Honderen miljoenen op het spel

Vernietigend rapport debacle Warmtebedrijf: overweeg om te stoppen 

17 september 2020 16:51 Aangepast: 17 september 2020 16:52
Het Warmtebedrijf in Rotterdam gebruikte onder meer restwarmte van de olieraffinaderij van Shell in Pernis. Beeld © ANP

De gemeente Rotterdam moet serieus overwegen om de stekker uit het gefaalde Warmtebedrijf te trekken. Als de stad toch door wil gaan, moet het daar met een goed verhaal voor komen. Het project kostte de stad tot nu toe honderden miljoenen euro's. 

Het gaat daarbij om het transport en de verkoop van restwarmte van industrie in de Rotterdamse haven aan huishoudens in de regio. Een mooi plan, want het scheelt het verstoken van fossiele brandstoffen en levert dus milieuwinst op. 

Het liep totaal anders. De maximaal 16 miljoen euro die de stad er bij de start van het bedrijf in 2006 in wilde steken is inmiddels opgelopen tot minstens 171 miljoen, concludeert een raadscommissie onder leiding van raadslid Jan-Willem Verheij (VVD). 

Van 16 naar 171 miljoen euro

De Rotterdamse gemeenteraad had om deze zwaarste onderzoeksmethode verzocht na een hard rapport vorig jaar van de Rotterdamse Rekenkamer. Die concludeerde dat de stad grote risico's nam, maar er geen goede controle op uitoefende. 

Dat die rekening zo hard is opgelopen, komt door jarenlange onderschatting van de financiële risico's en het onder controle houden ervan. Daarnaast was er geen goede grip vanuit de gemeente op het bedrijf. En in het bedrijf zelf was 'onvoldoende slagkracht' en te weinig verstand van zaken om de boel op de rit te krijgen. 

Een voorbeeld van waar het mis ging: het bedrijf werkte met verschillende tarieven voor de inkoop en verkoop van de warmte. Toen de inkoopprijs steeg, leverde dat een gat in de begroting van 6,5 miljoen per jaar op. Waarschuwingen dat dit kon gebeuren, werden genegeerd. 

Miniatuurvoorbeeld
Lees ook:

Rekenkamer over staatssteun aan grote bedrijven: niets doen kan ook

Slimme bedrijven

In het spel op de energiemarkt met grote bedrijven ging het ook op een andere manier mis. Afvalverwerker AVR, waar het Warmtebedrijf restwarmte van kocht, legde contractueel vast dat er betaald moest worden, of die warmte werd afgenomen of niet.

Energiebedrijven Eneco en Nuon deden het omgekeerde: in hun contracten stond dat ze alleen de energie zouden betalen die ze daadwerkelijk door konden verkopen. Het risico dat er minder huishoudens warmte zouden gebruiken, lag op deze manier bijna volledig bij Warmtebedrijf. En omdat de gemeente voor 97 procent aandeelhouder is, bij Rotterdam. 

Miniatuurvoorbeeld
Lees ook:

Jaar vertraging: nieuw stadion Feyenoord opent in 2024

Pijpleiding vertraagd

Een andere tegenslag is de aanleg van een pijpleiding om ook huizen in Leiden van restwarmte te voorzien. Dat moest in 2019 gebeuren, maar is nog niet gelukt. Energiemaatschappij Vattenfall die met de warmte huizen van zijn klanten zou verwarmen, zal hier mogelijk nog een claim voor indienen bij het bedrijf. 

Maar de stekker eruit kost een flinke duit. De stad waardeert het bedrijf zelf nog op 26,5 miljoen euro, blijkt uit de jaarrekening van de stad over 2019, een schijntje vergeleken bij wat er al door de stad is ingepompt. 

Bankgarantie voor 104 miljoen

En daar komen nog twee financiële dompers bovenop. Want de claim van Vattenfall is niet de enige domper die de gemeente nog te wachten staat. Het Warmtebedrijf heeft namelijk nog een lening uitstaan bij BNG Bank van maar liefst 104 miljoen euro, waar de stad garant voor staat. Als het bedrijf failliet gaat, draait de gemeente voor deze lening op. 

Begin oktober discussieert de gemeenteraad over het rapport. De commissie adviseert serieus om te stoppen, en het niet alleen als één van de scenario's te onderzoeken. "Stoppen is geen falen", aldus een aanbeveling

Altijd weten wat er speelt?
Download de gratis RTL Nieuws-app en blijf op de hoogte.

Playstore Appstore

Dit is een artikel van