Ik ben bang

Moniek is als de dood voor poppen: 'Het is net alsof er 'iets' in zit'

28 februari 2020 07:41 Aangepast: 29 februari 2020 14:25
Beeld © Getty Images

Maar liefst één op de tien Nederlanders krijgt in zijn of haar leven te maken met een angst. Van angst voor gaatjes tot doodsbang zijn voor open water. In deze rubriek vertellen lezers hoe een bepaalde angst hun leven beïnvloedt. Dit keer: Moniek (34) is doodsbang voor poppen. "Ik heb het idee dat zo’n ding leeft en me ineens aanvalt."

Moniek: "Zelf weet ik het niet meer precies, maar volgens mijn moeder deinsde ik als heel klein meisje al terug als ik een poppengezicht zag. Ik wilde zelf ook alleen maar knuffelbeesten om mee te spelen, een Baby Born kwam er bij mij niet in. Er zit wel een soort gradatie in. Barbies vind ik niet eng, maar buikspreekpoppen zijn een echte no go. Ik vind het altijd net alsof er 'iets' zit, en dan bedoel ik niet alleen iemands hand. Het heeft gewoon iets heel sinisters.

Ik was een jaar of negen toen ik er voor het eerst een op TV zag. Dat ding zat bij een man op schoot en keek recht de camera in. Ik heb het letterlijk op een gillen gezet, en nog steeds jagen ze me de stuipen op het lijf. Zo was ik laatst bij een theatervoorstelling waarin Danny de Munk en Henk Poort liedjes uit hun jeugd zongen, toen Danny ineens met een buikspreekpop tevoorschijn kwam. Ik zat helemaal ingebouwd op de eerste rij en kon niet weg, dus heb ik mijn moeders arm helemaal fijngeknepen en de hele tijd naar beneden gekeken. Niet dat dat echt hielp, want alsnog plaste ik bijna in mijn broek. Ik weet rationeel natuurlijk dat het niet echt kan, maar ik krijg altijd het idee dat zo’n ding leeft en me ineens aanvalt.

Miniatuurvoorbeeld
Lees ook:

Bang om te baren: 'Elke bevalling zou in een ravage eindigen'

Ik deel mijn angst niet met iedereen, want er zijn altijd wel een paar mensen die denken grappig te zijn en me laten schrikken, zoals toen een stel collega’s een pop in de kleedkamer op mijn toenmalige werk hadden verstopt. Hilarisch, vonden zij, maar ik stond te trillen op mijn benen.

Hen had ik het overigens ook niet verteld, maar ik werkte destijds in een restaurant en de dag ervoor was er iemand in de zaak gekomen met een buikspreekpop. Ik heb meteen alles laten vallen en tegen de manager gezegd dat ik naar huis ging, dus op die manier waren ze achter mijn angst gekomen.

'Mijn collega's vonden het hilarisch om een pop op mijn kamer te verstoppen. Ik stond te trillen op mijn benen'

Ik heb geen kinderen, dus ik word in het dagelijks leven niet zo heel snel met mijn angst geconfronteerd. Dus ik ben op korte termijn niet van plan om iets met deze angst te doen. Ik kijk dan liever tien minuten naar beneden als het nodig is. Ik heb overigens ook hoogtevrees, maar die angst confronteer ik wel. Zo ben ik bijvoorbeeld expres gaan abseilen om mijn angst te overwinnen.

Als je erover nadenkt is dat best gek, want op grote hoogte kan er echt gevaar zijn en van een pop heb je - tenzij hij Chucky heet - niet echt iets te vrezen. Maar toch weet ik zeker dat ik meteen de kamer uit zou rennen als een psycholoog me met mijn poppenangst zou proberen te confronteren."

Dit zeggen de experts:

Psychiater Bram Bakker: "Angst voor poppen - pediofobie - ontstaat door de zogeheten 'griezelvallei': een terugval in de emotionele reactie die plaatsvindt als we iets tegenkomen dat net niet helemaal menselijk is. Die 'griezelvallei' verklaart waarom poppen, clowns, mensen in pakken, maskers of robots een onprettig gevoel kunnen oproepen. Dat ontstaat vooral als de uitdrukking van de mond en die van de ogen niet overeenkomen. Een lachende mond en angstige ogen bijvoorbeeld. Of blije ogen en een sinistere grimas."

Wie volwassen is en last blijft ondervinden van pediofobie, kan terecht bij de PsyPoli van de UvA. Daar past hoogleraar klinische psychologie Merel Kindt een door haar ontwikkelde methode voor fobie-patiënten toe. "We hebben mensen met verschillende fobieën succesvol behandeld. Dat doen we door mensen eerst bloot te stellen aan de angst. Als dat lukt, krijgt de patiënt vervolgens één pil van 40 mg propranolol (een bètablokker) toegediend. Daarna kun je naar huis. De combinatie van blootstelling en een pil zorgt ervoor dat het angstgeheugen niet meer op dezelfde manier wordt opgeslagen, waardoor ze bij een volgende ontmoeting niet meer bang zijn", zegt Kindt.

Voor deze rubriek van RTL Nieuws Weekend zijn we op zoek naar de verhalen van lezers die kampen met een bepaalde angst. Of deze angst nou veelvoorkomend is of juist heel uitzonderlijk, we zijn benieuwd naar jouw verhaal. Wil jij delen hoe deze angst jouw leven beïnvloedt? Mail ons dan op weekendmagazine@rtl.nl

Altijd weten wat er speelt?
Download de gratis RTL Nieuws-app en blijf op de hoogte.

Playstore Appstore