Economie

Nederland, handelsland: spelen we het spel goed genoeg? De mythes op een rij

22 november 2015 10:39 Aangepast: 19 april 2016 14:12
MInister Kamp (Economische Zaken) in april op de Hannover Messe. Beeld © EPA

Is de reputatie van Nederland als handelsland terecht? In een korte serie gaat RTL Z-verslaggever Hella Hueck samen met Robert Went van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) op zoek naar het antwoord. Vandaag de aftrap: bestaat een Duitse auto echt voor 20 procent uit Nederlandse onderdelen?

April 2015. Vol trots loopt minister Henk Kamp van Economische Zaken over de Hannover Messe, een van de grootste industriebeurzen ter wereld. Nederland is ook dit jaar weer goed vertegenwoordigd, met vrolijke oranje paviljoens. Want Duitsland is een belangrijke handelspartner voor Nederland. "Een Duitse auto bestaat voor 20 procent uit Nederlandse onderdelen", vertelt de minister aan RTL Z.

Waar is ons Roergebied?
De minister is terecht trots op de prachtige toeleveranciers die Nederland heeft. Bosal maakt uitlaatsystemen, Nedschroef − de naam zegt het al − zorgt voor schroeven, en Inalfa produceert daksystemen. Maar 20 procent van de onderdelen, dat is wel heel veel. Vorig jaar had de Duitse auto-industrie een omzet van 384 miljard euro. Eén op de vijf auto's die over de hele wereld verkocht worden, is van een Duits merk. Waar is ons Roergebied dan dat al die onderdelen maakt? 

Navraag bij het ministerie van Economische Zaken levert weinig op. De woordvoerder weet niet precies op welk onderzoek de claim gebaseerd is. We gaan te rade bij expert Marcel Timmer, hoogleraar in Groningen, die met collega's de internationaal veel geraadpleegde WIOD-database heeft opgezet en bijhoudt. "Dat getal is veel en veel te hoog", antwoordt hij. Met zijn collega Gaaitzen de Vries rekent hij voor ons uit hoeveel van de waarde van een Duitse auto dan wel uit ons land komt. Het antwoord is even schrikken: "In 2011 draagt Nederland 1,4 procent bij in de waarde van auto's (meer algemeen mechanische vervoersmiddelen) die in Duitsland worden geproduceerd."

Ingehaald door Polen en Tsjechië
Het verhaal blijkt nog complexer. Uit dit rapport van het CBS blijkt dat 20 jaar geleden bedrijven uit Nederland nog zo’n 6 procent van het staal en onderdelen leverden voor de Duitse auto-industrie. Maar we zijn sindsdien voorbijgestreefd door landen als Polen, Hongarije en Tsjechië. En hou je vast: tegenwoordig komt elektrische en optische apparatuur die in Duitse auto’s worden ingebouwd vooral uit... China.

Dat China steeds meer hoogwaardige producten levert, blijkt ook wel uit wat wij tegenwoordig uit China halen. De tijd van goedkope schoenen en T-shirts ligt echt achter ons: de helft van wat wij uit China importeren, bestaat uit high-tech producten, zoals mobiele telefoons en onderdelen voor netwerken en computers.

Thumbnail

Als we kijken naar de Duitse auto-industrie, hebben we alleen onze positie voor het leveren van staal weten te behouden. De kwaliteit van ons staal is hoog en we liggen dicht bij Duitsland: transport van staal is extreem duur. Wat meer zorgen baart, is dat Nederland blijkbaar niet meer weet te profiteren van de groei van de Chinese economie. De middenklasse daar wordt rijker en wil graag in een Duitse auto rondrijden. Maar de marge op die auto blijkt vooral in Duitsland te blijven hangen en sijpelt nauwelijks door naar ons. Wat gaat hier verkeerd?

Naar de toekomst
Onze zoektocht naar een antwoord op deze vraag zette ons aan het denken over de toekomstbestendigheid van onze handelspositie. Er zijn nog maar weinig producten die helemaal in één land worden gemaakt. Vaak zijn tientallen tot zelfs duizenden leveranciers betrokken bij het in elkaar zetten van een auto, mobiele telefoon of vliegtuig. Meer dan twee derde van de handel in de wereld bestaat inmiddels uit onderdelen van producten. Spelen we in die internationale ketens het spel goed genoeg? Onze export is bijvoorbeeld erg gericht op West-Europa en Duitsland, maar moeten we niet meer inzicht krijgen in waar onze uitvoer uiteindelijk belandt? En weten we wel voldoende hoe onze productieketens in elkaar zitten, en hoe we daar meer geld mee kunnen verdienen door er meer waarde aan toe te voegen?

De komende week behandelen we van maandag tot en met vrijdag elke dag een mythe over handel. Zaterdag zetten we ze allemaal nog eens op een rijtje en komen we met onze ideeën over hoe we onze handelspositie kunnen verstevigen. Op dinsdag 1 december organiseren we in Pakhuis de Zwijger in Amsterdam een avond over de toekomst van Nederland-handelsland met interessante gasten. U bent daarbij welkom, de toegang is gratis. 

Dit is het eerste verhaal van Hella Hueck en Robert Went over de toekomst van Nederland als handelsland. Morgen behandelen ze mythe 1: we verdienen ons brood vooral in het buitenland. Alle afleveringen uit hun reeks Economie van Overmorgen kun je hier teruglezen.

Altijd weten wat er speelt?
Download de gratis RTL Nieuws-app en blijf op de hoogte.

Playstore Appstore

`