorbeeld ook hoe ze het best kunnen omgaan met het verdriet van hun moeder.”

Er is een gespecialiseerd team dat niet alleen aan de ouders, maar juist ook aan de kinderen psychologische hulp biedt. En met succes. Kinderen die net in Het Kopland komen zijn vaak of heel schuw, of juist extreem extravert. “Dan zijn ze niet goed gehecht aan hun eigen ouders en vragen ze van zomaar iedereen aandacht. Na een paar maanden zie je dat ze rustiger zijn, blijer, beter gehecht.”

Thumbnail

Alice Vellinga

Dat vertelt ook Destiny (23), die samen met haar dochter van 2 ½ nu een half jaar in de opvang woont. Ze was vier jaar samen met haar ex-partner. Toen ze zwanger werd, begonnen de problemen. Destiny: “Hij schold me dagelijks uit, sloeg me in m’n gezicht, greep me bij m’n keel, zat me achterna met een mes.” Omdat hij dreigde haar familie iets aan te doen, bleef ze bij hem. “Ik dacht: dan maar liever ik.” Maar op een dag wist ze dat het niet langer zo kon: “Onze dochter kon inmiddels lopen. Ik hoorde hem zeggen ‘Ga maar naar mama, ga haar maar vertellen wat een stumperd ze is’. Toen wist ik dat ik weg moest, dat mijn dochter anders zou gaan geloven dat dit normaal gedrag was.” Ze vluchtten met hulp van de politie, en kwamen in Groningen terecht.

Mijn dochter, mijn held
En ook voor de allerkleinsten is er in Het Kopland speciale aandacht. Ze hebben een eigen kinderdagverblijf, met pedagogisch medewerkers die zijn opgeleid om gedragsproblemen bij baby’s en peuters te herkennen. De dochter van Destiny gaat daar ook heen. In de eerste weken had ze het nog wel moeilijk: “Ze kopieerde het gedrag van de andere kinderen in de opvang. Ik probeer haar heel netjes op te voeden, met altijd alsjeblieft en dankjewel zeggen, en daar hield ze plotseling mee op. Mijn ouder-kind-begeleider hielp ons, zei dat het wel weer goed zou komen. En dat was ook zo: mijn kindje is lief en vrolijk, ondanks dat we alles achter ons hebben moeten laten.”

'Mijn dochter is mijn mini-voorbeeld'

Destiny noemt haar dochter haar mini-voorbeeld: “Met Sinterklaas keken we in zo’n gids van een speelgoedwinkel. Ze wees me alle spulletjes aan die ze thuis heeft en hier niet:  ‘Kijk mama, dat is van mij, dit heb ik allemaal’. Mijn hart brak. Maar ze was niet droevig, ze zei het gewoon. Ook al is ze nog zo klein, ik kijk echt tegen haar op.”   

Dat de focus bij de kinderen ligt, betekent niet dat de moeders niet aan bod komen. Vellinga: “We begeleiden hen ook om financieel zelfstandig te worden en om gezonde relaties op te bouwen. Of ze nou teruggaan naar hun partner of een nieuwe vriend krijgen, je wil niet dat ze in het oude patroon vervallen.” Soms moeten ze leren hoe ze met hun kinderen moeten omgaan. “Zo’n sfeer van angst in huis beïnvloedt alles, voor gezelligheid is weinig ruimte. We leren moeders voorlezen, samen koken of knutselen. Sommige vrouwen hebben dat zelf helemaal niet van huis uit meegekregen en weten gewoon niet beter.”

Voor Destiny geldt dat trouwens niet. “Ik heb zelf een fijne jeugd gehad, ben gewoon tegen de verkeerde man aangelopen.” Die zit in de gevangenis, hij mag geen contact hebben met Destiny en hun dochter. “Maar ik zorg dat ik nooit iets slechts over hem zeg. Hij blijft haar vader. En sinds een tijdje heb ik ook weer contact met mijn schoonfamilie. Omdat ik gevlucht was, wisten zij helemaal niet wat er aan de hand was, en waar hun kleinkind was gebleven. Ik heb ze samen met mijn begeleider een brief geschreven. Ik wil mijn dochter haar familie niet ontzeggen. Nu zien we elkaar wekelijks. Ze staan helemaal achter mijn besluit om weg te gaan.”

Niks om je voor te schamen
Farah heeft een goede band met haar moeder. Ze koken en eten iedere dag samen en met haar zusje. Haar vader spreekt ze ook regelmatig. Hoe lang ze nog bij Het Kopland blijven, weet ze niet. In de tussentijd gaat ze naar groep 7. “Ik wil later mondhygiëniste of  binnenhuisarchitect worden.” Nog zo’n verbeterpunt ten opzichte van een aantal jaar geleden. Vellinga: “Juist voor kwetsbare kinderen is onderwijs extra belangrijk. Daarom hebben we afspraken met scholen in de regio, dat ook kinderen die op vlucht zijn, toch gewoon naar school kunnen blijven gaan.”

Destiny wil in ieder geval nog even kwijt hoe blij ze is dat ze bij Het Kopland terecht is gekomen. “Ik ben trots op mezelf en op m’n dochter. In een half jaar tijd zijn we allebei weer onszelf geworden. Ik voel me supersterk.” Ze heeft een boodschap voor iedereen die te maken heeft met huiselijk geweld: “Je hebt niks om je voor te schamen. Ga weg. Als je dat niet doet, verandert er niets. Zorg dat je kinderen niet het verkeerde voorbeeld krijgen van wat ‘normaal’ gedrag is. Ze verdienen het om op te groeien in een veilige omgeving.”

Niet thuis op kunnen groeien. Dat wil geen enkel kind.
Helaas kunnen in Nederland ruim 50.000 kinderen niet meer thuis wonen. Vergeten kinderen, die mishandeld, misbruikt, verwaarloosd, verstoten en gevlucht zijn en opgroeien op een plek met vaak minimale speelmogelijkheden en traumabegeleiding. Dit is niet hoe een kinderleven moet beginnen. Daarom zet Stichting Het Vergeten Kind zich in om hun situatie te verbeteren. 

Teken de petitie
Tijdens de Week van het Vergeten Kind (29 januari – 4 februari) vraagt de Stichting extra aandacht voor het verbeteren van de situatie van 7.000 kinderen die jaarlijks noodgedwongen terechtkomen in de vrouwenopvang en de maatschappelijke opvang. Ongeveer de helft deze kinderen krijgt niet de hulp die ze nodig hebben om hun traumatische ervaringen te verwerken. Terwijl dit juist zo hard nodig is om patronen van geweld en verwaarlozing te doorbreken. Het Vergeten Kind vindt het onacceptabel dat deze kinderen door de maatschappij 'vergeten' worden. Help ook mee en teken de petitie via hetvergetenkind.nl.

Door Peper Hofstede

De namen van Farah en Destiny zijn gefingeerd.

Altijd weten wat er speelt?
Download de gratis RTL Nieuws-app en blijf op de hoogte.

Playstore Appstore

`