Pieter Klein

Niet twitteren in tijden van nieuws

25 november 2015 05:38

Na ruim 200.000 kattenfoto's en grappen en grollen was de boodschap wel duidelijk. Onze zuiderburen gaven massaal gevolg aan de oproep van de Brusselse politie, zondagavond, om 'sociale mediastilte' in acht te nemen over de reeks lopende politieoperaties in de klopjacht op terroristen.

S.v.p. niets melden, want dat speelt terroristen in de kaart. De 'kattenstorm' begon met melige berichten, maar vormde al snel een nationale uitlaatklep in het land waar de hoofdstad gebukt gaat onder dreigingsniveau 4.

"Het was evident waar de sympathie van het publiek lag: veiligheid (van politiemensen en burgers) wint het op zo'n moment van persvrijheid"

Na de oproep volgde een absolute 'lockdown' in de nieuwsvoorziening. Wie iets wilde weten, viel in een zwart gat − ook krankzinnige geruchten werden niet tegengesproken. Ik verbaasde me over de snelheid waarmee Belgische media volstrekt in de pas gingen lopen; journalisten riepen zelf mensen op absoluut niets meer op social media te posten. De enkeling die dat met een onschuldig bericht nog wel deed, kreeg onbarmhartig op z'n kop. Het verzoek van de politie kreeg zo de werking van een (moreel) verbod. Het was evident waar de sympathie van het grote publiek lag: veiligheid (van politiemensen en burgers) wint het op zo'n moment van persvrijheid.

Op Twitter leidde het tot fors debat. De journalist Chris Klomp noemde de radiostilte gisteren een 'gevaarlijke ontwikkeling': "Zwijgen over een stad die in de greep is van terrorisme? In een tijd waarin live-verslaggeving juist een enorme meerwaarde heeft? Dat nooit." Advocaat mediarecht Jens van den Brink zei in dagblad Trouw dat het middel van de sociale mediastilte ditmaal te snel en te absoluut was ingezet, en wees op ook de principiële kant − waar is de grens? "Juist in deze tijden moeten regering en politie worden getoetst."

Het lijkt een kwestie van tijd voordat ook in Nederland dergelijke oproepen aan de orde zullen zijn. De Amsterdamse politiewoordvoerder Rob van der Veen zei gisteren in De Telegraaf: "Iedereen is vandaag de dag een beetje journalist. Wie een smartphone heeft, kan een politieoperatie van minuut tot minuut de wereld insturen. Terroristen en criminelen anno 2015 weten dat ook en kunnen zo volgen wat er buiten hun gezichtsveld gebeurt." Twitter, Instagram, Facebook, live-streaming via Periscope: de wereld is een dorp geworden en Feind hört mit.

"Verslag kunnen doen van zulke gebeurtenissen hoort bij de essentie van persvrijheid"

Live-verslaggeving is een kerntaak van de journalistiek: het zo snel en zo adequaat mogelijk informeren van het grote publiek bij groot nieuws. Niet twitteren in tijden van nieuws? Breaking news ís breaking, omdat het belangrijk is, vaak schokkend en onrustbarend, en mensen willen weten wat er gebeurt en wat de tussenstanden en mogelijke gevolgen zijn. Verslag kunnen doen van zulke nieuwsgebeurtenissen hoort bij de essentie van persvrijheid, als een van de essentiële vrijheden in onze samenleving.

Tegelijk komt met die vrijheid ook een verantwoordelijkheid; als veiligheid van politiemensen, omwonenden, andere burgers, gegijzelden in het geding kán komen, kan die veiligheid vóór instant-verslaggeving gaan, zo bespraken we gisteren in de hoofdredactie van RTL Nieuws. Soms moet je terughoudend zijn, en achteraf laten zien wat er gebeurde − verdraaid lastig als je live bent, maar het zou kunnen.

Het is een journalistieke vrijheid die afweging te maken; het is een taak die autoriteiten niet past. Tegelijk is het voor de journalistiek lastig om in te schatten wanneer veiligheid écht in het geding is: je weet immers niet wat je niet weet. Je kunt zeggen dat je standaarden hoog zijn, dat je zorgvuldig bent, en niet exacte locaties toont, straatnamen, de positie van scherpschutters of elite-eenheden als een interventie aanstaande is. Maar wat doe je als alle anderen het wél doen, in live-blogs, via social media, op tv? En als je je afvraagt: heeft die terrorist echt wel tijd om (social) media te monitoren...?

"Een Frans medium meldde dat mensen in de supermarkt zich hadden verstopt voor hun gijzelnemers. Dat medium wordt nu aangeklaagd"

Recent hebben we niettemin voorbeelden gezien die tot nadenken stemmen. De bloedige gijzeling in een restaurant in Sydney, Australië. Wanneer laat je niet meer zien wat iedereen ziet? De nasleep van Charlie Hebdo − de gijzelingen in een koosjere supermarkt in Parijs en in een drukkerij in een dorp? We zagen live de interventie, oprukkende eenheden, de scherpschutters op daken, op alle zenders, wereldwijd.

En: een Frans medium meldde zelfs dat mensen in de supermarkt zich hadden verstopt voor hun gijzelnemers... Dat medium wordt nu aangeklaagd vanwege z'n gevaarlijke en roekeloze verslaggeving. Vorige week, Molenbeek, België: de politie verzocht tijdens de acties niet live verslag te doen. Belgische media gehoorzaamden, internationale persbureaus gingen gewoon door met het verzenden van beeld. Omdat wij het niet konden beoordelen, hebben wij het uiteindelijk niet meer live uitgezonden...

De vrees in de journalistiek is uiteraard dat autoriteiten het begrip 'veiligheid' in tijden van terreuracties zullen misbruiken en oprekken. De 'black hole' in Brussel lijkt mij een voorbeeld van hoe het níet moet; het knevelt de journalistiek en voedt angst en onzekerheid bij het publiek. Helemaal geen informatie geven kan niet het antwoord zijn. Van de journalistiek mag zelfbeheersing en terughoudendheid worden verwacht − ook als dat niet altijd de sterkst ontwikkelde eigenschappen zijn − en van autoriteiten de grootst mogelijke terughoudendheid om een beroep op pers en publiek te doen. Ook, of misschien wel vooral, in tijden van terreur, angst en crisis.

@pieterkleinrtl