Ga naar de inhoud
Niet babyblauw maar zwart

Sander werd vader van een tweeling en zijn lijf schreeuwde: 'Ik wil ze niet'

"Ik voelde me een ongelofelijke lul en een mislukking." Beeld © Jasper Steffens

Toen Sander Voesten (43) na een intensief fertiliteitstraject vader werd van niet één, maar twee kinderen, had hij de gelukkigste man op aarde moeten zijn. Want dat was toch wat je hoorde te voelen, een overweldigende golf van vaderliefde? Sander voelde eerder het tegenovergestelde: een niet te negeren afkeer van die nieuwe rol. "Ik begreep niet wat er mis met me was."

Kinderen kunnen krijgen is nooit vanzelfsprekend, maar voor Sander en zijn vrouw was het bijna onmogelijk. Zij heeft PCOS, hij heeft traag zaad. Dat Nienke* na een aanvankelijk vruchteloos fertiliteitstraject toch zwanger raakt, van twéé kinderen nog wel, mag dan ook gerust een klein wonder worden genoemd.

"Met die mogelijkheid hadden we geen rekening gehouden", vertelt Sander. "Het was gebeurd via een ad hoc kunstmatige inseminatie met drie eiblaasjes, een voorstel van de arts omdat die oogst niet groot genoeg was voor een ICSI-poging (een vruchtbaarheidsbehandeling waarbij in iedere eicel één zaadcel naar binnen wordt gebracht, red.). Op de eerste echo was te zien dat het zelfs een drieling was geweest. Dat betekende een 100 procent score met de inseminatie. Die kans was volgens de arts extreem klein."

Als
Lees ook:
Als zwanger raken niet vanzelf gaat: 'Het móést lukken'

Dat hij vader wilde worden stond voor Sander buiten kijf, al was het jarenlang iets wat hij op de lange baan schoof. Vanaf het moment dat hun vruchtbaarheidsproblemen en de mogelijke gevolgen zich aftekenden, ging de knop om: het kon wel jaren duren, dus ze hadden geen tijd te verliezen. Maar toen ging het opeens verrassend snel. Anderhalf jaar na het slechte nieuws dat het met zijn vruchtbaarheid óók niet goed zat, lag Nienke in de operatiekamer voor de geplande keizersnede.

Nogal een klinisch gebeuren, vond Sander. "Het was geen bevalling maar een operatie. De romantiek was ver te zoeken. Na 23 minuten waren onze beide zonen geboren. Ik realiseerde me pas achteraf dat me dat veel te snel was gegaan. Ik had weliswaar negen maanden de tijd gehad om aan het idee te wennen, maar toch: ineens waren ze daar."

Toen hij zijn eerstgeborene kreeg overhandigd, ging Sander er eens goed voor zitten, schrijft hij in zijn boek (waarover later meer): het alles veranderende, aardschokkende moment, die overweldigende vloedgolf van liefde, het toppunt van zijn leven tot dan toe, de extase, de blijdschap.

Maar extase was niet bepaald hoe hij zijn gevoel op dat moment zou omschrijven. "Ik voelde met name allerlei andere dingen, allemaal door elkaar. Bezorgdheid, liefde, trots, medeleven voor Nienke, dankbaarheid en een enorme verantwoordelijkheid. Maar die geluksgolf, die was wellicht een paar ok’s verder aangespoeld."

'Ik wil weg, weg, weg'

Het was het eerste moment dat hij geconfronteerd werd met de enorme kloof – 'om niet te zeggen een ravijn' – tussen zijn verwachtingen en de realiteit. "Het ouderschap verandert álles, en je kunt je niet voorstellen hoe dat is totdat je het zelf meemaakt." Ook eenmaal thuis kwam de golf van vaderliefde niet.

Sterker: Sander voelde het tegenovergestelde. "Er broedde iets in me dat op de vierde dag niet meer te negeren was. Het werd me te veel. Ik had alleen maar negatieve gevoelens, en die werden sterker en sterker. Een NEE in hoofdletters knalde bijna uit mijn lijf. Ik wilde het wel uitschreeuwen: Ik wil ze niet, kunnen ze niet weg, ik vind ze niet leuk, ik wil weg, weg, weg."

