Ester Barendregt

Formatie-inspiratie van buiten de Nederlandse kaasstolp

01 september 2021 06:54

De kanshebbers voor een nieuw kabinet zijn al maanden in de weer met zichzelf en elkaar. Een nieuw kabinet laat intussen op zich wachten. Voor een doorbraak - op inhoud (!) - kunnen de partijen nog eens te rade gaan bij adviseurs van buiten de kaasstolp. Bijna jaarlijks krijgt Nederland immers economisch advies van het IMF, de OESO en de Europese Commissie.

U dacht dat deze organisaties alleen Italië en Griekenland de les lezen? Nee hoor, al hun lidstaten krijgen gratis advies. En dat is óók voor Nederland het lezen waard. Deze clubs stellen namelijk vaak kritische vragen bij wat voor ons normaal of zelfs vanzelfsprekend is… maar vergeleken met andere landen juist bijzonder.

Minder lenen, vaker vrij huren

Zo gaat het in de internationale adviezen over de krapte en de hoge prijzen op de Nederlandse huizenmarkt; thema’s die ook Nederlandse kiezers en politici flink zorgen baren. Maar opvallend is dat experts in Washington, Parijs en Brussel de Nederlandse neiging om het eigen woningbezit te stimuleren, niet vanzelfsprekend vinden. De OESO pleit dan ook allereerst voor een grotere vrije huurmarkt. Die stelt in ons land namelijk helemaal niets voor, vergeleken met andere EU landen.

En de Europese Commissie vraagt vooral aandacht voor de hoge hypotheekschulden van Nederlanders. Deze zorgen er mede voor dat de totale schuld van Nederlandse huishoudens (in verhouding tot het beschikbare inkomen) de hoogste van de EU is, na Denemarken. Deze schulden maken de Nederlandse economie namelijk kwetsbaarder voor schokken, ook al staan er grote vermogens in huizen en pensioenen tegenover.

Het IMF wijst er bovendien al jaren fijntjes op dat de Nederlandse leennormen voor hypotheken in vergelijking met andere landen wel heel ruim zijn. Daarnaast schoppen de drie instellingen eensgezind het heilige Nederlandse huisje van de hypotheekrenteaftrek om: die moet volgens hen verder worden afgebouwd of zelfs helemaal verdwijnen.

Niet de baas, maar het vaste contract is de baas

Ook de dualiteit van de Nederlandse arbeidsmarkt krijgt een belangrijke plaats in de adviezen van alle drie de instellingen. De OESO liet in deze bijdrage al zien dat het aandeel van flexibel werkenden in Nederland (flexcontracten en zzp-ers) behoort tot de hoogste in Europa. Om de balans tussen vast en flexwerk te herstellen, focust de polder tot nu toe vooral op het vergroten van de bescherming voor flexwerkers.

Maar de OESO belicht ook nadrukkelijk de andere kant van de medaille, namelijk dat in ons land de bescherming van werknemers onder vast contract tot de hoogste van alle OESO-landen behoort. De les van deze internationale vergelijking? Meer balans in de arbeidsmarkt is niet alleen een kwestie van minder flexibiliteit in flex, maar ook van minder vastigheid in vaste contracten.

Vrouwen voor vacatures

Nog zo’n typisch Nederlands verschijnsel waar men over de grenzen vraagtekens bij plaatst, is het anderhalfverdienersmodel. De OESO constateerde in dit rapport dat het aandeel parttimers onder werkende vrouwen in Nederland maar liefst twee keer zo hoog is als het gemiddelde van OESO- (zeg maar: rijke) landen. Dit gaat in ons land gepaard met een hele hoge arbeidsparticipatie: veel mensen werken.

Maar de uren die zij werken, zijn wel ongelijk verdeeld tussen mannen en vrouwen. De internationale experts wijzen erop dat met een betere beleidsmix rond zorg, onderwijs, werk en belasting meer vrouwen verleid kunnen worden om meer uren te werken. Heel wat Nederlanders zullen nu denken: “Hoezo? We hebben het toch goed zo?” Maar juist nu veel werkgevers slapeloze nachten hebben vanwege hun onvervulde vacatures, zouden de formerende partijen ook dit advies nog eens uit de la moeten trekken.

Kortom: Nederland kan iets hebben aan het internationale perspectief van de IMF, OESO en Europese Commissie op belangrijke economische dossiers. En wie weet helpt hun frisse blik zelfs de formatie nog een eindje op weg.