Bedrijven

Wereldwijd wachten olietankers vol met olie: 'Er wordt een opslagspel gespeeld'

24 april 2020 15:47 Aangepast: 24 april 2020 19:34
Een VLCC op de Yangtze-rivier in de haven van Qidong. Beeld © ANP

Voor de kust van zeehavens over de hele wereld liggen tientallen enorme olietankers voor anker. Ze wachten op een betere olieprijs of op afhandeling aan de overvolle kades. "Er wordt een wereldwijd opslagspelletje gespeeld."

Wie op het strand van Scheveningen staat, ziet de olietankers in de verte liggen. Het zijn er tientallen.

Iets naar het noorden ligt eenzelfde groepje voor de havens van Amsterdam en IJmuiden, iets naar het zuiden wacht men voor Antwerpen. Voor Los Angeles liggen bijna 30 mammoettankers stil. 

Nauwelijks olie nodig

Er is veel meer olie dan de markt nodig heeft, omdat veel industrie op een lager pitje draait, auto's stilstaan en vliegtuigen aan de grond blijven. Daarbovenop wordt er een felle olieprijsoorlog uitgevochten.

Prijs van opslag schiet omhoog

Omdat de vraag naar olie wegvalt, is er meer olie dan er gebruikt wordt. En dus daalt de prijs aanzienlijk en zitten opslagplaatsen over de hele wereld vol.

"Handelaren wachten tot de prijs weer stijgt of tot mensen weer olie willen kopen. De mogelijkheden om het op te slaan worden nu zo schaars dat de opslagprijzen omhoog schieten", zegt olie-expert Hans van Cleef van ABN Amro.

Op dit moment wordt naarstig gezocht naar alle mogelijke opslagfaciliteiten om olie in te bewaren. Dan moet je niet denken aan een paar oude emmers in de schuur, maar aan gigantische tanks en tankerschepen.

"Normaal wordt een tanker gebruikt om de olie van de productie- of overslaglocatie naar een opslag of raffinaderij te brengen, nu is de tanker zelf de opslag."

Miniatuurvoorbeeld
Lees ook:

Geld toe krijgen bij het kopen van olie: zo werkt dat

Prijs olietanker schiet omhoog

Dat fenomeen wordt floating storage genoemd. Omdat er zoveel vraag is naar opslag, schieten de prijzen van olietankers de lucht in. Volgens Lloyd's List, een vakmedium voor de scheepvaart, wordt voor een very large crude carrier (VLCC), inmiddels bijna 260.000 dollar (240.000 euro) per dag betaald. 

Een week geleden was dat nog drie keer zo weinig, en zat de huurprijs meer richting de 90.000 dollar. Een VLCC is een standaardmaat voor olietankers waar zo'n twee miljoen vaten ruwe olie in passen. Het zijn gigantische schepen van meer dan 300 meter lang. 

80 olietankers als drijvende opslag

Wereldwijd worden ongeveer 80 VLCC's gebruikt voor drijvende opslag. Dat is ongeveer 10 procent van de wereldvloot, schat ceo Hugo de Stoop van de Belgische rederij Euronav in de Belgische zakenkrant De Tijd. De Stoop was niet beschikbaar voor vragen van RTL Z.

De Belgische rederij Euronav heeft 42 VLCC's en 25 kleinere Suezmax-olietankers.

De Stoop zegt tegen De Tijd dat 'een paar' van hun VLCC's nu als drijvende opslagfaciliteit worden gebruikt. Onlangs werd er een supertanker verhuurd voor een reis van 35 dagen tegen een tarief van 160.000 euro per dag. Het break-evenpunt voor VLCC's ligt bij Euronav rond de 27.500 dollar per dag.

De 333 meter lange Aquitane van Euronav. De 333 meter lange Aquitane van Euronav.

Nu geld verdienen in de toekomst

Grote vraag is hoe je met zulke gigantische huurprijzen toch winst kan boeken. In deze situatie is er sprake van ‘contango’, legt oliemarktadviseur Robbert Marneffe van ICC consultants uit. Dat is jargon voor een situatie waarin de toekomstige prijs van een grondstof hoger is dan de huidige prijs.

