Esther Crabbendam

Facebook aanpakken kun je niet in je eentje

22 mei 2019 11:13

Een concertkaartje doorverkopen. Bekijken hoe laat jouw dj speelt in je favoriete club. Reclame maken voor je bedrijf. Een kamer zoeken en vinden in een grote stad. Een account aanmaken bij een muziekdienst.

Voor veel mensen is Facebook niet meer weg te denken uit hun dagelijks leven. We liken, scrollen en delen massaal op het platform. Maar het heeft niet alleen van alles sneller en makkelijker gemaakt, we kunnen inmiddels ook niet echt meer om het platform heen.

De gebruikersvriendelijkheid komt met een schaduwzijde: het heeft onze digitale infrastructuur overgenomen. Facebook heeft wereldwijd 2,4 miljard gebruikers. In sommige landen bestaat 'het internet' zelfs alleen uit Facebook en een aantal door de staat goedgekeurde websites.

Dat maakt stoppen met Facebook voor steeds meer mensen praktisch onmogelijk. Het is een privilege als je dat wel kunt zonder vervelende gevolgen.

Er is wel een tegenbeweging. In 2018 vertrokken tienduizenden Nederlanders van Facebook na een oproep van Arjen Lubach. Ook in andere landen groeit het anti-Facebook sentiment. Gebruikers protesteren en overheden roepen Facebookbaas Zuckerberg ter verantwoording.

Toch blijft het totale aantal Facebookgebruikers groeien.

Esther Crabbendam was ook te gast in het programma Z zoomt uit. Klik op de link in de tweet om het interview te bekijken. Of lees verder onder de tweet.

Dat komt omdat stoppen serieuze gevolgen heeft. Want hoe moet je anders straks een kamer vinden als je gaat studeren? Kun je tegen je baas zeggen dat hij iets anders moet bedenken voor de promotie van het bedrijf? En vind je als zzp'er tegenwoordig nog nieuwe opdrachten zonder sociale media te gebruiken?

Ieder alternatief netwerk dat maar een beetje succes heeft wordt opgekocht door Facebook. Stoppen met Facebooken, en switchen naar Instagram, zorgt dus niet voor verlies van het bedrijf: Instagram en WhatsApp zijn beide in handen van Zuckerberg. Er is geen alternatief of concurrentie; Facebook heeft een monopolie op onze virtuele relaties.

Hoe kunnen we dan voorkomen dat we allemaal gegijzeld blijven door een bedrijf dat zich keer op keer misdraagt?

In plaats van mensen individueel aan te spreken en op te roepen hun account te verwijderen, moeten we voor dit collectieve probleem een collectieve oplossing vinden.

Dominantie ga je tegen door de gedomineerden te beschermen en versterken, en  de dominante partij te beteugelen. Een eerste stap? Betere wetgeving die ons beschermt en de macht van het platform beperkt.

Bijvoorbeeld door het opbreken van het megabedrijf. Nu ook Whatsapp en Instagram in handen zijn van Facebook is het bedrijf namelijk groter dan Youtube (van Google), Linkedin (van Microsoft), Snapchat, WeChat en TikTok bij elkaar. Of denk aan het beperken van de mogelijkheden om op gedrag gebaseerde advertenties aan te bieden.

In de ruimte die dat oplevert kunnen alternatieve platforms springen. Plekken waar we online met hetzelfde gemak als Facebook berichten kunnen delen, maar dan privacyvriendelijk. Het liefst wordt onze diversiteit aan normen en culturen weerspiegeld in het aantal platforms.

Zo kunnen we kiezen voor het platform dat bij ons past. Het mooist zou zijn als we een manier vinden om tussen deze platforms te kunnen communiceren, net zoals je al met een Gmail-account ook mensen op een Live-adres kunt mailen.

Een mooie kans voor Nederlands techtalent en ondernemers om de handen in een te slaan en een écht sociaal platform te ontwikkelen.