Merk of algemene aanduiding?

Turkse restaurants slaags over merknaam 'Kebapci'

01 december 2021 13:41 Aangepast: 01 december 2021 15:11
Haags restaurant mag zichzelf geen Kebapci meer noemen. Beeld © ANP

Een Turks restaurant uit de hofstad mag zichzelf niet meer 'Kebapci Den Haag' noemen, omdat dat merk al door een Amsterdamse concurrent is geclaimd. Volgens de Hagenezen is het woord een algemeen gebruikte aanduiding voor kebabhuis, zoals bakker of slagerij.

Eerder dit jaar openden de Haagse ondernemers hun Turkse restaurant, onder de naam Kebapci Den Haag, en met een logo van een gestileerd stierenhoofd in de kleuren zwart en rood.

Niet veel later werden zij door de eigenaren Kebapci Amsterdam gesommeerd om de naam en het logo te veranderen. Zowel naam als logo zouden namelijk te veel overeenkomen met het gedeponeerde naam- en beeldmerk van hun restaurant, dat al in 2017 was geopend.

Bakker of slagerij

De Haagse ondernemers gaven geen gehoor aan de eis, en werden door de Amsterdammers voor de rechter gesleept.

Miniatuurvoorbeeld
Lees ook:

Wendy's: kleine Zeeuwse snackbar zit grote Amerikaanse keten dwars

Tijdens de rechtszaak voerden de Hagenezen aan dat Kebapci een algemeen gehanteerd Turks woord is voor een 'kebabhuis' of 'restaurant waar je kebab kan eten'. De term zou vergelijkbaar zijn met bakker of slagerij, en daarom niet kunnen worden geclaimd als merknaam.

De Amsterdammers ontkennen dat; volgens hen moet je Kebapci lezen als 'de kebabmaker'.

Merkinbreuk

Uit een gisteren openbaar geworden uitspraak blijkt dat de voorzieningenrechter van de rechtbank Den Haag de Amsterdammers gelijk heeft gegeven.

Volgens de Haagse rechter lijken de twee Kebapci's te veel op elkaar. Volgens de Haagse rechter lijken de twee Kebapci's te veel op elkaar.

De rechter wijst erop dat de gemiddelde consument in Nederland de Turkse taal niet machtig is, en Kebapci niet zal lezen als een algemene aanduiding. Daarmee is zowel het logo als de naam onderscheidend genoeg, en plegen de Haagse restauranthouders merkinbreuk.

Dwangsom 75.000 euro

Als zij het gebruik van het naam- en beeldmerk niet staken, moeten zij hun Amsterdamse tegenpartij een dwangsom van 1000 euro per dag betalen, die kan oplopen tot 75.000 euro.

Ook moet het Haagse restaurant opdraaien voor bijna 7200 euro aan juridische kosten van het Amsterdamse Kebapci.

RTL Z First Nieuwsbrief

Schrijf je in voor de Z First nieuwsbrief

Wil jij elke ochtend als eerste op de hoogte zijn van wat er speelt op economisch gebied? Schrijf je dan nu in voor de Z First nieuwsbrief

Altijd weten wat er speelt?
Download de gratis RTL Nieuws-app en blijf op de hoogte.

Playstore Appstore

Dit is een artikel van