De natuur in

Drie dagen bushcraften: 'Wakker worden in het bos is magisch'

29 april 2022 13:40 Aangepast: 02 mei 2022 10:49
Slaapplek in de open lucht: 'We kregen alleen een tarp en een onderzeil' Beeld © Paula Vaarkamp

Je eigen vuur leren maken, een slaapplek uitkiezen en zelf opbouwen, vis roosteren aan een stok: redacteur Paula Vaarkamp (25) volgde een cursus bushcraft en sliep twee nachten in het bos. "Je eigen vuur maken geeft zoveel voldoening."

Tondel verzamelen, een vuurtje maken én deze aan de praat houden zodat je er een mals kippetje op kunt roosteren, je eigen slaapplek vinden en deze optuigen: dat leerde redacteur Paula tijdens een driedaagse cursus bushcraft. Bushcraft, aldus Google, is een verzamelnaam voor vaardigheden die je nodig hebt om in de natuur te verblijven en dat verblijf zo aangenaam mogelijk te maken.

Het is niet te verwarren met het echte survivallen, waarbij het meer draait om overleven en zo snel mogelijk weer terugkeren naar de bewoonde wereld, maar juist om, met respect voor de natuur, een paar dagen in het wild door te brengen. Verslag van drie dagen bushcrafen: "Het voelt goed iets te maken van materiaal dat je net zelf hebt gevonden."

Redacteur Paula Vaarkamp op bushcraftcursus in de bossen bij Leersum Redacteur Paula Vaarkamp op bushcraftcursus in de bossen bij Leersum

Camouflerende afritsbroek 

Het is vrijdag 13.00. Samen met mijn vriend Laurens rijd ik naar Leersum, waar we midden in het bos een driedaagse cursus bushcraft zullen volgen. We ontmoeten de vijftien andere deelnemers en ik verbaas me over de uitrusting van de meesten: hoe hebben ze alles van de paklijst (zie onderstaande kader, red.) in slechts één rugzak weten te krijgen? En waarom draagt bijna iedereen een camouflerende afritsbroek met zakken? Had ik die ook moeten hebben? Daar sta ik dan in mijn oude trainingsbroek, met een tot de nok toe gevulde backpack van bijna tien kilo - en mijn slaapzak en matje los in de hand.

De paklijst voor 3 dagen bushcraft 

  • Outdoor kleding
  • Schoenen
  • Hoofdbedekking/muts
  • Warme slaapzak
  • Lichtgewicht tent
  • Isolerende slaapmat
  • Mok en eetgerei
  • Drinkfles
  • Kleine EHBO-kit en persoonlijke medicatie
  • Bio zeep
  • Muggenspray
  • Noodfluitje
  • Hoofdlamp
  • Camera
  • Rugzak

Ook leren we Linda kennen, zij is onze groepsleidster en zal ons het hele weekend onder haar hoede nemen. Linda volgde zeven jaar geleden haar eerste bushcraftcursus, inmiddels geeft ze zelf workshops en cursussen. Ze raakte verknocht aan het buitenleven en ruilde een aantal jaar geleden haar huis in voor een tent op de Veluwe.

Groot vuur 

Als de groep compleet is, maken we een wandeling naar het kamp, die een halfuur duurt. Onderweg vervloek ik mezelf een paar keer voor het feit dat ik te veel spullen heb ingepakt - ondertussen zie ik het gezelschap steeds verder voor me uit lopen. Deelneemster Charlotte blijkt hetzelfde probleem te hebben en samen hobbelen we in ons eigen tempo achter de rest aan.

Eenmaal aangekomen op locatie zien we een groot vuur met daaromheen een stel banken: de centrale ontmoetingsplek waar we meerdere keren per dag bijeen zullen komen. Laurens en ik kijken elkaar vol verwachting gaan: het gaat beginnen.

De algemene ontmoetingsplek De algemene ontmoetingsplek

We nemen plaats op de banken en iedereen stelt zichzelf voor. Beroepen lopen uiteen van hovenier tot dierentolk, data analist en business controller. Een van de mannen heeft zijn negenjarige dochter meegenomen, die al een keer eerder op bushcraftcursus is geweest en daar nog piekfijn van alles over weet te vertellen. De sfeer is aangenaam en Laurens en ik voelen ons meteen op ons gemak. Ondanks de verschillende achtergronden is iedereen hier naartoe gekomen met hetzelfde doel: meer buiten zijn en leren over wat de natuur te bieden heeft. 

