Spijt van je verhuizing

Oost west, thuis niet best

22 februari 2019 10:04 Aangepast: 06 maart 2019 16:44
Beeld © GettyImages

Verhuizen: spannend, leuk, stressvol – en soms ook totáál de verkeerde keuze. Komende week begint RTL met het programma Kopen Zonder Kijken, waarbij mensen een huis kopen dat ze van tevoren niet te zien krijgen. Slim of niet? “Als ik beter had nagedacht, had ik dit huis nóóit genomen.”

Na een heftige scheiding leek het Hester Okken (54) zo mooi: een gezellig appartementje, kleiner, en dus lekker knus. "Ik woonde met mijn toenmalige man en onze twee kinderen in een rijtjeshuis mét tuin, maar toen we uit elkaar gingen kwamen de kinderen nog maar om de week bij mij. Dus ik dacht: ik ga lekker kleiner wonen."

Spoiler: zo lekker was dat niet. Integendeel. "Ik voel me hier vreselijk opgesloten. Nu heb ik nog maar een balkonnetje van 2 bij 2 meter waar ik m’n kont niet kan keren. Ook de woonkamer en de keuken zijn opgepropt, de spullen komen op me af. Alsof ik op een studentenkamertje leef, zo voelt het." Alhoewel ze nu al vijf jaar in dit huis in Elburg woont, voelt ze er nog steeds niet thuis. "Natuurlijk, ik heb mijn best gedaan: ik heb er eigen spulletjes neergezet, ik houd het schoon, maak het sfeervol met verse bloemen en kaarsjes, en ook iedereen die hier binnenkomt zegt: 'Wat is het hier gezellig'. En dan denk ik: dat is alleen maar de buitenkant, dat is schone schijn. Ik voel me hier vreselijk, dit is níét mijn huis. Het liefst zou ik verhuizen, maar ik kan geen kant op, omdat ik al mijn punten al kwijt ben voor deze sociale huurwoning dus niet zomaar voor iets anders in aanmerking kom."

Spulletjes
Je eigen spullen in je nieuwe huis neerzetten: het is de eerste stap om van je huis een thuis te maken, weet Sander van der Ham. Hij is stadpsycholoog en doet al jaren onderzoek naar 'thuisgevoel'. "Het thuisgevoel is afhankelijk van een aantal bouwstenen", vertelt hij. De eerste: de mensen en de netwerken die op een bepaalde plek zijn en wonen. Voor het thuisgevoel is het belangrijk dat er sprake is van sociale herkenning als je door de buurt loopt. Mensen willen zichzelf met hun buurtgenoten kunnen identificeren: zijn ze een beetje zoals ik, hebben we iets met elkaar gemeen. Zijn de tuintjes hetzelfde, zetten mensen ongeveer dezelfde dingen op hun vensterbanken? "Dat is heel belangrijk", stelt Van der Ham. "Uit onderzoek blijkt dat hoe meer sociale contacten er in de buurt zijn, en hoe meer netwerken er zijn waar je je in bevindt – denk aan een leesclub, sportvereniging, bewonersraad – hoe beter dat is voor je gezondheid. Als je niet bij dat soort netwerken zit, en je ook niet kan identificeren met de buurtbewoners, dan kun je je heel geïsoleerd gaan voelen."

Hester herkent dat. Niet alleen ín haar huis voelt ze zich vervelend, ook daarbuiten, in de buurt. "Ik ben een alleenstaande, Nederlandse moeder van 54. Om mij heen wonen jonge, Nederlandse stelletjes van een jaar of 30, of gezinnen van allochtone afkomst. Ik lijk niet op die mensen, ik krijg moeilijk contact met ze en voel me een vreemde eend in de bijt."

 

'Juist in wijken waar mensen zich niet lekker voelen, zie je dat ze extra aandacht aan hun eigen huis besteden'

Alles onder controle
Een ander belangrijk component is controle: als je veel controle hebt over je woning en je buurt, dan voel je je eerder thuis. Klinkt een beetje vaag, maar Van der Ham verduidelijkt: "We zetten graag onze spulletjes ergens neer. Het is een vorm van identiteitsuiting, maar het is ook een manier om zélf te bepalen hoe je huis eruit komt te zien. Je begint binnen, in de woonkamer en slaapkamer, en daarna ga je rondom het huis de boel op orde brengen. Je zet een bankje neer, kiest planten uit die jij mooi vindt, enzovoorts."