"Als je een grote handelaar bent en je hebt plek om ruwe olie nu op te slaan, dan kan je beginnen met rekenen", zegt Marneffe. "Naarmate de contango groter wordt, lopen de tankertarieven snel op. Het is een continu spel: hoeveel boten zijn er beschikbaar, wie kan de huur nog betalen. Dat spel wordt alleen gespeeld door grote handelshuizen, partijen die veel geld beschikbaar hebben."

Rekenen met miljoenen

Marneffe geeft een versimpeld voorbeeld. Stel dat je op dit moment voor 21,96 dollar per vat olie 2 miljoen vaten olie afneemt en een VLCC huren kost 200.000 dollar per dag als je het schip voor drie maanden huurt.

De prijs voor over 3 maanden (future-prijs) is 30,09 dollar. Als je de olie er al die tijd in laat zitten, is de olie dan 16,3 miljoen dollar waard. Je betaalt 18 miljoen voor de huur van het schip, waardoor je 1,74 miljoen dollar verliest.

Maar wie diepe zakken heeft en voor 27 miljoen dollar 12 maanden lang een VLCC kan huren, die ziet de ruwe olie in het schip tot bijna 30 miljoen dollar aan waarde stijgen. De dagprijs voor het huren van zo'n olietankers is ook lager, zo'n 75.000 dollar per dag. Dan maak je er bijna 2,5 miljoen dollar winst op.

Forse rendementen

"De grote handelshuizen leggen vaak weinig of geen eigen geld in, de rest wordt dan tegen een voordelig tarief van de bank geleend", zegt Marneffe.

"Zo kan je gigantische rendementen halen. Daar worden zij op afgerekend. Handelaren zoeken altijd naar manieren om prijsverschil zo optimaal mogelijk uit te nutten. Nu zit het prijsverschil in een mondiaal opslagspelletje. Dat is voorbij als de tankers straks te duur worden of allemaal vol zitten."

Of al die schepen voor de Nederlandse en Belgische kust ook ruwe olie bevatten, is allerminst zeker. "Floating storage-VLCC's leg je vaak op strategische plekken weg, waar je verwacht dat de vraag weer zal stijgen. Voor de zeehavens in de wereld wachten ook veel kleinere olietankers op afhandeling", zegt Marneffe.

Olie/chemical tankers voor de Nederlandse kust. Olie/chemical tankers voor de Nederlandse kust.

Schepen die op zee varen hoeven niet bekend te maken wat hun lading is en van wie die is. "Wie zegt dat hij dat wel weet, veronderstelt te veel", zegt woordvoerder Leon Willems van het Havenbedrijf Port of Rotterdam. Hij wil wel uitleggen hoe het in zijn werk gaat.

Wat stilligt, kost geld

"Een schip dat ergens stilligt, kost iemand geld. Het werkt hetzelfde al met alle kapitaalgoederen: die moeten gebruikt worden. In een normale wereld wil je niet dat zulke schepen voor anker liggen. In dit geval weten we bij het Havenbedrijf niet wat erin zit."

Dat komt omdat de schepen doorgaans de ankers uitgooien in het ankergebied voor Rotterdam op ruim 12 zeemijl, of 22 kilometer, van de kust af. Dat is buiten de Nederlandse territoriale wateren. "Het zijn er wat meer dan normaal, dat zien wij ook."

Eigenaar kan zo weer veranderen

Als de schepen naar de haven willen, om goederen op te halen of juist af te leveren, wordt het havenbedrijf opgeroepen. "Dan moeten ze zich melden en havengeld betalen", legt Willems de rol van het Havenbedrijf uit. "Ze krijgen een loods en worden netjes begeleid naar een kade. Als ze klaar zijn met hun werk begeleiden we ze de haven weer uit."

Er is erg weinig bekend over de schepen die nu voor de kust liggen te wachten. Op marinetraffic.com is te zien onder welke vlag ze varen, wat de naam is en waar ze vandaan komen. Wat de lading is staat er niet bij.

"Het kan ruwe olie zijn, maar ook diesel. Of het schip kan leeg zijn. De kapitein van zo'n schip weet ook niet van wie de lading is. Dat kan een hedge fund in New York zijn, een raffinaderij of een andere eigenaar. Het kan in een split second veranderen", zegt Willems.

Altijd weten wat er speelt?
Download de gratis RTL Nieuws-app en blijf op de hoogte.

Playstore Appstore

Dit is een artikel van