Geen elektriciteit 

Linda vertelt over het programma van de dag, waarna het tijd is voor het echte werk: het in ontvangst nemen van de tools die we dit weekend gaan gebruiken. We krijgen een mes, zaag en notitieblokje, dat bedoeld is om je bevindingen in op te schrijven. Sanitaire voorzieningen en elektriciteit zijn er niet, dus dat wordt improviseren.

'Jong hout splijt minder snel. Ideaal voor het maken van gereedschap'

Tijd om het bos in te gaan. Linda vertelt dat je als bushcrafter altijd met respect voor de natuur handelt. Je mag nooit zomaar hout afzagen van levende planten, bomen of struiken die je tegenkomt. Gelukkig zijn er uitzonderingen, zoals de Amerikaanse vogelkers: een plant die hier in overvloed groeit en zelfs inheemse planten in de weg zit.

Om de Amerikaanse vogelkers te bestrijden heeft Staatsbosbeheer bij hoge uitzondering toestemming gegeven om takken van deze plant af te zagen. Dat is goed nieuws voor beginnende bushcrafters, die gebaat zijn bij werken met 'levend hout'. Volgens Linda is het namelijk veel makkelijker om in jong, soepel hout te snijden dan in ouder, droog hout. Daarnaast splijt jong of levend hout ook minder snel. Ideaal voor het maken van je eigen gereedschap.

Hoe herken je de Amerikaanse vogelkers?

De Amerikaanse vogelkers is een struik met puntige, sterk glanzende bladeren. Bij beschadiging ruikt deze plant naar Amandel.

Iedereen staat te popelen om de handen uit de mouwen te steken, maar eerst krijgen we een les mes- en zaagveiligheid. We krijgen een bushcraftmes van carbonstaal. Hoewel het een basic mes is, vind ik 'm groot: ik schat dat het snijvlak tien centimeter lang is. Ook ligt het mes vrij zwaar in de hand. Ik vind het een gek idee om de hele tijd met zo'n groot mes rond te lopen.

We oefenen hoe je het mes en de zaag het best vasthoudt, veilig aangeeft aan een ander, wat de beste houding is als je aan het werk bent. Ook leren we diverse snijtechnieken voor het maken van onder andere gereedschap en bestek.

Haringen maken

Als de veiligheidsvoorschriften volledig zijn doorgenomen, gaan we aan de slag met onze tools. De opdracht: hout vinden om je eigen haringen mee te maken. Al na een paar minuten lopen herken ik de Amerikaanse vogelkers en ik zaag een paar takken.

Het mes is superscherp en het is even oefenen, maar langzaamaan gaat het steeds beter. Af en toe komt Linda langs en geeft ze advies: ‘Duw het mes van je af en houd je duim altijd stevig rondom het lemmet. Zo kun je meer kracht zetten.’

Het voelt goed iets te maken van een materiaal dat je net zelf in de natuur gevonden hebt. Nog geen uur later heb ik vier bruikbare haringen! Precies genoeg om mijn tarp stevig vast te kunnen maken.

Ondertussen heb ik geen idee hoe laat het is, maar aan de stand van de zon zie ik dat we nog wel even hebben tot het donker wordt. Er staat niets meer op de planning en we krijgen tijd om wat aan te rommelen. De een maakt een wandeling in het bos, de ander oefent snijtechnieken.

2 van de 4 zelfgemaakte haringen 2 van de 4 zelfgemaakte haringen

Reusachtige zalm

Na ongeveer een uur presenteert Linda het eerste deel van het avondeten. Op tafel naast het centrale vuur ligt een zalm van bijna een meter lang, die Linda vakkundig fileert. Dan splijt ze een wilgentak, waarop de reusachtige vis wordt klemgezet. De tak met vis komt tegen de zelfgemaakte, houten kookopstelling boven het centrale vuur te staan en dan is het alleen nog een kwestie van wachten. Ondertussen snijden vrijwillgers Frank en Kim, die alles op het kamp in goede banen leiden, verse groentes om deze op hetzelfde vuur te wokken in een pan.

Terwijl de zalm langzaam maar zeker een steeds knapperiger korstje krijgt, demonstreert Linda hoe je een tarp spant. Ze geeft daarbij een aantal praktische tips: waar let je op als je je slaapplek uitkiest? Wat zijn mogelijke gevaren? Allemaal factoren om rekening mee te houden wanneer je een langere tijd in het bos verblijft.

Tip!

