Ondernemen

Handjes in de lucht? '1,5 meter afstand in de horeca werkt niet'

16 april 2020 16:26 Aangepast: 16 april 2020 16:48
Personeel ruimt op na de abrupte sluiting van de horeca. Beeld © ANP

In plaats van negentig bezoekers in het beroemde Amsterdamse café Nol, kunnen er in de anderhalvemetereconomie hoogstens vijf personen tegelijk binnen. Nee, daar wordt de gemiddelde vrijdagavond niet gezelliger van. Koninklijke Horeca Nederland (KHN) noemt 1,5 meter afstand houden in de horeca 'onwerkbaar'.

Volgens de branchevereniging is het in veel situaties 'technisch onmogelijk' om afstand te houden in een kroeg, restaurant of hotel. Bovendien is het financieel gezien vaak niet rendabel gezien de kosten die ondernemers hebben.

"Meer afstand in de horeca houden, betekent simpelweg minder omzet maken", schrijft KHN vandaag in een oproep aan het kabinet om met meer steun te komen.

In de horeca wordt druk gezocht naar manieren om op termijn weer open te kunnen gaan in de anderhalvemetereconomie. "Het is voor de horeca een enorme uitdaging, hoe creatief ondernemers ook zijn", aldus KHN.

Niet gezellig, niet rendabel

"Ik zie dat helemaal niet voor me", zegt Anne-Marie Grijzenhout, uitbater van café Nol, over die anderhalve meter afstand. Een kroeg is volgens haar juist 'puur gebaseerd op het maken van sociale contacten, op gezelligheid, op de handen in de lucht'.

Dat wordt lastig, als er maar maximaal een paar mensen in de kroeg passen. Laat staan dat het rendabel is.

1,5 meter afstand onmogelijk voor Café Nol: 'Dan maar 5 klanten':

Plannen maken

Zo negatief ziet Martijn Verbruggen van de Haagse champagnebar en restaurant Bouzy het niet in. Hoewel de deuren gesloten zijn, komt er door afhaal en thuisbezorgen nog altijd omzet binnen.

De zaken staan dus niet stil. Over een paar weken hoopt hij weer open te kunnen. Door zelf met ideeën te komen over hoe dat er straks uit moet zien, verwacht de ondernemer dat hij eerder open kan.

Hij zit daarom zaterdag met een groep horecaondernemers uit de Hofstad samen om een werkbaar plan op te stellen. "We hebben lijntjes uitgelegd of we dit kunnen aanbieden bij het ministerie. We zitten in Den Haag, dus dat moet zeker lukken", vertelt een toch wel optimistische Verbruggen.

'Iedere euro is meegenomen'

"De wijnbar kan werken door gasten zelf te laten bestellen aan de bar. De looproutes naar het toilet vrijhouden. En van zestig personen terug naar vijfentwintig." Dat hij daarmee nog steeds niet voor de volle honderd procent draait, deert hem niet. Iedere euro is meegenomen, zodat er minder overheidssteun nodig is.

Toch geeft Verbruggen toe dat die anderhalve meter misschien niet haalbaar is. Hij hoopt dat met andere voorwaarden de horeca dan wellicht toch open kan. De temperatuur van de gasten opnemen bijvoorbeeld. Of een mondkapje dragen. "Liever niet, maar als het moet, moeten we het gewoon doen."

Overheidssteun nodig

Zo optimistisch als Verbruggen is, is KHN niet. Hoewel de branchevereniging constructief mee probeert te denken aan oplossingen, ziet het eigenlijk geen andere mogelijkheid dan meer financiële steun voor horeca-ondernemers.

"Maar voor de meeste horecazaken zal het financieel niet rendabel zijn", verwacht KHN. Zij denken dat twee derde van alle horecaondernemers 1 juli niet haalt, als er geen geld uit Den Haag komt.

Dat uitserveren vanaf 1,5 meter niet gemakkelijk is, merken ze ook bij de Amsterdamse brasserie Van Dam:

Altijd weten wat er speelt?
Download de gratis RTL Nieuws-app en blijf op de hoogte.

Playstore Appstore

Dit is een artikel van