#dfp-billboard1 [id^="google_ads_iframe_"], #dfp-halfpage1 [id^="google_ads_iframe_"] { margin-right: auto; margin-left: auto; }
Gezin

Samenwonen met hindernissen: 'Katten zijn kleine controlfreakjes'

28 juni 2019 10:05 Aangepast: 28 juni 2019 18:37

Hartstikke leuk en romantisch hoor, dat samenwonen. Maar met twee katten die ongevraagd en duidelijk ook ongewild huisgenoten worden, is het vragen om hommeles – zo ondervond redacteur Peper Hofstede aan den lijve. Hoe leid je dat in goede banen?

Over of het tussen ons wel goed zou gaan, maakten we ons eigenlijk nauwelijks zorgen. Het was januari en we besloten dat we tegen de zomer weleens wilden gaan samenwonen, mijn vriend Roel en ik. Geldzaken, schoonmaakschema's, de inrichting van zijn woonboot, daar zouden we wel allemaal uitkomen. Maar ja: de katten.

Want mijn kat Eddie en zijn kat Zoë (Eddy Zoey is al op de hoogte) waren allebei geen andere katten gewend. Ja, misschien wat buurpoezen, die in beide gevallen het vaak genoeg moesten ontgelden met een snauw of een tik. Dat beloofde weinig goeds.

Maar Roel en ik zijn vastbesloten er een succes van te maken. Of het toch in ieder geval niet op een bloedbad uit te laten lopen. Straks zitten we met twee totaal gestreste, ongelukkige haarballen thuis, die nooit meer willen knuffelen en de boel onder plassen. En dus bel ik een paar weken voor de Grote Verhuizing met kattengedragsdeskundige José Dieker. Wat kunnen we doen om de overgang en de kennismaking zo soepel mogelijk te laten verlopen?

'Als er ineens een vreemde man bij jou op de stoep staat en zegt dat hij bij je intrekt, ben jij ook niet blij'

"Eigenlijk zijn alle katten kleine controlfreaks", vertelt Dieker. "Controle en veiligheid zijn het allerbelangrijkste voor ze. Van onvoorspelbaarheid houden ze niet, verandering lusten ze niet. Argwaan en terughoudendheid zijn natuurlijk gedrag." Zo'n verhuizing is dus op zichzelf al – excusez le mot – geen kattenpis. En al helemaal niet als er dan ook nog een andere bootpoes blijkt te zijn.

Om alles goed te laten verlopen, kunnen we volgens Dieker het best de katten het tempo laten bepalen en ze zo veel mogelijk het gevoel geven dat ze controle hebben. Dieker: "Als er ineens een vreemde man bij je op de stoep staat en zegt dat hij bij je intrekt, ben je ook niet blij. Neem er dus gerust heel veel tijd voor, eerder een paar weken dan een paar dagen." Roel, die als voormalig Midden-Oostencorrespondent lang in Israël woonde, pleit voor een éénstaatoplossing met de keuken als gedeelde hoofdstad. De ervaring leert dat dat nog behoorlijk complex is.

De hoofdrolspelers

Links: Eddie, een kroelkip van 4, immer relaxt in zijn grijze joggingpak, maar ook wel een beetje een baasje. Je kan er zeg maar gerust een Louis Vuitton-tasje bij verzinnen. Hij is gek op mensengezelschap, en zou ook wel graag een kattenvriend of -vriendin willen, maar de ervaring met buurpoezen leert dat dat toch vaak op een partijtje matten uitdraait.

Rechts: Zoë Apocalyps, een freule van 15, statig en afstandelijk in haar zwarte smoking. Zeer eenkennig in de mensen die haar aaitjes mogen geven, als ze daar überhaupt voor in de stemming is, anders krijg je een tik. Schuchter en bepaald geen fan van buurkatten Appie en Killer. Wel dol op routine: hoe voorspelbaarder, hoe beter.

Om mijn Ed de stress van de verhuizing niet twee keer aan te doen, brengen we hem al een paar dagen eerder – onder luid protest – van de ene kant van de stad naar de andere. We hebben het schip van Roel in twee strategische zones ingedeeld. Zoë krijgt het vooronder, de woonkamer en alle ruimte buiten. Eddie mag het achterschip: de slaapkamer, de gang en de zitkamer.

