Hans Stegeman

Waarom de belasting op bezit omhoog moet

21 juni 2019 06:15

"Heb je nou wéér een mountainbike gekocht?" 

Mijn dochter had een punt. Naast een stadsfiets, een mountainbike en twee racefietsen was die nieuwe mountainbike wellicht overkill. Ik zeg wellicht, want het was natuurlijk wel weer net een andere fiets, voor ander terrein. En echt in de weg staan al die fietsen niet. Althans, niet voor mij (mijn vriendin denkt daar wel eens anders over).

Toch is dit, zo snapt iedereen, verspilling. Die fietsen van mij zijn maar een voorbeeld. Uitpuilende kledingkasten, overvolle garages en zolders, iedereen kent het wel.

Om die verspilling te verminderen, zijn radicale maatregelen noodzakelijk.

Je reinste verspilling

Even terug naar mijn vijf fietsen. Hoeveel verspil ik daar nu eigenlijk mee? Als ik gemiddeld 1 procent van de tijd per week op elke fiets zit, is het veel. Dus, zo zou je kunnen redeneren, is hun potentie voor behoeftebevrediging 99 procent. Dit is natuurlijk verre van realistisch. Slechts weinigen zullen midden in de nacht willen gaan fietsen, en dus zal de vraag minder zijn dan de beschikbaarheid.

Daar komt bij dat ik moet regelen dat mensen mijn fietsen kunnen gebruiken en zal ik de risico's van dat gebruik moeten afdekken. Ik zal kosten moeten maken en daarom misschien een huurprijs vragen. Per saldo echter, zal ik door mijn fietsen te delen verspilling verminderen.

Maar ik doe het niet, want kost me allemaal veel teveel moeite. En ik wil ook altijd toegang hebben, zodat ik, als het mooi weer is, altijd uit al mijn fietsen kan kiezen. En daarnaast, het zijn mijn fietsen. Ze horen bij mijn identiteit. Vooral die nieuwe, oranje mountainbike is een lust voor het oog!

Hoe zijn we verslaafd geraakt?

Het aanpakken van de bezitsdrift, zoals in het voorbeeld van mijn fiets, raakt de basisregels van onze economie. Het is namelijk een klassiek economisch probleem van allocatieve efficiëntie.

Allocatieve efficiëntie, of Pareto-efficiëntie, kan worden verhoogd doordat producten vaker of door meer mensen worden benut, zonder dat dit ten koste gaat van het gebruik dat anderen van zo’n product maken. Echter, de eigenaar heeft een monopolie op het gebruik van zijn bezit.

Zolang wij privaat eigendom blijven beschouwen als voorwaarde voor het efficiënt werken van markten in termen van markttransacties, blijft dit probleem bestaan. Immers, in een markteconomie staat winstmaximalisatie van bedrijven voorop. Als consequentie daarvan richt de analyse zich vooral op omvang en prijs van markttransacties. Inefficiëntie en onderbenutting van voorraden spelen hierin totaal geen rol.

…en belangrijker nog, hoe kicken we af?

Volgens mij kunnen we in drie stappen van onze bezitsverslaving afkomen en spullen beter gaan gebruiken.

Om te beginnen moeten de kosten van bezit omhoog, bijvoorbeeld door een belasting op bezit in plaats van op gebruik. En dan juist niet op het moment van transactie, maar als de aanschaf al in ons bezit is. Als ik voor mijn vijf fietsen opeens belasting moet betalen, is mijn belang groter om ze beter te benutten. En waarschijnlijk een of twee fietsen weg te doen.

Daarbij moeten wij een cultuuromslag op gang brengen van kopen naar product-als-dienst modellen. Denk aan het kopen van slaap in plaats van een bed, kilometers in plaats van een fiets of een auto, kleeddiensten in plaats van kleren, zorgen er in ieder geval voor dat de consument een betere afweging maakt: als een dienst eigenlijk niet meer gebruikt wordt, maar nog wel maandelijks een afschrijving van de rekening is, zal de klant eerder zijn contract opzeggen.

Een derde belangrijke stap is de ontwikkeling van collectieve markten. Als we bezit duurder maken en ervoor zorgen dat het makkelijker en normaler wordt om producten te delen, dan wordt status mettertijd ook minder belangrijk. En dat leidt er dan hopelijk toe dat mensen zich verantwoordelijker voor gemeenschappelijk bezit gaan voelen en daar dan ook op aangesproken kunnen worden.

Niet eenvoudig, maar het kan. Al moet ik bekennen dat ik mijn vijf fietsen nog even hou. Tot ergernis van mijn vriendin en verbazing van mijn dochter.