Economie

Robeco vroeg PWC om advies bonuswetgeving te omzeilen

04 februari 2014 13:30 Aangepast: 06 september 2015 14:14

Vermogensbeheerder Robeco heeft eind 2012 in kaart laten brengen hoe het nieuwe bonuswetgeving kon omzeilen. Advieskantoor PWC stelde in november van dat jaar een drietal scenario’s op die moesten zorgen voor ‘een lagere belastingdruk’ en ‘maximale flexibiliteit om variabel te kunnen blijven belonen onder de nieuwe beloningsregimes in Nederland, de Europese Unie en de Verenigde Staten’.

Dat blijkt uit onderzoek van RTL Z. Robeco kwam eind vorige week in het nieuws toen Het Financieele Dagblad meldde dat het een kantoor wil openen in Londen. Het zou daarbij gaan om een soort verkoopkantoor, omdat Robeco meer Britse klanten aan zich zou willen binden. Ook zou de nieuwe eigenaar van Robeco, het Japanse Orix, vanuit Londen een brug willen slaan tussen de activiteiten in Japan en de Verenigde Staten.

De overname door Orix zorgde al eerder voor ophef toen bekend werd dat ruim 50 medewerkers van Robeco aanblijfbonussen in het vooruitzicht werd gesteld voor een totaalbedrag van 33 miljoen euro. 

Toezichthouder De Nederlandsche Bank vond deze aanblijfbonussen in strijd met de regeling voor beheerst beloningsbeleid, maar ging uiteindelijk toch akkoord met de toekenning ervan.

De overname door Orix biedt volgens PWC ‘kansen’ om het beloningsbeleid aan te passen in het licht van nieuwe Nederlandse en internationale wetgeving die ‘de mogelijkheden om nog variabele beloningen uit te keren aanzienlijk beperken’. Op 19 november 2012 adviseert PWC drie alternatieven. In een advies van nog geen tien pagina’s zet PWC de voor- en nadelen van de alternatieven op een rijtje.

Het eerste alternatief is werknemers een nieuwe arbeidsovereenkomst te laten tekenen waarin staat dat een deel van de werkzaamheden in het buitenland wordt uitgevoerd. Op die manier kan voor een deel van de werkzaamheden een andere – ‘marktconforme’ (lees: hogere) – beloning worden betaald. Door te spelen met welk deel van het inkomen in Nederland en welk deel van het inkomen in het buitenland valt, kan ook de belastingdruk worden verlaagd, stippen de adviseurs van PWC aan.

PWC rekent dit alternatief door voor werknemers met een totaal inkomen van 1 miljoen euro. Als de helft van dat salaris in Nederland uitgekeerd en belast zou worden, een kwart in Groot-Brittannië, en de rest in de VS, dan zou dat een belastingvoordeel betekenen van 60.000 euro per jaar. Dat voordeel loopt op naarmate het inkomen stijgt.

Een tweede route is dat de werknemers mede-investeerders worden in het eigen bedrijf. Zo’n deelname telt niet mee bij het inkomen. Wettelijke maxima met betrekking tot het vaste of variabele inkomen gelden dus ook niet en het rendement op de investering is belastingvrij.

Het derde alternatief is dat werknemers gaan werken tegen een managementvergoeding. Op deze manier komen ze niet onder bonuswetgeving uit, waarschuwt PWC, maar nemen de mogelijkheden om betalingen te labellen als vast salaris, variabele en uitgestelde beloning, onkosten en pensioen wel toe. Ook is het mogelijk om contractuele afspraken te maken die afwijken van wettelijke maxima ten aanzien van ontslagvergoedingen en pensioenregelingen.

RTL Z
`