Columns Europese Verkiezingen

NEXIT is enige optie

19 mei 2014 17:24

De voorstanders van de EU vallen uiteen in twee categoriën. Aan de ene kant heb je de ‘federalisten’, aan de andere kant heb je de ‘realisten’ of ‘gematigden’. Lees de analyse van jurist en publicist Thierry Baudet over de Europese Verkiezingen.

Aan de kant van de ‘federalisten’ heb je mensen als Guy Verhofstadt, Jean Claude Juncker en Martin Schulz. Zij willen toe naar een ‘United States of Europe’; een Europese staat, compleet met ministers die een regering vormen, een president en een leger. Aan de kant van de ‘realisten’ of ‘gematigden’ staan de mensen die niet willen aanvaarden dat er gekozen zou moeten worden voor die grote sprong voorwaarts. We vinden hen terug bij VVD, PvdA en CDA, op de universiteit, in de toplagen van ministeries, in de hoofdredacties van kranten en discussieprogramma’s. Pragmatisch te werk gaan, zonder ‘vergezichten’, zoals Mark Rutte het zegt. Hoe breed de groep van ‘gematigde voorstanders’ ook is: hun standpunt is onmogelijk. Ze dromen van iets dat in de werkelijkheid niet kan bestaan.

Je kunt geen monetaire unie hebben zonder politieke unie, omdat door de gedeelde munt wanbeleid centraal moet worden bijgestuurd. De euro dwingt tot Europese begrotingsdiscipline, en daarmee tot een Europese minister van Financiën die alle plannen moet kunnen afkeuren waar grote bedragen mee zijn gemoeid – bijvoorbeeld rondom hypotheekrenteaftrek, zorgstelsel, pensioenen of participatie in een vredesmissie. De bankenunie waarover gesproken wordt dwingt tot Europese depositogaranties – dus tot collectief risico dragen – en op termijn tot harmonisatie van de verschillende nationale faillissementswetten.

Ondertussen maakt het verschil in rentes waarmee landen moeten lenen op de kapitaalmarkt euro-obligaties wenselijk. Dat betekent dat Brussel een eigen begroting kan gaan maken. En geld, opgehaald via de uitgifte van die obligaties, kan gaan spenderen, zonder dat nationale parlementen daar nog iets over te zeggen hebben. Een Europese federale staat is dan een feit.

Ook de open grenzen dwingen tot een federale Europese staat. Nationaal immigratie- en asielbeleid wordt hierdoor immers onmogelijk. Wie in het ene land wordt toegelaten, kan vrij doorreizen naar het andere land. Vroeg of laat vraagt dit om een centrale coördinatie. Op zijn beurt betekent dit weer dat gemeenschappelijke verdediging van de buitengrenzen noodzakelijk wordt, hetgeen inhoudt: collectieve grensbewaking – uiteindelijk in de vorm van een militair apparaat dat loyaal is aan Brussel. Dat betekent een Europees ministerie van Defensie. Bovendien dwingen de open grenzen tot een Europese opsporingsdienst, een soort FBI. Anders glippen criminele bendes van het ene land naar het andere, en ontsnappen daarmee aan vervolging. Zo komen we via open grenzen uit bij een Europees Openbaar Ministerie en een Europese minister van Justitie. Wederom zien we: een federale staat.

Ten slotte kun je ook niet ‘als één blok’ opereren op het internationale toneel – zoals de derde belangrijke doelstelling van de EU luidt – zonder centraal buitenlands beleid. Er is al een ‘Hoge Vertegenwoordiger’ benoemd die namens de EU de betrekkingen met andere mogendheden onderhoudt. Men is druk doende met de integratie van nationale ambassades tot EU-ambassades – die vroeg of laat centraal aangestuurd moeten gaan worden. Handelsverdragen met derden worden al door de EU gesloten. Eén Europese minister van Buitenlandse Zaken komt vroeg of laat in het vizier. Consequente doordenking betekent ook hier dus: een federale staat.

Via kleine, ogenschijnlijk pragmatische stapjes leidt de EU onvermijdelijk tot een federale staat. Er is geen ontkomen aan. Haar functioneren is instabiel, steeds is nieuwe bevoegdheidsoverdracht noodzakelijk, totdat het eindstation is bereikt: de vorming van een nieuwe staat. Natuurlijk, dat kun je willen – maar zeg dat dan ook eerlijk. Al die deftige krantenlezers en hoogleraren Europese studies en politicologie, al die ambtelijke bestuurders en journalisten, al die mensen die mij ‘wel erg uitgesproken’ vinden, die zichzelf complimenteren met hun ‘realisme’, hun ‘nuance’, hun ‘matiging’ en ontwikkelde inzicht in de complexiteit der dingen: ze missen eigenlijk gewoon het overzicht. Ze hebben niet door wat er gaande is.

De EU kan niet anders dan een federale staat worden. Anders implodeert zij. Maar een federale staat zal nooit kunnen werken op het Europese continent. De verschillen zijn daarvoor te groot. Er is geen volk. We verstaan elkaar niet. Het leidt tot bureaucratisch despotisme. Daarom is het enige – daadwerkelijk realistische – alternatief een geordende ontmanteling of, indien we geen andere landen meekrijgen: unilaterale uittreding.

Lees hier de vorige veel gelezen column van Thierry Baudet over de verkiezingen: 'Eurofielen en het antwoord dat nooit gegeven wordt'