Eddy Terstall

Het patriarchaat is een kutconcept

17 augustus 2018 06:00

Locatie stamkroeg. Ik en mijn vrienden. Het gaat weleens over vrouwen. Meestal niet. Mannen praten vaker over sport en andere zaken. Maar nu ging het over vrouwen. Of beter gezegd over een specifieke vrouw die we van vroeger kenden en over hoeveel mannen ze had gehad.

Het gesprek vond plaats in één van de meest cultureel correcte plekken van één van de minst patriarchale stukken wereld ooit.

Een stuk wereld waar duizenden jaren menselijke beschaving niet ongemerkt aan voorbij waren gegaan en waar de verschillende feministische golven de ruwe kanten van de mannenmaatschappij flink gepolijst hadden tot iets bijna acceptabels.

Maar zelfs in dit stukje wereld werd er min of meer het volgende gezegd: het feit dat de vrouw in kwestie zoveel veroveringen had gehad, maakte haar toch minder aantrekkelijk.

We schrokken van die observatie. Voor sommigen was dat zo. Degene die de zin had gesproken, kreeg van iemand anders bijval. Zij het schoorvoetend en in voorzichtige bewoordingen.

Waarom was een man die als veroveraar bekend stond stoer en daardoor misschien zelfs begeerlijker dan een vrouw met een knappe score in het liefdesspel. Ik probeer het te rationaliseren of er wat biologie tegenaan te gooien maar ik geraak niet bij doorvoeld begrip.

Het ligt er net als bij mannen uiteraard wel aan hoe kwalitatief het rijtje veroveringen is. Drie leuke of bijzondere vrouwen telt hoger dan dertig dames met minder pluspunten. Zo ook met mannen dus.

De dame in kwestie was romantisch geweest met mannen waarvan ik als hetero ook kon zien dat die niet voor de poes waren. Ze waren knap of slim of nobel of gewoon toffe gasten. Er zaten geen ordinaire blaaskaken of oversekste koorballen tussen voor zover wij konden overzien.

Mijn vroegere vriendinnetje zat ooit in Spanje omdat ze daar een paar maanden werkte. Ze smste toen dat een speler van Barcelona met haar een meerdaagse scootertocht wilde maken. Of ik dat oké vond.

Ik ben tussen de hippies opgegroeid en bezit in de liefde of concepten als exclusiviteit zeiden me niet veel, dus ik vond het alleen maar stoer dat ze een van mijn voetbalhelden had gecharmeerd. Dat kunnen sommigen weinig romantisch vinden, maar zo stond ik er toen in en nu nog wel een beetje. Al word je als je ouder wordt wat onzekerder en dan komt er wel een beetje bezitterigheid om de hoek kijken. Want voor je het weet ben je je grote liefde kwijt aan iemand die beter kan praten of luisteren of domweg een betere minnaar blijkt. En dan?

Maar de crux zit er in dat de seksualiteit van man en vrouw gelijkwaardig zijn. De vrouw is van zichzelf en van niemand anders. Niet van haar man, haar vader, de priester of de koning.

Als flowerpowerkind had ik de verschillende varianten feministen van dichtbij voorbij zien komen. Experimentele relatievormen ook. Andere vormen dan heteroseksualiteit. Vrouwen hadden, zo leek het wel, vaker dan nu elkaar fysiek lief. Het was toen ook een politieke daad. Slapen met een man was sleeping with the enemy voor sommigen.

Wie nog zo square was om dat wel te doen was soms zelfs een moffenhoer. Deze termen waren deel van het theater dat bij effectief activisme hoort. Zonder overdrijving geen aandacht. Twee stappen vooruit en dan is eentje terug nog steeds winst.

Zolang bij radicaal dolle mina-dom naast de vastberadenheid maar sprake is van overzicht en humor heeft het mijn zegen. Verbrand desnoods weer beha's of knoop je hoofddoek op een stok, noem de man maar onderdrukker. Zolang niet haat maar liefde de drijfveer is: ga je gang. Pak ze, de patriarchalen.

Zoals gezegd, daar die avond aan de toog midden in een van de minst patriarchale maatschappijen in tijd en plaats werd toch nog de vrouwelijke seksualiteit anders geduid dan de mannelijke. Het grensde aan wat men tegenwoordig slutshaming noemt, 'delduiding' dus in lelijk Nederlands. En als je keurige bewoordingen van die avond aan de toog even wegdenkt was dat het ook.

Het patriarchaat is een kutconcept for lack of a better word. Landen waar minder vrouwenrechten zijn, presteren op alle relevante punten zwakker dan minder patriarchale landen. Economisch, technologisch, intellectueel. Op alle punten die het welzijn positief beïnvloeden.

Landen als Finland, Denemarken, Nieuw Zeeland, Duitsland en ons eigen landje zijn de minst patriarchale landen, maar ook in die landen is de strijd nog niet helemaal gestreden. De strijd voor gelijkwaardigheid en rechtsgelijkheid bedoel ik dan. Er is uiteraard ook nog zoiets als biologie, dus mannen zullen wat vaker bepaalde beroepen uitkiezen dan vrouwen, maar ik heb het dan ook over gelijke kansen. Uitkomsten is iets anders. Die kun je niet vastleggen.

Maar hoe minder patriarchaal een samenleving is, hoe beter alles in praktijk functioneert. Dat is bijna een formule. Hoe beter de medische stand, hoe voller de boekenwinkels, hoe diverser de kunst, hoe veiliger op straat, hoe stipter de trams rijden.

Het zou daarom al ook voor ons mannen slim zijn om daar zoveel mogelijk in mee te blijven gaan. Al was het maar vanwege welbegrepen eigenbelang.