Piet Rietman

Anders de crisis uit

16 september 2021 07:25

Er zijn momenteel twee percentages heel anders dan je zou verwachten: de werkloosheid en de loongroei.

Vanochtend werd door het CBS bekend gemaakt dat de werkloosheid in augustus 3,2 procent was. Dat is een opvallend laag percentage voor een land dat net uit een onvoorziene en heftige economische crisis komt. Nu de NOW-regeling afloopt en de faillissementen wat zullen oplopen zal het werkloosheidspercentage wel wat stijgen, maar het gaat inmiddels zo goed dat het onder de 4 procent kan blijven in 2022.

Met de cao-loonstijgingen gaat het ook goed: die belanden weer boven de 2 procent per jaar. Ook in de raming van het CPB, die geen rekening houdt met toekomstige beleidswijzigingen. Mocht het minimumloon worden verhoogd of de arbeidsmarkt worden hervormd, twee beleidswijzigingen die de loongroei aanjagen, komt er nog wat bovenop. Richting de 3 procent in 2023? Dat zou mij dan niet meer verbazen.

Beide ontwikkelingen worden aangejaagd door staat en markt. De NOW-regeling heeft de werkloosheid laag gehouden én ervoor gezorgd dat die in 2022 niet al te veel meer op kan lopen. De personeelstekorten, ook wel arbeidsmarktkrapte genoemd, hangen hiermee samen. Door de NOW waren er minder werkzoekenden dan anders het geval zou zijn. En nu de NOW afloopt, komt de arbeidsmarktkrapte weer op het niveau van 2019. En als er íets is dat correleert met loongroei dan is het krapte.

Dit vernuftige samenspel van staat en markt is niet ideaal, maar stukken beter dan in de herstelperiodes na andere crises.

Een ideaal werkloosheidspercentage is moeilijk te noemen. Veel mensen zijn om een goede reden werkloos. Denk aan mantelzorg of aan een paar maanden uitrusten tussen de ene en de andere baan.

Een ideale loongroei ligt boven de 3 procent. De lonen zouden iets harder moeten stijgen dan de gemiddelde economische groei om zo de inkomensongelijkheid tegen te gaan tussen werknemers enerzijds versus ondernemers en beleggers anderzijds. Als die ongelijkheid eenmaal teruggedrongen is tot een punt dat de meeste mensen acceptabel vinden, kan de loongroei weer gelijke tred gaan houden met de economische groei.

Toch is het glas halfvol. Laat het feit dat we nog niet boven de 3 procent zitten, je er niet van weerhouden om het succes van dit moment te vieren.

In het herstel na de vorige economische crisis, die van 2008/2009, hadden we te maken met heel andere percentages. De cao-loongroei lag maar liefst acht jaar onder de 2 procent. De werkloosheid lag zeven jaar lang boven de 5 procent. Heel ongezond, want in de jaren na een crisis wil je juist dat het goed gaat met huishoudens. Die hebben werk en loongroei nodig om zo het herstel aan te jagen.

Dit keer is het anders en de NOW heeft daar een stevige bijdrage aan geleverd. We moeten hiervan leren om volgende overheidsinterventies nóg succesvoller te laten zijn. De conclusie zou wel eens kunnen zijn dat we doelbewust beleid moeten maken dat de arbeidsmarkt krap maakt. En dat de onderhandelingspositie van werknemers, zowel individueel als collectief, versterkt.

In de VS zijn ze al zover dat de centrale bank én de overheid zeggen dat de arbeidsmarkt krapper moet worden. Ook wij hebben stappen in die richting nodig om de werkloosheid en loongroei op een niveau te krijgen waarvan we democratisch beslissen dat dit het ideale niveau is.