Geld en Werk

Deze Syriër is op zoek naar werk en hij is niet de enige: 'Soms zit ik er echt doorheen'

23 juli 2017 15:49 Aangepast: 15 oktober 2017 11:18
Anas Meslamani: "Ik ben altijd een goede zwemmer geweest."

Hij zwom voor zijn leven naar een Grieks eiland, reisde Europa door, verbleef in zeven Nederlandse AZC’s en moet nu in Rotterdam rondkomen van zo’n 760 euro per maand. De 20 jarige Anas Meslamani is wanhopig op zoek naar werk. En hij is niet de enige.

Homs, 2014. In de straat van Meslamani woonden veel arme kinderen. Sommigen verkochten kleine spulletjes, zoals kauwgom, aan voorbijgangers om wat geld bij elkaar te sprokkelen. Zo ook de 8-jarige Maais. Toen Anas 16 was zorgde hij ervoor dat het meisje naar een basisschool in de buurt kon. Zo kon ze toch nog wat opbouwen.

Op een ogenschijnlijk normale dag hoorde hij het. Flarden van het basisschoolgebouw, papier en ander puin dwarrelden naar beneden. Bij de plek waar ooit de school stond waren moeders wanhopig op zoek waren naar hun kinderen. Velen vonden alleen nog flarden van rugzakjes. Anas vond ook een rugzakje, van Maais.

Naar Europa

Zestig kinderen kwamen om die dag door een autobom. En Anas besloot het land te verlaten. Zijn vader was al in Turkije, want als toeristengids kon hij in een land in oorlog geen cent meer verdienen. Anas maakte in Turkije zijn school af, maar wist: hier heeft mijn familie geen toekomst. Zijn vader zat opnieuw zonder werk.

De Syrische jongen besloot naar Europa te gaan in de hoop dat hij daar een zekerder bestaan op kon bouwen. Uiteindelijke droom: Astrophysica gaan studeren, een natuurkundige studie over processen in het heelal.

Uit de boot gevallen

Samen met zo’n 69 mensen stond hij in 2015 op een strand in Turkije. Ze moesten zelf de boot oppompen en pas vertrekken als de kustwacht weg was, had de smokkelaar hen geïnstrueerd. In het midden gingen de moeders en kinderen zitten, aan de buitenkant – op de rand van de boot – de mannen. De bootreis was veel ruwer dan hij had gedacht.

Midden op zee waren de golven hoog, heel hoog; en op een zeker moment tilde een golf de punt waar Anas zat omhoog en viel de 18-jarige achterover de zee in. Niemand kon of durfde hem te helpen. "Er komen nog meer bootjes, die helpen je wel", zei er een. "De kustwacht komt je helpen", zei de ander.

Thumbnail

Zwemmen voor zijn leven

Anas wist wel beter. Hij haalde zijn rugzak leeg, trok zijn reddingsvest dat niet bleek te werken uit en begon te zwemmen. "Ik ben altijd een goede zwemmer geweest. Ik zwom vroeger veel met mijn opa", zegt hij glimlachend.

Hij zwom stukjes en rustte tussendoor uit door op zijn rug te dobberen. Hoe lang hij gezwommen heeft? Hij weet het niet. De boot moest nog zo’n 25 minuten varen. Dus het zwemmen zal zeker anderhalf uur geduurd hebben, waarschijnlijk langer. Uitgeput bereikte hij de kust van Mytinili.

Vanuit daar trok hij te voet, per trein en per auto naar Macedonië, Servië, Kroatië, Hongarije, Oostenrijk, Duitsland en uiteindelijk Nederland. Onderweg trof hij agressieve militairen in Hongarije, Servische maffia die vluchtelingen ter betaling de grens over bracht, maar ook aardige mensen die treintickets voor hem betaalden.

In Amsterdam aangekomen stapte hij gelijk een politiebureau binnen, die hem doorstuurde naar Ter Apel. De eerste in een reeks van 7 asielzoekerscentra.

In de overlevingsstand

"Over drie maanden krijg je een verblijfsvergunning voor vijf jaar", werd hem verteld. Hij belde zijn ouders met het hoopvolle nieuws. Maar drie maanden werden zes maanden en zes maanden werden negen maanden. Uiteindelijk was hij er dan, die vergunning, waarna hij - net als andere vluchtelingen - een woonplek werd toegewezen. Sinds november zit hij in Rotterdam. 