Hoe verder je van de woning af gaat, hoe minder controle er is. Maar je kan daar wel aan werken. Je kan in de wijkraad gaan zitten, een buurtbarbecue organiseren, je bemoeien met de inrichtingen van het gemeenschappelijke plantsoen. Van der Ham: "Je ziet ook vaak dat in wijken waar mensen zich niet lekker voelen en dit soort dingen niet gebeuren, ze juist heel veel aan hun huis doen. Geveltje schilderen, tuintje doen, een uitbouw nemen. Omdat dát de enige plek is waar ze wel controle over kunnen uitoefenen."

'Succes met de buren'
Als je weinig controle hebt in je eigen woning, dan kan dat ervoor zorgen dat je je minder thuis voelt. Bijvoorbeeld bij geluidsoverlast door de buren – waar je niet veel aan kan doen, behalve vragen of het kan stoppen – of lekkages en andere woon-technische ongemakken. Daar kan Janneke (24) over meepraten. Ze woonde een tijd lang met haar moeder in huis, tot ze besloot met haar vriend te gaan samenwonen. Ze kozen een leuke studio uit op een fijne plek in Noord-Holland, vlak bij waar haar moeder woont. "Maar toen we de sleutel kregen, zeiden de vorige huurders iets van: 'Succes met de buren'. Mijn vriend en ik keken elkaar aan en dachten: oké, wat wil dat zeggen?" Na een paar dagen in hun nieuwe huisje, wisten ze wat de oud-bewoners daarmee bedoelden. De buurjongen heeft nogal grote dj-ambities. "We worden helemaal gek van het geluid."
 

'Ik wíl het hier ook helemaal niet m'n thuis maken'

En dat is nog niet het ergste. "We verdenken de buren ervan dat ze regelmatig drugs gebruiken. Ze zijn heel rumoerig, terwijl mijn wekker elke dag om 7 uur gaat. Soms klimmen ze op hun dak, waardoor ze precies bij ons naar binnen kunnen kijken. Weg privacy."

En weg thuisgevoel. Sterker nog: Janneke heeft zich hier, in deze studio, nooit thuis gevoeld. "Ik was laatst bij mijn moeder, en toen ging ik weer naar huis. Maar ik zei niet: 'Ik ga weer naar huis', ik zei: 'Ik ga naar onze studio toe'. Het voelt ook gewoon niet als thuis als ik erheen ga. Ik heb er een paar schilderijtjes hangen en de verhuisdozen met de praktische spullen – zoals kleding en keukenspullen – uitgepakt. Maar we willen hier zo snel mogelijk weg. Ik wíl het hier ook niet als mijn thuis maken." 

Ze voelt zich 'best wel ongelukkig'. "Als mijn vriend en ik allebei op de bank zitten, dan zou het gezellig moeten zijn, omdat we net samenwonen. Maar in plaats daarvan hebben we het alleen maar over de geluiden die de buren produceren. Het is zo jammer, en zo deprimerend."

Praatje met de buurman
Ook rituelen maken een plek een thuis. Denk aan: een praatje met de buurman – die je elke week wel een keer tegenkomt. Of naar een restaurantje in de wijk gaan waar je vaak en graag komt. De hond uitlaten op het vaste speelveldje en daar elke dag dezelfde baasjes tegenkomen. Een vaste kapper nemen in je wijk, het jaarlijkse straatfeest bezoeken, met je kinderen naar de speeltuin gaan.

Dat herkende Liesbeth (29) heel erg toen ze noodgedwongen, na een relatiebreuk, naar een andere wijk in Utrecht verhuisde. "Met pijn in mijn hart nam ik afscheid van mijn oude wijk, waar zo veel fijne flexwerkplekken waren, waar mijn favoriete kroegje zat, waar ik mijn eigen kapper, buurtwinkeltje en zonnebank had." Maar, toen ze eenmaal gesetteld was in haar huis, begon ze meteen dit soort plekken te zoeken in haar nieuwe wijk. "Ik kwam erachter dat hier ook fijne plekken zijn waar ik met mijn laptop kan werken. En ik maak nu elke ochtend een wandelingetje met mijn hond langs het water – een plek die inmiddels vertrouwd is." Ook heeft ze haar huisarts en kapper in haar oude wijk vaarwelgezegd. "Een nieuw huis betekent dat je heel veel nieuwe plekken gaat leren kennen." 

"Al die routines dragen bij aan je thuisgevoel", verklaart Van der Ham. Ook niet te vergeten: een klaverjasavondje in het buurthuis, een karaokeavond. Bijkomend voordeel: ze verbinden ook nog eens je netwerken in de buurt – een win-winsituatie, dus.

