Briefgeheim

'Alsjeblieft, doe de deur open als onze kinderen aanbellen'

23 augustus 2019 09:32 Aangepast: 27 augustus 2019 12:11
Foto ter illustratie Beeld © iStock

In deze rubriek schrijven lezers een brief aan iemand die een belangrijke rol in hun leven heeft gespeeld, positief of negatief. Dit keer Ester* (62). Ze schrijft een brief aan haar ex, die hun kinderen niet meer wilde zien en nu doodziek is.

Lieve ex,

Weet je nog, hoe verdrietig ik was, dat we geen kinderen konden krijgen? Ik was 32, had alle soorten behandelingen al gehad en de dokter zei: 'Stopt u er maar mee, mevrouw, het heeft geen zin'. Weg toekomstdroom. Weg gezin.

En toen was ik, twee jaar later, toch spontaan zwanger. Een wonder met de hoofdletter W. Ik dacht dat ik gek was geworden, kon het niet geloven. De huisarts ook niet. Die zei dat ik beter even langs kon komen. Maar: ja, ik was echt zwanger. Een meisje werd het en ik kon mijn geluk niet op, vanaf het moment dat ik dat kleine baby'tje zag, en amper een jaar daarna onze tweelingjongens, voelde ik dat ik álles voor die kinderen zou doen. Ik zou er altijd voor ze zijn.

Maar jij niet. Je kon het niet. Ik weet nog hoe je een keer een week lang verdween. Je was gewoon weg en ik wist niet waar je was. Na een week belde je weer aan met de vraag of de koffie al klaar stond. Ongelooflijk. Je was, zo bleek later, bij een andere vrouw.

'Weet je waar ik niet over kon liegen tegen de kinderen? Waarom je er niet was. Als ze een nachtmerrie hadden. Als ze een voetbalwedstrijd hadden'

De kinderen waren pas kleuters toen we scheidden. We hadden de afspraak dat je ze om de vijf weken een weekend zou ophalen. Ik was met de kinderen verhuisd, noodgedwongen, omdat jij per se in ons huis wilde blijven wonen. Eerst hadden we drie maanden een zwerversbestaan. Onze kleren zaten in vuilniszakken en we sliepen bij mijn zus, bij vriendinnen van me. Uiteindelijk vond ik een huisje voor mij en de kleintjes. We kwamen in een wijk terecht waar je niet terecht wilt komen. Als ik de gordijnen opendeed, zag ik de sloopauto's staan, buren die elkaar in de haren vlogen, geschreeuw. Maar ik zei tegen de kids: 'Wat wonen we hier toch mooi!' Kinderen geloven dat.

Maar weet je waar ik niet over kon liegen? Waarom je er niet was. Als ze een nachtmerrie hadden. Als ze een voetbalwedstrijd hadden. Als ze hun rapport kregen op school. En waar was je, toen onze zoon met autisme werd gediagnosticeerd? Toen ik dat hoorde, viel er veel op z'n plek. Dit is het geweest. Ik denk oprecht dat jij er ook mee kampt. Had ik het maar geweten. Dan had ik er misschien mee om kunnen gaan.

'Ik dacht: dit doet niemand. Maar je deed het wel. Je kwam ze niet ophalen. Ik heb nog nooit zó veel verdriet gezien'

Ik zie ze nog zitten, bij mij op de bank. Ze zaten er helemaal klaar voor, voor hun maandelijkse weekend bij papa, rugtasje op schoot, grote ogen van opwinding. Je had van te voren al een briefje geschreven – of je nieuwe vrouw had dat gedaan. 'Ik kan het niet meer, ik wil ze niet meer zien'. Maar ik dacht: hij is dronken. Zo dronken als een tor. Want dit… Dit doet niemand. Dit doet echt níémand.

Maar je deed het wel. Je kwam ze niet ophalen. Je liet onze dochter en zoons zitten. Je dochter huilde, aan één stuk door. Je ene zoon kon het niet geloven, de ander ging heel hard krassen, op de leuning van de bank, op zichzelf, op de grond. Ik heb nog nooit zó veel verdriet gezien.

Ook ik heb je al die jaren gemist aan mijn zijde, om even te overleggen, trots of zorgen te delen. Een kind met autisme is bijzonder, maar ook best pittig.

Toen ik hoorde dat je kanker had, en zware behandelingen moest ondergaan, heb ik er wakker van gelegen. Ik haat je niet. Ik ben niet boos. Ik snáp je alleen niet, maar er is geen wrok. Ik heb van je gehouden, voordat we ouders werden was ik gelukkig met je.

"Ik hoop echt, uit de grond van mijn hart, dat jij je kinderen nog een keer allemaal bij elkaar wilt zien"

Maar ons verdriet zit heel diep. Toen mijn zoon vader zou worden, voor het eerst, zei hij: 'Ik hoop dat het een jongetje is. Dan kan ik mezelf, en iedereen, laten zien hoe je een goede vader voor je zoon moet zijn.'

Mijn dochter belde een aantal jaar geleden bij je aan. Ze wilde zien wie je was. Je deed de deur open en herkende haar niet. Zo pijnlijk. Nu jullie een paar keer mondjesmaat contact hebben gehad, gaat het beter met haar, ze snapt nu wie je bent en dat is fijn voor haar. Mijn zoons snappen dat binnenkort misschien wel de laatste periode is dat ze jou kunnen zien, hun vader kunnen leren kennen.

Ik weet niet of ze het willen. Maar ik hoop echt, uit de grond van mijn hart, dat jij je kinderen nog een keer allemaal bij elkaar wilt zien. Nodig ze bij je uit, laat ze zien wie hun vader is, leg hen dingen uit, vraag naar hun levens. Je kan nu niet met terugwerkende kracht op verjaardagen aanwezig zijn, langs het voetbalveld staan. Je kunt hun kindertijd nooit meer inhalen. Maar je kunt wel je kinderen leren kennen hoe ze nú zijn. Ik ben zo bang dat jij op het allerlaatste moment spijt krijgt. En ik ben zo bang dat mijn kinderen, stel je overleeft die rotziekte niet, altijd spijt zullen hebben dat ze je niet meer hebben gezien.

Ik ga mijn zoons niet pushen. Het zijn volwassen mensen – fantastische mensen bovendien – die heel goed hun eigen keuzes kunnen maken. Maar ik hoop dat, mochten ze voor je deur staan, je de deur openhoudt. Evenals je hart. Ik weet zeker dat je trots gaat voelen, de trots die je alleen als vader of moeder voor je kind voelt. Ik gun je dat, en ik gun het mijn kinderen.

Ondertussen zal ik afwachten en hopen.

Liefs,
Ester

Briefgeheim is een wekelijkse rubriek van RTL Nieuws Weekend. Hier schrijven lezers (anoniem) een open brief aan iemand die van grote betekenis is geweest in hun leven, positief of negatief. Wil je ook samen met een van onze redacteuren een brief schrijven? Mail ons dan op weekendmagazine@rtl.nl.

*De naam Ester is op verzoek van de briefschrijfster gefingeerd. Haar echte naam is bekend op de redactie.

Altijd weten wat er speelt?
Download de gratis RTL Nieuws-app en blijf op de hoogte.

Playstore Appstore

`