Maar Anas staat nog altijd in de overlevingsstand, dit keer om financiële en bureaucratische redenen. Want de Syrische vluchteling is net 20 jaar geworden en dat is nadelig voor de hoogte van zijn uitkering. Pas op je 21e heb je recht op 70 procent van het minimumloon: 937 euro bijstand. Nu moet hij het nog met 668 euro, plus een zorgtoeslag van 89 euro doen.  

Weinig geld

Trek daar kamerhuur, zorgverzekering en telefoonrekening vanaf en je houdt bijzonder weinig geld over voor boodschappen. "Soms eet ik maar even niks, of heel weinig. Ik heb bijna elke dag dezelfde kleren aan. Maar ik wil ook niet klagen, elke keer als ik het bijna op wil geven dan gebeurt er weer iets hoopvols", benadrukt Anas.

Thumbnail

Hoewel gemeenten steeds meer doen om vluchtelingen te helpen, heeft Anas het met zijn standplaats Rotterdam niet echt getroffen. De begeleiding van vluchtelingen is daar niet zo lekker op orde, melden tien (anonieme) oud-medewerkers aan NRC.

Anas merkte dat gelijk in de eerste maand: hij kreeg wel een kamer, maar de ambtenaar was een maand te laat met zijn toelage voor meubels. Hij moest daarom zijn eerste maand in Rotterdam op de vloer slapen. "Net als bij het kamp in Griekenland."

Geen werk

Anas zit vast, zo voelt het. Het liefst wil hij een baan; niet alleen om zichzelf te onderhouden of om voor zijn inburgeringscursus à 6000 euro te betalen, maar ook om zijn ouders, broertje en zusje in Turkije geld te sturen.

Maar werk vinden lijkt een hopeloze zaak. "Ik heb laatst de halve stad afgelopen. Van de Bazaar tot Little Italy, van bars tot zelfs coffeeshops, overal vroeg ik of ik er kon werken. Maar ze wilden alleen maar mensen die vloeiend Nederlands spraken."  

Verstandig is het dus om snel met de inburgeringscursus te beginnen. Maar omdat Anas financieel al aan de grond zit, houden de hoge kosten van de cursus hem tegen. Je mag het volledige cursusbedrag lenen en als je het haalt wordt die schuld kwijtgescholden. Maar wat als je het niet haalt? Daar maakt hij zich zorgen over. Anas: "Ik snap nog steeds niet hoe alle systemen werken. En ik leer de taal toch veel sneller als ik werk dan op zo’n cursus?" 

Psychische klachten

Naast het web van Nederlandse regels en procedures, maken zijn psychische- en slaapklachten ook dat Anas niet zo goed meer weet wat hij moet doen. Het alleen zijn, alle ervaringen van de reis hier naartoe, de financiële stress. Het geeft onrust. "Ik slaap vaak niet of pas midden in de nacht. Soms zit ik er echt doorheen."

Martijn van der Linden van Vluchtelingenwerk Nederland herkent Anas' vicieuze cirkel. "In Nederland opnieuw beginnen is geen makkie. Veel mensen denken 'je moet zo snel mogelijk aan het werk' en dat is ook zo, maar men vergeet de psychische omstandigheden: je hebt een oorlog meegemaakt, de enorme reis, bent gescheiden van familie. Dat beheerst je leven."

Veel vluchtelingen werkloos

Anas is ook bij lange na niet de enige van de Syrische vluchtelingen die nog geen baan heeft. Minder dan vijf procent van de Syriërs en Eritreeërs die in 2014 een vergunning kregen hebben na anderhalf jaar een baan, becijferde het CBS vorige maand. Velen van hen zijn nog met de inburgeringscursus bezig. Echte conclusies over deze groepen kunnen we pas over een jaar of vijf trekken, zegt van der Linden.

Anas had deze week een hoopvolle afspraak staan. Misschien kon hij wel in Nederland aan de slag bij Movement on the Ground, de organisatie van Johnny de Mol, die vluchtelingen helpt op Lesbos. Hoe de afspraak ging? "Ik ben niet gegaan, want ik had geen geld om te reizen. Dus we hebben de afspraak verplaatst naar een andere datum." 

Altijd weten wat er speelt?
Download de gratis RTL Nieuws-app en blijf op de hoogte.

Playstore Appstore

Dit is een artikel van