Wetsvoorstel aangepast

Raad van State fileert exitbelastingwet voor Unilever: 'Niet verantwoord'

09 oktober 2020 12:00 Aangepast: 09 oktober 2020 14:53
Het hoofdkantoor van Unilever in Rotterdam. Beeld © Peter Hilz

De Raad van State heeft een vernietigend oordeel geveld over het wetsvoorstel van GroenLinks voor een exitheffing voor bedrijven die verhuizen naar een land zonder dividendbelasting. Doel van de wet is om verhuizing voor bedrijven als Unilever een peperdure aangelegenheid te maken, maar het voorstel is volgens de Raad van State onverantwoord.

Dat blijkt uit het advies dat zojuist openbaar is gemaakt. Op basis van het advies heeft initiatiefnemer Bart Snels van GroenLinks het wetsvoorstel op een aantal punten aangepast en naar de Kamer gestuurd.

De directe aanleiding voor de wet is de voorgenomen verplaatsing van het hoofdkantoor van Unilever naar Londen. Snels heeft er nooit een geheim van gemaakt dat het doel is om Unilever in Nederland te houden.

Vertrekken is betalen

In grote lijnen werkt het wetsvoorstel als volgt. Als een in Nederland gevestigd bedrijf verplaatst naar een land zonder dividendbelasting, dan moet er bij het vertrekken alsnog dividendbelasting betaald worden over alle opgebouwde winsten die in het bedrijf aanwezig zijn, maar nog niet zijn uitgekeerd.

Door de manier waarop dit berekend wordt, loopt dat enorm in de papieren. De rekening zou grofweg neerkomen op 15 procent (het tarief van de dividendbelasting) van de beurskoers. Unilever becijferde eerder al dat dit voor het bedrijf neer zou komen op 11 miljard euro. Reden genoeg om de verhuizing af te blazen, als de wet er komt.

Miniatuurvoorbeeld
Lees meer:

Unilever: vertrek hoofdkantoor uit Nederland van de baan als wet GroenLinks het haalt

Daar komt meteen het eerste grote kritiekpunt van de Raad van State om de hoek. De dividendbelasting wordt namelijk uiteindelijk betaald door aandeelhouders, en niet door bedrijven.

In het voorstel van Kamerlid Snels zou het bedrijf de belastingclaim aan de broek krijgen, volgens de Raad. Dat zou zo'n ingrijpende wijziging zijn, dat de kans groot is dat het voorstel juridisch onhoudbaar is, oordeelt de Raad. Volgens Snel berust dat op een misverstand, maar de wet is wel aangepast met als doel dit euvel te verhelpen.

Verhaalrecht

Het bedrijf in kwestie houdt het recht om de dividendbelasting bij de aandeelhouders te verhalen, en daar belandt uiteindelijk dus ook de rekening.

Dat werkt als volgt. Als Unilever zou vertrekken krijgt het een zogenoemde 'conserverende naheffingsaanslag' op zijn bord. Dat betekent dat de staat in feite zegt: jullie hebben winsten opgebouwd in Nederland waar nog geen belasting over is betaald, als jullie vertrekken wordt dat omgezet in een renteloze belastingschuld, die uiteindelijk betaald moet worden.

Iedere keer als er dividend wordt uitgekeerd na het vertrek, moet Unilever een deel afbetalen. Dat houdt in dat op de nieuwe aandelen die beleggers straks krijgen in ruil voor hun oude Nederlandse aandelen, een belastingclaim blijft rusten. Als op die aandelen dividend wordt uitgekeerd, mag Unilever 15 procent daarvan inhouden, om vervolgens over te maken aan de fiscus.

Zo komt de rekening uiteindelijk, net als nu, uiteindelijk bij de aandeelhouders terecht. Immers, zij krijgen gewoon 15 procent minder dividend uitgekeerd. Nederlandse aandeelhouders houden trouwens ook in het nieuwe voorstel het recht om de betaalde dividendbelasting te verrekenen met de inkomstenbelasting of de vennootschapsbelasting.

Terugwerkende kracht onverantwoord

Maar er zijn meer problemen. De wet zou namelijk – als die wordt aangenomen – ook nog eens met terugwerkende kracht gaan werken. Dat betekent dat bedrijven die na 18 september vertrekken, de rekening gepresenteerd krijgen. Ook al wordt de wet pas later aangenomen door de Tweede- en Eerste Kamer.

Ook daarover oordeelt de Raad van State vernietigend. "De Afdeling merkt op dat de voorgestelde terugwerkende kracht onverantwoord is, nu voor betrokkenen niet voldoende kenbaar is voor wie welke verplichtingen gelden vanaf 18 september 2020."

Het komt erop neer: er is nog zo veel onduidelijk over de precieze werking van de wet, dat het niet oké is om hem met terugwerkende kracht in te voeren.

Miniatuurvoorbeeld
Lees ook:

Nederlandse aandeelhouders Unilever akkoord met verhuizing

Dat punt is nu juist voor Snels erg belangrijk, want Unilever staat op het punt van vertrekken. GroenLinks wil dat Unilever daarvan af ziet omdat de dreiging op de loer ligt dat ze alsnog een naheffing krijgen, ook al wordt de wet pas na vertrek aangenomen.

Maar volgens GroenLinks is die onduidelijkheid inmiddels weggenomen, door het voorstel aan te passen én door nogmaals te benadrukken dat de belasting nog steeds voor rekening komt van de aandeelhouders, terwijl de Raad ervan uit ging dat dit niet zo was.

Woord aan de Kamer

"De Raad van State was kritisch, maar deed ook een aantal verkeerde aannames. Door de wet op deze punten te verhelderen en aan te scherpen, kan deze nu elke toets doorstaan", aldus Snels.

De grote vraag is hoe het nu verder gaat. De wet moet nu behandeld worden in het parlement, maar het is nog onduidelijk of die nog op voldoende steun kan rekenen na de kritische noten van de Raad van State. Eerder waren veel partijen, waaronder coalitiepartijen D66, ChristenUnie en D66 redelijk positief over het voorstel, maar zij gaven toen al te kennen hun oordeel af te laten hangen van het RvS-advies.

D66 en ChristenUnie laten vandaag weten het nog steeds een interessant voorstel te vinden. Beide partijen zeggen het nu te gaan bestuderen. "Ik begrijp dat de gedachten over de praktische uitvoering inmiddels veel concreter zijn geworden. Wij zullen de details en de implicaties van het wetsvoorstel serieus bestuderen", zegt CU-Kamerlid Eppo Bruins.

Snels blijft gematigd optimistisch over de vooruitzichten. "Veel partijen vinden het belangrijk dat we belastingontwijking aanpakken, dat is echt veranderd ten opzichte van een paar jaar geleden. En heel veel partijen zouden het fijn vinden als Unilever in Nederland blijft", aldus Snels.

Unilever op de vlakte

Unilever, dat mordicus tegen de wet is, laat in een korte schriftelijke reactie weten de wet aandachtig te bestuderen om te beoordelen wat de impact ervan zou zijn op het bedrijf.

Daarbij herhaalt Unilever nogmaals dat de verhuizing alleen doorgaat als dit in het belang is van het bedrijf en de aandeelhouders. Eerder zei Unilever al expliciet dat het hoofdkantoor in Rotterdam niet verdwijnt als de wet er komt.

Altijd weten wat er speelt?
Download de gratis RTL Nieuws-app en blijf op de hoogte.

Playstore Appstore

Dit is een artikel van