Op aanraden van de kattengedragdeskundige hangen we niet alleen een gewone deur tussen de twee delen, maar zet Roel ook nog een speciale hordeur in elkaar. De strategie: prikkels langzaam opbouwen. Dieker: "Laat ze eerst maar rustig wennen met de deur dicht, totdat ze allebei ontspannen zijn in hun eigen gedeelte. Als dat het geval is, kan je steeds een prikkel toevoegen. Dus de hordeur ertussen, eerst nog met een dekentje eroverheen, zodat ze elkaar wel goed kunnen horen en ruiken, maar nog niet kunnen zien. En als ze daar goed op reageren, kan ook de deken eraf. Eigenlijk geldt: elke stap te snel, is drie stappen terug. En je hebt maar één kans op de eerste ontmoeting, dat kan maar beter een positieve zijn."

Per ongeluk de eerste kennismaking Per ongeluk de eerste kennismaking

Zo gezegd, zo gedaan. Eerst is er nog een beetje stress, als blijkt dat de katten elkaar onder de deur door spotten, wat direct een concert aan zingen en blazen oplevert. Een dekentje tegen de kier biedt uitkomst. Die eerste nacht doen ze beiden geen oogje dicht. Ik word zelf een paar keer wakker en zie dan Eddie, normaal zo'n getalenteerd slaper, intens naar de deur staren waar hij Zoë achter hoort rondscharrelen.

Maar dat duurt gelukkig niet lang. De volgende dag al lijkt Ed, sowieso een bijzonder ontspannen type, zich behoorlijk thuis te voelen. Hij gaat overal op onderzoek uit en creëert zijn eigen safe space in een voorraadkast, waar hij tevreden ligt te spinnen tussen de blikken met bonen en extra pakken wasmiddel. Voor Zoë bouwen we in het vooronder een tentje van een paar dekens, een bouwlamp en een gitaarkist. Een gouden vondst, zo blijkt, want ze is er niet meer uit te slaan.

Ed in zijn element Ed in zijn element
Zoë in haar dekentjesfort Zoë in haar dekentjesfort

Na een dag of drie laten we de gewone deur open en houden we alleen de hordeur dicht. Dat levert veel gesis van Zoë op en een beteuterd koppie bij Ed: hij is wel klaar om de rest van de boot te ontdekken, maar hij moet nog even achter het gaas blijven. Op aanraden van Dieker spelen we extra veel met de katten, ter vermaak en ontspanning - wij hebben allebei vakantie, dus alle tijd.  

Eddie zwelgt in zijn gevangenschap... Eddie zwelgt in zijn gevangenschap...
terwijl Roel en Zoë aan de andere kant van de boot op de uitkijk zitten terwijl Roel en Zoë aan de andere kant van de boot op de uitkijk zitten

Als we het idee hebben dat beide katten er wel aan toe zijn, doen we de hordeur open, onder strikte begeleiding. Dat gaat niet direct soepel: Ed vindt het enig om zijn nieuwe omgeving te verkennen, maar loopt steeds een pissige Zoë tegen het lijf, die hem met luid geblaas te kennen geeft dat zijn aanwezigheid niet op prijs wordt gesteld. Als Roel haar gerust probeert te stellen, moet hij dat met een paar flinke klappen – en dus een paar behoorlijke schrammen – bekopen.

Zoë beoefent een beproefde, maar weinig effectieve techniek: ze probeert de kat uit de boot te kijken

Wat wel helpt is dat er veel niveauverschillen zijn. Dat is ook iets dat José Dieker van tevoren aangaf: "Eigenlijk wil je niet dat ze elkaar op de grond tegenkomen en dat ze dan niet weg kunnen. Dat is vragen om gedonder. Als ze ergens de hoogte in kunnen, houden ze overzicht." En dat werkt inderdaad prima. Ed verschanst zich op de barkrukken en de plankjes bij het raam, Zoë bouwt kamp op in haar tent van waaruit ze haar domein – nu alleen nog het vooronder – met harde klauw verdedigt. Vanuit haar bolwerk beoefent ze een beproefde, maar weinig effectieve tactiek: ze probeert de kat uit de boot te kijken.

Zonder succes, want Eddie wint terrein. Na een week of twee mag hij, ook weer onder strikte begeleiding, weleens een wandelingetje maken over het terras. Geweldig vindt hij het, want in zijn vorige huizen had hij nog nooit zoveel bomen, water en vogels gezien. Maar ja, daar kom je dus ook andere katten tegen.

