Liefde & relaties

De laatste keer: 'Een stemmetje in mijn hoofd schreeuwde 'Doe het niet!''

30 november 2018 07:55 Aangepast: 30 november 2018 15:49
Beeld © GettyImages

Die ene keer dat Esma* (23) seks had met een heel foute man, was meteen de laatste keer dat ze met hem naar bed ging. “Terwijl we het deden, noemde hij mij een sletje.”

“‘Mij naam is Najim’, grijnsde hij naar me, vanachter het stuur van zijn peperdure Golf. Al maanden hadden we oogcontact als hij door mijn wijk reed – hij had van die grote, bruine ogen – en eindelijk sprak hij me aan. Hij had zo veel charisma. Elke vrouw zou voor zo iemand vallen. En hij was heel zelfverzekerd, dat trok me wel, niet veel mannen van 28 hebben dat. 

‘Is dat je echte of neppe naam?’ plaagde ik hem. In onze Marokkaanse cultuur is het gebruikelijk om niet meteen alles van jezelf bloot te geven zodat er niet zo veel over je geroddeld wordt. ‘Mijn echte naam krijg je te horen wanneer ik vind dat je die hebt verdiend’, zei hij op een arrogant toontje. Ik – naïef als ik was – dacht dat hij daarmee bedoelde dat hij mij eerste wilde vertrouwen.

'Hij was de jager, ik slechts zijn prooi. Dag ruggengraat, dag sterke vrouw'

Ik was meteen verliefd. We appten veel, ik fietste geregeld van de ene kant van de stad naar de andere kant, om maar vijftien minuten bij hem in de auto te zitten tot hij weer werd gebeld door een of andere vage gast, en ik weer kon uitstappen. We praatten over van alles en nog wat. Seks hadden we niet – hij drong er ook niet op aan. Maar ik wilde hem, en dat wist hij. Hij kon het zien in mijn ogen. En ik wist heus wel dat hij niet goed voor me was, met z’n te witte glimlach en z’n dure pakken, met z’n veel te glimmende auto onder z’n afgetrainde kont. Hij had altijd dat besmuikte lachje op zijn gezicht – alsof hij mij continu uitlachte. 

Een stemmetje in mijn hoofd schrééuwde het tegen me, doe het niet Esma, doe het niet, deze man is gevaarlijk. Mijn eer en trots riepen moord en brand, maar ik weigerde te luisteren. Ik zonk steeds dieper weg in een doolhof van mijn eigen clichés. Misschien was ik wél het meisje dat hem aan zich kon binden. Misschien hield hij van mij. 

Maar hij was de jager, ik slechts zijn prooi. Dag ruggengraat, dag sterke vrouw. Ik ben hoogopgeleid, mooi, slim en ik wachtte op zijn appjes als een bevend bang vogeltje. Hij deed er alles aan om me in zijn bed te krijgen. Tuurlijk lukte hem dat ook, de eerste keer dat ik bij hem thuis was in zijn appartement. We kenden elkaar toen twee maanden. Ik zat op mijn knieën voor hem en hij kickte op de macht die hij had. Hij keek op me neer met die minachtende blik. ‘Zeg me dat we seks gaan hebben’ riep hij. Ik antwoordde niet. Hij herhaalde zijn woorden. De derde keer pakte hij mijn gezicht. ‘Zeg me dat we seks gaan hebben!!’ Ik wilde het wel op dat moment, dat doet verliefdheid met je, maar ik hoopte en wenste dat het romantischer zou zijn. En tegelijkertijd dacht ik: als ik dit niet doe, dan gaat hij sowieso bij me weg. 

'Het was allesbehalve fijn'

Hij dwong me niet, ik ging er zelf in mee. Het was allesbehalve fijn. ‘Een dame op de straat, een prinses in de keuken en een sletje in mij bed, precies hoe ik het wil’, hijgde hij. Ik zette mijn verstand op nul. Toen hij zijn hoogtepunt had bereikt, fluisterde hij in mijn oor: ‘Ik heet trouwens Rachid’. Ineens begreep ik wat hij bedoelde met dat ik zijn naam zou moeten verdienen. 

Ik besefte dat ik mezelf voor de gek hield met deze gast, ik wilde mijn leven terug. ‘Ik ga’, zei ik toen we klaar waren. Hij stond op het balkon, rookte een sigaretje, zei niets. Ik gunde deze Najim – of Rachid – geen seconde meer van mijn tijd en mijn lichaam. Dit doe ik nóóit meer. Ik stormde zijn huis uit, en buiten blokkeerde ik meteen zijn nummer. Het spel was afgelopen. ’s Avonds keek ik naar mijn telefoon. Hij had mij ook geblokkeerd.” 

 

*De namen van Esma en Najim/Rachid zijn gefingeerd.  

`