Hans Stegeman

Nee minister Schouten, kringlooplandbouw is geen verdienmodel

05 juli 2019 05:50

In de bioscoop draait nu de documentaire 'The biggest little farm'. De film laat zien hoe een stel op uitgeputte landbouwgrond een ecologisch miniparadijs weet te creëren. Ook de complexiteit van de natuur komt er duidelijk in naar voren en hoe lastig het is om hierin een evenwicht te vinden. De boodschap van de film: in een onbalans geraakte natuur raakt door diversiteit uiteindelijk weer in balans. Een teveel aan slakken trekt vogels, die het overschot wegwerken. Vogels die fruit eten worden in toom gehouden door uilen, woelratten worden onder de duim gehouden door coyotes, en zo verder.

Een mooi verhaal. Maar het laat tegelijkertijd ook zien hoe ingewikkeld en precair deze situatie is. En het toont ook dat natuur niet zo veel te maken heeft met een verdienmodel, zoals het Nederlandse kabinet - met haar stuk over de kringlooplandbouw - suggereert.

Het onhoudbare Nederlandse verdienmodel

Inmiddels is alom bekend dat de (over-)intensieve landbouw zoals we die in Nederland kennen niet houdbaar is. Te veel uitstoot van stoffen die de leefomgeving aantasten, te veel landbouwgrond zodat de biodiversiteit wordt bedreigd. Het moet anders, zegt ook minister Carola Schouten in haar visie op kringlooplandbouw. Helemaal goed.

Er staan mooie zinnen in als: "Waar een circulair voedselsysteem gericht is op meer economische waarde ontlenen aan een spaarzame inzet van grondstoffen en natuurlijke hulpbronnen, rusten grote delen van de huidige voedseleconomie in essentie op een zo goedkoop en groot mogelijk productievolume." Ik had het zelf kunnen schrijven.

De Nederlandse voedselmachine is een groot succes. Zeer gespecialiseerd, hoogtechnologisch en uiterst efficiënt is de Nederlandse voedingsmiddelensector een belangrijke internationale speler. Het geld wordt niet zozeer door de boer verdiend, maar vooral in de rest van de keten. Een zo goedkoop mogelijk en zo groot mogelijk productievolume. Dat is wat Nederland groot heeft gemaakt.

En dat moet anders, erkent ook de minister. Minder grondstoffen gebruiken en minder natuurlijke hulpbronnen belasten betekent meer lokaal produceren, meer diversiteit in plaats van monocultuur, en uiteindelijk kringlopen zo veel mogelijk sluiten. Helemaal goed. Geen blauwdruk, maar wel precies zoals in de film.

Maar dan komt het. Er zijn volgens het kabinet wel vier randvoorwaarden aan verbonden:

  • Een goed inkomen voor boeren en tuinders.
  • Landbouw en natuur moeten elkaar versterken.
  • De maatschappelijke waardering van voedsel moet toenemen.
  • Nederland blijft internationaal een prominente en vernieuwende rol hebben.

Dat landbouw en natuur elkaar moeten versterken kan ik me voorstellen. Dat de maatschappelijke waardering voor voedsel moet toenemen snap ik ook; duurzamere landbouw is immers zeker niet goedkoper. Maar wat kringlooplandbouw te maken heeft met de andere twee punten, vind ik moeilijker te begrijpen.

Schaalverkleining

Ik zie een aantal weeffouten - laten we het geen denkfouten noemen - in de plannen van de minister.

Allereerst heeft kringlooplandbouw zoals die in de plannen wordt gepresenteerd niets te maken met een circulaire economie. De producten eet je op. Einde kringloop. Hooguit op nutriëntenniveau, als we massaal onze ontlasting uitspreiden over de akkers, maar dan wel zonder toiletpapier.

Ten tweede heeft een circulaire economie ook niets te maken met efficiency. Als we iets kunnen leren van natuur-inclusieve landbouw of van ecologie, is dat de natuur per definitie een efficiënt maar afvalvol systeem is. Kijk maar naar zaadjes van de bomen: ze waaien alle kanten uit en slechts een paar groeien uit tot nieuwe bomen. En afval, van bladeren die van bomen vallen, tot uitwerpselen van beesten, zijn hard nodig als bemesting van nieuwe bloei. Wat dus niet moet gebeuren is het huidige systeem nog verder optimaliseren. Nog meer monoculturen te kweken. Nog meer 'reststromen te verwaarden', zoals dat in het jargon heet.

In de derde plaats moet het juist niet meer geld opleveren. Natuurlijk snap ik dat dit gezegd moet worden, anders krijgen we de sector sowieso niet mee. Maar de schaal van de Nederlandse landbouw is te groot en te efficiënt. Een verdienmodel voor minder boeren gaat er alleen komen als we de schaal van landbouw in Nederland verkleinen en de consument meer gaat betalen.

Net als in de film is kringlooplandbouw een zoektocht. Maar gegeven de huidige omvang van de landbouwsector zou een verkleining van de sector de enig passende ambitie zijn. Alleen dan krijgt de natuur meer ruimte en hebben boeren een fatsoenlijk verdienmodel.

Wie gaat dat in Den Haag even uitleggen?