Maak je slaapplek niet op onder een beukenboom. Dit is gevaarlijk. Beuken hebben een korte houtvezel, wat betekent dat je een tak niet hoort kraken voordat deze afbreekt.

Slaapplek opzetten

We krijgen een tarp en een onderzeil, dat geïmpregneerd is met een speciale spray tegen teken en insecten. Ook krijgen we een paar koorden waarmee we de tarp straks kunnen ophangen. Linda leert ons verschillende knopen die we kunnen gebruiken de tarp strak te spannen en op zijn plek te houden. Voor alle knopen geldt dat je ze gemakkelijk los moet kunnen trekken voor het geval je in een noodsituatie terecht komt. Denk aan bijvoorbeeld een aanval van een gevaarlijk dier of overmatige regenval.

Na de knopenles worden we het bos in gestuurd om een geschikte slaapplaats te zoeken. Laurens en ik vinden mooie plek tussen twee bomen die zo’n vier meter van elkaar verwijderd zijn. We proberen een aantal van de zojuist geleerde knopen en in no time hangt het zeil strak gespannen tussen de bomen. Alleen nog even onze zelfgemaakte haringen in de grond timmeren en we zijn klaar voor de nacht.

Als iedereen zijn tarp heeft opgezet is het tijd om te eten. De zalm heeft zeker twee uur gegaard en smaakt verrukkelijk. We sluiten af met een bijzonder dessert, dat bestaat uit banaan en chocolade, die we opwarmen aan de nog gloeiende kolen van het vuur. We kletsen nog wat na en lopen zodra het donker wordt richting onze slaapplekken, om daar lekker in onze warme slaapzak te duiken.

Het is koud! Ik ben benieuwd wat de nacht zal brengen. Mijn trui en trainingsbroek houd ik aan. Ik val al snel in slaap, maar word ieder uur wakker. Buiten slapen is ook niet iets wat je iedere dag doet: naast de kou is het horen van al die vreemde geluiden en de wetenschap dat er overal beestjes krioelen niet bepaald bevorderlijk voor mijn nachtrust.

Na een zware nacht strompel ik naar het ontbijt. Ik neem plaats op één van de banken en probeer me op te warmen aan het vuur. Als ik om me heen kijk, zie ik dat ik niet de enige ben die een beroerde nacht achter de rug heeft. De meesten hebben kleine oogjes en om de zoveel tijd hoor ik gegeeuw. Ondanks de slechte nacht geniet ik enorm van deze ochtend. De warmte van de zonnestralen op mijn huid en het gefluit van vogeltjes maken me intens gelukkig.

Dag 2: vuur maken

Vandaag leren we vuur maken. In de basis heb je daar drie dingen voor nodig: brandstof, zuurstof en een ontbrandingstemperatuur. Linda legt ons uit wat je uit de natuur kunt gebruiken om deze drie elementen te vinden - en belangrijker, hoe je ze met elkaar in balans brengt zodat er vuur ontstaat. We verzamelen hout en gedroogd gras, waarna we de net geleerde kennis toepassen door zelf aan de slag te gaan.

Na meerdere pogingen lukt het me uiteindelijk om een vuurtje te starten. De materialen die we gebruiken zijn een vuursteen, vuurslag en fire steel. Een vuurslag is een stuk gehard staal met hoog koolstofgehalte, dat je in de lengte langs de vuursteen haalt. Door de vonkjes die vrijkomen kun je je tondel, in dit geval gedroogd gras, aansteken en vanaf daar je vuur verder opbouwen door er voorzichtig hout aan toe te voegen. Dit doe je in zeven fases: eerst twijgjes, gevolgd kleine takjes, grotere takken, enzovoort.

Naast de vuursteen en vuurslag leren we ook werken met de fire steel: dit is een handig stukje gereedschap waarmee je ook onder extreme omstandigheden nog vonken kunt creëren. Het is even oefenen en een stuk ingewikkelder dan thuis het gas opendraaien, maar geeft daarom extra veel voldoening als het na tientallen pogingen toch lukt. Na het vuur maken belonen we onszelf met een kop soep. 

Drie kampen

De groep wordt in drieën gedeeld en iedere groep krijgt de verantwoordelijkheid voor zijn eigen avondeten. Eens zien hoe goed we hebben opgelet de afgelopen dagen. We krijgen verse groentes, aardappelen, een kip en een Dutch oven: een gietijzeren pan met een dikke wand, die veel warmte kan vasthouden. Ideaal voor braden, stoven, bakken en grillen.

