Jos Heymans

Kabinet zag stroom vluchtelingen niet aankomen en heeft nu een probleem

21 mei 2022 06:23

Dit land barst van de problemen die om een oplossing vragen. Neem de stijgende energielasten die voor veel mensen onbetaalbaar worden, de wachtlijsten in de zorg. Of neem die honderden kinderen die als gevolg van de toeslagenaffaire uit huis zijn geplaatst of het groeiend tekort aan leerkrachten; steeds meer onbevoegden staan voor de klas.

Een van de grootste problemen is misschien wel de woningnood. Ooit werkte ik op het stadhuis in Den Haag, waar mensen dagelijks in de rij stonden in de hoop een zelfstandige huurwoning te krijgen. Je moest een lichamelijk wrak zijn om voorrang te krijgen. Zoetermeer werd uit de grond gestampt om als satellietstad van Den Haag de ergste nood te lenigen. 

'De huren rijzen de pan uit en starters op de woningmarkt moeten bij hun ouders blijven wonen omdat er te weinig wordt gebouwd'

Die woningnood is er nog altijd, en de vorm ervan is ook niet echt veranderd. Er zijn nauwelijks goedkope huizen, de huren rijzen de pan uit en starters op de woningmarkt moeten bij hun ouders blijven wonen omdat er te weinig wordt gebouwd. En dan moeten we ook nog eens tienduizenden vluchtelingen die hier zijn toegelaten, onderdak bieden. Een gevoel van 'zij wel, wij niet' overheerst bij de groeiende groep woningzoekende Nederlanders.

We vinden het de normaalste zaak om vluchtelingen uit Oekraïne op te vangen. We rijden met busjes naar de Poolse grens om ze op te halen, we nemen ze op in onze huizen en richten leegstaande gebouwen in. We hebben er al 50.000 opgevangen; daar doen we niet moeilijk over.

Voor andere vluchtelingen zijn we minder aardig. Mensen uit Afghanistan, Syrië, Irak en Mali zijn ook slachtoffers van oorlogsgeweld. Ook de niet-Oekraïners zijn statushouders, hebben toestemming om hier te blijven en recht op een dak boven hun hoofd. Meer dan 13.000 van hen staan op de wachtlijst. En er komen er elke dag bij. Het aanmeldcentrum in Ter Apel, met tweeduizend bedden, is vol. Steeds meer gemeenten houden de boot af; óf er is geen opvangruimte óf er is geen draagvlak onder de bevolking.

'Zij kunnen dan de handen wassen in onschuld. Nee, wij voelen er ook niks voor, maar we moeten wel van het kabinet. Sorry.'

Het probleem wordt voor VVD-staatssecretaris Eric van der Burg (Asiel en Migratie) steeds nijpender. Hij heeft de plicht de vluchtelingen onderdak te geven; dat staat in de Grondwet. Vriendelijk vragen helpt niet meer. De gemeenten geven bijna geen gehoor meer; ze hebben altijd wel een smoesje bij de hand om onder de verplichting uit te komen.

Het kabinet zit met de handen in het haar en overweegt of gemeenten gedwongen kunnen worden. Daar hadden ze vrijdag willen uitkomen, maar dwang lijkt een moeilijker middel dan gedacht; de wettelijke mogelijkheden zijn beperkt. Ook de gemeenten zouden, raar maar waar, wel iets voelen voor een verplichting. Zij kunnen dan de handen wassen in onschuld. Nee, wij voelen er ook niks voor, maar we moeten wel van het kabinet. Sorry.

Het tekort aan opvangplaatsen heeft het kabinet aan zichzelf te wijten. Onder Van der Burgs voorganger, Ankie Broekers-Knol, werd het aantal opvangplaatsen zo klein mogelijk gehouden. Zodra er weer een dip was in de stroom vluchtelingen richting Nederland, schaalde de staatssecretaris het aantal plekken af. Goed voor de beeldvorming van het opvangbeleid dat toch al niet erg populair is, maar slecht op het moment dat de nood aan de man komt.

Zoals nu.