Te klein of te lelijk

De supermarkt wil de pompoenen van boer Chris niet hebben

31 oktober 2020 09:31 Aangepast: 29 januari 2021 19:42
Boer Chris Poelen bij zijn pompoenen. Beeld © Breda Maakt Mij Blij.

Ze smaken prima en de kleur is goed, maar toch willen supermarkten een deel van de pompoenen van boer Chris Poelen niet hebben. Ze wegen namelijk minder dan 800 gram en dat past niet binnen het zogeheten standaardisatieproces van de winkel. En hij is niet de enige boer die met de eisen van de winkels worstelt.

Boer Poelen uit Groesbeek kweekt diverse soorten pompoenen. De butternut (flespompoen), de Hokkaido (oranje pompoenen), de spaghettipompoen (draderig vruchtvlees) en de muskaatpompoen (nootachtige smaak). Dit jaar werd 10.000 kilo van zijn pompoenen geweigerd door de supermarkten.

"Het ideale gewicht is 1,2 kilo, vinden de supermarkten", vertelt hij. "Onder de 800 gram willen ze de vruchten niet hebben. Ze verkopen ze namelijk per stuksprijs en niet op gewicht, want dat wegen is weer een handeling extra voor de klant en die wil gemak."

Ideale gewicht is lastig

Maar een pompoen kweken die een exact gewicht heeft, is niet zo makkelijk. De planten gaan in juni de grond in, in september worden ze geoogst. Aan een pompoenplant zitten twee tot vier vruchten.

"Die vruchten verdelen de voedingsstoffen die ze krijgen zoals water en mest. De ene vrucht is dus wat groter en de ander wat kleiner. Maar je moet de plant in één keer oogsten. Dan heb je dus altijd enkele vruchten die niet groot genoeg zijn", legt boer Chris uit. Te klein is niet goed, maar te groot ook niet want er passen er maar zes in een kist.

Verkopen om er blokjes van te snijden gaat niet, daar willen de verwerkers nog grotere pompoenen voor. Voor Poelen zijn er dus maar twee opties: vernietigen of via andere kanalen verkopen.

Miniatuurvoorbeeld
Lees ook:

Een broccoli van één euro levert de boer drie cent op

Vernietigen of weggeven

Vernietigen doet Poelen door ze onder te frezen, maar dat levert het hem geen cent op. Als het kan zoekt hij andere afzetmarkten. Zo werd de 10.000 kilo dit jaar verkocht via Breda Maakt Mij Blij.

Via dit initiatief werden de laatste jaren onder meer asperges, appels, zonnebloemen, pruimen en gladiolen van de vernietiging gered. Het gaat meestal om producten die supermarkten vanwege hun maat niet willen hebben. Ook Boerschappen redt regelmatig producten waar een boer anders ofwel te weinig voor krijgt of die een supermarkt niet wil hebben.

"We worden regelmatig benaderd door agrariërs", vertelt Stijn Markusse van het Bredase Boerschappen, dat maaltijdboxen samenstelt. "Soms willen supermarkten een oogst helemaal niet omdat de groenten of het fruit te klein, te krom of te lelijk zijn. En soms betalen ze te weinig."

Boer Chris Poelen bij zijn pompoenen. Boer Chris Poelen bij zijn pompoenen.

Prijzen

Een boer weet vooraf niet wat hij voor zijn product krijgt, legt hij uit. "Er wordt maar weinig via een veilingklok afgeslagen tegenwoordig. Het meeste gaat via tussenhandelaren. Dat zijn verkooporganisaties of boerencorporaties die weer deals met supermarkten maken. Een boer produceert en hoopt een goede prijs te krijgen, maar heeft daar geen invloed op. En supermarkten hebben een machtspositie dus betalen ze zo min mogelijk."

Een boer plukt bijvoorbeeld 20.000 kilo appels. "Dan hoort hij pas een paar dagen van de tussenpersoon later wat de opbrengst was. Soms weet hij vooraf wat ongeveer de marktprijs is. Hij kan dan beslissen om het te vernietigen of te laten hangen. Maar je zit ook met houdbaarheid. En als een Nederlandse boer weigert te verkopen, haalt zo'n winkel het wel in het buitenland."

Te kleine pruimen

Zo moest fruitboer Kees Hamelink uit het Zeeuwse Wemeldinge in 2018 bijna 60.000 kilo Opal-pruimen weggooien, omdat ze 3 millimeter te klein waren. Extra beregenen was geen optie in de warme droge zomer. In Zeeland is er onvoldoende zoet water, zelfs slootwater is brak.

We zijn nu twee jaar verder, maar bij supermarkten is nog niet veel veranderd, zegt Kees Hamelink die jaarlijks ongeveer 150 ton pruimen produceert en daarmee een van de grootste telers in Nederland is. "Het is bovendien moeilijk om meer dan de kostprijs te krijgen. Ik kan niet mechaniseren en zo de loonkosten drukken. Je moet pruimen met de hand plukken omdat ze zo kwetsbaar zijn."

De pruimen van boer Kees. De pruimen van boer Kees.