Het
Lees ook:
Het bestaat: postnatale depressie bij mannen

Hij zakte letterlijk ineen onder de douche, in tranen. Meteen was er ook dat schuldgevoel: hoe dúrfde hij zo te denken? "Ik voelde me een ongelofelijke lul en een mislukking. Vond het schandalig ten opzichte van Nienke en die kleintjes, en ook ten opzichte van al die stellen die zo graag een kind willen maar die het met geen mogelijkheid lukt. Wij hadden alles gedaan om ze te krijgen, en dan nu dit: wat was er in vredesnaam mis met me?"

Acht keer per dag voeden 

Hij moest zijn gevoelens wel delen met Nienke, toen ze hem zo aantrof onder de douche. "Ze schrok, natuurlijk. En ze kon het er niet bij hebben. Ze was nog aan het bijkomen van de operatie, kon nauwelijks lopen en we hadden twee baby’s die we acht keer per dag moesten voeden. Dan zit je niet te wachten op ook nog een man die met zichzelf in de knoop zit."

Op aanraden van Nienke vertelde Sander wel de kraamverzorgende waarmee hij worstelde. "Dat luchtte enigszins op. Helemaal toen ze zei dat dit vaker voorkwam. Ik moest het wat tijd geven, dan zou het vanzelf wegtrekken."

"Ik vroeg me af of ik überhaupt in staat was tot het voelen van vaderliefde."

En ja, hij had vaker gehoord dat sommige vaders gewoon niet zoveel kunnen met die babyfase, dat ze het pas leuk gaan vinden als de kinderen wat ouder zijn. "En dat speelde bij mij ook zeker een rol, maar het was meer dan dat."

Grote afkeer 

In de hectiek van de daaropvolgende maanden verdwijnen Sanders gevoelens naar de achtergrond. Met twee kinderen van wie er één continu huilt omdat hij een koemelkallergie met reflux blijkt te hebben, worden ze geleefd. Maar als Nienke en hij voor het eerst weer een weekendje samen weg gaan en vervolgens terugkomen, overvalt de grote afkeer hem weer in alle hevigheid.

"Die nacht heb ik geen oog dichtgedaan. Hoe kon dit in godsnaam? Ik had toch zo uitgekeken naar het vaderschap, klopte er iets niet bij mij? Ik vroeg me af of ik überhaupt in staat was tot het voelen van vaderliefde."

Man
Lees ook:
Man wordt vader: 'De eerste maanden vond ik er geen reet aan, nu geniet ik'

Magisch

Tot het er ineens was, 1,5 jaar na de geboorte van de jongens. Als bij toverslag. "Ik danste door de woonkamer met een van hen, en plotseling voelde ik het. Dat gevoel waar ik anderen altijd over hoorde, die ultieme liefde. Het was magisch. Eigenlijk kun je zeggen dat ik toen pas vader werd. Alles viel van me af: de angst, de zorgen, de twijfel aan mezelf. Blijkbaar kon het dus, dat je die liefde pas later voelt." De liefde bleef, en nu de jongens 10 jaar zijn, voelt hij hem nog, elke dag. Ook voor hun derde zoon, die ze bijna vier jaar later mochten verwelkomen.

Had hij maar eerder geweten dat het goed zou komen en dat er niets mis met hem was, zegt Sander, dan had hij het een stuk minder moeilijk gehad. "Ik voelde me een enorme uitzondering, omdat niemand anders deze gevoelens leek te hebben. 'Geniet ervan!', zeggen mensen. Goedbedoeld, maar voor mij werd het een vervelende uitspraak. Ik had het gevoel dat het allemaal leuk moest zijn en dat het zeker niet de bedoeling was om een enorme klaagzang te gaan ophangen."

Niet vanzelfsprekend die roze wolk

Dat is ook de reden dat hij zijn ervaringen nu deelt in een boek: Dubbel gevoel – Als babyblauw zwart blijkt te zijn. "Ik wil anderen zo’n worsteling besparen. Mijn boek is een pleidooi voor normalisatie van die negatieve gevoelens: er kunnen dingen met je gebeuren waardoor je je heel alleen en gek gaat voelen, maar dat is niet nodig. Je bént niet alleen en je bent niet gek, en je kunt hulp zoeken."

"Ik vind eigenlijk dat dit onderdeel zou moeten zijn van alle standaardinformatie die je krijgt rond de zwangerschap en geboorte. Zodat mensen weten dat die roze wolk niet vanzelfsprekend is."

*Nienke is een gefingeerde naam, zoals ook in het boek.

'Dubbel gevoel' van Sander Voesten is nu verkrijgbaar.