Regionale spelers willen kans maken

Europees Hof kan NS zijn monopolie op hoofdrailnetwerk afnemen

01 december 2020 15:32 Aangepast: 01 december 2020 19:34
De voorgenomen gunning van het hoofdrailnetwerk aan NS mag doorgaan. Beeld © ANP

Het kabinet wil de NS nog eens tien jaar het alleenrecht geven om treinen te laten rijden op het hoofdrailnetwerk. Regionale vervoerders zijn het daar niet mee eens en volgens de rechter zijn hun argumenten voor een openbare aanbesteding 'niet onaannemelijk'. Maar de rechter laat het aan het Europees Hof om te beslissen.

Het draait om de vraag wie op de grote verbindingen in ons land personentreinen mag laten rijden. De NS mag dat nu als enige en het kabinet wil die concessie, die eind 2024 afloopt, onderhands voor nog eens tien jaar aan de NS gunnen.

Regionale spelers zoals Arriva, Transdev Nederland, QBuzz, Keolis en EBS Public Transportation, vinden dat niks. Zij willen ook rijden op die grote lijnen en zij willen dat er een nieuwe openbare aanbesteding komt, waardoor zij ook kans maken.

De voorzieningenrechter van de rechtbank Den Haag wijst hun eis echter af.

Miniatuurvoorbeeld
Lees ook:

Aanval regionale vervoerders op monopolie NS: gun ons ook wat

Plannen wijzigen?

Tegelijkertijd vindt de rechter in Den Haag de argumenten van de vervoerders 'niet onaannemelijk'. Maar als zij willen dat het kabinet een openbare aanbesteding organiseert, zullen ze naar het Europees Hof moeten stappen.

Het EU-Hof zal volgens de rechter namelijk moeten beslissen en daar moet de Nederlandse overheid zich dan naar schikken. De overheid mag namelijk geen besluiten nemen die tegen het recht van de Europese Unie ingaan.

Een woordvoerder van Arriva kon nog niet zeggen of het bedrijf naar het EU-Hof stapt. 

Aanbesteding

Arriva en andere regionale vervoerders exploiteren nu al een aantal regionale spoorlijnen. Zij willen ook op vier andere verbindingen gaan rijden: Zwolle-Leeuwarden, Zwolle-Groningen, Apeldoorn-Enschede en Dordrecht-Breda.

Dan zouden deze treinverbindingen wel eerst losgetrokken moeten worden van het hoofdrailnetwerk, om ze eventueel door een ander bedrijf te laten verzorgen. Daar is nu dus, voorlopig, geen sprake van.

Te vroeg of niet?

Arriva en een aantal andere regionale vervoerders vinden dat staatssecretaris Stientje van Veldhoven (Infrastructuur en Waterstaat, D66) te vroeg is met het verlengen van de concessie aan NS. Ze wijzen daarbij op de Europese PSO-verordening, die van toepassing is op de exploitatie van personenvervoer.

Het gaat nog slechts om een beleidsvoornemen, aldus woordvoerster Carlijn van Donselaar van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Er moet een aantal stappen worden doorlopen voordat er daadwerkelijk kan worden gegund, legt zij uit.

13 maanden

De staat wil vóór eind december 2023 een beslissing nemen over de nieuwe concessie. Dat betekent dat er dertien maanden tijd zit tussen de gunning en het moment dat deze ingaat. 

Maar uit de Europese regels wordt niet duidelijk hoe lang van tevoren een concessie mag worden gegund, stelt de voorzieningenrechter.

Arriva en andere vervoerders denken dat een periode van 13 maanden veel te lang is. NS rijdt tenslotte al op de grote lijnen, dus er verandert niets als de concessie wordt verlengd. Bij de lopende concessie waren er slechts 17 dagen nodig voor het treffen van voorbereidingen, zeggen zij.

Verder vinden zij dat als er 4,5 jaar voordat de concessie afloopt al wordt beslist over verlenging, er dan geen prikkel is om de dienstverlening te verbeteren.

EU-Hof

De voorzieningenrechter zegt dan ook op dit moment niet te kunnen vaststellen of het voornemen van de overheid om het hoofdrailnetwerk onderhands te gunnen aan NS in strijd is met de Europese PSO-verordening.

Het is aan het Hof van Justitie van de EU om uiteindelijk te beslissen over de interpretatie van een EU-verordening, aldus de rechter. 

Altijd weten wat er speelt?
Download de gratis RTL Nieuws-app en blijf op de hoogte.

Playstore Appstore

Dit is een artikel van