Maar over het algemeen blijft het hierbij: Eddie zoekt de grenzen op, Zoë bakent ze af. En zoals het een keurig Brits meneertje betaamt, snapt Ed best dat nee echt nee betekent. Zij sist, hij druipt af. Zodra het overwegend goed gaat en de katten elkaar voornamelijk beleefd negeren, laten we ook de hordeur open als we zelf (eerst kort en later ook langer) weggaan. Bij thuiskomst volgt een inventarisatie: zijn alle ogen en oren nog intact? Niemand gaan zwemmen in de Amstel? Geen territoriale plasjes gedaan? Maar nee, alles blijft rustig.

Piratenkat Ed is inmiddels zelfverklaard koning van de twee woonboten en krijgt het daardoor wel aan de stok met de buurkatten. Killer, kletskop en knuffelkont, lijkt weinig geïntimideerd door de the new cat in town, maar Appie, toch al een chagrijnig stukje vreten, gaat de uitdaging graag aan. Dan zien we Ed weer met een dikke staart over het dak rennen en snel door een van de patrijspoorten of zijraampjes naar binnen vluchten.

Eddie, nog enigszins onwennig, op de boot van de buurman Eddie, nog enigszins onwennig, op de boot van de buurman

Al met al zijn we – een maand na de verhuizing – niet ontevreden. Maar er is nog één strijd te beslechten: Zoë durft niet meer naar het achterschip, ook als Ed daar niet is. En dat is best zielig, want een van haar vaste routines is om Roel 's avonds voor het slapen gaan even in te stoppen en hem 's ochtends weer wakker te maken voor het ontbijt. Omdat Eddie bij ons slaapt, durft ze dat niet meer.

We zijn dus supertrots op haar als ze op de ochtend van publicatie van dit artikel ineens op bed verschijnt, met een duidelijke behoefte aan aaitjes en wat te eten. Ed staat het oogluikend toe. Even later maakt Zoë nog even een wandelingetje over het dek, struint terloops de oevertuin in en balanceert over de railing - dat durfde ze eerst allemaal niet. Ga er maar aanstaan: een controlfreak op hoge leeftijd, die zich nog zo stoer aanpast aan een nieuwe situatie. Daar hoop ik ooit als ik later oud en onbuigzaam ben nog vaak een voorbeeld aan te nemen.

Samen op de foto. 'Hij zit achter me, hè?' Samen op de foto. 'Hij zit achter me, hè?'

Op een rijtje

Ga jij binnenkort ook samenwonen met verhuisdieren? Hier nog de beste tips van kattengedragdeskundige José Dieker op een rijtje:

- Katten zijn controlfreaks. Geef hen zo veel mogelijk regie en laat hen het tempo bepalen.

- Geef de kat in zijn nieuwe woning een eigen, afgesloten ruimte met zijn eigen eet- en drinkbakje, mandje, kattenbak en speeltjes en laat hem eerst daar wennen.

- Maak een deur van gaas, waar je aanvankelijk een dekentje overheen kan hangen. Een babyhekje werkt ook, zolang ze er maar niet overheen kunnen springen.

- Laat de katten elkaars ruimte afzonderlijk van elkaar ontdekken, zodat ze elkaars geur kunnen ruiken.

- Wacht tot ze ontspannen zijn in de nieuwe situatie voordat je weer een nieuwe prikkel toevoegt.

- Probeer ze niet naar elkaar toe te lokken, laat ze zelf de stap maken.

- Doe een stapje terug als de situatie te gespannen wordt.

- Zorg voor veel hoge plekken zodat ze elkaar niet op de grond hoeven tegen te komen.

- Speel en knuffel extra veel met de katten, zodat ze lekker kunnen ontspannen.

- Zorg ook als ze wel bij elkaar in de ruimte komen, dat hun eet- en wc-gelegenheid van elkaar gescheiden is, liefst met minimaal twee meter ertussen.

En als het om een hond en een kat gaat:

- Voor de hond is het spannend, maar voor de kat is het spannender.

- Honden maken liever contact, katten houden liever controle.

- Train met de hond dat hij rustig blijft en afstand houdt.

- Houd de hond in het begin zoveel mogelijk in zijn bench.

- Zorg ook hier voor genoeg hoge plekken, zodat de kat zich terug kan trekken.

Altijd weten wat er speelt?
Download de gratis RTL Nieuws-app en blijf op de hoogte.

Playstore Appstore

`