Ga naar de inhoud
Flevoziekenhuis

Levensechte oefenpop schiet medici te hulp: 'Eerst oefenden we op elkaar'

SimMan 3G tijdens een oefening Beeld © Editie NL

Hij zweet, hij ademt, hij heeft pupillen die veranderen en hij reageert wanneer er medicijnen worden toegediend. Het klinkt als een doorsnee patiënt in een ziekenhuis maar schijn bedriegt: het is SimMan 3G, een levensechte oefenpop. Het Flevoziekenhuis heeft hem sinds kort in gebruik. Hiermee kunnen ze realistische scenario's oefenen. "We kunnen hem zelfs achteruit laten gaan en weer laten opknappen."

Een hersenbloeding, hoge bloeddruk of zuurstoftekort. SimMan heeft het –  als de verpleegkundigen dat willen – allemaal. "Het voelt heel echt", vertelt Marijke Voskuilen, reanimatietrainer van het Flevoziekenhuis aan Editie NL. "Artsen die een training komen volgen zijn echt onder de indruk van wat de pop allemaal kan. Als je met een reanimatieteam oefent met de pop, is het net een echte situatie."

Reanimatie
Lees ook:
Reanimatie bij vrouwen: oefenpop met borsten moet drempel wegnemen

Volgens haar zijn dit soort levensechte poppen echt de toekomst van het medisch onderwijs. "De eerste poppen konden helemaal niets, die hadden gesloten ogen, of het was alleen een torso zonder armen en benen. Bij gebrek aan beter legden we ook weleens een collega in bed en om op elkaar te oefenen." Bij de moderne poppen is dat niet meer nodig.

Veilige omgeving

"Het is hartstikke mooi dat je in een veilige omgeving kan oefenen. We kunnen hem zelfs achteruit laten gaan en weer laten opknappen. Dat zorgt voor meer zelfverzekerdheid bij het personeel. Dat is echt fantastisch."

Volgens Sebastiaan Waanders, hoofd simulatiecentrum van de Universiteit Twente, worden poppen steeds beter. "Als je steeds realistischere scenario's gaat trainen dan wil je dat zo'n pop er ook zo realistisch mogelijk uitziet en zich ook zo gedraagt", vertelt hij tegen Editie NL.

Zak aardappelen

"Tegenwoordig is het zelfs zo dat een pop kan reageren terwijl je bezig bent, omdat de elektronica beter en sneller is geworden." En juist doordat er realistische scenario's getraind kunnen worden wordt de zorg beter. "Vroeger werd er getraind op dode varkens of zelfs op een zak aardappelen, want heel veel trainingen gaan over wat je als team kan en dan gaat het om de communicatie tussen de collega's."

Maar nu kan er op andere scenario's getraind worden. "Wat je niet kunt met een echte patiënt of met een dood dier dat zijn situaties trainen die je in de praktijk zelden tegenkomt. En juist dat kan je mooi oefenen op een pop. Dat wil niet meteen zeggen dat je het dan in de praktijk ook goed doet maar het geeft wel een basis."

"Werken op een intensive care is echt topsport, en voor topsport moet je trainen. We leren heel goed door fouten te maken en die wil je niet maken als er een patiënt op tafel ligt."