Lelijk fruit, goed van smaak

Onder een bepaalde maat nemen winkels ze wel af, maar betalen ze fiks minder, legt zijn zus Annemiek Hamelink uit. "Je hebt klasse 1-pruimen en klasse 2. Per klasse krijg je een bepaald bedrag. Terwijl ze beide kwalitatief goed zijn. A-keuze levert 80 procent minder op dan B-keuze."

Een deel van de pruimen gaat nu voor een 'eerlijke prijs' naar andere afnemers, zoals lokale winkels en groenteboeren, particulieren, de Krat en Boerschappen, legt ze uit. Verder gaat er nu ieder jaar een lading naar Amsterdamse jammaker Potverdorie!, die zich inspant om spreads en chutneys van 'lelijk fruit' te maken onder het mom 'goede smaak zit vanbinnen'.

"Als die het niet afnamen, zou Kees het fruit aan de bomen laten hangen. Dan hoeft hij geen plukkers te betalen. Maar je maakt dan nog steeds verlies," zegt zus Annemiek.

Miniatuurvoorbeeld
Lees ook:

Ondernemers blij met plan voedselverspilling: 'Niet weg te werken'

Amper kunnen overleven

En zo zijn er volgens Markusse meer boeren, die het amper overleven. "Je kunt vaak niet zomaar stoppen en iets anders gaan produceren. Zo'n pruimenboomgaard staat er al jaren. Bovendien hopen boeren altijd dat ze het jaar daarop een betere prijs krijgen."

Het ene jaar is nu eenmaal ook beter dan het andere, dat wisselt. "Maar zeker nu de zomers warmer worden, hebben boeren het moeilijk. Hun grond is wel veel waard, maar die kunnen ze pas na hun pensioen verkopen."

Kromme komkommers

Dat supermarktketens steeds groter worden door overnames, schaadt de zaak, legt hij uit. "Er zijn allemaal systemen en normeringen bijgekomen bij grote ketens als Jumbo en Albert Heijn. Alles is gestandaardiseerd. Er passen bijvoorbeeld 29 komkommers in een krat. Dus als je kromme komkommers of een andere maat zou accepteren, passen er bijvoorbeeld maar 27 in de krat. Dat levert administratieve problemen op."

Markusse vindt dat supermarkten de boer sowieso meer moeten betalen. "Boeren horen meer voor hun producten te krijgen. In een week dat de boer 70 cent voor een kilo pruimen kreeg, vroegen veel supermarkten 6 euro per kilo aan de klant. Er is dus marge genoeg om ze iets meer te gaan betalen."

De cijfers

Meer dan een derde van de geteelde groentes en het fruit komt nooit in de winkelschappen doordat ze een rare vorm of verkeerde maat hebben. Meer dan 50 miljoen ton groentes en fruit wordt jaarlijks weggegooid, blijkt uit onderzoek (2018) van de universiteit van Edinburgh. 

Dat komt volgens de onderzoekers door de strikte regelgeving van de overheid, de hoge eisen vanuit de supermarkten en de verwachtingen van de consument over de vraag hoe groente en fruit eruit moet zien.

Boeren die een contract hebben met een supermarkt, produceren bewust extra om zo te compenseren voor het 'lelijke deel' van de oogst. Volgens de onderzoekers moet het bewustzijn van de consumenten vergroot worden. We moeten minder kieskeurig worden. Ook zou er meer groente en fruit verwerkt moeten worden in al gesneden of bewerkt voedsel.

Europese regels

Vanuit Europa zijn er verschillende handelsnormen, waarin staat hoe groente en fruit eruit moet zien. Die normen werden voor 25 soorten al een decennium geleden versoepeld en gelden niet meer bijvoorbeeld bonen, wortelen, komkommers en prei. De strenge regels zijn echter nog wel op tien soorten, zoals onder meer appels en peren van toepassing.

De nationale autoriteiten kunnen daarnaast producten die bijvoorbeeld misvormd of te klein zijn, uitsluiten van specifieke handelsnormen, mits op het etiket de vermelding 'voor industriële verwerking bestemde producten', 'diervoeder' of een andere gelijkwaardige formulering wordt aangebracht. 

Kromkommer

Ook weren supermarkten soms producten die wel aan de regels voldoen, maar in hun ogen alsnog te lelijk of te groot of te klein zijn. In Nederland maakt Kromkommer zich er daarom sterk voor om een nieuwe definitie van kwaliteit te hanteren. 

De organisatie probeert supermarkten al vijf jaar te bewegen om hun inkoopeisen te veranderen. "Die  gesprekken hebben helaas niet veel opgeleverd",  zegt Chantal Engelen van Kromkommer.

"Soms is er een symbolische actie waarbij ze groente of fruit die onder de maat is verkopen. En Albert Heijn heeft er de Buitenbeentjes voor. Maar structureel verandert er bij de supermarkten niets, de inkoopeisen worden niet aangepast." Supermarkten kiezen voor efficiency, zeggen ze ook in gesprek met Kromkommer. Engelen: "Meer complexiteit in maten kost geld. Maar we blijven het proberen."

Altijd weten wat er speelt?
Download de gratis RTL Nieuws-app en blijf op de hoogte.

Playstore Appstore

Dit is een artikel van