Geld en Werk

Hé, daar is Jesse weer: hoe politici je filterbubbel inkruipen

15 maart 2017 15:01 Aangepast: 15 maart 2017 15:44
Campagneleider Sjoerd Sjoerdsma instrueert zijn online campagneteam. Beeld © ANP

Wanneer lijsttrekkers de degens kruisen in televisiedebatten, zitten de social media-afdelingen van de partijen klaar om positieve tweets een duwtje te geven. Vergelijk het met partijleden die in het publiek heel hard meeklappen: heel irritant, maar het werkt wel. RTL Z-journalist Coen van de Ven onderzoekt hoe partijen in onze filterbubbel kruipen.

Opmerkelijk: gisteren twitterde ik hoe sterk Emile Roemer (SP) debatteerde met Alexander Pechtold: het regende retweets en likes. Maar wat blijkt? Al die bijval komt niet van 'gewone burgers' maar met name van SP-aanhangers: politici, lokale bestuurders en partij-activisten.

De teller staat inmiddels op zestig retweets en meer dan dertig likes. Iets soortgelijks gebeurde eerder deze campagne al met positieve tweets over andere partijen. 

 

Afgesproken werk? "We spreken allemaal af om te kijken en te twitteren", zegt Anne-Marie Mineur, Europarlementariër van de SP. "Maar we stemmen niet met elkaar af wat we precies retweeten en liken." Ook PvdA, GroenLinks en D66 zeggen voor debatten leden aan te sporen om actief te twitteren en de eigen lijsttrekker online te steunen.

Tienduizend vragen

Bij die partijen zitten er tijdens de campagne ongeveer acht mensen die constant aan 'webcare' doen. Tijdens debatten zijn dat er nog meer. "Gisteren zaten hier tien tot vijftien mensen", zegt een voorlichter van GroenLinks.

Hun taak is het beantwoorden van vragen, het retweeten van positief geluid en het beantwoorden van alle vragen die binnenkomen. "Dat zijn er op dit moment tienduizenden per maand", zegt een D66-woordvoerder.

De partijen ontkennen ten stelligste dat ze hun leden vragen bepaalde tweets te retweeten of te liken maar zeggen wel te weten dat andere partijen het wel doen. Alleen GroenLinks geeft aan via hun inmiddels duizenden 'apptivisten' mensen actief te vragen om bepaalde tweets over te nemen en te verspreiden vanaf eigen accounts, dat gebeurt allemaal via WhatsApp.

Micro-targeting

Wel zeggen partijen aan dit jaar massaal gebruik te maken van Facebook. "Dat is echt een groot verschil met 2012", zegt Sanne Kruikemeier, onderzoeker politieke communicatie aan de Universiteit van Amsterdam. "Twitter kenden we natuurlijk al, maar Facebook is erg belangrijk geworden omdat je gericht kunt targeten."

Thumbnail

Rutte beantwoordt vragen via Facebook. (Foto: ANP)

Micro-targeting is het sleutelwoord dit jaar. Facebook weet veel over ons en biedt zo het ideale platform om heel gericht een bepaalde doelgroep op te zoeken. "Jonge vrouwen zien op dit moment veel over Jesse Klaver en zijn oproep tot meer vrouwen in het kabinet", zegt Kruikemeier.

'Schot hagel'

Bij adverteren op Facebook kan een veelvoud aan variabelen worden meegegeven: leeftijd, geslacht, interesses, beroep, opleidingsniveau en meer. Wie klikt op een grijs pijltje rechtsonder in de advertentie kan makkelijk zien waarom hij of zij een bepaalde advertentie ziet. En zo ontdekken hoe bepaalde partijen je filterbubbel inkruipen.

Hoewel televisie en nieuwswebsites nog altijd de belangrijkste nieuwsbron zijn tijdens verkiezingen, blijft het op traditionele platformen toch schieten met een schot hagel, zegt Kruikemeier. "Op social media weet je beter wie je bereikt."

Een PvdA-woordvoerder vergelijkt micro-targeting met adverteren in bladen. "Als je in de Kampioen adverteert doe je dat met een andere boodschap dan wanneer je in een lerarenblad ruimte koopt."

Facebook is inmiddels belangrijker geworden dan Twitter tijdens de campagne, zeggen voorlichters van PvdA, D66 en GroenLinks. "Op Twitter zitten mensen die al weten wat ze gaan stemmen, maar op Facebook is de doelgroep veel groter en zitten meer jongeren en ouderen", zegt een voorlichter van de PvdA.

Privacy problemen

Volgens Frederik Zuiderveen Borgesius, rechtsprofessor aan de Universiteit van Amsterdam en gespecialiseerd in de juridische en ethische grenzen aan algoritmes en digitale ontwikkelingen, is micro-targeting niet zo onschuldig als het lijkt. "Als je boodschappen toespitst op een doelgroep, loop je het risico dat partijen zich aan diverse groepen presenteren als een one-issue partij en zo een eenzijdig beeld geven van de partijstandpunten. Dan informeer je niet goed."

Daarnaast zijn er serieuze privacyproblemen, vindt Zuiderveen Borgesius. "We zitten nog niet op de schaal van Amerika maar gaan wel hard die kant op", zegt hij. "Het is een heel negatieve ontwikkeling."

Thumbnail

Een klein deel van de grote groep GroenLinksers die social media overziet. (Foto: RTL Z)

Facebook

In de Verenigde Staten is een levendige handel ontstaan in data van (potentiële) kiezers en leggen politieke partijen zelf grote databases aan met persoonsgegevens. In Nederland zorgt volgens Zuiderveen Borgesius strenge privacywetgeving ervoor dat de risico’s kleiner zijn. Al blijft Facebook als groot Amerikaans bedrijf een risico: "Zij moeten zich aan Europese privacyregelgeving houden maar het blijft een discussiepunt of ze dit ook echt doen."

Daarnaast is het de vraag of iedereen zit wachten op een stortvloed aan politieke boodschappen in timelines. "Zodra mensen erachter komen hoe het systeem werkt, denk ik dat internetgebruikers kritischer naar de politieke advertenties gaan kijken", zegt Kruikemeier.

Altijd weten wat er speelt?
Download de gratis RTL Nieuws-app en blijf op de hoogte.

Playstore Appstore

`