'Mensen die zich niet thuis voelen, komen minder buiten, voelen zich eenzaam, neerslachtig en misschien zelfs depressief'

Last but not least: de laatste bouwsteen. Organisatie – dus de manier waarop mensen zorgdragen voor een wijk. Want: een thuisgevoel kan snel veranderen. Omdat de buren verhuizen, omdat de verkeerssituatie in de wijk verandert, omdat er problemen ontstaan zoals overlast, omdat er nieuwe panden bij komen en andere gebouwen verdwijnen. Dus de wijk moet mee veranderen met de wensen en behoeften van de bewoners. "Een gemeente of wijkraad kan niet zeggen: we zetten daar een nieuw bankje neer en we maken een nieuw parkje, en daar heeft de hele buurt tot in de eeuwigheid profijt van", legt Van der Ham uit. "Zo werkt het niet, want een buurt is continu in beweging."

Ongezonde mensen
Dat wil zeggen: er zijn mensen nodig die nadenken over wat de buurt nodig heeft, en die moeten zich organiseren. En dan actief inspelen op veranderingen in de buurt. Wat er moet gebeuren om de boel leefbaar en – als het éven kan – ook nog eens gezellig te houden. "Daarom is een ondernemersvereniging in de wijk belangrijk, of een bewonersraad of wijkraad", zegt Van der Ham. Ook de gemeente speelt hier een grote rol in, net als een woningcorporatie, scholen, huurdersvereniging. "Iedereen die belang heeft bij een gezonde plek."

En dat belang is groot. Want geen thuisgevoel, betekent vaak dat mensen ongezonder worden. Van der Ham: "Mensen die zich niet thuis voelen, komen minder buiten, voelen zich eenzaam, neerslachtig en misschien zelfs depressief." Ook fysiek kan iemand dan achteruitgaan: "Mensen die zich minder thuis voelen, die beoordelen hun eigen gezondheid ook als minder goed. Daardoor worden ze inactiever, gaan ze dingen uit de weg, zullen ze liever gaan bankhangen dan gaan wandelen. Ze kunnen minder goed met de uitdagingen van het leven dealen, en dan krijg je dus ook dat het binnenshuis een beetje verloedert. Want als er iets kapot is in huis, en je voelt je ongezond of slecht, dan voel je die noodzaak om het te maken, ook niet zo."

En dan is het hek van de dam. Want: "Thuis moet je zien als een backstage-plek van een popster. Een plek waar niemand je kan zien, waar je kan bijkomen, uitrusten, eten, drinken, slapen. Je moet je er veilig voelen. Elk mens heeft dat nodig."

'Denk beter na'
Daarom heeft Hester Okken nog wel een advies: denk echt goed na over een verhuizing, ook al is er haast bij. "Ik ben te impulsief verhuisd, omdat ik in zo'n verdrietige scheiding zat en een nare thuissituatie had." Maar zeélfs als je in zo'n situatie zit, raadt Hester aan: maak een lijstje met alle voor- en nadelen van je nieuwe woning. "Dat heb ik gedaan, en ik heb spijt als haren op mijn hoofd." Nog een tip: praat met mensen die in zo'n zelfde huis wonen als waar jij naartoe wil verhuizen. "Als je er woont, dan weet je pas hoe het voelt." 

Hoe vergroot je je thuisgevoel?

"Eigen een huis toe", zegt Van der Ham. "Maak er iets persoonlijks van, want een huis inrichten is een uiting van je identiteit. Hiermee zeg je: dit ben ik, dit is mijn plek." Verf een muur in je lievelingskleur, richt een vitrinekast in met je favoriete spullen. "Vanuit daar kun je langzaam naar buiten werken, je tuin of balkon inrichten, een bankje op de stoep zetten. Als je meer buiten bent, leer je vanzelf je buren kennen, maak je vanzelf praatjes, en dan leer je ook meteen wat de leuke plekken in de buurt zijn."

Nog een tip: verwacht vooral niet te veel van die kletspraatjes met de buren. "Het hoeven geen hechte vriendschappen te worden, want juist die korte praatjes die zijn belangrijk voor je thuisgevoel." Wie moeite heeft met contact leggen met de buren, kan ook vrijwilligerswerk gaan doen. "Of loop een keer langs het buurthuis."

 

Altijd weten wat er speelt?
Download de gratis RTL Nieuws-app en blijf op de hoogte.

Playstore Appstore