Linda laat ons een aantal plekken zien waar we vuur mogen maken en daarna kiest elk kamp zijn eigen plek. Al snel zijn de taken in onze groep verdeeld: de ene helft stookt het vuur op, de andere helft houdt zich bezig met de kookopstelling. We besluiten de kip te grillen op een stok, die we ronddraaien op een constructie die we zelf bouwen. De aardappels rijgen we aan een touwtje zodat we ook deze goed kunnen garen boven het vuur. Met de groentes brouwen we een stoofpotje in de Dutch oven. We verzamelen dennennaalden en maken daar een verse thee van.

Ons plan is een succes: na ongeveer drie uur garen boven het vuur is de kip klaar. Hij is heerlijk sappig, heeft een geweldige rooksmaak en een goudbruin krokant velletje. De groentes zijn precies al dente en de dennenthee is super smaakvol. De aardappels doen het helaas iets minder goed. Eentje valt in het vuur en de anderen worden slechts half gaar. Ach ja, je kunt niet alles hebben.

Na het eten loop ik een rondje over het terrein om te buurten bij de andere kampen. Onderweg leer ik van Jelle hoe ik een lepeltje kan 'karven' uit een stuk berkenhout. Hij heeft een speciaal mesje mee om de onderkant van de lepel uit te hollen en helpt me een stuk op weg. Erg leuk om te doen!

Slapen onder een rendiervel

Iedereen komt weer bij elkaar en we genieten van een heerlijke avond met een prachtige en rustgevende zonsondergang. Als het schemerig wordt doven we ons vuur door de kolen te verspreiden. Van de banken bij de centrale ontmoetingsplek neem ik nog een rendiervel mee: hopelijk helpt deze mij dit keer de nacht beter door te komen.

Geen slecht idee, want jeetje wat is zo'n pels warm! Ik slaap best goed, ook omdat ik extra veel kleren aantrek. De volgende ochtend word ik redelijk uitgerust wakker. Nog steeds was het wel fris met 2 graden op het koudste punt, maar we hebben het overleefd en ontwaken in het bos blijft echt een magische ervaring.

Het is alweer de derde en laatste dag. De tijd is voorbijgevlogen. We lopen langs de vuurplekken van de voorgaande avond om te checken of alles wel goed gedoofd is. Dat is belangrijk, want blijkbaar kan warmte heel diep de grond in gaan en daar voor lange tijd blijven hangen, wat schadelijk is voor aarde en dier. Soms kan deze hitte er zelfs voor zorgen dat er een dag later opnieuw vuur ontstaat. En dat willen we natuurlijk niet!

Een van de 'gedoofde' vuren blijkt nog aan. Als Linda met een stok door de restanten roert, zien we kolen gloeien. Bizar hoelang dat warm blijft. Zelfs na het toevoegen van 40 liter water is de aarde nog steeds warm. Des te belangrijker om altijd je vuur de volgende dag goed te controleren. Weer wat geleerd.

Mes slijpen

Als laatste activiteit leren we hoe we onze messen kunnen slijpen. Wel zo handig als je van plan bent om vaker tijd in het bos te spenderen en te bushcraften. Er zijn verschillende manieren om je mes te slijpen en Linda legt ze allemaal uit. We oefenen met onder andere een slijpsteen en krijgen uitleg over hoe je je mes 'stropt'. Dit is de laatste stap in het slijpproces, waarbij je je mes als het ware netjes polijst. 

Miniatuurvoorbeeld
Lees meer:

Paula ging in retraite: 'In tijden heb ik me niet zo ontspannen gevoeld'

Nadat we onze net geslepen messen netjes hebben opgeborgen, is het tijd om naar huis te gaan. Aan de ene kant heel erg jammer: ik had graag nog veel meer willen leren en proberen. Aan de andere kant kijk ik uit naar mijn warme bed in mijn appartement.

Ik kan iedereen aanraden om eens voor langere tijd het bos in te gaan en je te verbazen over al het moois wat je daar allemaal tegenkomt. Om even volledig uit te tunen van het drukke dagelijkse leven. Mij heeft het veel gebracht: rust, maar vooral waardering. Niet alleen voor de natuur, maar vooral ook voor mijn warme bed thuis. 

Siegurd biedt verschillende workshops en cursussen die je kunt volgen. Je bezoekt de website hier.

Altijd weten wat er speelt?
Download de gratis RTL Nieuws-app en blijf op de hoogte.

Playstore Appstore