Economie

Hoe kan Unilever niet op de hoogte zijn van uitbuiting werknemers?

10 september 2015 19:50 Aangepast: 11 september 2015 13:26
"De invloed van westerse theebedrijven is erg gering" Beeld © iStock

Unilever buit personeel uit, schrijft BBC deze week. De multinational koopt thee die groeit op grootschalige plantages in de straatarme Indiase deelstaat Assam, één van de grootste theeproductiegebieden ter wereld.

Op de plantage die de Britse omroep bezocht, was te zien dat de ondervoede werknemers onder de meest erbarmelijke omstandigheden leven en geen toegang hebben tot fatsoenlijke riolering.

Opvallend, want het bedrijf wordt geroemd om zijn duurzame ambities. Zo werd het dit jaar zelfs genomineerd voor de MVO Nederland Award. "Unilever is toonaangevend omdat ze een open en transparant proces ingericht hebben. Ze delen vorderingen en zoeken het gesprek op met actiegroepen. Het bedrijf is open over de knelpunten en dilemma's", vertelt MVO Nederland aan RTL Z.

Hoe kan zo'n veelgeprezen bedrijf dan zo slecht op de hoogte zijn van de arbeidsomstandigheden van deze werknemers?

Ingewikkeld proces
Grote theeplantages zoals in de BBC-documentaire, kunnen iets gemakkelijker gecontroleerd worden dan de kleine onafhankelijkere varianten. Het blijft ingewikkeld, vertelt Daan de Wit van IDH, de organisatie die helpt internationale handelsketens te verduurzamen.

De Indiase deelstaat Assam is de grootste regio ter wereld waar thee geproduceerd wordt. De straatarme staat heeft grote problemen en is lastig te controleren, vertelt De Wit. "80 procent van de geproduceerde thee in India en Assam is voor binnenlandse consumptie. Het gedeelte dat geëxporteerd wordt, gaat vooral naar Rusland, andere Aziatische landen en het Midden-Oosten. De invloed van westerse theebedrijven door middel van hun inkoop is in Assam dus erg gering."

'Indiase industrie moet aangesproken worden'
"Om iets aan de omstandigheden in de thee-industrie te doen, is samenwerking met de Indiase overheid noodzakelijk", zegt De Wit. "Een quotum bepaalt hoeveel arbeiders een plantage per hectare in dienst moet hebben om zo veel mogelijk mensen een baan te bezorgen. Om als thee-industrie competitief te blijven, zijn de lonen naar internationale standaarden laag. Hoe raar het ook klinkt: het salaris dat deze werknemers krijgen, is in vergelijking met de andere sectoren nog relatief goed." Een nieuwe theestandaard in India wil de problemen in de industrie aanpakken, zegt De Wit, maar dat programma staat nog in de kinderschoenen.

De Britse omroep berichtte ook over het vele gebruik van pesticiden. Die zijn minder gemakkelijk af te schaffen dan gedacht, legt hij uit. "Het gebruik van pesticiden in Assam is vaak intensiever dan echt noodzakelijk. Medewerkers werken vaak zonder bescherming, wat uiteraard slecht is voor de gezondheid. Maar wanneer ze in één keer met het gif stoppen, leidt dat tot mislukte oogsten. Dat gebeurt dus niet, maar er bestaan wel programma's om dit geleidelijk af te bouwen."

Probleem speelt in meer sectoren
Dit probleem speelt in meerdere sectoren, zegt directeur Willem Lageweg ​van MVO Nederland. "Er spelen drie zaken mee: soms is het voor een bedrijf moeilijk om overzicht te houden, zoals bijvoorbeeld bij landbouwproducten die op grote schaal worden ingekocht." Volgens hem is dit ook het geval bij producten als soja of palmolie. Daarnaast hebben sommige bedrijven een productieketen met heel veel tussenstappen. "Een mobieltje bijvoorbeeld bestaat uit honderden (samengestelde) onderdelen die op allerlei verschillende plekken in de wereld gemaakt worden. Ook hebben leveranciers soms geen directe relatie met hun producent. Dan is het productieproces onnavolgbaar. Dit is bijvoorbeeld het geval bij een Nederlandse groothandel die weer producten inkoopt bij een collega in het buitenland."

Het ligt niet altijd alleen maar aan de theeplantages zelf. De macht van Europese supermarktketens neemt toe en ze stellen hoge milieu- en sociale eisen, maar zijn vaak niet bereid om veel meer te betalen voor deze hogere normen, schrijft de MVO Risico Checker. "Deze ontwikkeling zet druk op de winstmarges in de agrarische sector en bevordert de concentratie van de export in grote bedrijven. Kleinere boeren in producerende landen, met weinig schaalvoordelen, slechte kennis van de markt en beperkte investeringen in input of infrastructuur, kunnen niet concurreren met de grote bedrijven."

'Nederlandse bedrijven nemen weinig maatregelen'
MVO Nederland schrijft in zijn monitor dat bijna alle Nederlandse bedrijven te weinig maatregelen nemen om de veiligheid van hun medewerkers bij leveranciers te bevorderen. Ook zetten ze zich niet in voor een fatsoenlijk loon. Daarnaast nemen veel bedrijven nog onverantwoorde risico's en zijn ze erg passief bij het voorkomen van milieuschade in hun productieketens. Dat geldt zowel voor multinationals, als kleinere bedrijven. Bij specifiek de beursgenoteerde bedrijven is er wel iets vooruitgang te zien, blijkt uit de VBDO Responsible Supply Chain Benchmark, maar dat is te weinig en gaat te traag.

Toch is het probleem niet geheel onoplosbaar. In Kenia bijvoorbeeld, waar de meeste thee die geïmporteerd wordt in Europa vandaan komt, zijn grote trainingsprogramma's opgezet waaraan meer dan een half miljoen theeboeren deelnemen. Door verschillende trainingen is hun oogst met 30 procent verbeterd. De boeren leerden onder andere om andere gewassen te verbouwen, waarbij ze zelf voor betere leefomstandigheden konden zorgen. 

Altijd weten wat er speelt?
Download de gratis RTL Nieuws-app en blijf op de hoogte.

Playstore Appstore

`