Gezin

De opvoedkwestie: laat ze lekker vallen

02 januari 2019 12:42 Aangepast: 17 januari 2019 18:17
Beeld © iStock

‘Pas op, schatje! Kijk je uit? Straks val je!’ Journaliste Anne Broekman (39) hoort het zichzelf regelmatig roepen naar haar driejarige dochter. Daarom probeert ze in deze nieuwe rubriek dit keer een antwoord te vinden op de vraag hoe ze kan kappen met dit overbezorgde gedoe.

"Mama, kijk!" Ik draai me om en zie mijn dochtertje op de hoogste stang van het klimrek staan. Ze balanceert behendig, maar toch klopt mijn hart in mijn keel. "Voorzichtig lieverd", murmel ik, terwijl ik beschermend mijn handen in de lucht steek, als improvisorisch vangnet. Geen slimme actie, aldus Hanneke Poot, die als kinderfysiotherapeute en psychomotorisch remedial teacher gespecialiseerd is in de ontwikkeling van kinderen. "Weg met die helpende handjes, zeg ik altijd. Een kind leert met zijn lijf, door buiten zijn eigen kunnen te gaan. En dat gaat letterlijk met vallen en opstaan. Als het goed is, komt je kind na het spelen vol blauwe plekken, schrammen en butsen thuis. Dat zijn eremedailles en leermomenten. De benen van kinderen zien er tegenwoordig veel te ongehavend en schoon uit. Zonde."

'Ouders moeten ophouden met al dat geduw en getrek'

Dat zal allemaal wel, maar toch is er die angst voor schedelbasisfracturen, botbreuken en hersenschuddingen. En daar zit precies een enorm pijnpunt in onze maatschappij, zegt Hanneke Poot: "We zijn zo ontzettend bang dat onze kinderen iets overkomt. Daarom zie je zoveel onzinnige uitvindingen bij kinderspeelgoed, zoals zijwieltjes voor fietsen – die oorspronkelijk uit de kinderrevalidatie komen en helemaal niet voor dagelijks gebruik bedoeld waren. Of zo’n driewieler met stang, waarmee ouders hun kind kunnen voorduwen. Al dat geduw en getrek, ouders moeten daarmee ophouden. Laat kinderen zelf het werk doen. En door steeds te roepen dat ze voorzichtig moeten zijn, zeg je eigenlijk: ik heb geen vertrouwen in jou. Die overbezorgdheid werkt averechts. Kinderen kunnen ernstige ongelukken krijgen als zij niet geoefend hebben. Daarom is het belangrijk dat zij veel vrij leren bewegen."

'Doe niets, maar kijk vooral. Niet op je telefoon, maar naar je kind'

Duidelijke zaak, maar hoe pak je het als ouder dan wél goed aan? Het antwoord daarop is even simpel als doeltreffend: door helemaal niets te doen. Nou ja, één ding dan: goed kijken naar je kind. "Een vorm van nonchalance is prima, als de omgeving maar veilig is. Ga met je kind naar een grasveldje of speelplaats zonder auto’s of water in de buurt. En laat je kind los. Dat is alles. Zeg niets en doe niets, maar hou wel een oogje in het zeil. En kijk vooral. Niet op je telefoon, maar naar je kind. Je tijd en je aandacht, dat is het kostbaarste wat je je kind kunt geven. Soms hoor je ouders een kind tig aanwijzingen geven over hoe het van de glijbaan moet gaan. Nergens voor nodig. Kinderen kunnen dat prima zelf. Ze moeten op zichzelf leren vertrouwen, niet op jou of zijwieltjes."

`