Ga naar de inhoud
Etiquette

De vijf spelregels van... wintersport

Foto ter illustratie Beeld © iStock

Het wemelt van de ongeschreven regels in het leven. Wetmatigheden die niemand je vertelt, maar waar iedereen een mening over lijkt te hebben. In deze rubriek nemen we iedere week een situatie of gelegenheid onder de loep: hoe hoort het daar eigenlijk? Deze week: de vijf spelregels van wintersport.

De situatie

Het lijkt erop dat we voor een flink pak sneeuw toch echt de grens over moeten. Op wintersport bijvoorbeeld. Skiën, snowboarden, langlaufen of gewoon lekker sleeën in het winterwonderland. Maar wat zijn de regels aldaar?

De spelregels

1. Zoef zo snel als je kan

En met als je kan bedoelen we dus niet als je wíl. Pas je snelheid aan aan je eigen capaciteiten, aan de hoeveelheid ijs op de piste en vooral ook aan de drukte, zo valt te lezen in de tien geboden van de Wintersportweters. Het ziet er zalig uit, in volle vaart over de sneeuw zoeven, of over een schans, maar dat kan alleen als je die latten en je lijf ook echt onder controle hebt.

De
Vorige week:
De vijf spelregels... in de keuken

2. Het is net een snelweg

Nog even over die piste. Het is net een snelweg. Dat betekent dus ook dat je voorrang geeft aan glijders van rechts en dat je netjes om de beurt invoegt. Zomaar midden op de piste stilstaan om een foto te maken is ook uit den boze, want levensgevaarlijk. Wil je jaloersmakende plaatjes schieten voor het thuisfront of je socials, kies dan voor een plekje aan de rand van de piste waar je anderen en jezelf niet in gevaar brengt.

3. Niet zo lang lullen bij het liftje

Ideaal die liftjes de berg op, dat scheelt je een hoop klimmen en zweten. Bij een ankertje of een pannenkoeklift help je jezelf zo omhoog, en in de stoeltjeslift kun je gezellig even uitrusten en bijpraten met je medepassagier. Stap aan het einde wel meteen uit, want voor je het weet is het bakkie de bocht alweer om en maak je een retourtje. En beppen tijdens het instappen is een dikke vette irritatie voor iedereen die ook graag de berg op wil.

Ik
Lees ook:
Ik ga op wintersport en ik neem mee: een FFP2-masker, maar niet overal

4. Een handje helpen is verplicht

Je moet het toch met elkaar doen daar op die berg. Dus ook als iemand gevallen is, of in nood, dan ben je verplicht om die ander te helpen. 'Nogal wiedes' zul je hopelijk denken, maar door de gevaarlijke weersomstandigheden op de berg is een helpende hand bieden dus niet alleen een pluspunt, maar echt een plicht.

Net als een identiteitsbewijs meedragen in je skipak trouwens, want mocht er iets gebeuren, dan moet je je altijd kunnen identificeren. Klinkt streng, maar gut wat zul je er blij mee zijn als het jouw benen zijn die als een vlinder op je rug hangen.

5. Kijk niet alleen naar wat het kost, maar vooral naar wat het oplevert

Ja, en dan nog even een hart onder de riem voor alle inkopers onder ons. Het is een heerlijk idee, zo’n wintersport, maar zodra je de appartementen, skipassen en piste-uitrusting gaat boeken, trek je vanzelf wit weg. De honderdjes vliegen het raam uit, en dan moet het potje Monopoly ‘s avonds in je onesie nog beginnen.

Wintersport is duur, klaag er één keer over en focus je daarna alleen nog maar op alles wat je ervoor terugkrijgt. Een frisse neus, een goede conditie, een bruine toet en eventueel glunderende kindersnoetjes. En vooral: een onvergetelijke ervaring.

Elke week 'Spelregels' volgen? Klik dan op de 'Spelregels'-tag hieronder en vervolgens op 'Volgen'.